skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Hilde Jansma
Hilde Jansma Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Hilde Jansma
Hilde Jansma Bhic

D'n Emmes, holbewoner op de Beek

In een soort hol woonde hij eerst. Half ónder de grond, half erboven. De gemeente vorderde het voorhuis van een boerderij aan de Gemondse Beek en verhuisde Marinus van Boxtel daarheen. In zijn hol mocht hij niet meer wonen. Een buurmeisje – nu 95 jaar oud – herinnert het zich nog goed. Met haar verhaal gaan we zo’n 85 a 90 jaar terug in de tijd en belanden we dus ruim voor de Tweede Wereldoorlog, in de jaren ’30 van de vorige eeuw.

Marinus van Boxtel, Gemonde 1932 (foto: Fotopersbureau Het Zuiden, collectie BHIC 1633-005491)
Marinus van Boxtel, Gemonde 1932 (foto: Fotopersbureau Het Zuiden, collectie BHIC 1633-005491)

De Beek, jaren '30

Ten onrechte blijken wij er vanuit gegaan te zijn dat de woning op de foto in De Meierij van de sloop gered is. Het pand erachter, met het adres Beek 10, is inderdaad gerenoveerd en staat er nu nog. Maar ‘ons’ huisje is allang verdwenen. Kwam je vanuit Gemonde, dan stond het nog vóór de nog bestaande woning, dwars met de zijkant richting de straat. Tussen beide boerderijen stond een waterput, en er lag een sloot. 

Zelf woonde ze ook op de Beek, een paar boerderijen verderop. Als jong meisje ging ze geregeld een kijkje nemen bij de voormalige ‘holbewoner’ op nummer 10. Samen met andere buurkinderen ging ze dan ook wel eens naar binnen. Ze herinnert zich dat de huiskamer behangen was met uitgeknipte krantenfoto’s en reclame van Sluis kippenvoer. Tussen d’n herd en de ruimte waar de dieren verbleven zat geen deur; de ruimtes werden alleen van elkaar gescheiden door kippengaas. Het stonk er.

Huisje op Beek 10, Gemonde (foto: Fotopersbureau Het Zuiden, collectie BHIC 1633-003754)
Huisje op Beek 10, Gemonde (foto: Fotopersbureau Het Zuiden, collectie BHIC 1633-003754)

Eigen plekje in de kerk

Het huis was ook toen al erg vervallen. De eigenaar had het dan ook grotendeels dichtgetimmerd met planken. Kinderen gooiden wel eens met eieren tegen de planken, die daardoor helemaal onder de drek zaten. Marinus verzorgde ook zichzelf niet goed. Wel ging hij altijd naar de kerk. Daar zat hij dan achter in de kerk op een vast plekje, op de grond tegen een pilaar; ook dat was vet en vies en de andere kerkgangers bleven op grote afstand.

Marinus van Boxtel, Gemonde 1932 (foto: Fotopersbureau Het Zuiden, collectie BHIC 1633-003756)Bijnaam: d'n Emmes

Als hij buiten kwam, liepen en riepen de kinderen hem achterna. Ze spraken hem aan met zijn bijnaam: d’n Emmes. Die naam had hij waarschijnlijk al voordat hij naar de Beek verhuisde. Ze riepen hem na met een versje:

Emmes laat je scheren
’t kost maar ene cent
Ik zal je laten weten
Da ge unne stinkerd bent!

Marinus kwam eigenlijk uit Gemert en had daar ook nog een broer wonen. Soms ging hij te voet terug naar Gemert om zijn broer op te zoeken en was dan dagen-, soms zelfs wekenlang, weg. Uiteindelijk werd hij ziek en is toen opgenomen in het ziekenhuis en overleden. Het voor hem door de gemeente gevorderde huisje aan de Beek 10 werd afgebroken.

Artikel uit de Katholieke Illustratie, datum onbekend
Artikel uit de Katholieke Illustratie, datum onbekend

Dit verhaal is verteld naar aanleiding van de BHIC-bijdrage Kijk naar Toen in De Meierij van 9 maart 2020.

Reacties (6)

Adrie van Grinsven zei op 23 april 2020 om 17:03
Marinus van Boxtel, de Kop Emmes, woonde eerder in een overdekte kuil, zie bovenstaande foto, waarvan de opstaande wanden bestonden uit hout, stro en plaggen. Zijn jongere boer Janus was verlamd en zat in het Liefdesgesticht Adrianus in Sint-Michielsgestel.
Regelmatig schoof Janus op zijn knieën met twee krukken over de veldweg tussen de beemden door langs de Genenberg naar de plaggenhut in Gemonde. Over de plaats waar die hut stond, bestaan verschillende versies. De een weet zeker, dat de hut op de Beek stond, naast de boerderij van Van den Dungen op de Beek in Gemonde. De ander weet zeker in de Kalverstraat (bij de Vogelenzang) in Gemonde. Het is voorstelbaar, dat hij volg tijdelijk op allebei die plekken heeft gewoond.
Manrinus is op 11 oktober 1876 geboren, op de Karsepad, in de Kaart (Dorpstraat) in Gemonde. Aan de Karsepad staan nu geen huizen, toen in 1876 kennelijk wel?
Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 25 april 2020 om 20:12
Hartelijk dank voor je aanvulling, Adrie. Met onze eigentijdse blik is het haast niet voor te stellen hoe Marinus moet hebben geleefd. Jouw aanvulling over zijn broer Janus versterkt dat beeld ook nog eens.

Ik vind het heel bijzonder hoe je weergeeft waar de hut zou hebben gestaan: dit is precies de manier waarop deze discussies plaatsvinden. Jouw verklaring dat het om beide plekken gaat, lijkt me heel aannemelijk. Hoe dat zit met de woningen aan de Karsepad durf ik zo snel geen uitsluitsel te geven. Mogelijk iemand die dit leest en die daar ter plekke goed op de hoogte is van de historie? We horen graag meer!
Adrie van Grinsven zei op 25 april 2020 om 20:26
Marilou, de foto stond ook in het Dagblad van Noord-Brabant van 17 juni 1927, met deze toelichting:
Een holbewoner. Geen sprookje uit het boek van moeder de Gans. Op den rand vaneen korenakker, inde nabijheid van Schijndel, leeft sinds 6 jaar een holbewoner heel gelukkig en tevree ineen kuil, met een strooien dak ais dekking tegen zon, koude en regen. Wij troffen Marinus van Boxtel, zoo heet de held van deze tragisch-romantische geschiedenis, vóór z’n „villa”, bezig z’n potje te koken, terwijl inmiddels z’n kousen stopte. In geuren en kleuren verhaalde hij, hoe hij vóór zes jaar, in een bakkers-oven had gewoond, doch dat hij zijn woning is uitgezet, en zich nu heel gelukkig en tevree in zijn eigen huisje voelde.
Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 28 april 2020 om 17:11
Dank je wel voor dit bericht, Adrie. Ik hoop dat het berichtje ook echt daadwerkelijk klopt, en dat Marinus zelf tevreden was met zijn leefsituatie. Dat vind ik wel een geruststellend idee, jij niet?
Adrie van Grinsven zei op 28 april 2020 om 18:36
Beste Marilou, in de archieven las ik een berichtje over Marinus (militiegevens) dat Marinus als onnozel gekwalificeerd werd. Als dat klopt, dan zou het zo maar kunnen, dat hij van dag tot dag leefde. Gelukkig als hij iets te eten had en blij was met een dak boven z'n hoofd, hoe dat dak er ook uitzag.
Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 29 april 2020 om 12:21
Helemaal mee eens, Adrie. Het zou niet terecht zijn om met hedendaagse ogen en vanuit mijn eigen positie proberen in te vullen hoe Marinus zijn leven heeft ervaren. Goed dat je dat hier aanvult, dank daarvoor.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!