skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Hilde Jansma
Hilde Jansma Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Hilde Jansma
Hilde Jansma Bhic

De Commissaris van de Koningin over Lithoijen

Tussen 1894 en 1928 was Mr. A.E.J. baron Van Voorst tot Voorst Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant. Een van zijn taken was het regelmatig bezoeken van alle gemeenten in de provincie. Van die werkbezoeken hield hij nauwkeurig verslag bij. Dit had hij al die jaren over Lithoijen te melden:

Nieuwsgierig naar zijn handgeschreven tekst? Lees die dan hier.

Lithoijen

Den 27sten Augustus 1898 bezocht ik deze gemeente; ik reed er van het station Oss heen; over Lith, Kessel, Maren, Alem en Empel reed ik naar Den Bosch terug. Men had er heel weinig werk gemaakt van mijne ontvangst; hier en daar een vlag, en een beetje groen aan het raadhuis. De leden van den gemeenteraad waren alle op het raadhuis om mij te ontvangen, uitgezonderd het raadslid Dijkhoff, van wien men mij zeide, dat hij ziek was.

Op mijne audiëntie verscheen de pastoor, weer een ”witheer” van de Abdij van Berne (Heeswijk); ik vernam van hem, dat gezegde abdij op negen dorpjes de parochies bezet. Veel nieuws hoorde ik verder niet van hem.

Daarna kwam Van Teeffelen, het oud-lid der Provinciale Staten, ontvanger van Lithoijen, voorzitter van het waterschap “het Hoog Hemaal”. Hij vertelde mij, dat hij zijn invloed had aangewend bij de leden van den gemeenteraad, om ongunstig te adviseren op het voorstel, om de jaarwedden van burgemeester en secretaris te verhoogen krachtens de wet van 1897. G.S. stoorden zich niet aan dat ongunstige advies en verhoogden de jaarwedden toch.

Ik zat vervolgens met de leden van den gemeenteraad over alles en nog wat te praten. Voor zooverre zij zich uitspraken, waren zij allen van oordeel, dat veldwachter Verhagen goed zijn plicht deed; als ik hun advies zou volgen, dan zou ik Verhagen niet moeten ontslaan.

Zij schenen niet genegen, om, bij ontslag van Verhagen, dezen eenigszins tegemoet te komen, door hem bijv. gemeentebode te maken, of door hem bijv. een klein pensioen toe te leggen. Zij vreesden, dat zij op die wijze de gemeentebegrooting zouden bezwaren, en dat zij zulks niet mochten doen, omdat de gemeentefinanciën dergelijke uitgaven niet toelieten.

Ook met Van Teeffelen had ik over het lot van den veldwachter, na diens eventueel ontslag, gesproken; het kwam mij voor, dat hij er wel ooren naar had, dat de veldwachter een klein pensioen van bijv. honderd gulden uit de gemeentekas zou krijgen. Het was opvallend, zoo beleefd als het volk was; zooals een ieder uitliep toen ik passeerde, zoo beleefd en eerbiedig als ieder groette.

Het raadhuis te LithoijenHet raadhuis te Lithoijen

Administratie van den ontvanger. De rechten wegens verrichtingen van den ambtenaar van den burgerlijken stand over 1898 waren nog niet verantwoord. Evenmin pensioenbijdrage over het eerste halfjaar, van de onderwijzers. Deze worden na het einde des jaars ingehouden. Vergunningsrecht was door één kastelein eerst in Mei betaald.

Administratie ter secretarie. De notulen van B. en W. worden niet geregeld gehouden. Niet alle volgens de wet gevorderde schutterijregisters waren aanwezig. De inkwartieringslijsten worden niet geregeld herzien. Verhuizingen binnen de gemeente worden niet in de bevolkingsregisters bijgewerkt, terwijl er bij het register ook geen huizenklapper is, waarin dat geschiedt. Duplicaatgetuigschriften van woonplaatsverandering worden soms teruggezonden als berichten van vestiging.

Den 17 Juni 1902 kwam ik weer in de gemeente. Ik reed van ’s Bosch over Nuland naar Oss, waar ik ontbeet bij De Bruijn; vandaar naar Lithoijen, naar Lith, en terug naar Oss, alwaar ik den trein nam naar Den Bosch. Op mijne audientie verscheen Van Teeffelen, de voorzitter van het Hoog Hemaal. Uit correspondentie van zijn waterschap met den polder Van der Eigen bewees bij mij, dat Hoog Hemaal niet onwillig was geweest om bij te dragen in de kosten van verlegging van den Achterdijk om op die wijze te kunnen komen tot verbreeding van de Hertogswetering, maar dat de Polder van der Eigen de grondslagen van zijn voorstel geheel had veranderd, toen uit de plannen van den opzichter Groen bleek, dat de Ingenieur Van Heurn zich met de oorspronkelijke plannen misrekend had.

Zouden, volgens het oorspronkelijk voorstel (in 1880) van den polder v.d. Eigen, Hoog Hemaal betalen het verschil tusschen de kosten van het verhoogen, en die van het verleggen van den Achterdijk (± f. 21.000), in 1886 wilde v.d. Eigen, dat Hooghemaal den Achterdijk zou verleggen, terwijl v.d. Eigen daarin eene subsidie zou geven van ± f. 24.000. Behalve dat Hoog Hemaal het werk zou moeten uitvoeren in plaats van v.d. Eigen, zou deze regeling volgens het bestek van den opzichter Groen, aan het Hoog Hemaal ± f. 20.000 meer gekost hebben, dan volgens de oorspronkelijke plannen Van Heurn.

Nog ééne grief had v. Teeffelen tegen den polder v.d. Eigen: omstreeks 1882 stichtte die polder, gezamenlijk met den polder van Empel en Meerwijk een stoomgemaal, daardoor verbeterde de waterstaatstoestand van de gronden in die waterschappen gelegen; ze werden bezwaard met rente en aflossing van de schuld, voor het stoomgemaal gemaakt (± 4 ton); maar ze worden dientengevolge veel lager aangeslagen in de kohieren van het Groot Waterschap. Terwijl Hoog Hemaal f. 1,- per H.A. betaalt moest v.d. Eigen zeker f. 1,50 per H.A. betalen; dank het stoomgemaal wordt er echter slechts f. 0,60 van het Groot Waterschap geheven. Het gevolg daarvan is, dat de overige gronden in het Groot Waterschap gezamenlijk betalen, wat de Polder v.d. Eigen te weinig betaalt.

Bij verkiezingen wordt er vaak hevig gestreden; met bier of jenever schijnt er echter niet te worden gewerkt. Vroeger wel last van nachtelijke strooperijen; in den laatsten tijd veel minder, vermoedelijk doordat de marechaussee in Oss aanzienlijk versterkt zijn.

Dr. Jacob Wiegersma tijdens zijn 40-jaar jubileum, 1929 (Het Zuiden, BHIC)Dr. Jacob Wiegersma tijdens zijn 40-jaar jubileum, 1929 (Het Zuiden, BHIC)

De gemeente heeft nogal eenige bezittingen, jaarlijks publiek verpacht, door Notaris Frijlinck te Lith, het hooiland om ééns te hooien en daarna te beweiden, het weiland om in te scharen. Voor de wegen wordt Maasgrint gebruikt; kost van f. 1,90 tot f. 2,05 de M3 vrij op de wal, op de wal gemeten; komt van 3 uur boven Venray. Kost nog f. 0,40 van oprijden op de wegen. Voor voetpaden wordt maaszand gebruikt, ad f. 0,50 de M3, eveneens op de wal gemeten.

Men hoopt op de opening van den Maasmond, dan kan (moet) uit de drie ton de Hertogswetering verbreed worden. V. Teeffelen dacht, dat er ± f. 80.000 voor noodig zijn zou. Gemeentedoctor voor Lith, Lithoijen en Alem is Dr. Wiegersma; van armbesturen en gemeentebesturen samen zal hij f. 2.000,- vast inkomen hebben. Men roemt hem zeer.

Ik deed een beroep op Van Teeffelen, dat hij toch den burgemeester zou steunen. V. T. antwoordde, dat hij zulks niet kon doen; daar was Van Heeswijk de man niet na. Hij had tegen den burgemeester zeer vele grieven; hem tegenwerken wilde hij niet; maar hem steunen, neen, dat kon hij niet!

Den 7den April 1906 kwam ik weer in Lithoijen; ik reed er vanuit Oss heen; bezocht vervolgens Lith; en keerde toen per rijtuig naar Oss terug, alwaar ik den trein naar Den Bosch nam. Ik verleende audientie aan H. Bekkers, die onderstand kwam vragen omdat zijn zoon in dienst was; de burgemeester had hem niet geholpen. Daarna ontving ik den Voorzitter van het Waterschap het Hoog Hemaal, den heer J.M. van Erp; ik liet me door hem uitleggen welke werken zullen gemaakt worden door het Groot Waterschap uit de drie ton welke daarvoor beschikbaar zijn: de Blauwe Sluis te Gewande krijgt meer doorlaatvermogen, doordat er een duiker van ruime diameter naast gelegd zal worden; die duiker komt tevens dieper te liggen dan de slagdrempel van de Blauwe Sluis.

De Hertogswetering zal zeer belangrijk verbreed worden; van de Blauwe Sluis tot de Kesselsche hut wordt de bodembreedte gebracht op 15 M; van daar tot de Lithoijense hut 12 M; van daar tot het einde van de Hertogswetering bij het “gat van den dam” 9 Meter. Om de Hooigraaf in verbinding te brengen met de Hertogswetering zal bij het “gat van den dam” een groote duiker worden gebouwd. Ook de Hooigraaf wordt in orde gebracht: bij het “gat van den dam” krijgt zij een bodembreedte van 4,5 M. welke bodembreedte langzamerhand smaller wordt, en aan de Meerkade nog 3 Meter bedraagt.

Megen, Haren, Macharen lossen hun water langs de Teeffelsche Wetering door de Teeffelsche sluis op de Maas; die watergang wordt ook verbeterd en in orde gebracht. Opdat men ook daar het water zal kunnen kwijt raken, zelfs dan, wanneer men om den hoogen waterstand op de Maas niet door de Teeffelsche sluis kan lossen, wordt er in de Meerkade een duiker gelegd, waardoor men het water uit de Teeffelsche wetering op de Hooigraaf zal kunnen brengen.

Opdat ook de polder ’s Lands van Ravenstein zijn water zal kunnen lossen, wanneer de Maas te hoog is om daarop te loozen, wordt er in den Groenendijk een duiker gemaakt, waardoor het water, indien noodig, kan gebracht worden op de Teeffelsche wetering. Dit alles betreft de Noordzijde van de Hertogswetering.

Voor wat de Zuidzijde van de Hertogswetering betreft voor de daar gelegen gronden zullen de volgende werken gemaakt worden: de Kleine polder “het Erdveld” zal vermoedelijk een inlaatsluisje bouwen; de polders Empel en Meerwijk, en Van der Eijgen zullen gezamenlijk te Gewande eene irrigatiesluis bouwen; de dijk tusschen de Hertogswetering en de polders Empel en Meerwijk en v.d. Eijgen wordt achterwaarts verlegd, teneinde ruimte te krijgen om de Hertogswetering te verbreeden.

Volgens den wensch van de betrokken polderbesturen krijgt die dijk aan de binnenzijde een zeer flauw beloop, nl. 6 op 1; omdat de verbreeding van de Hertogswetering en de verlegging van dien dijk voor rekening van den polder “het Hoog Hemaal” zal geschieden, zal v.d. Eygen aan het Hoog Hemaal f. 5.000 betalen, voor de extra verzwaring van zijn dijk (6 op 1) door het Hoog Hemaal. Ten behoeve van den polder van het Laag Hemaal zullen uit die drie ton geene extra werken gemaakt worden. De bovengenoemde werken zijn geraamd op f. 377.000.

Van de drie ton is nog ± f. 280.000 beschikbaar, omdat de Peeldam daaruit reeds werd bekostigd. Het ontbrekende zal pondspondsgewijze over de betrokken polder en waterschappen worden omgeslagen, Door de verlegging van den Maasmond is de waterstand aan de Blauwe Sluis met ± 70 C.M. verlaagd. Tot zoover de mededeelingen van den voorzitter van het Hoog Hemaal.

De Hertogswetering, 1976 (Foto Paul van der Werff, Collectie Stadsarchief Oss)De Hertogswetering, 1976 (Foto Paul van der Werff, Collectie Stadsarchief Oss)

Den 15 April 1910 kwam ik weer in Lithoijen. Van het station Oss reed ik er heen; ik bezocht daarna Lith en Alem, en liet mij vandaar weer terugbrengen naar Oss, waar ik den trein naar Den Bosch nam. De voorzitter van het Hoog Hemaal, J.M. van Erp, is thans wethouder van Lithoijen; de verschillende bijzondere werken door het Groot Waterschap tot stand te brengen, zijn thans in hoofdzaak gereed. Dit jaar moet de verbetering van de Hooigraaf en van de Teeffelsche Wetering nog worden ter hand genomen. Is de Hooigraaf gereed, dan zijn de bovendorpen van waterlast bevrijd, want ook in den Hamerspoelschendam kwam de sluis gereed. De verschillende werken, die werden uitgevoerd om deze geheele streek van waterlast te bevrijden, zijn dus de volgende:

    1. Ten Noorden van de Hertogswetering
      Een duiker met 6 kokers naast de Blauwe Sluis te Gewande.
      Verbreeding van de Hertogswetering:
      - van de Blauwe sluis tot de Kesselsche hut tot 15 M. bodembreedte
      - van de Kesselsche hut tot de Lithoijensche hut tot 12 M. bodembreedte
      - van de Lithoijensche hut tot het gat van den Dam tot 9 M. bodembreedte.
      Groote duiker bij het gat van den Dam; daardoor wordt de Hooigraaf in verbinding gebracht met – en lost op de Hertogswetering.
      Verbetering van de Hooigraaf van 4 ½ M. bodembreedte bij gat van den Dam tot 3 M. bodembreedte bij de Meerkade.
      Groote duiker in de Meerkade, om het water van de Teeffelsche wetering op de Hooigraaf te brengen.
      Verbetering van de Teeffelsche wetering.
      Groote duiker in den Groenen dijk, om het water van de Groote Wetering op de Teeffelsche wetering te kunnen brengen.
      Duiker in den Hamerspoelschendam, om het water uit het bovenland van Ravenstein op de Groote Wetering te kunnen brengen.
      De Peeldam.

    2. Ten Zuiden van de Hertogswetering.
      Irrigatiesluis te Gewande voor de polders Empel en Meerwijk en van der Eijgen.
      Verlegging van den Achterdijk, om de Hertogswetering te kunnen verbreeden.
      Zoowel de dijk ten Noorden, als die ten Zuiden van de Hertogswetering heet “Achterdijk”; ik weet niet, welke van de twee verlegd werd, maar meen, dat het die van den polder Van der Eijgen was.

Als nu alle bijzondere werken klaar zijn, hoopt Van Erp, dat de Beerse Maas dan zal gesloten worden; hij zou dan gaarne een groote irrigatiesluis zien bouwen in dien bovenmond der Maas, en die stellen onder beheer van het bestuur van het nieuw op te richten waterschap “de Hertogswetering”, dan kreeg men het water geheel in de macht; kon men zooveel water inlaten als men wilde, het zoo lang vast houden als men wilde; en het weer laten wegvloeien als men wilde.

Volgens Van Erp moeten er eigenlijk twee irrigatiesluizen gebouw worden in den Maas bandijk, een te Lithoijen en een hooger op voor het Land van Ravenstein. Liever dan die twee kleine sluizen te bouwen zag hij liever ééne groote sluis in den bovenmond van de Beerse Maas tot stand komen, en den bovenmond dan tevens sluiten.

In verband met den abnormaal hoogen waterstand gedurende den afgeloopen winter, waardoor winterkoren enz. verloren ging en schade geleden werd, vroeg gemeentebestuur hulp aan de Watersnoodscommissie te Amsterdam.

Waterlast door de Beerse Maas (Collectie Abdij van Berne)Waterlast door de Beerse Maas (Collectie Abdij van Berne)

Ik vroeg de Heeren, wat er toen wel gebeurd was, dat naar hun oordeel het verleenen van dien steun kon wettigen, want, doch, zoolang de Beerse Maas er zou zijn, men van tijd tot tijd kans had op hooge waterstanden; er waren echter geen dijkbreuken gevallen; er waren geen stormvloeden geweest, er waren geen huizen ingestort, er was niets bijzonders gebeurd; er was vooral schade aan bouwland, maar dat had men weiland moeten laten; het scheuren van het weiland was uit den aard de zaak voor de menschen een groote risico, die zij zeker moesten dragen.

Van Erp antwoordde mij daarop dat de verschillende afgevaardigden in Den Bosch zoo lang gevochten hadden over de bijzondere werken; dat daardoor die werken, met name de sluiting van den Beersen Maas, nog geen feit waren geworden; en dat dientengevolge de arme tobbers langs de Maas thans de dupe van de historie waren. Eenigen anderen grond wist men hier niet aan te geven. Burgemeester Van Heeswijk geeft den indruk, dat hij slaapt, wethouder Liefkens deed den mond niet open. Er is geen staat van exploitatie van gemeentelijke bezittingen; burgemeester zal zorgen, dat er eene komt.

Den 22 Juni 1915 kwam ik weer in Lithoijen; tevoren had ik Nuland bezocht. Wethouder Van Erp is overleden; als Voorzitter van het Hoog Hemaal werd hij vervangen door Van Oss uit Lith; als wethouder van Lithoijen door Govers, een ongehuwde boer, die met de administratie van vastgoed nogal wat geld schijnt te verdienen. Wethouder Liefkens is 85 jr. oud; hij zweeg in 7 talen.

Men is zeer dankbaar voor de Maasmondwerken; zij zijn van groot nut. Men zou wenschen, dat de bovenmond van de Beerse Maas nog wat werd opgehoogd; 40 à 50 C.M.; wanneer men dat kon gedaan krijgen, dan had men niets meer te wenschen. Van bouwland maakt men weer weiland; er is veel vee; eigenlijk te veel. Om het hooiland wordt gevochten; het is haast niet te betalen.

Het water, dat ’s winters komt, hindert niet, als het maar koud is; ook niet aan het bouwland, zelfs als het koren een maand onder water staat; maar als er in het voorjaar water komt, als het betrekkelijk warm is, dan is datzelfde koren in een pr. dagen weg! In 1914 gingen 1.000 H.A. aardappels naar Duitschland; aan zwarte bessen werd voor f. 4.000 afgeleverd.

Ter audientie vroegen een drietal menschen mijne bemiddeling om eene vergoeding te krijgen voor hunne kostwinners, die gemobiliseerd zijn; bij den burgemeester sterk aangedrongen hunne wenschen ernstig te onderzoeken, en zoo mogelijk in te willigen; het duurt zoo lang!

Menschen wonen meestal op hun eigen, uitwonende eigenaren zijn o.a. v. Tienhoven (Arnhem) 60 H.A.; Vos (Heesch) 25 H.A.; Frijlinck 15 H.A.; A.J.A. van Lanschot 10 H.A.; Eduard van de Mortel 11 H.A.; Margraff 8 H.A.; Pape 6 H.A. (Govers administrateur); alles losland.

De welvaart in Lithoijen is redelijk; 20 menschen trekken volgens de rentenwet; daardoor is de zorg van het armbestuur zeer verlicht. Industrie te Oss gaat goed; daardoor geen last meer van diefstallen en nachtelijke strooptochten. Dat er een rijksveldwachter geplaatst werd in Lith heeft ook veel geholpen.

Den 14 Juli 1919 bezocht ik per auto vanuit Den Bosch de gemeenten Lith, Lithoijen en Nistelrode. Ook hier wordt er sterk naar verlangd, dat de wintersluiting van de Beerse Maas te Grave op 10,80 +N.A.P. gebracht wordt. Er wordt geen bouwland meer in weiland omgelegd; het beetje bouwland, dat er nog is, moet noodzakelijk tot eigen gerief van de menschen blijven. Men ziet hier de toekomst van de boeren donker in; ze hebben veel geld verdiend; maar als ze nu met Kerstmis moeten betalen, zullen ze eene slechte rekening blijken gemaakt te hebben.

Stier, 1909 (Collectie Ton Cruijsen)Stier, 1909 (Collectie Ton Cruijsen)

Om eene koe te weiden van 1 Mei tot 1 November moet f. 250 tot f. 260 betaald; de boter liep terug van f. 4,20 tot f. 2,80 de K.G.; de melk van f. 0,15 tot f. 0,10. Bovendien heerscht het mond- en klauwzeer in hevige mate. Van de waarde van het vee is op het moment 1/3 af.

Ook hier zijn te weinig woningen. Mensschen die willen trouwen, moeten wachten totdat er eens eene woning open komt. Wethouder Liefkens werd uit den Raad gewerkt; blijkbaar zeer tegen zijn zin. Voor een stier van Hollandsch ras (zwartbont) werd gaarne f. 1.000 betaald; gemeente subsidieert met f. 150. Lithoijen heeft geen hoofdelijken omslag niettegenstaande de distributie; ± 18 H.A. bouw, wei- en hooiland bracht in 1918 f. 7.206 op.

Den 25 April 1923 bezocht ik Lithoijen, Lith en Geffen. Van Wethouder Ploegmakers kreeg ik een bijzonder goeden indruk. Ment hem onderhield ik mij twee uur lang; wethouder Ottings deed zijn mond niet open; de burgemeester zeide niet veel. Geen woninggebrek: er staan een pr. woningen ledig. Alle raadsleden werden herkozen.

Foto ter gelegenheid van het afscheid van Burgemeester van Heeswijk (vierde van links, zittend), met de gemeenteraad en gemeentepersoneel, 1936 (Het Zuiden, BHIC)Foto ter gelegenheid van het afscheid van Burgemeester van Heeswijk (vierde van links, zittend), met de gemeenteraad en gemeentepersoneel, 1936 (Het Zuiden, BHIC)

De onderwijswet 1920 ruineert de gemeente; voor schoolbouw f. 30.000 geleend. Distributie kostte f. 7.000; secretaris v.d. Schans heeft dat bijzonder goed gedaan, en kreeg deswege eene dankbetuiging van den Raad. De Beerse Maas doet, wanneer de afsluitdijk in den Benedenmond het houdt, aan de gemeente geen kwaad meer. Geen elektriciteit durven nemen; het was te duur!

Geene bijzondere werkeloosheid. Loonen f. 2. Vroeger ging een groote ploeg werkvolk in de Peel werken; thans niet meer. Naar het schijnt, is daar geen voldoende werk meer. Veel genot van drie autobussen: een naar Oss, een langs Lith enz. over den dijk naar Den Bosch, en een van Maren over Lith, Lithoijen en Oss naar Den Bosch. In de goede jaren hebben de boeren in Lithoijen geen goede zaken gemaakt: de landhuren – voor wei- en hooiland – waren veel te hoog. De menschen zijn op het moment minder welvarend, dan toen die zoogenaamd goede jaren begonnen.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:
Doe mee en vertel jouw verhaal!