skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Stef Uijens
Stef Uijens RA Tilburg
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Stef Uijens
Stef Uijens RA Tilburg

Archieven

 Notaris-, schepen- en andere akten
 
 
 
 
 
beacon
 
 
Schepenakte
198 Aerdt Handrick Michielssen (38) en Gerit Jan Herberts (71), de eerste toolman de tweede hopkoper te Gemonde hertgang Bersselaar onder de jurisdictie van Sint Oedenrode, met een verklaring ten behoeve van Geerlingh Janssen van Gruenendael namelijk dat Aerdt in oktober 1651 met een partij van 60 zakken hoppen van zijn eigen gewas is geweest te amsterdam en daar heeft gelogeerd in de herberg de Clocke en dat in die tijd genoemde Geerlingh met hopkoper Arien Jan Dircx in de zelfde herberg is aangekomen passantsgewijs, om de daar logerende hopkopers, hunne landluyden (streekgenoten), eens te bezoeken en mee naar de hopmarkt te gaan en dat de hopkopers aldaar “ den genoemde Geerlingh requirant hebben willen doen verhenssen (= de hense (hanse) te laten betalen, d.i. het entreegeld verschuldigd aan het gilde om als lid, in dit geval hopkoopman, te mogen handelen) als coopman ende verclaerdt den attestant wel perfectelijck gehoordt te hebben dat Geerlingh seijde noch geen verhenssen schuldich te sijn daer bij vruegende dese woorden in substantie “Ick most eerts gecoft oft vercoft hebben eer ick coopman kan worden” waarop de andere copers seijden “Wat doedij dan hier” antwoordde de genoemde Geerlingh “mach ick niet comen om de stadt te besien wat gij luijden al doet off mach ick niet mede gaen als knecht”, met welcke redenen die anderen hopcopers niet gecontenteert sijnde hebben de genoemde Geerlingh dijertijt doen verhenssen, maer verclaerdt die voorgenoemde attestant seer wel te weten dat dijertijt noijt woordt (=wort?, tussenproduct bij de bierproductie) van de coop van Geerlinghs hoppe is vermaendt (?), maer verclaerdt den attestant een dach oft twee daerna seer wel te hebben hooren seggen dat Adriaen Jan Dircx den genoemde requirant sestich sacken hoppen die hij toentertijt van sijn eijgen gewasch bij hem hadde afgecoft, tot redenen van welwetentheijt
Vervolg:
allegeerde die voorschreven attestant dat hij dijertijt int verhenssen daer bij is geweest mede gedroncken ende dese bovengeschreven woorden in substantie gelijck voorschreven staedt van beijde sijde heeft aengehoordt De tweede attestant Gerit voegt aan die verklaring nog toe onthouden te hebben dat hij ook in de Clocke geweest is in oktober 1651 bij Aert Handricx met Arien Jan Dircx, en dat de andere hopcopers de meergenoemde requirant door langdurich importune quellen hebben doen verhenssen, dat ook hij attestant van het bier dat Geerlingh ten regarde van 't verhenssen schonk heeft gedronken, en ook dat hij attestant meer dan veertien dagen daarna (zonder de precieze tijd onthouden te hebben) tot Amsterdam is gebleven, overmits hij sijne hoppe niet en conde vercopen, soo dat sij daegelijks bij malkanderen waeren ende (gelijck lantsluyden doen) groote gemeynschap met malkanderen hielden, ende oock saemen van Amsterdam naer huys toe sijn vertrocken. Verclaerende waarachtig te sijn ende hem attestant noch wel indechtig dat Arien Jan Dircx menichmael ende tot verscheydene reisen tegens hem attestant heeft verhaelt dat hij Geerlingh Janssen requirant sestich sacken hoppe hadde afgecofft, dat oock hij attestant verscheyden mael hem heeft gevraegt Arien wat hebdij hem daarvoor moeten gelooven, dwelck Adriaen hem wel heeft geseydt voor wat prijs hij die hadde gecoft, maer verclaerde den preciezen prijs vergeeten te hebben. Effentwel verclaert nochtans seer wel te weeten ende oock onthouden te hebben dat Arien Jan Dircx tegens hem attestant onderwegens doen sij van Amsterdam naer huijs quamen, seijde dat hij deselve hoppe ten huijse van Gerit Janssen de Becker factoor op solder hadde gesedt ende dat hij aenden factoor hadde belast niet minder te geven dan 48 guldens het scippondt. Te Gemonde dd. 21 november 1653. Getuigen: Hendrick Wouters en Gerit Handrickx
Persoon in schepenakte:
Geerlingh Janssen van Gruenendael
Gerit Janssen de Becker
Aerdt Handrick Michielssen
Gerit Jan Herberts
Arien Jan Dircx
Adriaen Jan Dircx
Aert Handricx
Geerlingh Janssen
Hendrick Wouters
Gerit Handrickx
Datering:
20-11-1653
Pagina:
169
Plaats:
Sint-Michielsgestel
Akte aanwezig:
Ja
Toegangsnummer:
5116
Inventarisnummer:
13
Bron:
Notarissen
Geografische namen:

Ga
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS