i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Baardwijk , Drunen
Periode: 1766 - 1911
Tags:

De Overlaat in werking, 1766-1911

vertelde op 15 juli 2011 om 15:36 uur

De Baardwijkse Overlaat verminderde inderdaad het overstromingsgevaar aanzienlijk. Desondanks deden zich nog wel kritische situaties voor. Zo veroorzaakte kruiend ijs in maart 1784 voor drie grote gaten in de Meerdijk. De gaten werden tot grote diepte uitgespoeld.

Toen in 1795 een dijk op ondeskundige wijze werd doorgestoken ten behoeve van militaire inundatie, ontstonden nog meer kolken die met de wielen uit 1784 één groot meer vormden, de Nieuwe Wiel geheten. Tegenwoordig is dit een natuurreservaat van Natuurmonumenten.

Na het doorsteken van de dijken in 1795 is bij de benedenmond van de overlaat zo’n 72 hectare goede weidegrond bedolven onder het uitgeschuurde bruine en rode zand. Op de kaart heet dit stuk nog steeds het “Overstorte Land”.

In 1826-1827 werd de overlaat aan de kant van Drunen verbreed van 622 naar 1.022 meter, om de afvoercapaciteit flink te vergroten. Want al was de overlaat ook bedoeld om water af te voeren, het was uiteindelijk toch gewoon een overstroming, met alle overlast die daarbij hoorde.

De overlaat werkte meestal tussen half december en eind maart. Dat was niet continu, maar af en toe een aantal etmalen lang. De langst aaneengesloten periode is 75 etmalen geweest, van 5 november 1824 tot 18 januari 1825.

In zo’n periode was het verkeer tussen Baardwijk en Drunen lastig. De weg waarover het water stroomde was verboden terrein. Mensen konden door de brede en sterke stroom worden meegesleurd en verdrinken. De overtocht met het pontveer werd soms door te weinig water, soms door juist een sterke stroming of ijsgang bemoeilijkt. Bij pieken kwam er meer dan 1.000 m3 water per seconde binnen (tijdens de watersnoodramp in 1880 is er zelfs 1.500 à 1.800 m3 per seconde gemeten).

Toch werd er ook getwijfeld aan het nut van de overlaten in Noord-Brabant. Dijkdoorbraken vonden ondanks de overlaten toch plaats en het ongemak en de onkosten voor de plaatselijke bevolking waren hoog. De jaarlijkse kosten voor onderhoud van de Baardwijkse Overlaat waren volgens een rapport van ir. Leemans uit 1869 “gemiddeld f 9.550,- “ (bijna 95.000 euro in 2010).

In 1904 werd de Bergse Maas gegraven, waarmee de Maas een nieuwe monding kreeg. Het Maaswater kon hierdoor vlot afvloeien naar het Hollands Diep. Doordat de Maas nu veel sneller naar zee stroomde, werden de Waal en de Merwede ontlast.

Tussen 1907 en 1912 werd ook nog het Drongelens Kanaal gegraven als afwateringskanaal van ’s-Hertogenbosch naar Drongelen. Met deze twee extra afwateringsmogelijkheden verminderde de functie van de Baardwijkse Overlaat zodanig, dat hij in 1911 buiten werking kon worden gesteld.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 9 juni 2011 om 12:58 uur

Waterlozing in Noord-Brabant

vertelde op 29 juni 2011 om 11:41 uur

De Beerse Overlaat

vertelde op 15 juli 2011 om 15:17 uur

De Baardwijkse overlaat