i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Bergen op Zoom
Tags:

De Februari-ramp op Vrederust

vertelde op 14 januari 2013 om 09:59 uur

Nu ik zelf de 60 nader, wordt ik er onvermijdelijk aan herinnerd dat het dit jaar, 2013, ook 60 jaar geleden is dat zich De Ramp, de watersnood van 1953, voltrok. Ook voor Vrederust had dat gevolgen. Het zijn natuurlijk niet mijn eigen herinneringen, maar met behulp van het jaarverslag van Vrederust over 1953 en de verhalen die ik gehoord heb, het volgende.

Vrederust zelf is niet door het water getroffen, want het ligt hoog en droog op de Brabantse bodem. Maar het was natuurlijk wel een Zeeuwse inrichting. Patiënten en personeel kwamen voor het grootste deel uit Zeeland, dus de betrokkenheid was zeer groot.

Zaterdag 31 januari 1953 begon het harder te waaien, maar dat gebeurde wel vaker in de winter, men maakte zich niet echt veel zorgen, veel schade zou de storm op Vrederust niet aanrichten. Maar al snel werd duidelijk dat op andere plaatsen, heel dichtbij zelfs, de storm een ramp werd.
Het toeval wilde dat de Damclub uit Renesse (Schouwen-Duiveland) die zaterdag speelde tegen de Damclub van Vrederust. De club vertrok op de gewone tijd en men dacht dat men nog met de pont van Anna Jacoba naar Zijpe kon varen. Dat bleek niet meer mogelijk. Men keerde terug naar Steenbergen, maar ook daar voelde men zich niet echt veilig en men belde met Vrederust of ze daar konden overnachten. Dat kon. Blijkbaar was de gebruikelijke route via de Steenbergse en Halsterseweg al niet meer begaanbaar, want men ging over Moerstraten. Zij bleken de eerste evacués te worden. Er zouden er spoedig meer volgen.

Als tijdelijke opvang werd het ontspanningslokaal, De Kino (gebouwd door de Duitsers tijdens WOII), ingericht. Zondag 1 februari kwamen de eerste vluchtelingen al aan, uit Halsteren, Nieuw-Vossemeer, Steenbergen en Rilland-Bath. In de loop van de volgende dagen kwamen er nog meer, vanuit bijna alle plaatsen in Zeeland en West-Brabant. Het waren er ruim 350 in die eerste dagen. Er waren ook mensen bij die voor de tweede keer als vluchteling voor het water op Vrederust veiligheid geboden kregen: die waren in de oorlog al eens verdreven van Schouwen-Duiveland en Tholen door de inundatie van die eilanden door de Duitsers om landing door de geallieerden te bemoeilijken.

De vluchtelingen werden in eerste instantie dus in de Kino ondergebracht en vandaaruit werd een plekje gezocht om bij te komen in de paviljoens, het zusterhuis, of bij opwonenden (artsen en ander personeel, woonachtig op Vrederust). Er werd goed samengewerkt met het evacuatiebureau van Bergen op Zoom en met de gemeente Halsteren. Voor enkele mensen werden de verschrikkingen helaas te veel: zij stierven op Vrederust en werden voorlopig begraven op de begraafplaats va Vrederust, om later te worden herbegraven in hun eigen woonplaats. In alle verwarring waren familieleden elkaar kwijtgeraakt, men wist soms niet eens of iemand nog in leven was. Om mensen te herenigen werd ook de radio ingeschakeld. In het jaarverslag worden met name de NCRV en de KRO daarvoor bedankt.

Vrederust verschafte ook onderdak aan groepjes hulpverleners die uit het hele land kwamen om hulp te bieden. Het aantal patiënten steeg als gevolg van de Ramp: er waren mensen die het psychisch niet aan konden. Het gemiddelde aantal patiënten in februari en maart steeg naar 936 per dag, met uitschieters naar 942 per dag. Dat was te veel en eigenlijk ook onverantwoord, maar in de nood van die dagen nam men die patiënten toch op.

Het is niet bekend hoeveel leden van de Vereniging die Vrederust was, zijn omgekomen. Men noemde in het jaarverslag de correspondent van Wolphaartsdijk en zijn vrouw. Maar ook familie van het personeel heeft de ramp niet overleefd, ook daarvan weet ik geen cijfers. In ieder geval zijn de ouders en een jongere zus van de vriendin van Zr. Knöps omgekomen. Beide vrouwen zijn toen het water wat gezakt was samen op de fiets naar Oosterland (op Schouwen-Duiveland) gereden om daar in de modder op de plaats waar haar ouderlijk huis had gestaan te zoeken naar tastbare herinneringen. Ik weet niet wat ze nog allemaal gevonden hebben, maar in mijn kast staat nog steeds een theekop en schotel die daar uit de modder is gekomen. Officieel hadden ze daar helemaal niet mogen komen, maar het is ze gelukt om door de bewaking te komen.

Toen na de eerste hectische dagen de rust enigszins was weergekeerd, is men andere opvangplaatsen gaan zoeken voor vluchtelingen, vooral voor diegenen die in de Kino waren ondergebracht en in de paviljoens en het zusterhuis. Dr. Zitman weigerde twee zeer bejaarde dames uit Stavenisse te laten gaan. Zij zijn in het zusterhuis gebleven totdat ze terug konden naar Stavenisse. Ook veel vluchtelingen die bij de opwonenden waren opgevangen, bleven, zoals de nicht van Zr. Knöps met haar man en dochtertje die bij dr. Zitman in huis waren.

Zelf was ik onderweg om geboren te worden, mijn wieg stond al klaar. Daar had men een baby in gelegd, maar toen dr. Zitman dat zag, moest die er direct weer uit, want mijn wieg mocht niet besmet worden met een mogelijke ziekte die dat kindje kon hebben opgelopen. Mijn wieg moest ontsmet en weer opgemaakt worden. De 18de heb ik hem in gebruik genomen.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 11 januari 2013 om 15:39 uur

Herinneringen aan Vrederust I

vertelde op 1 februari 2013 om 09:41 uur

Het St.-Nicolaasfeest op Vrederust

vertelde op 20 juni 2011 om 16:32 uur

Na de ramp