skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Hilde Jansma
Hilde Jansma Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Hilde Jansma
Hilde Jansma Bhic

Saint Louis 1961/1963

Willem van Beek vertelde op 13 oktober 2020 om 15:53 uur
Saint Louis 5e en 6e klas Ik ben ‘van’ september 1951 en heb de 5e en 6e klas van de Lagere School doorgebracht op kostschool Saint Louis in Oudenbosch. Dat moet dus zo ongeveer in de periode 1961-1963 zijn geweest. Als ‘vroege leerling’ zal ik 10-12 jaar zijn geweest. Hoewel mijn geheugen doorgaans uitstekend is, herinner ik me (te) weinig van die tijd. Wel beelden, geluiden, geuren, termen, gebeurtenissen. Maar geen of nauwelijks namen. Wel schiet me mijn (was)nummer te binnen: 318. Dat stond op een geborduurd strookje op zakdoeken, ondergoed en dergelijke. Mijn ouders (zelf met een internaat-verleden, mijn vader had intern op het Gymnasium Augustianum in Eindhoven gezeten) vonden het nodig dat hun kinderen goed onderwijs kregen en een gedegen basis voor de opvoeding. Althans dat is me zo bijgebleven. Mijn twee jaar oudere broer en ik (het middelste kind) werden dus op een internaat geplaatst. Mijn zes jaar jongere broer werd hiervan vrijgesteld. ‘Geplaatst’ schrijf ik hiervoor, maar ‘gestuurd’ is een betere term. Er was geen sprake van inspraak of overleg. Later wel, vandaar dat mijn internaat-tijd alleen de laatste 2 jaren van de lagere school beslaat. Naast de wens tot goed onderwijs veronderstel ik dat het, vanwege mijn kennelijk felle karakter en sterke eigenwil (aldus mijn ouders) het mijn moeder in die tijd ook zwaar viel om mij op te voeden. Tegenwoordig zou je zeggen dat ik wat vroeg aan het puberen was. Daarnaast viel het vanwege een eigen bedrijf mijn ouders waarschijnlijk ook zwaar om alles in goede banen te leiden. We hadden thuis een scheepvaartbedrijf/machinefabriek (aan de oude haven in Drimmelen) en dus veel contact met binnenvaartschippers, waar een kostschool voor de kinderen heel gebruikelijk was. Veel factoren die een rol (kunnen) spelen, maar al met al is de reden, naar stellige verklaring later, toch vooral de wens tot goed en degelijk onderwijs geweest. Ik ben geneigd dit te geloven, getuige het verdriet van mijn ouders iedere keer als ik, na een thuisverlof, weer naar Oudenbosch werd gebracht. In combinatie met de relatief hoge verblijfskosten denk ik dat het toch een vorm van opoffering is geweest, waar ze het zelf niet gemakkelijk mee hadden. Maar het er voor over hadden. Ik heb hen dit later in ieder geval niet verweten. Mijn hang naar vrijheid is er wel door aangewakkerd. Het was, hoe dan ook, twee jaar een soort van afgesloten van de buitenwereld zijn. Niet gemakkelijk. Het heeft me overigens ook veel gebracht en het heeft mijn leven later voor een deel zeker beïnvloed. Met name het voor jezelf opkomen, je plaats veroveren in een groepsproces, relativeren, structureren, leren studeren en vooral het waarderen van vrijheid heb ik ervan meegenomen. Maar ook een ingebed probleempje met het accepteren van ‘autoriteit’ is in die periode geboren. Je werd op het internaat zo streng en zo voortdurend ‘aangestuurd’, dat het accepteren van gezag me later niet gemakkelijk viel. De eerste jaren na het verlaten van het internaat uitte zich dat vooral in een vrij wilde jeugd. Een soort van ‘afkicken’ van het regime. Wanneer het maar kon ontsnapte ik aan de aandacht van mijn opvoeders en vulde ik mijn leven in zoals ik dat wilde. Ik kijk overigens op die ‘wilde jaren’ nog steeds terug als een prachtige tijd. Er zijn gelukkig geen ongelukken (in brede betekenis) gebeurd. En het is allemaal goed gekomen. Opmerkelijk genoeg, gezien mijn latent autoriteitsprobleem, mede overgehouden van mijn internaatsleven zoals hierboven aangegeven, heb ik me -na die eerste wilde jaren- in mijn verdere carrière uitsluitend bewogen in wat men van buitenaf zou kunnen zien als het werken in beroepen met ‘autoriteit’. Van leraar aan de bovenbouw in het voortgezet onderwijs, naar directeur van meerdere scholengemeenschappen naar wethouder en de laatste 25 jaar van mijn werkzaam leven: burgemeester. Ik sluit niet uit dat ik dit op de een of andere manier mede te danken heb aan mijn ervaringen op kostschool. Van Saint Louis herinner ik me in flarden het spelen op de kleine cour, later de grote cour, de gemotoriseerde skelters, de chamberettes, de refter, de vieze bieten en lekkere boterhammen. De verplichte studie-uren, de donkere leslokalen met zware houten meubels, de stapels brood met boter in de namiddag, de geluiden op de slaapzaal, zoveel verplichte tijden en opdrachten, de verkenners (Sint-Tarsiciusgroep, broeder Gregorius?), broeder Oswald, broeder Germanus, de lange diepzwarte toga’s, de verplichte gang -heel vaak- naar de (prachtige) kapel, het moeten zwijgen, veel verveling, heimwee, bosbad Hoeven, Albano, bonte avond, fietspuzzeltochtjes, Sint-Anna, Zouavenmuseum, straffen, weglopen, gouden- zilveren- en rode-kaarten, de kloostertuin, enkele medeleerlingen, het opgesloten zijn. Ik geloof dat we de eerste zes weken niet naar huis mochten en geen bezoek mochten hebben. Op een gegeven moment werd ik tijdens die periode uit de klas gehaald en naar een chique spreekkamer gebracht. Mijn grootvader was daar: het bleek dat hij met luide stem en stevig gezwaai met zijn wandelstok aan de poort had gestaan om zijn kleinzoon te bezoeken. Regels of geen regels, hij kreeg het voor mekaar! Kostelijk. Later om de zoveel tijd mochten we een weekeindje naar huis. Ik ben een keer, tijdens een begeleid fietstochtje, stiekem weggefietst en samen met een andere leerling (ik dacht uit Terheijden) doorgefietst naar huis (van Oudenbosch naar Made) en ....bijna van school gestuurd. Het teruggebracht worden, na een verlof, viel me steeds heel zwaar. De grootste verveling ben ik doorgekomen dankzij heel veel lezen, het lidmaatschap van de verkenners en dankzij het (illegaal) spelen in de opslagplaats (ergens boven in het gebouw) van allerlei authentieke Zouaven-attributen. Lansen, sabels, uniformen, helmen: een walhalla van verboden voorwerpen (voor kinderen). Op de een of andere manier had ik (samen met een andere leerling) daar toegang verkregen. Volgens mijn herinnering wisten we de sleutel te liggen. Er was een oude broeder, die zijn kamer daar in de buurt had, die ons vaak met harde kreten en wilde gebaren wegjoeg. We waren doodsbang van hem maar wisten altijd te ontkomen. Ik denk dat het historische en kostbare attributen moeten zijn geweest, gezien de lange en rijke geschiedenis van de Zouaven. Ik zou er graag nog eens willen gaan kijken. Wie herinnert zich hier nog wat van? Helaas geen foto’s... Willem van Beek Indertijd uit Made en Drimmelen 1961-1963 (schat ik)

Reacties (5)

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman bhic zei op 15 oktober 2020 om 12:33
Beste Willem, hartelijk dank voor je bericht, welke ik heb doorgegeven aan mijn collega Thijs de Leeuw. Thijs is betrokken bij de verhalen en de reacties op onze internaten-kaart :
https://www.bhic.nl/ontdekken/ons-brabant/rk-internaten#RK%20onderwijsinternaten%20jongens|RK%20onderwijsinternaten%20meisjes|RK%20opvoedingsinternaten
Thijs zal waarschijnlijk hier nog wel contact met je over opnemen. Ik denk dat ook jouw oproep bij dit gedeelte van onze website beter zal passen en meer mensen zal kunnen aanspreken.
Jos de Swart zei op 16 oktober 2020 om 09:38
Beste Wim,
Ik zat dus ook in 1962 en 1963 op de lagere school intern met Hoofd Broeder Oswald. Even gekeken bij de oude foto's en ik heb nog wel enkele waaronder een klassen foto 1963. Ook nog de orginele aanmeldings folder met daarin geschreven het kostgeld per jaar t.w. 1300 gulden per jaar excl. muzieklessen/baden/wassen kleding etc.
Zelfs heb ik nog een blauw sportbroekje met witte streep aan zijkant en mijn nr 295 op labeltje aan de binnenkant. Ik zal foto's sturen naar de site.
Groeten Jos
Willem van Beek zei op 16 oktober 2020 om 10:33
Beste Jos, dank voor je reactie. Ik ben erg benieuwd naar die aanmeldingsfolders. Ik had bijv. geen idee wat het kostte om een of meer kinderen op kostschool te plaatsen. Als jij spreekt over 1300 gulden per jaar in 1963, dan is dat te vergelijken met zo’n €9000 in 2020. Dat is heel veel geld. Als je daar de overige zaken als wasgeld, muzieklessen, verkenners, zwemmen, reizen e.d. bij optelt kom je al snel aan meer dan € 10.000 per jaar. Voor de ouders dus een flinke investering. Is het dat waard geweest? Tja, wie zal het zeggen. Qua onderwijs, zeker vergeleken met veel dorpsscholen in die tijd, was het niveau zeker hoog te noemen. Vooral heel degelijk. Na mijn wilde jaren kon ik in ieder geval heel gemakkelijk doorleren en jong afstuderen.
Dat onderwijsmotief is later vervallen. Ook de dorpsscholen werden snel beter. Ik zou me mijn kinderen overigens niet meer kunnen voorstellen op een internaat. Ergens denk ik, als ik naar mezelf kijk in die tijd, dat veel van de kinderen die op een internaat werden geplaatst ook niet de gemakkelijkste waren in de opvoeding. Aan de andere kant herinner ik me juist ook veel verlegen en meegaande kinderen die niet echt voor zichzelf opkwamen en zich gemakkelijk in het systeem lieten meevoeren. Ik was er niet zo gelukkig, dat durf ik wel te stellen. Toch heb ik er, zoals eerder gesteld, later wel voordeel van gehad.
Jos de Swart zei op 16 oktober 2020 om 11:28
Beste Willem,
Bedankt voor je reactie. Door deze coronatijd heb ik eindelijk wat tijd om me te verdiepen en te laten gaan in de nostalgie van die jaren 60 tig. Ja was zeker destijds een jaarsalaris van de gemiddelde werkman bij ons in de fabriek dus mijn moeder drukte me op het hart goed mijn best te doen. Ik herinner me geen enkele naam van mede klasgenootjes. Wel van enkele broeders zoals Germanus en Oswald en broeder dikke Knor. Mijn oudere neefjes zaten ook op st Louis en we werden op toerbeurt opgehaald eens per maand door een of andere tante. die ons dan dropte ergens in Limburg waar we dan konden paardrijden ofzo. Dan zag ik ook mijn vreselijke zusjes toevallig. Ik behoorde tot de brave slome verwende dyslectische jongetjes en sliep in een chamberetje aan de grote Cour en heb daar geleerd mij onzichtbaar te maken als er gedoe was. Elk nadeel zo zijn voordeel dus. Was je ook een Putto bij een of andere broeder? Klinkt nu heel vies maar broeder Germanus was een soort beschermer voor me en zelfs een vaderfiguur zonder seksuele bijbedoeling. Herinner me nog wel een jongen uit Tilburg die vreselijk werd gepest zowel door de broeders als de jongens. Zijn ouders hadden een fruitwinkel en we kregen altijd sinaasappels van hem om ergens een goede sier te maken. Denk die jongen heeft afgezien en had zo een medelijden met hem. Hoop hij is goed terecht gekomen.
Ik zal t.z.t. foto's plaatsen.
Fijn weekend Jos


Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: