i

Dit verhaal gaat over:

Peter Koelewijn ziet plein in Stratum als startpunt van verhalen

vertelde op 27 juni 2019 om 09:49 uur

Het is dé plek om te voetballen met de buurtkinderen. En het is het startpunt om de Heezerweg af te lopen en te gaan zwemmen in vennetjes op de hei. Vanaf hier ook begint zijn reis als 23-jarige naar het Gooi. Zanger Peter Koelewijn: “Het plein voor de Fatimakerk in Eindhoven, daar is voor mij alles begonnen.”


“Voor dit verhaal moeten we terug naar m’n jeugd, eind jaren veertig. Ik ben van 1940, en ben een jaar of acht, negen. We wonen in Stratum, een gezellige volksbuurt, Nederland is in wederopbouw. Er is niet veel geld, maar veel hebben we niet nodig. Met alle kinderen uit de buurt voetballen we op dat plein. De stenen zuiltjes die er staan, zijn voor ons perfecte goals. Alleen heel rijke mensen hebben een auto, en die wonen hier toch nauwelijks, dus het plein is vrijwel helemaal leeg. Ideaal.”

Uitsloven

Het plein is een centrale plek in de jeugd van Koelewijn. “Als de Tour de France begint, krijgen wij het ook in ons kop en organiseren we wielerwedstrijden. Start op het plein natuurlijk, dan door de wijk, over de Piuslaan en weer terug naar het plein. Niet op geavanceerde karretjes maar op van die zware bakken, soms van papa of net van degene die zijn fiets wil uitlenen. Het is hoe dan ook altijd zwaar trappen. Als de meisjes komen kijken, sloven wij ons extra uit. Een vriend van me, Frans van Hoof, ziet op een keer één van zijn favoriete meisjes staan en trapt zó hard en gaat zo diep, dat ie daarna alleen nog maar naar adem happend tegen een boom aan kan hangen. En weet je dat ik dit beeld nu haarscherp voor mijn ogen heb staan, nu ik je dit vertel? Na ál die jaren!”

Het plein blijkt een mooi startpunt van nog veel meer verhalen. “Ik ben in die roomse tijd de enige protestantse jongen in een katholieke buurt. Als we op zondagochtend aan het voetballen zijn, komt de pastoor en neemt iedereen mee voor de repetitie van het koor. Sta ik daar in mijn eentje! Soms ga ik wel mee de kerk in, kijken naar de kruisweg, het altaar: voor zo’n manneke allemaal reuze indrukwekkend. En dan wachten tot de repetitie is afgelopen, dan kunnen we weer voetballen.”

Niets meer te zoeken

“Een jaar of tien geleden ben ik die kerk nog wel eens binnengelopen. Helemaal leeg, op één oude man na. Die spreekt me aan en zegt: “Gij bent Peter Koelewijn hè? Gij kwam hier vreuger veul.” Die man herkende nog dat jongetje in mij; dat vind ik bijna aandoenlijk. Maar niet alleen ik ben veranderd, ook de kerk. De kruisweg blijkt verdwenen en die man heeft ook geen idee waarheen. Andere pastoor, andere denkbeelden, zo gaan die dingen. De laatste keer dat ik in die kerk ben geweest? Dat is een jaar of wat geleden. Ik doe de deur open, hoor geluiden die ik niet thuis kan brengen, en er hangt ook een aparte geur. Zit er een Chinees genootschap, volop aan het koken. Op dat moment weet ik: ik heb hier niets meer te zoeken.”

Hoewel Koelewijn op zijn 23-jarige leeftijd uit Eindhoven vertrekt, houdt hij voor altijd een zwak voor zijn geboortestad. “Als ik in de buurt ben, rij ik als het even kan toch even langs die oude plekken. Waarom? Nostalgie, denk ik. Wandelen door de herinneringen van je jeugd. Terugdenken aan de dag dat je als kleuter een sleetje voor je verjaardag krijgt, en dan vol trots door de sneeuw naar de kleuterschool sleept. Dat het dan opeens hard begint te dooien en dat mijn moeder in de viswinkel denkt: hoe moet die jongen nou weer terugkomen? Ze kan eigenlijk niet weg uit onze viswinkel (Vishuis Koelewijn aan de Heezerweg), maar gooit toch de boel op slot om me te halen. Prachtig toch?”

Leven van alledag

“Ik kijk terug op mijn jeugd als een heel mooie periode. Met mooi weer zit iedereen in Stratum buiten voor zijn huis. Kijken naar de wandelclub die luid zingend voorbij komt, of de harmonie, of de ijscokar, of de kar met krabben en krukkelen, een Eindhovense benaming voor alikruikjes. Dat is ónze televisie, het leven van alledag trekt op die manier aan je voorbij. En jij, je staat erbij en kijkt er naar. Tastbare herinneringen aan toen heb ik nauwelijks, want foto’s, da’s iets voor rijke mensen. Dan knipper je een paar keer met je ogen, en opeens krijg je honderd foto’s van je kleinkinderen uit New York. Echt, zo snel gaat het.”

Lees meer verhalen van Bekende Brabanders

Lees meer over:

Meer Bekende Brabanders:

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: