skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen Bhic

Bloedbad in 1643

"Anno 1643 den 23 Augusti hebben de Hessen comende op Executie 33 Mannen van Gemert wreedelijck omgebracht op St Antonis Broeck." Deze woorden las pastoor Petrus Gautius in 1701 in het knekelhuisje op het Gemertse kerkhof en schreef ze over in zijn parochiale register.

Gemeentearchief Gemert-Bakel AG040 Parochie St. Jans Onthoofding invnr. 7, Register Gautius p. 417Daar voegde hij (in het latijn) de volgende aantekening aan toe: "Ik heb echter horen vertellen dat een inwoner van Gemert, die woonde in het huis dat staat aan de linkerzijde als men uit de straat naar den Beverdijck gaat, nalatig was geweest in het betalen van de aan de Hessische soldaten beloofde gelden, [en daardoor zijn zij geplunderd ?].
De Gemertenaren echter, niet wetende dat het om executie [van een schuld] ging, achtervolgden de soldaten die wegtrokken met hun oorlogsbuit, wat voor hen nogal slecht afliep. Ook wordt gezegd dat die Gemertenaar die die nalatigheid had begaan, zoveel berouw had over het daaruit voortvloeiende onheil, dat hij zich tot Rome heeft gericht om vergiffenis te verkrijgen."

Wat was er precies aan de hand? We spreken over de laatste jaren van de Tachtigjarige Oorlog. Als vrije rijksheerlijkheid in handen van de Duitse Orde had Gemert zich zoveel mogelijk afzijdig gehouden van dat conflict. Pogingen van Den Haag om de heerlijkheid aan het Staatse gezag te onderwerpen konden steeds op fel verzet vanuit Gemert rekenen.

Godfried Huyn van Geleen, landcommandeur van de balije van Alden Biesen van de Duitse Orde, waar Gemert onder viel, had in de Dertigjarige Oorlog in Duitsland naam gemaakt als legeraanvoerder in het katholieke kamp. Zo had hij in 1637 een strafexpeditie in Hessen uitgevoerd, waarbij ettelijke steden en dorpen waren platgebrand. Dit wapenfeit had zeer vervelende gevolgen voor Gemert. Hessische legereenheden gelegerd in het Rijnland eisten namelijk in 1641 van (onder andere) Gemert genoegdoening in de vorm van een jaarlijkse contributie.

Een verzoek van Gemertse zijde aan de Raad van State in Den Haag om bescherming tegen de Hessen werd afgewezen. Frederik Hendrik weigerde het dorp in bescherming te nemen tegen zijn Hessische bondgenoten, tenzij Gemert zou verklaren Brabants en onderdaan van deze Staat te zijn. Gemert weigerde zijn soevereiniteit op te geven en de bevolking wapende zich in de hoop de Hessische dreiging met eigen middelen het hoofd te kunnen bieden. Of er intussen met geld over de brug is gekomen, blijft onduidelijk. Als er al is betaald, was dat voor de Hessen in ieder geval niet voldoende, met als gevolg de strafexpeditie van augustus 1643.

De slachting van augustus 1643
 Klik hier voor een link naar deze prent op de website van de Bibliothèque nationale de France

De wraak van de plattelanders (Jacques Callot, Les Grandes Misères de la guerre – La revanche des paysans, 1633)

Uit de schaarse bronnen over het bloedbad blijft de toedracht tamelijk onduidelijk. Het lijkt erop dat de Hessen eerst Gemert zijn binnengedrongen, daar het vee uit de stallen en weiden roofden en met hun buit weer richting hun legerplaats aan de Rijn vertrokken. Hebben de Gemertenaren zich verzet? Volgens sommige bronnen kwam het op de markt van het dorp tot een gevecht waarbij tientallen doden vielen en nog veel meer gewonden. Waarschijnlijker is dat de dorpelingen zich na het vertrek van de Hessen hebben bewapend en de rovers achterna zijn gesneld. Ruim 10 kilometer verderop in de buurt van Sint Anthonis stuitten ze op de heide of in het Sint Anthonis Broek op de achterhoede van de Hessen. Een hevige strijd barstte los en zoals te verwachten was, bleken de Gemertse dorpelingen geen partij voor de Hessische beroepssoldaten. Na een uur was de ongelijke strijd gestreden. De Hessen trokken verder met hun buit, zo’n dertig dode en ettelijke gewonde dorpelingen achterlatend.

Eén van de slachtoffers: Jan Jan Heghmans

Deze lezing wordt ook bevestigd door de volgende aantekening in het begraafboek van Sint Anthonis. Daar lezen we (in het latijn) op 22 (!) augustus 1643 het volgende:
Begraafboek Sint Anthonis. Klik hier voor een vergroting"Joannes zoon van Joannes Heghmans uit Gemert stierf met 27 van zijn metgezellen uit Gemert in de strijd. Op de wijze van tirannen, als een tweede Herodes, die onschuldigen als martelaren doodde, zijn zij gedood door de Hessen, en als martelaren hebben zij hun leven met de dood beëindigd, op de heide bij het dorp Sint Anthonis, zeer velen zijn bovendien ernstig verwond, zodat hun leven aan een zijden draadje hangt. Dit is gebeurd op de vooravond van het feest van de apostel Bartholomeus na de middag tussen 4 en 5 uur op een zaterdag."

Het begraafregister van Gemert uit deze periode is niet bewaard gebleven, maar van tenminste één van de slachtoffers kennen we de identiteit, omdat hij in Sint Anthonis is begraven: Jan Jans Heghmans. Deze Jan Heghmans was vader van twee jonge kinderen en op het moment van zijn gewelddadige dood was zijn vrouw Sophia Jans van Schuijl hoogzwanger van een derde telg: dochter Joanna werd ruim een maand later op 27 september 1643 als filia legittima posthuma gedoopt.

Sophia, in 1654 hertrouwd met Peter Anthonis Froon, overleed in 1664/1665 en liet drie kinderen met Jan Heghmans en één zoon uit haar tweede huwelijk achter.

Net als Jan Heghmans zullen de meeste andere slachtoffers mannen in de kracht van hun leven zijn geweest. Hun verlies moet een zware klap en een gevoelige aderlating voor de Gemertse gemeenschap zijn geweest. De schrik zat er dan ook goed in: tegen dergelijk geweld was het dorp duidelijk niet opgewassen. Men legde zich noodgedwongen bij het onvermijdelijke neer: in de daaropvolgende jaren droeg Gemert jaarlijks trouw contributie af aan de Hessen.

Met dank aan Wim Jaegers, Hans Pennings en Simon van Wetten.

Reacties (5)

Gerard H.A.A. de Bie
Gerard H.A.A. de Bie zei op 19 december 2015 om 15:51
Dan hebben de Gemertenaren zwaar leergeld moeten betalen.
Jan Lange zei op 2 maart 2020 om 11:49
Nog een slachtoffer geidentificeerd: Gijsbert Geraerts Jan Peter Tielens/Thielemans: hij is geb. ca. 1560 te Erp en overleed te Erp vóór 1614/zeker vóór 1631.
Op 20 april 1673 schreef Art Jan Leyten, presidentschepen in Erp en neef van Anna van Asseldonck (d.v. Cornelis Jan Jacobs Rijders van der Asseldonck en Elizabeth van Erp van Ponsendael), stichteres van een studiebeurs in 1638 voor o.m. haar verwanten, een brief naar het Groot Begijnhof te Leuven. Hij schrijft o.a.:
'Ick hebbe aen Meriken sone geseijt dat hij eene beurs soude hebben, waervan hy u eerw(aerde) hertelic is bedanckende. U eerw(aerde) schrijft dat Gijsbert Thielemans niet in den (stam)boom en staet, daer ick aft verwondert ben ende soo is den boom niet welgemaeckt, want den voors(creve) Gijsbert is tot Gemert van den Hessen doot geslaegen als hij Gemert onder contributie wouden stellen met meer andere innewoonderen van Gemert, achter laetende 7 à 8 kynderen, waervan eenige de beurse hebben gehadt int legimie van de fondatie. Jenneken (Hendrick Jan Jacobs) van Ponsendael is getrouwt geweest met Gerart Peter (Jan Peter) Thielemans, hebben met malcanderen verweckt achten levende kynderen, ende de voors(creve) Gerart is jonck gestorven, soo dat ick hem niet gekent en hebben, laetende de voors(creve) Jenneken, weduwe, achter met de voors(creve) kijnderen sonder middelen, soo dat se moste geholpen worden van mijne moeder, diewelcke was haer suster, ende omdat sy was een eerlic deuchtsaeme vrouwe, soo hadde een igelic haer lieff, ende hadde medelijden met haer ende haere kijnderen. Ende om die kijnderen oft kintskijnderen tot staet te brengen, soo is de fondatie gemaeckt, gelijck de fondatrice selver tegens mij verscheijden reijsen heeft geseijdt ende seijde, als de goederen souden gedeijlt worden, souden hen allemael niet komen helpen, ende souden deselve met armoeden verkiesen, ende de fondatie soude altijt voor d' arme comen blijven ende dienen, ende de fondatresse heeft de kijnderen van de voors(creve) Jenneken bij haar leven daer toe vercoren ende niet diegene die u eerw(aerde) de beurse heeft gegeven, ende seide geene voorbij gaen d' arme vrienden daeromme de selve beursen sijn gefondeert, want in het testament staet wel expresselic tot 3 reijsen toe, begeere dat mijn arme vrienden hebbende (egeen) vader oft moeder, dese mijne beurse sullen genieten.
Het goedt oft de goederen daer de fondatie van gemaeckt is, sijn van mijn moeders vader gekomen ende niet van de andere sijden. Mijn moeijken, joffr(ouw)e Anna van der Asseldoncq moeder, was enen voordochter ende erftde all de haeffe goederen van haer vader ende hadde gy met myn moeders moeder egeene goederen gehadt, soo soude de naerkynderen egeen goederen gehadt hebben, want de goederen van haere vader alrede verstorven waeren, en besat deselve in tochte ende waeren tochtgoederen, en erftde de fondaterse moeder alleen, daer sij groot gelt affgemaeckt hebben.
Den sone van Meriken, dochtere Gijsbert Gerarts Thieleman is hem wederom presenterende tot dese gepubliceerde beurse om een ambacht te moghen leeren. Hij is vaderloos ende mede arme ende van de naeste vrienden. Dat voor dese die erbuijten sijn gecomen, dat sij versochte de beurse om te studeren, is d' oirsaeke geweest dat hy niet en wiste dat men op de beurse enen ambacjt mochte leeren ende en worden d' erste tyt niet gepubliceert ende dat sommige die middelen hebben comen solliciteren omn de beurs te genoeten, is d' oirsaecke dat sy niet en weten, dat de beurse sijn gefondeert voor d' arme vrienden, want onlanckx sprack mij Boxmeer binnen Den Bosch aen om de voors(creve) beurse voor syne sone dewelck is tot Loven, ende dan ick hem seyde dat deselve waeren gemaeckt voor d' arme vrienden ende niet voor degene die middelen hadde, ende dat myn sonen egheen hadden. Dan seyde hy, "soo begeere ick dan oock niet, daer begeerde oock gepubliceert te worden voor arme vrienden van joffr(ouw)e Anna van der Asseldonck om te studeren ofte een ambacht te leeren, want alle arme sijn gelijck, nu doet soo soude ick deseelve beurse niet begeren"'. (Bron: ARA Brussel, Openbare Onderstand Leuven, inv. nr. 4273).
Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 3 maart 2020 om 11:56
Bijzondere vondst, Jan! Iets eerder dan het misdrijf dat Anton hierboven beschrijft, maar wel in dezelfde contreien. En met vergaande consequenties, zoals blijkt uit het relaas van Art Jan Leyten.

Heel informatief, veel dank voor het delen!
Jan Lange zei op 3 maart 2020 om 12:11
Sorry, deze Gijsbert z.v. Geraerts Jan Peter Tielens/Thielemans (op zijn vader Geraert slaan de jaartallen in de 2e regel) is dus ook eind aug. 1643 door de Hessen doodgeslagen; "den voors(creve) Gijsbert is tot Gemert van den Hessen doot geslaegen als hij Gemert onder contributie wouden stellen met meer andere innewoonderen van Gemert, achter laetende 7 à 8 kynderen..."
ORA 37 Erp dd. 3.9.1643 bij de erfdeling van zijn ouders is dan ook sprake van de onm. kinderen van deze Gijsbert Gerits.
Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 3 maart 2020 om 16:53
Ah, dus ook 1643? Dat had ik zo niet begrepen, fijn dat je dat nader toelicht. Belangrijk ook, want het geeft ook het voorval - en daarmee de dader - meer context. Dank!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!