Archieven

 1424 Gemeentebestuur Boxmeer, 1942-1970
 
 
Zoek in deze inventaris
 
 
 
 
 
Inleiding
Historisch overzicht van de gemeente Boxmeer
1424 Gemeentebestuur Boxmeer, 1942-1970
Inleiding
Historisch overzicht van de gemeente Boxmeer
De plaats Boxmeer heeft op staatkundig terrein lange tijd zijn eigen weg kunnen gaan. Al in het midden van de 13e eeuw stond er een versterkt huis aan een dode zijtak van de Maas, genaamd het Meer. Hier resideerde op primitieve manier heer Jan de Boc, mogelijk afstammend van de graven van Gelre, de heren van Gennep of die van Straelen. Veel is er niet over hem bekend. In enkele oorkonden wordt hij slechts genoemd. Hij slaagde erin het gebied rondom het kasteel met het bijbehorend dorp, zijn Petruskerkje van rond het jaar 1100 en een hele lange peelstrook los te maken van het territorium van het Land van Cuijk. Het was de woelige tijd van de slag bij Woeringen (1288) en de wrijvingen tussen het machtige Brabant en het opkomende Gelre.
Jan de Boc en hierna zijn zoon Jan gaven als telgen van het geslacht Boc op het eind van de 14e eeuw hun naam door aan het plaatsje Meer. Dit ging zich voortaan, ter onderscheiding van andere "Meren", Bocsmeer noemen. Het schepencollege dat ongeveer in diezelfde tijd vorm kreeg, ging zegelen met een bokje als afbeelding. Het oudst bekende zegel uit het jaar 1377 treffen we aan in het archief van het huis Odenkirchen. De zich intussen gevormd hebbende heerlijkheid Boxmeer met het peelgehuchtje Oelbroeck voerde als wapen de leeuw.
Eeuwenlang vormde Boxmeer een eigen heerlijkheid, als een soort van kruimelstaat in de 17e en 18e eeuw gehandhaafd tussen de invloedssferen van de Republiek en de Spaans/Oostenrijkse Nederlanden. Bij de komst van de Fransen in de Nederlanden, in 1795, is de vrije heerlijkheid Boxmeer stilletjes verdwenen. Daarna is Boxmeer opgenomen in de provincie Noord-Brabant. Toen zetelde hier de municipaliteit van de mairie Boxmeer. Het raadhuis lag aan de Markt vlak tegenover de Petrustoren. Boxmeer had ook een kantongerecht waar de familie Verheijen van Estveld kantonrechter was. De administratie op het raadhuisje werd op den duur iets omvangrijker. Daarom werd in 1872 overgaan tot de bouw van een nieuw raadhuis op dezelfde plek.
Hierna komt de omvang qua inwonertal en oppervlakte van de gemeente Boxmeer aan de orde. Op 31 december 1941 bedraagt het inwonertal 4.107. Bij de herindeling op 1 mei 1942 heeft de voormalige gemeente Beugen 1.423 en Sambeek c.a. 1.104 inwoners. De oppervlakte van kerkdorp Beugen bedraagt op dat moment 10,26 km2 en van Sambeek 8,98 km2. Per 1 januari 1951 bedraagt de totale oppervlakte van Boxmeer 30,40 km2, per 1 januari 1962 en 1967 30,39 km2 en op 1 januari 1969 31,33 km2. Bij de algemene Volkstellingen en statistieken bedraagt het inwonertal 7.161, op 31 mei 1947, 9.047, op 31 mei 1960 en 10.850 op 31 december 1969. Dit geeft een beeld van de ontwikkeling van de omvang van Boxmeer over de periode 1942-1970.
Het begin van deze inventaris valt midden in de oorlogstijd. Boxmeer was direct oorlogsterrein toen de Duitsers op 10 mei 1940 Nederland binnenvielen. Via Boxmeer, Sambeek en Beugen zijn de vijandelijke troepen dagenlang verder Brabant ingetrokken. Na de inval volgde een periode van ruim 4 jaar bezetting. Tot aan de bevrijding vielen tijdens de talloze luchtgevechten slechts enkele bommen en vliegtuigen, die betrekkelijk weinig schade aanrichten, maar wel ervoor zorgden dat de bewoners naar de kelders moesten vluchten. Het leek erop dat de bevrijding in het najaar van 1944 zonder nadeel en verschrikking voor deze regio zou verlopen. De vijand was geleidelijk verdwenen en de Engelsen arriveerden. Toch kwam er nog heftige Duitse tegenstand. Na een periode van onderduiken in de kelders werd begin november het bevel tot verplichte evacuatie gegeven. Deze evacuatie duurde vier lange maanden. Het februari-offensief bracht de inmiddels onbewoonde Maasdorpen geweldige troepenmassa's. Bovendien werden de huizen op grote schaal geplunderd en vele panden ging door ruw omgaan met vuur in vlammen op. Niet lang hierna, toen het Reichswald en het verdere Nederrijnse gebied tegenover Oost-Brabant was gezuiverd, konden de geëvacueerden weer veilig terug naar hun zwaar geteisterde dorpen. Vele jaren na de oorlog hadden de inwoners een grote klus aan het herstellen van de oorlogsschade.
Na de oorlog, in de vijftiger/zestiger jaren, is de ontwikkeling van de industrie in Boxmeer van hogerhand gestimuleerd. Van oudsher kende het Land van Cuijk een agrarische structuur. Door economische ontwikkelingsplannen vestigen zich hier vele bedrijven. De ontsluiting van Boxmeer via wegen, spoorwegen en waterwegen verbeterde. Boxmeer werd steeds veelzijdiger. Er werd een nieuw ziekenhuis, het Maasziekenhuis, aan de Loerangelsestraat gebouwd. Het onderwijs ontwikkelde zich positief. Men kon in Boxmeer onderwijs genieten bij een ambachtsschool, een rijkswerkplaats, een U.L.O.-school en het St. Chrysostomuscollege met de H.B.S. In de periode na de oorlog heeft de gemeente stimuleringsmaatregelen genomen om het woningaanbod uit te breiden. In de zestiger jaren start de ontwikkeling van de welzijnsinstellingen op het gebied van jeugdwerk en bejaarden.
Geschiedenis van het archief
Verantwoording van de inventarisatie
Aanwijzingen voor de gebruiker
Inventaris
Kenmerken
Datering:
1942-1970
Vindplaats origineel:
Locatie Den Bosch
Openbaarheid:
Deze toegang bevat een of meer stukken die tot 1 januari 2078 niet zonder meer openbaar zijn.
Het precieze jaar van openbaarheid kun je per inventarisnummer vinden.

Bij vragen kun je contact opnemen met het BHIC.
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS