skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Hilde Jansma
Hilde Jansma Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Hilde Jansma
Hilde Jansma Bhic

"Rotgerus de Drutena"

GJ van Druten vertelde op 15 juli 2019 om 13:42 uur
Hallo, zijn er misschien mensen die iets weten over Rotgerus de Drutena (van Druten) rond 1076 of andere naamgenoten van voor 1650?

Reacties (6)

Tiny van der B zei op 15 juli 2019 om 18:31
2. GERHARDUS BREWE VAN DRUTEN - 2) Rotgerus Brewe
tot 1130 (De Drueten) (Monnik te Hanneke
bij Kalkar, Duitsland)
3. -? (Zeyne van Druten?)
4. -?
5. ADE (Adam) VAN DRUTEN tot 1287
(De Drueten)
3 zonen
6. WOLTERUS VAN DRUTEN - 2) Herenanus 3) Gerlacus
tot 1310 (De Drueten)
1 zoon
7. ROUDOLPHUS VAN DRUTEN tot 1316
(De Drutena)
3 zonen
8 NICOLAUS VAN DRUTEN - 2) Wolterus 3) Arnoldus
tot ongeveer 1350 (De Drutena) Arnoldus had 2 zonen +)
(Claes van Druten) Wilhelmus en Emericus)
3 zonen
9. NICOLAUS VAN DRUTEN - .2) Wilhelmus 3) Reinmarus
tot rond 1390 (De Drutena)
(Claes van Druten)
3 zonen
10. HEYMERIC VAN DRUTEN - 2) Wilhelm 3) Arnold
tot ongeveer 1436
1 zoon
11. WILHELM VAN DRUTEN - afstammelingen?
tot plm.1483 tot ongeveer 1483
Het domein werd doorgegeven aan anderen.
Deze twee zonen stichtten rond 1326 een nieuw kasteel in Leeuwen, nabij Druten. Emericus werd in 1354 in de kerk van Leeuwen vermoord als gevolg van de broederlijke oorlogen in het hertogdom Gelre.
Tiny van der B zei op 15 juli 2019 om 18:34
Rotgerus van Druten gehuwd met Godehilds
2 Zonen: Gerardus de Brewe de Druten en Rotgerus de Druten rond 1100
Hans Vogels zei op 15 juli 2019 om 20:49
Rotger van Druten en zijn familie is een vraag die om de paar jaar opnieuw gesteld wordt op diverse nieuwsgroepen. Ik geloof zo in de jaren 2002, 2003, 2005, 2006 en 2010. Aan de bekende informatie valt niets nieuws toe te voegen maar wel aan de interpretatie. De volgende notitie is uit 2015 na aanleiding van een vraag over Fulco/Folcold van Berne.


Folcold van Berne en zijn verwantschap

Fulco van Bern, misschien mogen we beter spreken van Folcuuoldus de Berno (1108/1121), Folkold de Berna (1134), of Folcoldus de Berna (1212/1231 kroniek) zijnde meer eigentijdse benamingen, is een edelman van wie we bitter weinig weten en het liefst meer over zouden willen vernemen. Wat van hem bekend is heeft H. van Rij reeds uiteengezet in Het stichtingskroniekje van de Abdij van Berne in Egmond en Berne. Twee verhalende historische bronnen uit de middeleeuwen, Leiden 1987. In de verdere bespiegelingen hou ik gemakshalve de Latijnse schrijfwijze in de bewerking van Van Rij aan omdat deze de eerste grondige publicatie aan hem heeft gewijd.

Folcold overleed in 1149 (Van Rij blz.131 noot 32) nadat hij in 1134 in de door hem gestichte abdij van Berne was ingetreden. In 1133 had hij al het voornemen uitgesproken om tot een stichting over te gaan. De jaren voorafgaand aan dit besluit kenmerken zich door diverse schermutselingen met als belangrijkste de hertog van Neder-Lotharingen (Brabant), de naburige graaf Wichard en buurman Herman, kastelein van (Oud-)Heusden. In deze volgorde worden ze beschreven in de kroniek zodat dit relaas wellicht ook zo zal zijn gebeurd. Er zijn in ieder geval indicaties die er op wijzen dat Folcolds perikelen in de tweede helft van de jaren twintig en begin jaren dertig hebben plaatsgevonden.

Van militaire bemoeienissen door hertog met het rivierengebied is historisch gezien niets bekend zodat we diens schermutseling met Folcold van Berne niet nader kunnen bevestigen. Wel kan worden opgemerkt dat Ida van Leuven, een jongere dochter van graaf Godfried van Leuven hertog van Neder-Lotharingen, na 1121 (vermoedelijk kort voor 1128) in het huwelijk trad met Arnold II de zoon en opvolger van de graaf van Kleef. Ten tijde van de aanval van de hertog had Folcold hulp van een Gooswijn II zoon van heer Gooswijn I van Heinsberg. Laatstgenoemde overleed in 1128. Deze schermutselingen dateren derhalve vóór 1128 omdat in 1128 zoon Gooswijn II zijn vader opvolgde als heer van Heinsberg. Gooswijn II was zelf omstreeks 1125 gehuwd.
(Henk Verdonk, De oudste generaties van de graven van Kleef, brochure 13, 2000, blz.16).
(Severin Corsten, Erzbischof Philipps Familie, in Philipp von Heinsberg Erzbischof und Reichskanzler (1167-1191), Heinsberg 1991.)

Ten tijde van koning Lotharius (1125-1137) zal ook de vete met graaf Wichard en zijn zonen zijn ontstaan. Het valt moeilijk voor te stellen dat de dood van een door de koning aangestelde graaf niet onmiddellijk door zijn zonen werd doorgebrieft. De ruzie met Herman van Heusden zal mijns inziens plaatsgevonden hebben in de periode eind jaren twintig-1133. De laatste naween van die ruzie en zijn wonderbaarlijke redding daarbij heeft hem waarschijnlijk het licht doen zien. In de kastelein Herman van Heusden mogen we wellicht een voorvader zien van de later in de 12e eeuw opduikende heren van Heusden. Deze heren blijken in de 13e eeuw de leenman te zijn van de graven van Kleef hetgeen waarschijnlijk maakt dat rond 1130 Herman van Heusden zijn positie als kastelein van (oud-)Heusden vervulde in dienst van de graaf van Kleef. Bij de bevestiging van de stichting van de abdij van Berne in 1134 zien we ook graaf Arnold II van Kleef als getuige aanwezig. Deze was omstreeks 1125 gehuwd met een dochter van graaf Godfried I van Leuven, hertog van Neder-Lotharingen.

Waarom deze uitwijding? Neef Gerard Brewe/Briewe van Druthen komt bij deze laatste ruzie zijn oom te hulp. Hij wordt enerzijds consobrinum (volle neef/zoon van tante aan moederskant) en anderzijds wordt Folcold diens avunculus (moederlijke oom) genoemd (in/na 1149). Neef Gerard Brewe wordt ook genoemd in een tussen 1122 en 1131 te dateren oorkonde over een schenking aan het klooster Kamp door zijn moeder Godehilde, weduwe van Rotger van Druten. De in de schenkingsoorkonde van gravin Adelheid als 10e vermelde Rotgerus de Drutena zou goed de vader van Gerard Brewe kunnen zijn. Eerder heb ik betoogd dat de oorkonde vervaardigd werd tussen 1125 en 1128. Combineren we de puzzelstukjes dan mogen we voorzichtig opperen dat Rotger van Druten om de een of andere reden (overleden?) niet bij machte was om zijn zwager bij de staan en zijn zoon oom Folcold te hulp kwam. De schenking van Godehilde waarin zij als zonen een Gerard Breve en een Rotger junior noemt (http://www.vandruten.eu/PDFs/Von%20Drathen.pdf blz.9) kan derhalve nader bepaald worden tussen ruimweg 1125 en 1131 en nauwer gezegd tussen 1128 en 1131. Haar zoon Rotger junior wordt monnik genoemd (te Hönnepel bij Kalkar) Als we afgaan op wat we in die tijd weten m.b.t. het Sint Servaaskapittel te Maastricht dan zal deze monnik bij zijn intreden minstens 18 jaar zijn geweest. Zie ook blz. 23 van: http://www.rhcl.nl/files/3514/2321/9216/Het_middeleeuws_grondbezit_van_het_Sint-Servaaskapittel.pdf.

Als neef Gerard Brewe zijn oom gewapenderhand komt ondersteunen mogen we verwachten dat hij minimaal 15 jaar zal zijn geweest (leenrechtelijke volwassenheid naar Kleefs recht, de meest gehanteerde minimale leeftijd om tot schildknaap te worden geslagen, de minimale leeftijd om een (grafelijk) ambt te vervullen, etc.). Kortom we mogen er van uitgaan dat Gerard Brewe van Druten omstreeks 1128 minimaal 15 zal zijn geweest. Dat geeft hem een geboortejaar van zo uiterlijk 1113. Een Hendrik zoon van Herman van Alphen wordt via zijn moeder een afstammeling uit het geslacht van Folcold genoemd (Van Rij blz.139). Hendrik was de vijfde abt van Berne (1205-1214, 1222) en zijn afstamming zal hoogstwaarschijnlijk via de enigst bekende zus Godehilde hebben gelopen. Als we de periode 1128-1131 hanteren voor de datering van de schenking van moeder Godehilde plaats, dan moet haar jongste zoon Rotger minimaal geboren zijn zo 1110/1113. Dat betekend dat zijn oudere broer Gerard voor dat tijdsvenster geboren moet zijn. Omdat we in die tijd al voorbeelden hebben van vernoemingsgewoonten (oudste zoon vernoemd naar vaderlijke grootvader, tweede zoon naar moederlijke grootvader en derde zoon naar vader zelf) mogen we voorzichtig stellen dat er ongetwijfeld ook nog een jong overleden tweede zoon met naam Womar zal zijn geweest. Met een kleine marge, er kunnen ook nog dochters zijn geweest, kunnen we dan opperen dat Rotger van Druten sr en Godehilde uiterlijk omstreeks 1105 zullen zijn gehuwd. De minimale huwelijkse leeftijd naar middeleeuws Canoniek recht voor meisjes lag op 12 jaar maar de voltrekking van een huwelijk zal eerder op 15 jaar hebben gelegen zijnde de gemiddelde leeftijd dat vrouwen hun procreatieve leeftijd bereiken. Dat geeft Godehilde een geboortejaar van uiterlijk ca.1090 dat aanzienlijk later maar wel een stuk realistischer is dan het eerder opgevoerde ca.1050.

Die schattingen brengen ons meteen bij de enigste oorkondelijke vermelding van Folcold van Berne ergens tussen februari 1108 en maart 1121 (OHZ nr.103). In deze ongedateerde oorkonde schonk een Adelger van Herpt (Herpt bij Heusden en Bern) een vrouw aan de abdij van Sint Truiden (bezat de kerk van Aalburg). Deze schenking gebeurde in aanwezigheid van de graven Floris (II van Holland), en Gerard (I van Gelre), en (de edellieden) Conred de Merem, Cono de Selem, Wigerus de Hysdene, Folcuuoldus de Berno, Gotselinus de Pedelo en Gerardus de Ueno. Folcold van Berne neemt als zesde getuige een bescheiden plaats in achter Wiger van Heusden in wie we wellicht de vader van burggraaf Herman van Heusden mogen zien. Deze plaats in de getuigenrij zet Folcold van Berne mijns inziens ook neer als een oudere generatie dan de Herman van Heusden waarmee hij later problemen kreeg.

De eerste lekegetuige Koenraad van Mereheym (het Limburgse Merum bij Roermond) is een telg uit een geslacht met aanzienlijke voorouders en verwantschap maar dat nog steeds wacht op een goed samengestelde genealogie. Vermoedelijk was een gelijknamige Koenraad I uit 1088 zijn vader en de voor 1147 overleden gelijknamige Koenraad III zijn zoon. Laatstgenoemde had als oudste zoon ook een zoon met naam Koenraad IV hetgeen doet vermoeden dat we bij de Van Mereheyms te maken hebben met een keten van vier gelijknamige generaties met naam Koenraad. De uit 1101 bekende Herman van Merehem was waarschijnlijk een oom van Koenraad II en de uit ca.1125/1128 bekende Herman van Merehem (OSU nr.233) wellicht dezelfde oom of een broer evenals de uit 1129 bekende Rutger van Merehem (OSU nr.111). Als in 1101 in een schenking van bisschop Burchard van Utrecht (OSU nr.92), Herman van Merehem de honneurs van de familie waarneemt mogen we er van uitgaan dat de oudste zoon van zijn broer Koenraad I destijds nog niet leenrechtelijk oud genoeg (15 jaar) zal zijn geweest. Koenraad II van Mereheym zal dus in of na 1086 geboren zijn. Aangezien de volgorde binnen een getuigenlijst sterk afhankelijk was van de status (hertog, graaf of edelman) en de leeftijd, mogen we er van uitgaan dat Folcold van Berne als 3e getuige na Koenraad II van Merheym zeker iets jonger als deze zal zijn geweest.

Deze indicatie van een Folcold van Berne die na 1086 geboren zal zijn en een zuster Godehild die uiterlijk ca.1090 geboren moet zijn, geeft aan hun ouders, de edellieden Womar en Hyrmegard, een huwelijkschatting van midden jaren tachtig. In het voorgaande is beredeneerd dat dochter Godehild uiterlijk ca.1105 huwde met Rotger van Druten sr. Gezien het voorgaande is er voldoende speling om haar huwelijkschatting iets te vervroegen maar je moet ergens een streep trekken. Haar uit dit huwelijk geboren zonen Gerard Brewe en Rotger jr waren in de periode 1128-1131 in ieder geval oud genoeg om de wapens op te nemen en om in het klooster te gaan. Als Folcold van Berne omstreeks 1090 geboren was dan moet hij bij zijn overlijden in 1149 zo rond de 60 zijn geweest, een voor die tijd aanvaardbare leeftijd. De hedendaagse welvaartsstaat met zijn goede medische verzorging, hygiëne en gevarieerd voedselpatroon moest nog worden uitgevonden. Folcold kan van geluk spreken dat hij de gewelddadige tijden, waaraan hij ongetwijfeld zelf ook aan zal hebben bijgedragen, heelhuids heeft overleefd.

Het huwelijk tussen Folcold en Bescela van Zumeren zal mijns inziens zo in de jaren twintig hebben plaatsgevonden. Gezien haar voorgeschiedenis zal ze de goederen van haar eerste man Crafth in tocht hebben bezeten waarover Folcold als haar nieuwe man dus kon beschikken. Zijn losbandige leven en expansiedrift kan derhalve evenals de doodslag op graaf Wichard voor bezorgdheid hebben gezorgd in de naaste omgeving.

© Hans Vogels (2015)
Geen bezwaar tegen overname van het voorgaande maar dan wel met bronvermelding.
Het internet staat al irritant vol met knip- en plakplek zonder (fatsoenlijke) bronvermeldingen!
Hans Vogels zei op 15 juli 2019 om 20:59
De volgende aanhaling uit een notitie is uit 2015 na aanleiding van een vraag over Fulco/Folcold van Berne.

De schenking van Folcold van Berne en Bescela van Zumeren

In de schenkingsoorkonde van 1134 (OSU nr.350) worden de volgende goederen genoemd:
1. Berne
2. Masemunde
3. Erthepe in Tessandria
4. Altfurst
5. Merseberch

Volgens Van Rij (blz.94) behoorden tot de schenking nog twee goederen.
6. Zyfflich. Niet genoemd in de oorkonde maar wel vermeld in de kroniek.
7. Babiloniënbroek. Niet genoemd maar wel waarschijnlijk.

Verder lijkt me ook dat in Woerd een geschonken goederenbezit lag.
8. Woerd, dit wordt niet genoemd maar aldaar werd door Bescela wel haar klooster
gesticht.

De burcht van Berne kan direkt aan Folcold gelinkt worden evenals Erthepe (Erp). Als na het overlijden van Folcold neef Gerard Brewe van Druten bezwaar maakte over diens erfenis kreeg hij als afkoop een geldbedrag en de dienstmannen die Folcold in Erp bezat alsmede een stuk land bij Zyfflich (Van Rij, blz.133). Dit maakt aannemelijk dat het bezit in Erp en Zyfflich tot het oorspronkelijk goederenbezit van Folcold hoorde wat normaliter als allodiaal bezit na het overlijden van een kinderloze oom aan de naaste bloedverwanten zou versterven.

Etc.
© Hans Vogels (2015)
Geen bezwaar tegen overname van het voorgaande maar dan wel met bronvermelding.
Het internet staat al irritant vol met knip- en plakplek zonder (fatsoenlijke) bronvermeldingen!
Gerrit van Druten zei op 16 juli 2019 om 13:20
Dank jullie wel voor de reacties.
Toch weer wat aanvulling in het verhaal van Rotgerus.
Had stille hoop dat er in de afgelopen jaren misschien nog iets gevonden was over Rotgerus en zijn voorouders vandaar de vraag.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: