i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Waalwijk
Tags:

en maakt ook deel uit van:

Atlas: Brabant door de ogen van de Commissaris van de Koningin

De Commissaris van de Koningin over Waalwijk

vertelde op 2 april 2009 om 14:10 uur

Tussen 1894 en 1928 was Mr. A.E.J. baron Van Voorst tot Voorst Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant. Een van zijn taken was het regelmatig bezoeken van alle gemeenten in de provincie. Van die werkbezoeken hield hij nauwkeurig verslag bij. Dit had hij in al die jaren over Waalwijk te melden:

Nieuwsgierig naar zijn handgeschreven tekst? Lees die dan hier.

Waalwijk

Den 7den Augustus 1896 bezocht ik de gemeente Waalwijk. Omstreeks half een kwam ik aldaar aan het gemeentehuis, en vond ik daar den burgemeester (Jhr. Van Grotenhuis) met diens beide wethouders (Hoffmans en Timmermans) en den secretaris, Van Liempt.

De burgemeester heette mij vóór het raadhuis welkom en geleidde mij naar de Raadszaal. Daar kreeg ik eerst eene aubade van een liedertafel; de heeren zongen wel goed, maar de ruimte was wat klein.

Vervolgens gaf ik audiëntie; achtereenvolgens verschenen de leden van den gemeenteraad, de Katholieke geestelijkheid, de kapitein kommandant der dienstdoende schutterij met drie luitenants, eenige leden van de Kamer van Koophandel, de voorzitter en een lid van het bestuur van den buitenpolder van Waalwijk en Besoijen, Bink, lid der Provinciale Staten en notaris te Waalwijk, Fluit, directeur van het post- en telegraafkantoor, en een paar arme menschen.

Het onderwerp van schier alle gesprekken was de verbetering van de Waalwijksche haven; daarvoor bestaan drie plannen, die door den provincialen ingenieur Van Wamel moeten worden uitgewerkt; een dier plannen is de haven te verbreeden en te verdiepen tot de diepte van het Zuiderafwateringskanaal, dan blijft het een open haven. Een ander is, om aan het eind van de haven een schutsluis te maken; men hoopt n.l. een waterweg te krijgen tot Tilburg, en al het vervoer te water tusschen Tilburg en het groote water langs Waalwijk te leiden.

Verder werd veel gesproken over de in aanbouw zijnde tram, en over de verdere concessie-aanvragen. In Waalwijk mag geen stoomtram rijden, wel een paardentram. Dat zulks voor aansluitingen een groot beletsel is, behoeft geen betoog.

De looiers te Waalwijk, zoowel als de schoenfabrikanten klagen steen en been, en roepen om protectie. De schoenmakers klagen over gedwongen winkelnering, en naar het schijnt niet ten onrechte. Ten gevolge van de hevige concurrentie zijn er schoenfabrikanten, die hun product tegen den kostende prijs weer afzetten; zij dwingen echter hun werkvolk, om in hunne winkels te koopen, en verdienen dan op ieder werkman volgens berekening ongeveer f. 1 in de week; zoodat een schoenfabrikant, die met zestig knechts werkt, op die wijze wekelijks f. 60 verdient. Tegen deze manier van schoenfabrikant zijn is natuurlijk concurrentie onmogelijk; het gevolg daarvan is, dat schier alle fabrikanten tevens winkels hebben, en daarin op ergerlijke wijze van hunne positie tegenover hun werkvolk misbruik maken; zoo werd mij o.a. medegedeeld, dat rijst van 6 à 7 cent verkocht werd voor 12 cent.

Des ochtends had ik, terwijl ik de woning van den burgemeester passeerde, van diens dochtertje een fraaien bloemruiker gekregen; later ging ik met de wethouders en met Klasens bij den burgemeester ontbijten; Mevrouw Van Grotenhuis had van haren lunch zeer veel werk gemaakt. Toen de burgemeester mijne gezondheid dronk, stokte diens stem! Na den lunch werd er weer een stoet gevormd; muziek voor, muziek achter; en zoo reed ik van Waalwijk naar Baardwijk.

De administratie van den secretaris en die van den ontvanger gaven aanleiding tot het maken van vele, (waaronder sommige ernstige) aanmerkingen. Deze werden schriftelijk aan B. en W. medegedeeld. Zie aantekeningen onder ‘Besoijen’ over medewerking gemeentebestuur van Waalwijk bij aanleg en onderhoud van wegen.

Waalwijk, Groeten uit Waalwijk met links het postkantoor'Groete uit Waalwijk' met links het postkantoor (bron: SALHA)

 

Den 2den November 1901 kwam ik weer in de gemeente; omdat de rijtuigverhuurder mij kort te voren bij een rit van Waspik over Waalwijk naar Vrijhoeve Capelle, en vandaar naar het station te Waalwijk erg had afgezet (hij berekende daarvoor behalve de fooi f. 13) ging ik te voet van het station naar het raadhuis, en later weer op dezelfde manier terug. Op het raadhuis vond ik den burgemeester met de wethouders Timmermans en Gragtmans.

Ik vernam van hen, dat de waterleiding, van welke de Maatschappij ‘de Langstraat’ (directeuren Smit en Visser; commissaris te Waalwijk J. van Iersel) concessie heeft, bijna gereed is, en vermoedelijk tegen December in exploitatie zal komen. De gemeente krijgt 43 brandkranen op onderlingen afstand van 55 tot 72 meter. In geval van brand heeft de gemeente het vrij gebruik van de waterleiding, en betaalt daarvoor per half uur f. 5. De geheele aanlegkosten (ook Besoijen en Baardwijk zijn aan de waterleiding verbonden) bedragen f. 82.000.

De verbreeding van den Waalwijkschen haven is juist tot stand gebracht; de bodembreedte werd met zes meter vermeerderd. De verharde weg van Waalwijk naar het veer te Drongelen ligt op den ‘Zomerdijk’, den dijk aan de westzijde van den Waalwijkschen haven. Hoewel die weg onder Besoijen ligt, wordt hij door de gemeente Waalwijk onderhouden.

Mgr. v.d. Ven heeft pas eene tweede parochiekerk opgericht, aan de andere zijde van de spoorlijn. De bestaande parochiekerk gaf daarvoor f. 30.000. Kapelaan Kuijpers te Waalwijk wordt eenige jaren vóórdat hij aan de beurt is, pastoor, en belast met de oprichting van de parochie. Op de gemeentebegrooting van 1902 is een post van f. 2.500 uitgetrokken ten behoeve van de stichting dier parochie. Men was zeer benieuwd, of G.S. die uitgave zouden goedkeuren, omdat de vierhonderd Protestanten en honderd Israelieten van Waalwijk er hevig tegen agiteerden.

Er zijn in Waalwijk twee doctoren, de Heeren Sweens en Van Gilse. Dr. Sweens is armendoctor; men is zeer over hem tevreden. Waalwijk krijgt van mr. Van Cooth plusminus f. 90.000. Volgens het testament moet 70% van de revenuen besteed worden aan jaarwedden van onderwijzers; men was het er nog niet over eens, hoe men dat legaat het meest ten algemeenen nutte zou aanwenden. Men dacht aan herhalingsonderwijs met een zeer uitgebreid programma, waaraan dan eene klasse voor boekhouden zou worden verbonden.

Waalwijk, Grotestraat 134. Personeel van leerlooierij Gragtmans & Wiesman, 1907Personeel van leerlooierij Gragtmans & Wiesman, 1907 (bron: SALHA)

Ik vernam van den wethouder Gragtmans, dat hij eene stoomleerlooierij had; dat de oprichting van stoomleerlooierijen noodzakelijk was geworden, om te kunnen concurreeren tegen den Duitschen invoer van huiden. Het was wel jammer, omdat daardoor alle gewone leerlooierijen ten ondergang gedoemd werden, maar het kan nu eenmaal niet anders. Er is volgens Gragtmans nog plaats voor meerdere stoomleerlooierijen, want er komt nog veel buitenlandsch leder hier binnen; de binnenlandsche markt vraagt meer leder dan de binnenlandsche looierijen kunnen verschaffen. Onze looierijen kunnen niet met Duitschland concurreeren, omdat Duitschland bij invoer van hier 30% van de waarde heft.

Volgens B. en W. zijn tegenwoordig de schoenmakers te Waalwijk van betere conditie dan die te Kaatsheuvel en Sprang, omdat daar de gedwongen winkelnering nog zeer veel voorkomt, terwijl die te Waalwijk ongeveer heeft opgehouden te bestaan. Vandaar veel trek om werk van Kaatsheuvel en Sprang naar Waalwijk. Het volk te Waalwijk is goed van natuur; de menschen zijn vroolijk en opgewonden van aard, en niet al te eerlijk. Socialisten zijn er niet.

Op mijne audiëntie verscheen een blinde man, Van Eeten; die vroeg om onderstand.

Ook hier raadde ik aan B. en W. om zich met andere gemeenten te verstaan om een technisch adviseur voor de gasfabriek te verkrijgen. Ik wandelde met B. en W. naar den Waalwijkschen haven, waar men mij toonde, wat er tot stand was gebracht; daarna wandelden we over den dijk achter om Waalwijk, en wees men mij, waar men den tram wilde hebben; de burgemeester wees op de onoverkomelijke bezwaren voor den tram; de wethouder Timmermans beweerde, dat hij die vandaag voor het eerst hoorde. Door den tuin van de marechausseekazerne kwamen we van den dijk weer op de straat; B. en W. deden mij toen uitgeleide naar den trein.

Den 29 April 1905 kwam ik weer in Waalwijk. Ik logeerde bij Verwiel, wandelde vandaar naar het Raadhuis; keerde toen bij Verwiel terug om daar te ontbijten, en om vandaar naar het station te gaan om naar Den Bosch terug te keeren. Ik verleende audiëntie aan Winters, directeur Posterijen en Telegrafie, die zijn opwachting kwam maken; aan dominee Meindersma, herder van eene kudde van driehonderd zielen. Meindersma (liberaal, studeerde in Leiden) is sinds negen jaar in bediening; eerst in Drente, toen in Friesland, en nu sinds enkele maanden in Waalwijk. Hij prees zeer de verdraagzaamheid van de bevolking.

Eindelijk verscheen nog het Statenlid Timmermans, tevens voorzitter van de Kamer van Koophandel; hij kwam om het adres van de K.v.K. om een brug te krijgen aan het Drongelensche veer te steunen; ik heb hem gezegd, dat het jammer was, dat de argumenten van de K.v.K. niet allen steekhoudend waren, en dat men daardoor aan de zaak meer kwaad dan goed had gedaan; maar dat het bij onderzoek was gebleken, dat er werkelijk niet ongegronde klachten waren, en dat daarom G.S. het adres in zooverre konden steunen, dat ze ook hunnerzijds op het wegnemen van rechtmatige grieven bij de Hooge Regeering konden aandringen. Maar dat hij zich niet moest voorstellen, dat de wensch, om eene vaste brug, of ook maar eene schipbrug te verkrijgen, vervuld kon worden. Timmermans begreep dat zeer goed; hij had echter het meerdere gevraagd, om het mindere (verbetering in de communicatie) te verkrijgen.

B. en W. weten niet, hoe het staat met de procedure der verschillende gemeenten tegen notaris Rits, in zake het legaat Van Cooth. Oud archief heeft Waalwijk niet; bij een brand in 1824 is alles verbrand. De gemeente heeft nogal veel schuld; de belastingdruk wordt steeds zwaarder o.a. f. 8.000 hoofd. omslag (bevolking 5.000 zielen); het is te voorzien, dat de toestand op den duur nog verergeren zal.

Waalwijk, Beeld van de St. Antoniusstraat te Waalwijk met rijen bomenSt. Antoniusstraat (bron: SALHA)

 

Men hoopt, dat, als het kanaal ’s-Hertogenbosch-Drongelen gegraven wordt, er een sluisje zal kunnen gebouwd worden in den Liniedijk, en dat daarmede dan verbetering kan gebracht worden in den toestand van den ‘Loint’, de sloot, waarlangs al het vuil van Besoijen en Waalwijk moet worden afgevoerd. Men zou dan uit het kanaal door die sluis water moeten trekken, om de Loint door te spoelen. Den Heeren geraden, steun voor de vervulling hunner wenschen te vragen bij de ambtenaren van den Rijks-Waterstaat.

Gemeente betaalt jaarlijks ruim f. 160 aan Zusters Liefdehuis; heeft daarvoor het recht, om lijders aan besmettelijke ziekten in liefdehuis te doen verplegen. Door het verplaatsen van de marechausseekazerne naar Besoijen was gemeente verplicht twee agenten van politie meer aan te stellen. Legaat Van Cooth wordt besteed voor onderwijs, vooral onderwijs in teekenen; herhalingsonderwijs werd uitstekend ingericht; daarvoor is veel liefhebberij.

Gedwongen winkelnering komt nog sporadisch voor bij enkele thuis werkende schoenmakers; voor de schoenfabrieken is het afgeschaft; voor de leerlooiersknechts heeft het nooit bestaan. De Waalwijksche markt gaat hard achteruit; door premies (in 1995 f. 300) tracht men haar kwijnend bestaan te rekken. Er komen steeds meer schoenfabrieken; ze kunnen niet bestaan; ze concurreeren te scherp tegen elkaar; daardoor gaan de fabrieken te gronde, daardoor, en niet door de concurrentie met het buitenland.

De schoenmakers die op de fabrieken werken moeten beginnen als handwerkers hun vak te leeren; daarom zal het handwerk steeds blijven bestaan; de fabrieken kunnen wel mooie (fijne) schoenen maken; maar die komen duurder dan de handwerkschoenen; ook om die reden zal het handwerk blijven bestaan.

Den 31 Maart 1909 kwam ik weer in Waalwijk. Ik was tevoren in Vrijhoeve Capelle geweest; te Waalwijk nam ik later weer den trein naar ’s-Hertogenbosch. Ik verleende audiëntie aan den Heer Winters, directeur van post- en telegraafkantoor, aan Houben, ontvanger en Jhr von Bulow, inspecteur der directe belastingen, aan de Heeren Zeegers en Timmermans, leden der provinciale staten, en aan een armen man.

Volgens B. en W. moet het groote aantal levenloos aangegeven kinderen worden toegeschreven aan den arbeid der moeders op de fabrieken of als thuiswerksters: die vrouwen zijn nl. meestal stiksters; dat den geheelen dag voorover moeten zitten werken zou een slechten invloed hebben voor de zwangere vrouwen. De levensverzekering der kinderen zou hier van geen invloed zijn; alleen voor voldragen levenloos aangegeven kinderen wordt volgens de polis de uitkeering gedaan.

B. en W. hopen een vakschool voor leerlooiers en schoenmakers te krijgen; volgens hen staat het in Den Haag vast, dat de vakschool te Waalwijk komt, maar zou er vooralsnog geen geld voor disponibel zijn; de inspecteur De Groot en de refrendaris mr. Freith waren beslist voor Waalwijk. Gedwongen winkelnering komt volgens B. en W. in Waalwijk niet voor. De waterleiding gaat nog niet best; over het laatste boekjaar kon slechts 2% dividend uitgekeerd worden.

Waalwijk, Beeld van de Haven van Waalwijk met enkele schepenDe Haven van Waalwijk (bron: SALHA)

Voorloopig komt er nog geen sluisje in den Liniedijk, om vanuit het kanaal ’s-Hertogenbosch-Drongelen het water in de Loint te ververschen; men vreest nl. dat het niveau van het kanaal lager zal liggen dan de Loint, zoodat er dan geen water uit het kanaal op de Loint zou kunnen gebracht worden; als het kanaal klaar is, zal eerst met juistheid kunnen blijken, of die vrees gegrond is.

De opbrengst van de Waalwijksche haven zal veel verminderen, omdat de graanhandelaar Bruyelle uit Tilburg, die jaarlijks 5 à 6 millioen kilo langs dezen waterweg aangevoerd kreeg, zijne zaak naar Den Bosch verplaatst; dat is ook een groot nadeel voor de tram, die aan het vervoer van de Waalwijksche haven naar Tilburg jaarlijks f. 5.000 verdiende.

Men is er thans mede verzoend, dat de stoomtram door de gemeente loopt, en zou die nu niet gaarne meer missen. Wel klaagt men, dat rook en stoom niet voldoende worden ingehouden, en dat er maar zelden een jongen met een roode vlag voor de locomotief loopt, omdat de tram dikwijls te hard rijdt.

De eertijds zoo beroemde en voor Waalwijk zoo voordeelige markten blijven sterk achteruitgaan; de markten verplaatsen zich naar Rotterdam en naar Den Bosch. De gasfabriek gaat goed en leverde in 1908 eene bate op van plusminus f. 8.000; men heeft juist een contract met Besoijen gesloten, om ook Besoijen aan gaslicht te helpen; de uitbreiding, welke dientengevolge de gasfabriek moet ondergaan zal plusminus f. 25.000 kosten.

Den 26 April 1912 kwam ik weer in Waalwijk; ik bezocht denzelfden dag nog Sprang en Kaatsheuvel; ik deed den tocht vanuit ’s-Hertogenbosch. Ik verleende audiëntie aan Van Gijn, den directeur der Rijksvakschool voor leerlooiers en schoenmakers. Hij is civiel ingenieur, en werkte een jaar of zes op verschillende vakscholen in Engeland, eerst als leerling, later als assistent; de bouw van de vakschool schiet nog slecht op; de wet is van 1909; met den bouw moet nog begonnen; men hoopt het benoodigde bedrag uitgetrokken te zien op de Staatsbegrooting voor 1913. De overige heeren hadden niets bijzonders te vertellen, en kwamen eenvoudig hunne opwachting maken.

Wethouder Timmermans is een zoon van den vorige wethouder Timmermans; hij is zeer onder den indruk van de déconfiture van notaris De Vocht; deze had zijn volle vertrouwen, en laat een tekort na van minstens een ton; vele kleine menschen komen geld te kort; zij brachten hem geld, waarvoor hij 5% betaalde; Timmermans zelf kwam er 15 mille aan te kort; hij dacht niet, dat er iets van terecht kwam. Het schijnt, dat De Vocht gespeculeerd heeft, en dat hij al onder nul was, toen hij van secretaris Van Oirschot benoemd werd tot notaris van Waalwijk.

De oude gemeentesecretaris Van Liempt is gepensioneerd; hij kreeg tweederde van zijn tractement als pensioen, nl. f. 820; in zijn plaats werd een van zijne zoons gemeentesecretaris. De secretarie moet nu wel beter in orde zijn dan onder den ouden Van Liempt.

De gevolgen van de werkstaking bij Van Schijndel doen zich nog sterk gevoelen; de verhouding tusschen patroons en werkvolk blijft ellendig; het volk is vreeselijk verbitterd; vele patroons willen geen georganiseerd werkvolk; ze halen er vreemden in, vooral protestanten; gevolg daarvan weer gemengde huwelijken enz.; het is treurig! De industrie gaat op het moment slecht; daar is geen voldoende afzet. En nog maar steeds door worden er machinale fabrieken opgericht; vooral in Kaatsheuvel. De concurrentie van de fabrikanten onderling wordt daardoor veel te erg. Het gevolg moet zijn, dat zij, die geen eigen kapitaal hebben, den strijd zullen moeten opgeven.

De armen klasse woont nóg slecht, maar toch ongelijk veel beter dan voor eenige jaren; daar wordt voor de verbetering van de volkshuisvesting veel gedaan. Gedwongen winkelnering komt niet meer voor. De Waalwijksche markt blijft achteruitgaan; de veemarkt heeft zich geheel naar Den Bosch verlegd.

De Waterleiding gaat thans goed en geeft een behoorlijk dividend; er kwamen zoovele nieuwe aansluitingen, dat daardoor de aanstelling van een adjunct-directeur noodzakelijk werd. De Waalwijksche haven gaat zeer druk; bij ebbe kan er echter niet gevaren worden; er wordt thans naar middelen gezocht, om daarin verbetering te brengen, bijv. door het bouwen van een schutsluis of door het uitdiepen van den bodem met minstens een meter.

De tram gaat goed; naast de haven van Waalwijk rijdt ze ook op de haven te Heusden; men ziet daarin geen bezwaar. Gasfabriek gaat zeer goed. Men verlangt zeer naar provinciaal subsidie voor handelsschool.

Waalwijk, De stikkerij-afdeling van de Rijksschool voor Leerlooiers en Schoenmakers (later M.V.L.S.) in de Mr. van Coothstraat 55, ca 1914 De stikkerij-afdeling van de Rijksschool voor Leerlooiers en Schoenmakers (later M.V.L.S.), ca 1914 (bron: SALHA)

Den 31 Juli 1917 kwam ik weer in Waalwijk, na tevoren in Kaatsheuvel en Sprang te zijn geweest. De Rijksvakschool voor leerlooiers trekt veel leerlingen. De Middelbare handelsschool is reeds twee jaar in werking. Eene Rijksnormaalschool werd in Waalwijk gevestigd. Over een jaar of tien hoopt men, dat de vruchten van al die onderwijsinrichtingen Waalwijk sterk zullen vooruitbrengen.

Industrie bloeit; werkvolk verdient veel geld; zielental neemt sterk toe; groote woningnood. Gemeente is bezig twintig arbeiders woningen te bouwen. Weekmarkten gaan voortdurend achteruit. Waterleiding verdient thans geregeld een dividend. Gasfabriek kwam onder betere leiding; men kon de hand leggen op een uitstekenden directeur.

Met de haven is het nog misère: De Heer Van Veen uit Breda maakte thans een nieuw plan; men hoopt daarmede de fouten uit het project van Lidt de Jeude te corrigeeren. Nog 20 Belgische vluchtelingen: zorgen grootendeels voor zich zelve. Voortdurend sterke inkwartiering; thans 1.500 man; men is inkwartiering hard moede! Provisorium elektriciteit werkt slecht; dikwijls defect; daardoor veel stoornis in bedrijven van aangeslotenen.

Van Veen, ingenieur te Breda, maakte een plan tegen verontreiniging van openbare wateren door afval van de looierij van Gomperts; het schijnt uitstekend te voldoen; kost f. 600. Kan voor alle fabrieken toegepast. Zal door B. en W. waarschijnlijk voor alle fabrieken krachtens de hinderwet worden voorgeschreven. Distributiebureau werkt druk en goed; staat onder leiding van een Belg.

Den 4 Mei 1921 kwam ik weer in Waalwijk en in Loon op Zand. De vakschool voor leerlooiers en schoenmakers gaat buitengewoon goed en heeft een grooten naam, die verder dan de vaderlandsche grenzen reikt: van de 24 leerlingen van den machinalen schoenmakerscursus zijn 8 buitenlanders. Te Buenos Ayres, te Antwerpen wordt verkocht op analyse Waalwijk! 22 leerlingen volgen den bedrijfsleiderscursus, 14 den vervolgcursus bedrijfsleider, 84 den avondcursus. Er wordt gegeven een cursus voor schoenmakers (tweejarig; moet driejarig worden); een cursus voor leerlooiers (tweejarig); terwijl aan de school bovendien verbonden is een Rijksproefstation en voorlichtingsdienst ten bate van de lederindustrie.

De waterleiding werd voor twee jaar door de gemeente voor duur geld overgenomen; rente en aflossing komen er niet heelemaal uit. De gasfabriek gaf in 1920 een netto winst van f. 17.000. De elektriciteit gaat heel goed. De tram Tilburg-’s-Hertogenbosch heeft een extra subsidie gevraagd; B. en W. vonden geen reden om daarop in te gaan. De markten worden steeds minder; alles gaat naar Den Bosch.

De Waalwijksche haven is slecht in orde; over onderhoudswerken juist een duur proces met den aannemer verloren; gemeente is nu even ver als in 1915. Het verkeer is vrij druk.

De Middelbare Handelsschool verschaft uitstekend onderwijs aan zestig leerlingen; de school is te klein; twintig aspiranten moesten worden afgewezen omdat er geen plaats was. De Rijksnormaalschool schijnt weinig leerlingen te trekken; de docenten – gepensioneerde schoolhoofden – schijnen niet bijzonder te zijn.

Waalwijk, Foto gemaakt op een marktdag in Waalwijk Markt (bron: SALHA)

Er is in Waalwijk groote woningnood; door gemeente werden 151 arbeiderswoningen gesticht, benevens 27 middenstandswoningen. Er komen nog wel honderd woningen te kort. Aanvragen om Rijkssubsidie in de kosten van den bouw van eigen woningen kwamen niet in. De verhouding tusschen patroon en werkman is goed; de verhouding tusschen patroonsbond en organisatie van werknemers (vrijgestelden) laat dikwijls te wenschen over.

B. en W. zijn blijkbaar voor de vereeniging van Waalwijk met Baardwijk en Besoijen. Groote klachten over den jeugdigen burgemeester van Besoijen, die driftig is, geen tegenspraak kan velen, en oorzaak is, dat de goede verstandhouding, die sinds menschengeheugenis tusschen Waalwijk en Besoijen bestaan heeft, zeer veel geleden heeft. Terwijl zijn vader en grootvader, evenals hij burgemeester van Besoijen, steeds alles hebben gedaan, om met Waalwijk in vrede en eendracht te leven, heeft de jonge Verwiel in zeer korten tijd veel goeds afgebroken, dat met veel moeite in lange jaren was opgebouwd. Dat is erg jammer.

Den 10 Juli 1924 kwam ik weer in Waalwijk. Mijn aanvankelijke indruk is, dat burgemeester Moonen daar wel op zijn plaats is. Zijne verhouding tot zijne twee wethouders leek mij goed. Secretaris Van Liempt had aan Robbers erg zijne eloges gemaakt. De woningnood is nóg groot; er zouden nog wel 200 woningen te kort komen. Er zijn er op het moment nog 8 in aanbouw; terwijl de Raad bovendien nog een besluit nam, om nog 26 plus 16 ofwel 42 arbeiderswoningen en 7 middenstandswoningen te bouwen. Men slaagde er nog niet in om het daarvoor benoodigde bedrag te leenen. De tot nu toe gevolgde woningpolitiek bezwaart het budget jaarlijks met plusminus f. 20.000.

Drie arbeiders zijn lid van den Raad; over het algemeen geschikte menschen; twee maken buitengewoon veel werk van hunne betrekking. De warenkeuringsdienst werkt nuttig. De vleeschkeuringsdienst evenzoo. Er moet op den duur een abattoir komen; tegen de uitgaaf ziet men nog wel wat op. De veemarkten gaan langzamerhand te niet. Electrisch bedrijf gaf in 1923 nog f. 9 verlies. Waterleidingbedrijf: verlies in 1923 f. 923,63; voor 1924 wordt een kleine winst verwacht. De electrificatie werkt nadeelig voor de uitkomsten van de gasfabriek; deze gaf in 1923 f. 9.000 winst; men doet thans erg zijn best, om uit het gas wat meer winst te halen.

De Rijksnormaalschool werd opgeheven. De Hoogere handelsschool werkt prachtig. Hoewel een Katholieke instelling, wordt ze druk door andersdenkenden bezocht: in 1924 deden met succes drie Hervormden en een Israeliet eindexamen. Voor warenkennis behaalde de Israeliet het hoogste cijfer van allen, nl. tien. Typisch!

Van den Hammen, een onderwijzer uit Besoijen op wachtgeld, beschrijft en ordent het oud archief; hij werkt daaraan dagelijks anderhalf uur (van negen tot half elf) en ontvangt daarvoor f. 250 per jaar. In een van de oude Raadhuizen te Baardwijk of Besoijen wil men eene oudheidkamer inrichten, om de gilden en dergelijke, gelegenheid te geven hun moois te bewaren.

Kanaal ’s-Hertogenbosch-Drongelen heeft den grondwaterstand in wijden kring sterk verlaagd; op tal van landen kunnen bijvoorbeeld geen vruchtboomen meer geplant worden, omdat zij toch dood gaan; door dat kanaal hebben die gronden veel in waarde verloren.

Men zit zoolang hij leeft aan dr. Sweens als armendokter vast door een onereus contract; hoewel er een tweede dokter is – dr. Langemeijer – met wien de menschen graag te doen hebben, kan men de vrije artsenkeuze niet invoeren. Het aantal Israelieten neemt af; er zijn er nog ongeveer honderd. Door den val van de Hanzebank verloren vele kleine menschen – spaarders – hunne spaarpenningen; groote credieten had de bank aan handelaren of industrieelen niet verleend.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: