i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Andel
Tags:

en maakt ook deel uit van:

Atlas: Brabant door de ogen van de Commissaris van de Koningin

De Commissaris van de Koningin over Andel

vertelde op 26 maart 2004 om 16:49 uur

Tussen 1894 en 1928 was Mr. A.E.J. baron Van Voorst tot Voorst Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant. Een van zijn taken was het regelmatig bezoeken van alle gemeenten in de provincie. Van die werkbezoeken hield hij nauwkeurig verslag bij. Dit had hij in al die jaren over Andel te melden:

 Nieuwsgierig naar zijn handgeschreven tekst? Lees die dan hier.

Andel

Den 24n Augustus 1898 bezocht ik deze gemeente. Aan het “hotel van Andel” te Gorinchem liet ik mij halen door een rijtuig van Sprengers te Sleeuwijk. Ik passeerde de Merwede per stoomboot Gorinchem-Woudrichem; reed toen van Woudrichem over Rijswijk en Giessen naar Andel, vandaar naar Veen, vervolgens naar Wijk en eindelijk over Heusden, Oud-Heusden en Elshout naar het station te Drunen. Ik maakte van die gelegenheid gebruik, om de schutsluis te Andel te gaan zien, bestemd om de scheepvaart te onderhouden, als de rivier de Maas, na de opening van den Nieuwen Maasmond zal zijn afgedamd.

Op de grens van Giessen en Andel vond ik eene harmonie, welke mij, onder geleide van een groote hoop volk, naar het raadhuis te Andel bracht. Op mijne audiëntie verscheen niemand dan de predikant Havinga, die mij vroeg of het niet mogelijk was, dat te Andel straatverlichting kwam; de moraliteit en de algemeene veiligheid zouden daarbij veel winnen. Hij wilde echter liever niet, dat zijne démarche te dezer zake bekend werd. Ik heb, toen ik later met B. en W. de politie besprak, hen gevraagd of straatverlichting niet wenschelijk zijn zou, waarop mij werd geantwoord, dat zij hiervoor wel eens van gedachten hadden gewisseld, zonder tot een resultaat te komen; ze zouden deze zaak nu bij den Gemeenteraad ter sprake brengen.

Tusschen 1879 en 1885 heeft burgemeester van Ouwerkerk het beruchte conflict met den Andelschen gemeenteraad gehad, toen nl. de raadsleden weigerden zitting te nemen, omdat zij niet met den burgemeester verkozen samen te werken, welk conflict eindigde met de overwinning van den burgemeester. De verhouding tusschen den burgemeester en de wethouders schijnt nu niet slecht; de 82-jarige wethouder Van Herwijnen was in der tijd een der felste tegenstanders van den burgemeester; deze prees zijn wethouder nu zeer. Burgr. en Weths. hadden voor een ontbijt voor mij gezorgd, hetwelk in eene herbergkamer moest genuttigd worden; het raadhuis was daartoe nl. te klein.

De tweede wethouder, Van Andel genaamd, woont op “het Hoff” te Andel; het schijnt een mooi huis te zijn; door de vele boomen was het nu niet duidelijk te zien. De harmonie deed mij weer uitgeleide tot de grens van de gemeente Veen; de burgemeester reed in zijn rijtuig achter mij aan. Die harmonie, die belangstelling van de zijde der bevolking, kwam mij wel vreemd voor. Nergens in de gemeenten langs de Maas beneden Heusden had men op eenige wijze sympathie betoond, behalve het uitsteken van vlaggen.

Administratie ter secretarie. Plaatselijke verordening op de afkondiging der strafverordeningen kon niet worden vertoond (art. 172 Gem. wet). Er was geen register van beslissingen van B. en W. op aanvragen om vergunning krachtens de hinderwet. Bij het bevolkingsregister, alphabetisch ingericht, was een alphabetische namenklapper, maar geen huizenregister.

Den 28 Mei 1902 kwam ik weer in de gemeente; ik voer van Gorinchem over naar Sleeuwijk; reed via Woudrichem, Rijswijk, Giessen naar Andel; vervolgens over Veen, Wijk Aalburg, Heusden, Oudheusden en Elshout naar Drunen, alwaar ik den trein naar Den Bosch nam. Wethouder Van Herwijnen is dood, en vervangen door De Fijter; wethouder Van Andel heeft kerkelijke standjes gehad, en is om die reden uit den Raad gegooid; als wethouder werd hij vervangen door Naayen, een zwager van Den Dekker.

In Andel, waar geen openbare school is, en waar, omdat de gemeente nogal bezittingen heeft, geen hoofdelijke omslag wordt geheven, zijn in den laatsten tijd nogal eenige gefortuneerden komen wonen: vooreerst Den Dekker, de hoogstaangeslagene (f. 740) te Almkerk; deze brak zijne boerenstelling aan den Nieuwendijk af en verhuisde naar Andel; hij moet thans abnormaal zijn, en in een gesticht voor zenuwlijders verpleegd worden. Vervolgens de Heer Gulden uit Woudrichem, 38 jr oud, sinds een dag of 14 gehuwd met een boerenmeisje uit Woudrichem (juffrouw Braun?); hij kocht zich eene boerenwoning, en wordt weer landbouwer.

Andel, Maashaven Sluis Andel. Persmolen links ligt gereed voor de afsluiting, 1883 (Salha, hsd06218)In het jaar 1883 den 26e Januari is de wet tot verlegging der uitmonding van de Maas naar den Amer tot stand gekomen. Persmolen links ligt gereed voor de afsluiting, 1883 (foto: collectie Salha)

Wethouder Naaijen is voorzitter van den Opandelschen polder; hij verlangt hard naar de opening van den Maasmond: tengevolge van de normaliseering van den Amer is (volgens hem) de waterstand op de Bleek met 12 c.M. verhoogd, en ondervinden alle polders daarvan in meerdere of mindere mate bezwaar; is de stoombemaling klaar, en kan de Maasmond open, dan kan het water op voldoende peil worden afgemalen.

Bij gemeenteraadsverkiezingen werd er in den laatsten tijd hard gewerkt; maar nooit, door het schenken van jenever of bier. Van Andel, die uit den raad werd gegooid, is zoo boos, dat hij niets meer van de bijzondere school wil weten, dat hij niet meer wil contribueeren, om die in stand te houden. Hij zendt thans zijne kinderen naar de openbare school te Veen.

De gemeente-eigendommen liggen allen binnendijks; voor een klein gedeelte onder Giessen; de rest ligt allemaal in de gemeente. Het is over het algemeen slecht land van f. 500 de H.A. In den laatsten winter heeft men zich groote uitgaven getroost door oude versleten grienden opnieuw aan te leggen; die grienden zijn zoogenaamd getweediept, d.i. twee steek diep omgewerkt, en de bovenste steek onder in den grond gewerkt; dat kost f. 450 per H.A. Men rekent, dat deze bosschen 20 jaar kunnen duren. Zij worden het eerste jaar gesneden (banden); dan na drie jaar; en vervolgens telkens na 4 jaar. Het eerste jaar (banden) brengt nagenoeg niets op, althans niet de kosten van schoonhouden; het eerste jaar moet de grond met hakken schoon gemaakt en gelijk gewerkt worden; dat kost veel geld.

Het gewone onderhoud (schoon houden) komt jaarlijks op f. 9,- te staan, terwijl grond-, polder- en dijklasten ± f. 12 per H.A. zal kosten. Daartegenover berekent men bij normale houtprijzen eene gemiddelde jaarlijksche opbrengst van f. 100. Het grienthout wordt in Andel niet verwerkt; het gaat naar grientbazen te Werkendam enz. Het groote verkeer van Andel is met Gorinchem; dat is “de stad”; slechts een enkele komt op de Bossche markt.

Het vervoer gaat per boot: drie ondernemingen, nl. Fop Smit, die tot Heusden vaart, Piet Smit, die tot Den Bosch vaart, en Van der Schuyt uit ’s Bosch, die naar Rotterdam v.v. vaart. Met Gorinchemse markt (maandags) vaart er nog eene extra boot. Tengevolge van de concurrentie zijn de vrachtprijzen zeer laag gesteld: f. 0,25 1ste. klasse tot Gorinchem. Er zijn twee aanlegplaatsen voor booten; beiden worden zeer goed bediend; de eene is aan de Rib (Beneden Andel); de andere aan de Zwaan, te Opandel.

Sinds 1885 is er in de openbare school geen onderwijs meer gegeven; de bijzondere school werd gesticht ná de onderwijswet Kappeyne. Er is geen burgerlijk armbestuur in Andel; van gemeentewege zijn een pr oude vrouwen besteed; de armenverzorging kost jaarlijks aan de gemeente geen f. 250. De diaconiën hebben geen eigen fondsen; moeten collecteeren om een beetje te kunnen bedeelen.

Riet is grof van blad; het mooie fijne dekriet komt van lager uit, vooral van uit den Biesbosch. Er wordt veel fruit geteeld in Andel; de Gorinchemsche markt is spoedig overvoerd; daarom zendt men zijn fruit in halve-mudsmanden naar de markt te Rotterdam; daar trekt Engeland; op die manier (met den beurtschipper) zendt men peren, appels, pruimen en aardappelen.

Men trouw in den regel niet, voordat het “moet”. De jonge echtgenooten blijven dan dikwijls bij hunne respectieve ouders wonen, omdat het hun niet mogelijk is, eene woning te bekomen. De geneeskundige armenpraktijk (ook de verloskundige) is toevertrouwd aan Dr Geytenbeek te Woudrichem.

Andel, Het perceel waar eens het Hof te Andel stond. Het Hof werd in 1937 gesloopt (Salha, Tukker, lha00058)'Het Hof' van Andel (foto: J.A. Tukker/ collectie Salha)

Den 19 April 1906 kwam ik weer in Andel. Vanuit Gorinchem – van waar de booten op de volle uren naar Woudrichem varen, terwijl zij op de halve uren van Woudrichem terug varen naar Gorinchem – reed ik naar Andel; ik bezocht vervolgens Veen en Wijk, en nam te Heusden den trein naar Den Bosch. B. en W. deelden mij mede, dat “Het Hof” te Andel thans ledig staat, omdat de eigenaar, Van Andel, om de opvoeding van zijne kinderen tijdelijk in Nijmegen is gaan wonen.

De rijke “Den Dekker” werd drie jaren in verschillende gestichten verpleegd en is thans weer beter; hij woont ten minste weer in Andel. Sinds ruim een jaar is de straatverlichting tot stand gekomen; men is daarmede thans zeer ingenomen. De wethouder Naaijen (een zwager van Den Dekker) deelde mij mede, dat hij een zoon had, die in Utrecht studeerde, en bereids het candidaats in de rechten had afgelegd.

Gezegde Naaijen is Voorzitter van de Opandelschen polder; hij had geen woorden, om genoeg op den Maasmond te kunnen schelden; doordat de waterstand op de Oostkil verhoogd was, kon men daar door de gewone sluis niet meer loozen; alles moest nu afgemalen worden aan den Nieuwendijk; maar dat wilde de Minister niet; daardoor bleef het binnen boezemwater veel te hoog, en kon de Opandelsche polder daarop niet langs natuurlijken weg lossen, en moest het water door het stoomgemaal uitslaan; op die wijze werd de Opandelsche polder onbillijk met zware kosten bezwaard. Ik gaf hem den raad, om met de belanghebbenden van de andere polders zich in verbinding te stellen, en dan in een verstandig behoorlijk gedocumenteerd adres zich tot den Minister te wenden.

Sinds mijn laatste bezoek kwam er in Andel een telefoonkantoor tot stand, hetwelk, vooral in den tijd van den vruchtenhandel, van groot nut blijkt te zijn. Ter voorziening in de behoefte aan drinkwater werden er twee nortonpompen geslagen, welke uitstekend water geven. Aan B. en W. geraden, omtrent de gemeentelijke bezittingen (ruim 58 H.A.) een uitvoerigen gedetailleerden staat aan te leggen, waarop alle kleine details omtrent exploitatie en opbrengst nauwkeurig worden aangeteekend.

Dr Giesbers uit Woudrichem is hier de gemeente- (armen-) doctor; men is over hem zeer tevreden; toch zou men zeer gaarne een eigen doctor hebben; ik heb aan de Heeren betoogd, dat een doctor in eene gemeente van 1.000 zielen geen bestaan vindt, en dat men hem dus een zeer hoog salaris – bijv. f. 2.000 + vrij wonen – zou moeten toeleggen.

Andel, Een oude opname van de Romboutstoren. De toren heeft dan nog maar twee wijzerplaten. Die zijn dan ook nog van hout. Voor de toren staat de lagere school, ca. 1910 (Salha, and00630)Een oude opname van de Romboutstoren. De toren heeft dan nog maar twee wijzerplaten, gemaakt van hout. Voor de toren staat de lagere school, ca. 1910 (foto: collectie Salha)

Sinds 1885 is er in Andel geene openbare school; daardoor behoeft in Andel geen hoofdelijke omslag te worden geheven; de bijzondere school wordt door enkele notabelen bekostigd; wethouder Naaijen betaalde in 1905 voor zijn aandeel f. 650; dus meer, dan een hooge aanslag in den hoofdelijken omslag.

Schoolverzuim komt weinig of niet voor; het herhalingsonderwijs wordt nogal gevolgd. In tegenstelling met Veen en Wijk is de toestand van de behoeftige klasse in Andel zeer voldoende; armoede wordt daar haast niet geleden. De toestand van de kleine winkelnering is vooruitgaande, doordat de neringdoenden met kar en paard de boeren enz. afrijden, en uitsluitend tegen contant geld verkoopen; ze schijnen op die manier nogal wat afzet te hebben.

Er werd nog geen burgerlijk armbestuur opgericht; maar er behoefde toch ook van gemeentewege in den laatsten tijd niet bedeeld te worden, doordat de diaconie der hervormde gemeente voldoende in de behoefte aan onderhoud kon voorzien.

Den 29 Maart 1910 kwam ik weer in Andel. Ik reed er vanuit Gorinchem heen; bezocht daarna nog Giessen en keerde toen naar Gorinchem terug. Ik verleende audientie aan den Heer Van Tienhoven, die inlichtingen kwam geven omtrent zijn wonen in Den Haag in verband met zijn voorzitterschap van een Noordbrabantsch Waterschap; ik stelde hem gerust, dat Gedep. Stat. hem wel Voorzitter zouden laten.

Andel heeft een bezit van 58 H.A. mooie gronden. Vóór ± 100 jaren brachten die gronden niets op, en wilde niemand daarvan als eigenaar te boek staan; met de opbrengst kon men de lasten niet betalen. Het was toen quaestieus, of de gronden behoorden aan de inboorlingen van Andel, dan wel aan de gemeente Andel. Om zich van den eigendom van die gronden te ontdoen, is er eene procedure gevoerd; bij rechterlijk vonnis is toen beslist, dat die gronden van de gemeente Andel waren. De gemeente is thans natuurlijk zeer dankbaar voor die rechterlijke uitspraak, waarmede men zich voor honderd jaren zoo bezwaard gevoelde.

Ook voor deze streken is de Maasmond, zooals thans blijkt van zeer groot nut. Als het water op de rivier hoog is, zooals in den afgeloopen winter, dan heeft men geen last meer van kwelwater zooals vroeger, omdat de gronden aan den Nieuwendijk afgemalen worden; bovendien heeft men geen gevaar meer door overlast van water bij doorbraken, zooals in 1880, toen alle binnendijks gelegen gronden inundeerden, en onberekenbare schade aangericht werd; toen was bijv. “het Slot” de woning van den burgemeester van Rijswijk niet anders dan per roeiboot te bereiken. Men meent alleen, dat aan de Bleek het water niet meer zoo laag afloopt als vóór de opening van de Bergsche Maas. Wanneer er nu bijv. ’s zomers bij een onweer veel water valt, dan loopt dat water niet zoo spoedig weg als weleer, wanneer de bemalingswerktuigen niet in gebruik worden gesteld, omdat het water op de rivier niet hoog is.

Andel, Familie De Fijter voor het huis aan de Hoefweg 12 te Andel. Links Peter de Fijter(1848-1918), 1910 (Salha, gie00631)Familie De Fijter voor het huis aan de Hoefweg 12 te Andel. Links Peter de Fijter (1848-1918), 1910 (foto: collectie Salha)

Veldwachter krijgt f. 70 gratificatie; gevraagd dat bedrag bij het tractement te voegen. Een opzichter voor de gemeentelanderijen krijgt f. 365 salaris. De Heer Van Andel woont nog altijd te Ubbergen bij Nijmegen, waarheen hij voor de opvoeding zijner kinderen verhuisde; middelerwijl vervalt “het Hof” in erge mate; men vreest, dat hij nooit weer in Andel zal komen wonen. Den Dekker, en diens zwager A. Naayen (de gewezen wethouder) leven nog, en wonen beide nog in Andel; Naayen is geen voorzitter meer van den Op Andelschen polder; in diens plaats kwam Peter de Fijter.

Er is nog steeds geen openbare school in Andel; de enkele kinderen die openbaar onderwijs verlangen, bezoeken de openbare school te Giessen, met welke gemeente Andel deswege gecontracteerd heeft. De bijzondere school te Andel kan met de Staassubsidie niet bestaan; jaarlijks komt er ± f. 1.300 te kort, welk bedrag door Naayen en De Fijter wordt aangezuiverd. Van gemeentewege heeft geen armenverzorging plaats; ook geen subsidie aan kerkelijke armbesturen.

Sinds de woningwet er kwam, wordt er minder gebouwd; eene arbeiderswoning kostte vroeger niet meer dan ± f.400; thans kost eene woning, die aan de bepalingen der bouwverordening voldoet f. 750 à f. 800. Er is een staat aangelegd omtrent de exploitatie der gemeentelijke bezittingen. Naar de ondervinding in Andel schijnt te leeren, moet griendhout, dat uitgeleefd is, niet getweediept worden; maar men moet die grond in cultuur nemen, een jr of vier bebouwen, en er dan weer griendland van maken. De bovenste steek moet echter boven blijven; doet men dat niet, dan is de grond, die getweediept werd, als de griend ná twintig jaren uitgegroeid is, heelemaal niets meer waard.

De ondervinding leerde, dat grindwegen, die met basaltsteenslag onderhouden worden, beter zijn, terwijl het minder kost, dan wanneer ze met grind onderhouden worden. Gemeente sloeg vier nortonpompen; het goede water zit niet diep; 30 à 40 voet; elke pomp zal ± f. 75 kosten.

Er wordt veel fruitteelt in Andel gedreven, vooral appels (belle fleur en goudreinetten) en peren (Janbazen en knolperen). De harmonie te Andel bracht mij tijdens de audientie eene serenade; toen ik vertrok, deed men mij uitgeleide tot de grenzen van Giessen. Directeur van die harmonie was een fietshandelaar, Jonker genaamd, sinds een jr te Andel woonachtig.

Familie Den Dekker. Oude Den Dekker woonde te Almkerk en was gehuwd met eene dochter van notaris Middelkoop te Dussen, eene achternicht van den tegenwoordigen notaris Middelkoop te Capelle. Hij kreeg twee kinderen, nl. Dionysius den Dekker, die van Almkerk naar Andel verhuisde, en Amelia den Dekker, ongehuwd, die thans nog aan den Nieuwendijk woont. Dionysius den Dekker huwde met Juffrouw Naayen uit Andel; hij heeft vier kinderen: Arie, wethouder van Almkerk, wonende aan den Nieuwendijk ten huize van zijne tante Amelia; Jan, ongehuwd, boer, wonende ten huize van zijn vader te Andel; Alexander, ongehuwd, gepromoveerd directeur van de Gorinchemsche bank, nog een meisje, ongehuwd, en nog tehuis bij haar vader te Andel.

A. Naayen uit Andel is gehuwd met Juffrouw Vermeulen uit Capelle; de moeder van die Juffrouw Vermeulen was eene Verbeek; zelfde familie als die schatrijke Verbeken te Heemstede.

Andel, Achterstraat (thans Burgemeester Van der Schansstraat), kijkend naar de Hoge Maasdijk, 1915 (Salha, J.A. Tukker, and00013)Achterstraat (thans Burgemeester Van der Schansstraat) in Andel, 1915 (foto: Foto J.A. Tukker/ collectie Salha)

Den 10 Augustus 1915 kwam ik weer in Andel. Vanuit Den Bosch reed ik er per auto heen. Later bezocht ik nog de gemeente Giessen. Burgemeester Van der Schans is sinds Maart als zoodanig in functie. Zijne verhouding tot de beide wethouders scheen mij zeer goed.

Wethouder Den Dekker is voornemens naar den Nieuwendijk te verhuizen. Zijn broer, die wethouder van Almkerk was, en ten huize van zijne ongehuwde tante woonde, is overleden. Naar het schijnt, vorderen zijne belangen, dat hij naar Almkerk teruggaat; hij komt echter niet bij zijne tante aan huis, maar betrekt eene eigen woning, die hij weer aan het opbouwen is: bij den grooten brand in Almkerk in de maand Mei jl is nl. ook deze woning afgebrand.

Burgemeester betreurt het zeer, dat Den Dekker heen gaat, omdat hij aan hem veel steun had. Van Andel, eigenaar van “het Hof” te Andel, zal daar wel nooit terug komen. Zijn eerste vrouw bracht hem veel geld mede; bij haar overlijden ging dat fortuin over op de 5 kinderen; van deze hebben er vier ongelukkig geboerd; zij zijn alles kwijt. De vijfde, gehuwd met Sybrandi, komt zeker nooit weer in de gemeente terug.

In tweede huwelijk mesaillieerde van Andel zich; hij heeft van zijne tweede vrouw zeven kinderen; zij hebben geen geld, en worden opgeleid aan de ambachtsschool om den kost later te kunnen verdienen. Middelerwijl staat “het Hof” ledig en vervalt heelemaal.

De mobilisatie brengt hier nogal geld onder de menschen; er ligt eene bezetting van ± 500 man; vooral den neringdoenden, kleinen winkeliers en dergg. gaat het goed. 75 tot 80% der arbeiders bewonen een eigen huis; meestal nogal goed; er worden nogal eens woningen bijgebouwd.

Den 18 augustus 1919 bezocht ik per auto vanuit Den Bosch de gemeenten Giessen, Andel en Genderen. Na de laatste raadsverkiezing bestaat de Raad uit 4 antirevolutionairen, 2 liberalen en 1 S.D.A.P. Er is groote woningnood; er zijn te weinig woningen, ze zijn te duur en bovendien slecht. Met 10 nieuwe woningen zou men geholpen zijn; deze zouden dan gehuurd moeten worden door burgers of neringdoenden; daardoor zouden dan weer woningen voor de arbeiders beschikbaar komen.

Andel, Panorama van de Julianastraat (voorheen Voorstraat), ca. 1920 (Salha, and00023) Panorama van de Julianastraat (voorheen Voorstraat), ca. 1920 (foto: collectie Salha)

Voor huur van het kleine raadhuisje – het staat op den dijk – betaalt men f. 140,-; de kosten van verwarming zijn daaronder begrepen. Sinds 1 februari 1919 is er een electrisch provisorium voor licht; heeft f. 46.000 gekost. Het bedrijf dekt zich niet, doordat 25 veraf wonende gezinnen aangesloten zijn geworden, terwijl de meest belanghebbenden – De Fijter, Naeyen enz. – het niet genomen hebben. Ook hier is het drinkwater sterk ijzerhoudend; de menschen drinken daarom liever oppervlakte- (levend!) water. De loonen zijn sterk gestegen; f.2,50. Veel menschen kunnen in gemeente geen werk vinden, en gaan daarom als dokwerker naar Rotterdam, of naar Limburg, als mijnwerker. Armoede wordt niet geleden; maar gemeente moet de diaconieën nog al eens bijspringen.

Stoomgemaal aan den Nieuwendijk moest het water 30 c.M. lager afmalen; dan had men een ideale toestand. Geen openbare school te Andel; 10 kinderen gaan naar de openbare school te Giessen. Veel fruitteelt; 45 H.A. boomgaard; geen tuinbouwcursus; daarvoor gaat men naar Veen.

Men zou gaarne een locaalspoorweg hebben; het vervoer naar spoorwegstation te Gorinchem van land- en tuinbouwproducten kost 1 cnt per K.G.; dat geeft op één H.L. aardappelen dus reeds een verschil van f. 0,70. Brandstoffen: een wagon steenkool van Heerlen naar Gorinchem kost aan vervoer f. 50; van Gorinchem naar Andel f. 35,-!

De Heeren gepolst, of zij eventueel bereid zouden zijn om mede te werken tot samensmelting van de gemeenten Rijswijk, Giessen en Andel tot ééne gemeente. Daarvoor voelt men niets. Volgens het oordeel van de Heeren zouden Giessen en Rijswijk vereenigd kunnen worden; ook Veen met Wijk. Maar Andel zou zelfstandig moeten blijven; Andel is rijk, en ondervindt dus geen bezwaar, nu de bestuurskosten voortdurend stijgen, daar wordt zelfs geen hoofdelijke omslag geheven!

Den 10 Augustus 1923 bezocht ik Andel en Giessen. Na de laatste Raadsverkiezing bestaat de Raad uit drie antirevolutionairen, drie Christelijk Historischen en een vertegenwoordiger der arbeiderspartij. Er is woningnood in Andel. Daarvoor werden twee concureerende vereenigingen opgericht. Er gebeurde echter niets, omdat geen enkel arbeider f. 2,50 woninghuur kan betalen. Met Rijkspremie werden twee woningen gebouwd.

Andel is rijk; vooreerst wonen er tal van zeer kapitaalkrachtige ingezetenen: Den Dekker, Naeyen, De Fijter enz; bovendien bezit de gemeente 58 H.A. wei- en bouwland, grienden, boomgaard enz. Men wil absoluut zelfstandig blijven; er is niemand die iets voelt voor eene vereeniging met Giessen en Rijswijk, noch voor eene vereeniging met Veen. Men gelooft, dat de arbeidende klasse groote moeielijkheden zou maken, wanneer, na eene vereeniging met Giessen of Veen, arbeiders uit die gemeenten ’s winters op gronden van Andel werk kregen.

De uitkomsten van het electrisch bedrijf zijn gunstig; het bedrijf zou zich dekken, wanneer het niet bovendien belast was met ± f. 50.000 schuld van het vroegere provisorium. Er was vroeger veel tuberculose in Andel; thans is dat veel minder, maar thans komt er veel kanker voor.

Door gebruik van porfiersteenslag – dat in het gebruik bovendien voordeeliger uitkomt dan grint – zijn de grintwegen veel verbeterd. Armoede wordt niet geleden; de kerkelijke instellingen moeten door gemeente vrij sterk gesubsidieerd. De autobussen zijn eene ware uitkomst voor de gemeente.

Om het Land van Heusden en Altena afdoende te helpen zijn er twee waterschappen noodig.

1e. Een voor het noordwestelijk deel, dat zich tegenover het Rijk garant stelt voor de betaling van de meerdere steenkolen, noodzakelijk voor het afmalen van het water te Nieuwendijk 30 c.M. lager, dan het peil, waarop het water thans afgemalen wordt;

2e. het door den Hoofdingenieur v.d. P.W. ontworpen waterschap, tot inlating van versch Maaswater aan de Perzik (tusschen Veen en Wijk), en tot verlaging van den waterstand op het Noorder Afwateringskanaal met 15 c.M. – Te Keizersveer moet dan bovendien eens in de 14 dagen versch water worden ingelaten ten behoeve van de daarbij belanghebbende polders. Wanneer dat op een vasten dag geschiedt, dan kunnen die polders, die daarvan waterbezwaar zouden kunnen ondervinden, daarop rekenen, en hunne sluizen dien dag gesloten houden.

De belastingdruk is in Andel vrij hoog: 100 opcenten op Rijksinkomsten en op de vermogensbelasting , + 1% plaatselijke inkomstenbelasting. Wethouder Millenaar schijnt bezig te verkindsen; hij kan dikwijls zijn woorden niet vinden, en zegt dan heele andere woorden, zoodat het moeielijk is, met hem te praten.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: