Archieven

 2092 Norbertijnenabdij van Berne, oud archief, 1134-1857
 
 
Zoek in deze inventaris
 
 
 
 
 
Inleiding
Historisch overzicht
Verantwoording van de inventarisatie
Aanwijzingen voor de gebruiker
Regesten
Records 1 t/m 100
Records 101 t/m 200
Records 201 t/m 300
Records 301 t/m 400
476 1395 februari 22
Traiecti, in domo magistri Johannis van Leyenberch infra emunitatem ecclesie S. Petri.
Notaris Gerardus Heerman, clericus van Traiectum, instrumenteert, datheer Heinricus Lubbertuszn, proost van Meersberch en monnik van Berna, voor hem en voor meester Johannes van Leyenberch, kanunnik en groot-camenier [kameraar] van S. Petrus in Traiectum, verklaart verplicht te zijn aan deken en kapittel van S. Petrus van Traiectum op het feest van S. Petrus ad Cathedram (22 febr.) een cijns van 7 schelling-utrechts uit de tiende van Rumelaer bij Meersberch, die hij namens het klooster van Berne van deken en kapittel in pacht heeft; waarbij hij 24 plak-dordrechts overreikt aan meester Johannes voorn. en hem aldus toespreekt (in letterlijke en volledige vertaling): "Meester Johannes, ik geeft U dit geld op deze termijn-datum van St. Pieter uit de tiende van de Rumelaer, en ik vraag U dit geld aan te nemen voor deken en kapittel van de St. Pieterskerk van Utrecht; en ik verk[l]aar, dat, wanneer er iets overblijft, ik dit graag wil terughebben, en als er iets tekort is, dat ik dan bereid ben, dit aan te vullen tot het volle bedrag"; waarna meester Johannes de geldsom heeft aanvaard.
2092 Norbertijnenabdij van Berne, oud archief, 1134-1857
Inleiding
Regesten
476 1395 februari 22
Traiecti, in domo magistri Johannis van Leyenberch infra emunitatem ecclesie S. Petri.
Notaris Gerardus Heerman, clericus van Traiectum, instrumenteert, datheer Heinricus Lubbertuszn, proost van Meersberch en monnik van Berna, voor hem en voor meester Johannes van Leyenberch, kanunnik en groot-camenier [kameraar] van S. Petrus in Traiectum, verklaart verplicht te zijn aan deken en kapittel van S. Petrus van Traiectum op het feest van S. Petrus ad Cathedram (22 febr.) een cijns van 7 schelling-utrechts uit de tiende van Rumelaer bij Meersberch, die hij namens het klooster van Berne van deken en kapittel in pacht heeft; waarbij hij 24 plak-dordrechts overreikt aan meester Johannes voorn. en hem aldus toespreekt (in letterlijke en volledige vertaling): "Meester Johannes, ik geeft U dit geld op deze termijn-datum van St. Pieter uit de tiende van de Rumelaer, en ik vraag U dit geld aan te nemen voor deken en kapittel van de St. Pieterskerk van Utrecht; en ik verk[l]aar, dat, wanneer er iets overblijft, ik dit graag wil terughebben, en als er iets tekort is, dat ik dan bereid ben, dit aan te vullen tot het volle bedrag"; waarna meester Johannes de geldsom heeft aanvaard.
NB:
a. Oorspr. III. E. 39. Met het handmerk van de notaris. In dorso: Instrumentum de domino preposito in Meersberch. De solutione pecunie. De decima de Rumelaer.
b. Afschrift in Kopieboek Hoevenaars, I, nr.309.
c. Gedrukte tekst van Hoevenaars in A.A.U. 18(1890), blz.147, nr.10.
Zie ook
Records 501 t/m 600
Records 601 t/m 700
Records 701 t/m 800
Records 801 t/m 900
Records 901 t/m 974
Inventaris
Kenmerken
Datering:
1134-1857
Vindplaats origineel:
Depot Abdij Berne, Heeswijk-Dinther
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS