Archieven

 19 Raad van Brabant, 1586 - 1811
 
 
Zoek in deze inventaris
 
 
 
 
 
Inleiding
Historisch overzicht Raad van Brabant
Het archief
Resoluties Raad van Brabant
sluiten
19 Raad van Brabant, 1586 - 1811
Inleiding
Resoluties Raad van Brabant
NB. De indexen van de resoluties staan online en zijn doorzoekbaar. Zie 'Archieven en boeken' - 'Zoeken in specifieke databases'- 'Resoluties Raad van Brabant'. Klik hier. BHIC.

Zoals op bladzijde 24 van de inleiding op de inventaris van het archief van de Raad van Brabant, in 1981 verschenen bij het rijksarchief in Noord-Brabant, *  werd aangekondigd, verschijnt thans een analyse van de inhoud van de resolutie-registers van de Raad van Brabant.
Allereerst kan men zich de vraag stellen wat resoluties nu eigenlijk zijn. Het woord resolutie betekent letterlijk beslissing of besluit, (vgl. het Franse "résolution"). Toch is niet alles wat in de resolutieregisters staat een besluit, alhoewel die wel het meest voorkomen. De onderzoeker moet er verder op bedacht zijn dat de Raad ook besluiten heeft genomen die niet in de resolutieregisters staan, maar wel in de notulenregisters, de registers van vonnissen en de rol. Over de notulen komen we straks te spreken. Vonnissen zijn eigenlijk ook besluiten van de Raad die in een bepaalde vorm gegoten zijn en op een bepaalde manier tot stand gekomen zijn. In de rol zijn eenvoudige beschikkingen te vinden van de rolcommissarissen (rechters die de rolzittingen leiden), zoals het verlenen van uitstel aan een procureur om een conclusie over te leggen, of het bepalen van een uiterste datum waarop stukken overgelegd moeten worden. De conclusie is dus dat in de resolutieregisters niet alle besluiten van de Raad staan en omgekeerd dat er ook zaken in staan die geen besluiten zijn. De indruk is dat in de notulenregisters alle zaken zijn opgenomen die in de vergaderingen van raadsheren van de Raad aan de orde gekomen zijn. In de resolutieregisters staan slechts een aantal zaken die in deze vergadering aan de orde gekomen zijn.
Resolutieregisters

De 'resoluties' van de Raad zijn te vinden in een serie van zes delen, inventarisnummers 1 tot en met 6, die grotendeels gecopieerd zijn in een serie van twaalf delen, inventarisnummers 9 tot en met 20.
Wat bij de eerste serie, die loopt van 3 juni 1657 tot en met 4 augustus 1766, duidelijk opvalt is dat het geen gelijktijdig bijgehouden register is waarin van dag tot dag de 'resoluties' werden opgetekend. Blijkens het handschrift en de manier van vervaardiging van de registers is een groot aantal 'resoluties' ineens en achter elkaar afgeschreven, hoofdzakelijk in chronologische volgorde. In het eerste register, tot 'resolutie' nummer 300, staat aan het begin van iedere 'resolutie' een korte samenvatting van de inhoud met een andere hand geschreven.

Op de vraag in welke tijd de registers vervaardigd zijn is geen duidelijk antwoord te geven. Men kan hoogstens schatten. De indruk is dat de resoluties en andere stukken van voor 1681 in dat jaar, het begin van de notulenregisters, zijn afgeschreven. Diverse malen zijn hele stukken van de registers in één keer achter elkaar afgeschreven in de loop van de periode van ongeveer 1681 tot ongeveer 1766. De handschriften corresponderen met die in de notulenregisters. De griffieklerk die in een bepaalde periode het notulenregister bijhield, heeft ook hele stukken van de resolutieregisters afgeschreven.
Vooral in de eerste registers zijn naast de 'resoluties' van de Raad ook veel andere stukken opgenomen, zoals resoluties van de Staten-Generaal en de Raad van State, correspondentie tussen de Raad en deze organen, adviezen aan de Staten, vermeldingen van de registratie van bepaalde stukken en verslagen van eedsafleggingen van functionarissen van de Raad. Anderzijds weten we ook dat niet alle 'resoluties' zijn opgenomen. Op diverse plaatsen zijn hiaten te constateren. Over een bepaalde periode zijn dan heel veel 'resoluties' opgenomen en in een andere periode ontbreken ze (nagenoeg) geheel.

Het feit dat sommige 'resoluties' wel en andere niet zijn opgenomen, dat naast de 'resoluties' ook vele andere stukken zijn opgenomen, en dat in het eerste deel korte samenvattingen in de kantlijn staan bij het begin van iedere resolutie of ander stuk, wekt de indruk dat de registers zijn aangelegd voor studiedoeleinden of als naslagwerk, om een beter inzicht te krijgen in de werkwijze van en rechtsvorming door de Raad. Een argument hiervoor is ook dat de samenvattingen in de marge vaak een algemene rechtsregel weergeven, terwijl de resolutie zelf handelt over een concreet geval waarin de rechtsregel wordt toegepast of erkend.
Relatie notulenregisters en resolutieregisters

Bij onderzoek is gebleken dat er een nauwe samenhang bestaat tussen de resolutieregisters en de registers van notulen. In deze laatste registers staat een verslag van hetgeen in de vergaderingen van de raadsheren onder leiding van de eerste presiderende ter tafel is geweest. Het betreft hier niet alleen besluiten van de Raad, maar ook handelingen als adviezen aan de Staten-Generaal, bevestiging van de ontvangst van stukken door de Raad, registratie van stukken, vermelding van beraadslaging in een proces, stemming over vonnissen etc. De registers zijn van dag tot dag bijgehouden. Aan het begin van iedere dag staat vermeld dat alle raadsheren aanwezig zijn of alle raadsheren behalve .... ("presentibus omnibus" of "presentibus omnibus praeter .."). Wanneer men een notulenregister met een resolutieregister vergelijkt is ook op grond van uiterlijke kenmerken het verschil snel duidelijk.

Eerder is getracht een omschrijving te geven van het begrip 'resolutie' zoals dat kon worden vastgesteld aan de hand van de resolutieregisters. Opvallend is dat de begrippen 'resoluties' en 'notulen' eigenlijk hetzelfde zijn, met dien verstande dat in de notulenregisters meer opgenomen is. Het wekt dan ook geen verbazing als blijkt dat de resoluties, opgenomen in de registers, letterlijk gelijkluidend zijn aan passages in de notulenregisters. Dit geldt uiteraard pas voor de resoluties vanaf 13 juli 1681. Eerst toen immers heeft de Raad besloten een notulenregister bij te houden, zoals blijkt uit resolutie nummer 344. In de notulenregisters blijkt veel meer te staan dan in de resolutieregisters. Alles wat in de resolutieregisters staat komt voor in de notulenregisters, maar niet andersom. Voor de periode na 1681 kunnen we stellen dat de resolutieregisters uittreksels zijn van de notulenregisters.
De vraag waar de samenstellers van de resolutieregisters uit geput hebben voor de periode 1657 tot 1681 blijft onbeantwoord. In het archief van de Raad zijn geen duidelijke aanknopingspunten te vinden voor een directe beantwoording van deze vraag. Voor wat betreft de vele opgenomen stukken van uiteenlopende aard, zoals resoluties, brieven van/aan de Staten-Generaal, de Raad van State en andere organen kan geput zijn uit de ingekomen stukken en de minuten en afschriften van uitgaande stukken, (inventarisnummers 139 tot 321). Ook onduidelijk is waarom in de resolutieregisters pas resoluties vanaf 1657 opgenomen zijn.

Een andere vraag is: heeft men een bepaald selectiecriterium bij het samenstellen van de resolutieregisters gehanteerd? Zo ja, welk criterium is dat dan? Voor de periode van 1657 tot 1681 zijn die vragen niet te beantwoorden, omdat er over die periode geen andere gegevens betreffende de resoluties van de Raad in het archief voorhanden zijn dan de resolutieregisters zelf. Mogelijkerwijs is een criterium geweest het feit dat de resolutieregisters zijn aangelegd als studie of naslagwerk of als bron voor jurisprudentie. Voor de periode na 1681 zijn de vragen wel te beantwoorden. We hebben daarvoor immers de notulenregisters, waaruit de resolutieregisters zijn samengesteld, zoals we gezien hebben. Men zou dan de notulenregisters en de resolutieregisters met elkaar over alle jaren tussen 1681 en 1795 moeten vergelijken en nagaan of er (een) bepaalde) soort(en) resolutie(s) zijn opgenomen dan wel weggelaten. Gezien echter het te arbeidsintensieve karakter van een dergelijke studie is volstaan met enkele steekproeven. Hiermee bleek het niet mogelijk een duidelijk patroon te ontdekken.
Wel valt op dat in de resolutieregisters nooit vermeldingen zijn opgenomen van de voortzetting van de behandeling van aanhangige procedures of van de tot standkoming van en stemming over vonnissen, zoals die wel in de notulen staan. Er staat dan bijvoorbeeld "X contra Y" is "in dese saecke gecontinueert", "weder bij der hant genomen" of "in dese saecke gevoteert". Een selectiecriterium is temeer moeilijk vast te stellen omdat er over bepaalde periodes veel resoluties zijn opgenomen en over andere periodes zonder duidelijke redenen weer erg weinig. Behoudens het hiervoor opgemerkte is hetgeen niet opgenomen is in de resolutieregisters van dezelfde aard en variatie als datgene wat wel opgenomen is. Zo zijn diverse admissies van notarissen, naturalisaties, verleningen van brieven van meerderjarigheid in de resolutieregisters opgenomen, een veel groter aantal van deze beschikkingen die wel in de notulen te vinden zijn, echter niet. Ook zijn sommige beschikkingen en/of handelingen van de Raad betreffende een en hetzelfde onderwerp wel in de resolutieregisters opgenomen, terwijl andere slechts in de notulen staan. Resolutie nummer 2727 van 17 januari 1730 bijvoorbeeld handelt over een conflict tussen deken en kanunniken van de Sint Petruskerk te Boxtel en de rentmeester van de geestelijke goederen in het kwartier van Oisterwijk. In de notulen staat een beschikking in dezelfde zaak van 19 januari 1730, die niet in het desbetreffende resolutieregister staat. Een ander voorbeeld is dat van resolutie nummer 3143. Op 19 maart 1748 trekt de Raad de commissie in van Jan Jacob Manneken als notaris te Eindhoven. Maar op 5 maart daaraan voorafgaande had de Raad blijkens de notulen het advies van de advocaat-fiscaal gevraagd. Dit staat echter niet in de resolutieregisters.
Relatie notulenregisters, rol en vonnisregisters

Het is misschien zinvol om nog in het kort de (registers van) notulen te vergelijken met de rol en de (registers van) vonnissen.

De rol is de schriftelijke neerslag van hetgeen er op de rolzitting geschiedt. Deze zitting wordt geleid door twee rolcommissarissen. Dat zijn twee raadsheren uit de Raad. Op de zitting verschijnen partijen en/of hun procureurs, worden conclusies genomen, procuraties overgelegd, uitstel verleend en allerlei andere procesrechtelijke handelingen verricht. In deze zaken worden door de rolcommissarissen beschikkingen gegeven. Soms neemt ook de Raad zelf besluiten in procesrechtelijke kwesties. Dat staat dan weer in de notulen en eventueel in de resolutieregisters omdat het in de vergadering van de raadsheren behandeld is. Aan het begin van iedere dag waarop een rolzitting plaatsvindt staat aangegeven in de rol "commiss. d'heeren.....", en dan twee namen.

Op bladzijde 37 van deel I van de inventaris van de Raad van Brabant staat beschreven hoe een vonnis tot stand komt. *  In de voltallige vergadering van de Raad moet rapport over een zaak worden uitgebracht. De stukken moeten daarna worden gelezen. Tenslotte wordt er gestemd. Van al deze feiten wordt melding gemaakt in de notulen. De inhoud van hetgeen waarover beraadslaagd en gestemd is vindt men nooit in de notulen. Dat komt te staan in de registers van vonnissen.
Copieën van een aanvullingen op de resolutieregisters in het archief van de Raad van Brabant

Zoals reeds is opgemerkt bestaat naast de serie resolutieregisters ook een serie copieën uit de 18e eeuw (inventarisnummers 9-20). Ter vergelijking:
De nummers 9 en 10 zijn in grote trekken een afschrift van nummer 1;
De nummers 11 en 12 zijn in grote trekken een afschrift van nummer 2;
De nummers 13 en 14 zijn in grote trekken een afschrift van nummer 3;
De nummers 15 en 16 zijn in grote trekken een afschrift van nummer 4;
De nummers 17 en 18 zijn in grote trekken een afschrift van nummer 5;
Nummer 19 is in grote trekken een afschrift van nummer 6, behalve voor de periode van 4 augustus 1766 tot en met 2 november 1767, het einde van register nummer 19. Register nummer 6 loopt immers slechts tot 4 augustus 1766. Register nummer 20 bevat resoluties over de periode 3 november 1766 tot 3 september 1795, het einde van de oude Raad. Hier en daar zijn er verschillen tussen de nummers 1-6 en 9-19. Zo is de eerste reeks in het algemeen vollediger dan de tweede; alles wat te vinden is in de nummers 9-19 vindt men ook in de nummers 1-6, echter niet omgekeerd. Een uitzondering moet gemaakt worden voor nummer 19: in dit register zijn nl. wel een paar resoluties te vinden die niet in het corresponderende boek (nummer 6) staan. Over de periode 5 augustus 1766 - 3 september 1795 (register nummers 19 en 20) zijn overigens in deze registers naar verhouding weinig resoluties genoteerd. Uit de notulen blijkt nl. dat er veel meer geweest zijn. De wel opgenomen resoluties zijn ook geheel gelijkluidend aan de betreffende passages uit de notulen.
Copieën van een aanvullingen op de resolutieregisters buiten het archief van de Raad van Brabant

Nog via een derde weg zijn er resoluties van de Raad tot ons gekomen. Dat zijn de afschriften die Mr. C.B. van Engelen van Strijen in het begin van de 19e eeuw gemaakt heeft. Zij zijn opgenomen in de collectie Van Engelen van Strijen onder de nummers 4-14, welke collectie ook berust in het rijksarchief in Noord-Brabant. De stukken werden door de vroegere rijksarchivaris Drs. Elisabeth H. Korvezee geïnventariseerd. In haar inleiding op deze inventaris stelt zij dat Van Engelen van Strijen bij het afschrijven gebruik heeft gemaakt van archiefmateriaal dat zich niet meer in het archief bevindt. Ze denkt dat het bewijs daarvoor is dat over de periode 1766-1795 veel meer resoluties zijn opgenomen in de afschriften van Van Engelen van Strijen dan in de registers nummers 19 en 20 in het archief van de Raad.

Steeksproefsgewijze zijn de afschriften van Van Engelen van Strijen vergeleken met de notulen. Wederom blijkt dat de door Van Engelen van Strijen overgenomen resoluties letterlijk gelijkluidend zijn aan passages uit de notulen. Daarom kan de stelling van Korvezee dat Van Engelen van Strijen gebruik gemaakt zou hebben van materiaal dat zich niet meer in het archief bevindt niet zonder meer onderschreven worden. Alles wat Van Engelen van Strijen overgenomen heeft is uit de notulen te halen, die zich wel in het archief bevinden. Hij zou daaruit geput kunnen hebben.
Indices

Na de beschrijvingen van de resoluties zijn indices op personen, plaatsen en onderwerpen opgenomen. De nummers achter de persoons- en plaatsnamen en trefwoorden verwijzen naar de nummers van de resoluties.

De persoonsnamen zijn gerangschikt volgens het alfabetisch lexicografisch systeem. Enige regels volgens welke men bij de ordening van de persoonsnamen te werk is gegaan mogen hier nog vermeld worden. De y komt onder de y. IJ wordt opgenomen onder de i. 'Lijster' bijvoorbeeld komt voor 'linde'. Wanneer één en dezelfde achternaam in verschillende spellingsvarianten voorkomt, zoeke men onder die variant die het dichtst ligt bij de tegenwoordige schrijfwijze. Wanneer bijvoorbeeld 'Dirks' en 'Dirckx' voorkomen, zoeke men onder 'Dirks'.

Ontbreekt een achternaam of patroniem, dan wordt alleen op de voornaam geïndiceerd, terwijl men de achternaam of patroniem aangeeft met 'N.N.' Personen met een dubbele achternaam -zijn te vinden op de beginletter(s) van het eerste deel van de achternaam. Bijvoorbeeld 'Pieck van Toenhoven' vindt men onder de P en niet onder de T.

In de index op plaatsen is eveneens de alfabetisch lexicografische ordening toegepast. Zoveel mogelijk zijn de plaatsnamen in de hedendaagse spelling opgenomen. Men zij er wel op bedacht dat de indices op personen en plaatsen zijn gemaakt op de registers zelf en niet op de hier voorafgaande analyses.

De index op onderwerpen is een alfabetisch geordende trefwoordenindex.

Tenslotte nog de opmerking dat gecombineerd gebruik van de indices nut kan hebben. Zo is bijvoorbeeld informatie over notarissen te Oosterhout te verkrijgen door te bezien welk(e) nummer(s) zowel in de index op onderwerpen onder het hoofd "notarissen" als in de plaatsnaamindex onder "Oosterhout" voorkomt (voorkomen). In de resolutie(s) onder dat (die) nummer(s) vindt men dan iets over notarissen in Oosterhout.

W.M. Lindemann, 1984
Leenboeken van het leenhof van Brabant
Verantwoording van de inventarisatie
Aanwijzingen voor de gebruiker
Bijlagen
Inventaris
Kenmerken
Vindplaats origineel:
Locatie Den Bosch
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS