Archieven

 7510 Het Waterschap "De Bossche Sloot"
 
 
Zoek in deze inventaris
 
 
 
 
 
Inleiding
Dit waterschap werd bij besluit van de Provinciale Staten van Noord-Brabant 23 juli 1908 opgericht. In tegenstelling tot het waterschap De Ham & Rijskampen dat van 13 maart 1461 dateert, is het waterschap De Bossche Sloot dus nog vrij jong. Het initiatief tot de oprichting van dit waterschap is vooral uitgegaan van de toenmalige burgemeester van Vught, de heer A.W.J. van Lanschot, en van de toenmalige gemeente ontvanger en voorzitter van het waterschap Boschveld & May, de heer J.Th. Sopers. Beide heren waren uitermate deskundig in polderaangelegenheden. De oprichting van het waterschap De Bossche Sloot was een noodzaak. De gebieden, die immers tot het "stroomgebied" van De Bossche Sloot behoorden, werden in het voorjaar en in de zomerdag met uitdroging bedreigd. De oorzaak van deze uitdroging was de aanleg van de Nieuwe Maasmond, de zogenaamde Bergse Maas en het Drongelse kanaaltje. Voordien kende dit 2755 hectaren groot zijnde "stroomgebied" vooral in de winter een teveel aan water.
In tegenstelling tot vele andere waterschappen zou het doel van dit waterschap een van bevloeiing van de tot zijn gebied behorende gronden zijn. Deze gronden waren en zijn gelegen in de gemeenten Vught, 's-Hertogenbosch, Vlijmen, Cromvoirt, Helvoirt, Nieuwkuijk, Drunen en Loon op Zand. Dit doel diende het waterschap te bereiken door de aanleg van een inlaatsluis in het mondingspunt van De Bossche Sloot in de Dieze en door het op diepte en breedte brengen van De Bossche Sloot. In vroegere tijden was De Bossche Sloot een bekende turfvaart van de Loonse moeren, onder andere Kaatsheuvel, naar Den Bosch en viswater (vgl. H.B.M. Essink, "Een kleine bijdrage tot de geschiedenis van Engelen", verschenen in het tijdschrift "Met Gansen Trou", 9e jrg., p. 43 e.v.). De tegenwoordige taak van het waterschap is er zorg voor te dragen, dat deze sluis goed functioneert en dat De Bossche Sloot op een behoorlijke breedte en diepte blijft. Hoewel het doel van het waterschap aanvankelijk een van bevloeiing was, ziet men het thans liever als een van afwatering. De ingelanden zijn nu eenmaal niet gesteld op het vieze door industrie en riolering verontreinigde Diezewater. Dit water betekent immers een gevaar voor de gezondheid van mens en dier.
Zeggingschap in het waterschap hebben twee organen, namelijk de stemgerechtigde ingelanden en het dagelijks bestuur. De leden van het dagelijks bestuur zijn de gedeputeerden van de stemgerechtigde ingelanden en door hen uit hen gekozen. Doorgaans zijn het burgemeesters van enige gemeenten, waarvan gronden in het gebied van het waterschap liggen. Zo zijn momenteel de burgemeesters van Vlijmen, 's-Hertogenbosch en Drunen leden van het dagelijks bestuur. Stemgerechtigde ingelanden als dagelijks bestuur vergaderen op geregelde tijden in het gebouw van de Provinciale Griffie aan de Waterstraat. Beide colleges worden in hun taak bijgestaan door een secretaris-penningmeester en polderwerklieden. 's-Hertogenbosch 10 september 1959. H.B.M. Essink, jur.drs.,chartermeester aan het Gemeentearchief van 's-Hertogenbosch. Het waterschap hield op te bestaan per 1 maart 1964, toen het met andere waterschappen opging in het nieuwe waterschap De Maas- en Diezepolders. Aan de in 1959 door de heer H.B.M. Essink vervaardigde inventaris zijn de beschrijvingen van de later overgedragen archivalia toegevoegd. 1977.
Kenmerken
Vindplaats origineel:
Locatie Den Bosch
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS