skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Lisette Kuijper
Lisette Kuijper Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Lisette Kuijper
Lisette Kuijper Bhic

April-Meistakingen van 1943 (10): een automatisch geweer gericht op een jongen van zestien

Burgemeester A. Smit van Sprang-Capelle bezoekt in de middag van maandag 3 Mei de plaatselijke Zuivelfabriek voor een onderhoud met de directeur. Als hij tegen vijven thuiskomt wordt hij daar opgewacht door de Grüne Polizei, zijn zestienjarige zoon staat onder arrest. Wat is er aan de hand?

Burgemeester in oorlogstijd

We zitten midden in de April-Meistakingen van 1943. Tussen de honderdduizenden protesterende Nederlanders en de keihard optredende Duitse bezetters staat het Nederlandse bestuur, met name de burgemeesters van de diverse gemeenten. Er waren sinds mei ‘40 intussen al heel wat burgemeesters, veelal NSB-ers, benoemd die sympathiseerden met de bezetter, maar het merendeel van de Brabantse burgemeesters was nog van het ‘oude bestel’, zoals dat heette, dat wil zeggen: vóór de oorlog benoemd. Deze bestuurders moesten zich in de loop van de oorlog in steeds moeilijker bochten wringen om enerzijds de belangen van de inwoners van hun gemeente zoveel mogelijk te beschermen, zonder al te veel toe te geven aan de eisen van de Duitse bezetter. Veel burgemeesters sympathiseerden enerzijds met de protesten die na 29 april in het land losbarstten, maar zij zagen ook als geen ander dat de dreigementen van de Duitse autoriteiten ook echt zonder pardon werden uitgevoerd. Bovendien werden ze in veel gevallen door de Duitsers persoonlijk verantwoordelijk gemaakt voor het spoedig beëindigen van stakingen in hun gemeente.


Adrianus Smit, ca. 1934 (foto Wikipedia)

Een morele spagaat dus, zeker voor een burgemeester als Adrianus Smit (Zwijndrecht 1899- Leiden 1963) van Sprang-Capelle. Smit had zich al vroeg in de oorlog bij het ondergronds verzet aangesloten, stond dus zeker sympathiek tegenover de actievoerders in zijn gemeente, maar hij voelde ook de verantwoordelijkheid om zijn bevolking in bescherming te nemen tegen de zeer reële terreurdreiging van de Duitse bezetter. Net als andere burgemeesters kreeg ook Smit van Duitse zijde de opdracht om de voorzitter en secretaris van de (inmiddels opgeheven) lokale boerenorganisaties te arresteren en naar Vught te brengen. Koortsachtig overleg met Commissaris in Noord-Brabant Van Rijckevorsel en Secretaris-Generaal van Binnenlandse Zaken Frederiks volgde. Deze laatste wist bij de Duitse autoriteiten de toezegging los te peuteren dat er geen represailles zouden volgen als de burgemeesters zich er persoonlijk voor zouden inzetten dat de melkvoorziening op maandag 3 mei weer normaal zou verlopen.

De zoon van de burgemeester gegijzeld

De melkstaking in Sprang-Capelle was zeer omvangrijk. Uit een overzicht dat de Commissaris van Noord-Brabant later die maand opstelde, prijkt de gemeente op plaats nummer twee wat betreft de niet-geleverde hoeveelheid melk: maar liefst 75.000 liter. Om mogelijke consequenties te voorkomen ging burgemeester Smit, met de toezegging van Frederiks op zak, aan de slag in zijn gemeente. Maandagmiddag 3 mei heeft hij – we zagen het hiervoor al - onder andere een onderhoud met de directeur van de plaatselijke zuivelfabriek.

Als hij rond 5 uur die middag terugkeert naar het raadhuis en zijn ambtswoning, vindt hij daar een grote volksoploop. Wat is er aan de hand? De Duitse Grüne Polizei was op de fiets gearriveerd vanuit Waalwijk om Smit te spreken. Toen die niet thuis bleek vroeg de dienstdoende Oberfeldwebel aan de zestienjarige zoon van de burgemeester waar die dan wel was. Bang dat men zijn vader wilde arresteren loog de jongen dat zijn vader op reis was. Dat werd niet geloofd, men vermoedde dat de burgemeester zich binnen verborgen hield. De agenten doorzochten het huis, maar zonder resultaat. Daarop werd de jongen gevangen genomen en moest hij op zijn fiets mee naar Waalwijk.

Een erg doortastende indruk maakt de Grüne Polizei nu niet bepaald, want kort daarop pedaleren ze, inclusief de jonge Smit, weer terug naar Sprang, ditmaal om de dienstbode van de burgemeester te ondervragen, die intussen echter het hazenpad had gekozen. Op het moment dat het gezelschap dan maar weer onverrichterzake richting Waalwijk wil vertrekken, arriveert burgemeester Smit ter plaatse. Smit slaagt erin zijn zoon vrij te krijgen: de jongen had weliswaar gelogen, maar, zo pleit de burgemeester: het is toch vanzelfsprekend, dat een kind, op wie plotseling een automatisch geweer gericht wordt niet toerekenbaar is voor zijn woorden en niet weet wat hij zegt. Daar moet de Oberfeldwebel hem wel gelijk in geven en zo loopt dit hele incident tenslotte met een sisser af.

De crisis bezworen

Dat neemt niet weg dat de situatie erg gespannen bleef: als de rust niet snel weer zou keren dreigden er zware Duitse represailles. Burgemeester Smit was dan ook genoodzaakt de volgende dag de volgende bekendmaking te laten publiceren in zijn gemeente:

BEKENDMAKING
De Burgemeester van Sprang-Capelle maakt bekend dat hij van den Commandant der Duitsche Politie bericht heeft ontvangen dat onmiddellijk met den arbeid moet worden begonnen, zoowel op fabrieken als het afleveren van melk. Dit geldt ook voor arbeiders die buiten de gemeente werken.
Voorts mag niemand, die zich naar zijn werk begeeft, worden bedreigd, lastig gevallen of nagejauwd.
Opgemerkt zij nog dat in Waalwijk een ieder aan den arbeid is gegaan.
Er mag niet op den weg worden gekalkt en na 8 uur mag niemand op straat zijn.
Er zal onmiddellijk worden geschoten, indien iemand wordt aangetroffen die zich niet houdt aan de gepubliceerde verordening ingevolge het standrecht.
Ik geef ieder dringend in overweging zich aan deze laatste waarschuwing te houden want indien men zich hieraan niet houdt zal ik persoonlijk daarvoor aansprakelijk worden gesteld en met mij nog Twintig gijzelaars uit alle rangen der bevolking, die allen morgenochtend zullen worden gearresteerd.
TER WILLE VAN DEZE TWINTIG PERSONEN DOE IK DUS EEN DRINGEND BEROEP OP U ALLEN, MIJNE DORPSGENOOTEN.

GEBRUIKT UW VERSTAND.
               Sprang-Capelle, 4 Mei 1843.
               De burgemeester voornoemd

Dit had succes. Op 5 mei kon Smit de Commissaris van Noord-Brabant mededelen dat de toestand in zijn gemeente weliswaar enige tijd zeer gespannen was geweest, maar dat de bekendmaking van 4 mei succes had gehad: Ter wille van mij persoonlijk heeft de bevolking zich aan deze bekendmaking gehouden en is momenteel alles tamelijk rustig. En daarmee was in Sprang-Capelle, net als in de meeste gemeenten in ons land, de rust weergekeerd, zonder dat er nog verdere represailles werden genomen van Duitse zijde.

Een jaar later, in april 1944 werd Smit ontslagen als burgemeester, kort daarop dook hij onder met zijn gezin, waarna zijn woning in brand werd gestoken. Over de bijzondere manier waarop Smit ertoe kwam onder te duiken gaat in de familie het volgende verhaal, in 2009 opgetekend uit de mond van zoon Leo Smit: Op een dag werd hij gebeld door het hoofd van de Gestapo in Den Bosch, die hem op zijn kantoor ontbood. ‘Ik ben toch niet gek’, zei mijn vader, ‘dan kom in nooit meer thuis.’ ‘Ik ben een Pruis’, klonk het aan de andere kant van de lijn. ‘Ik geef u mijn erewoord: u gaat terug naar huis.’ Mijn vader is gegaan. Eenmaal in Den Bosch zei die commandant: ‘U ziet er moe uit. Het lijkt me goed als u met vakantie gaat. En neem uw gezin mee. Vandaag nog.’ Dat advies nam Smit ter harte: hij dook onder met vrouw en kinderen en kwam ongeschonden de laatste maanden van de oorlog door.

Na de oorlog kon Smit zijn oude functie weer oppakken: tot 1959 was hij opnieuw burgemeester van Sprang-Capelle.

Luister naar onze podcast Toen hoorde ik het salvo

Meer over de April-Meistakingen van 1943

Bronnen en literatuur:
  • BHIC 1085 Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant, 1920 - 1969, inv.nr. 429
  • Interview met Leo Smit, Provinciale Zeeuwse Courant, 10 januari 2009

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:
Geef mij een andere som.