skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Hilde Jansma
Hilde Jansma Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Hilde Jansma
Hilde Jansma Bhic

De Rode Jeugd op de preekstoel met kerst in revolutionair ‘68

Wat Luciën van Hoesel uit Woensel en pastoor Bernard de Beer uit Strijp, twee wijken in Eindhoven, in 1968 gemeen hadden waren een basale naïeviteit, een totaal gebrek aan omgevingsbewustzijn en een onnavolgbare goedgelovigheid. Luciën en Bernhard waren van die mensen, die, als ze na hun dood door een administratieve misslag naar de hel doorgezonden worden, waar Beëlzebub ze onmiddellijk detecteert als blanke zondevrije zielen, bij wederkeer aan het loket van Sint Petrus, op diens medelijdende vraag hoe het toch in die krochten was, beroet, bezweet en besmookt, tot diep nadenken vervallen, om uiteindelijk uit te brengen dat het er druk en knapjes warm was.


fotograaf Bert van Herk

Luciën had het idee dat hij een geducht revolutionair was. Dat hadden meer jongeren met lang haar in die dagen. De maatschappij moest anders. Helemaal. De structuren deugden niet en de arbeidersklasse werd uitgezogen. Dat was allemaal de schuld van het monopoliekaptaal, waarvan Philips de exponent was. De lampengigant met zijn enorme fabrieken die Eindhoven domineerden. De Beer wenste iedereen tot Christus te brengen. Via zijn Theresiakerk te Strijp. Verder moest het communisme totaal van de aardkloot verdreven worden. Dat was satanisch en richtte zich tegen Gods Heilsplan. De dienstregeling daarvan had De Beer op het groot-seminarie te Haaren tot in detail uit het hoofd geleerd. Je zou zo zeggen dat beiden elkaars tegendelen waren. Misgegokt.

Luciën had de afdeling van de Rode Jeugd te Eindhoven opgericht. Die specialiseerde zich in harde akties. Bijvoorbeeld tegen het standbeeld van Anton Philips, maar ook tegen de uitbundig feestende USA-militairen die zo nu en dan uit hun legerplaatsen in West-Duitsland op de Markt krachtig de bloemetjes buiten zetten. Luciën en de zijnen demonstreerden dan tegen de oorlog in Vietnam en het napalmgebruik aldaar.  Die lieten, door de Rode Jeugdigen geprovoceerd, niet na krachtig terug te meppen. Daarbij voerden ze een bord mee met de tekst: “Kill a commie for Christ”  en vernielden, lamgezopen, een kraam van de Rode Jeugd met opruiende anti-Amerikaanse litteratuur.

Hongerstaking

Op een zaterdag in november hadden Luciën en zijn kornuiten weer eens een aktie op touw gezet tegen het hypocriete kerstfeest, dat zij afschilderden als een maatschappij bevestigend vreetfestijn. En dat terwijl in Afrika en Azië de mensen omkwamen van de honger. De contestanten kondigden een hongerstaking aan. Ze hielden het de volgende feestmaand vol, met als apotheose kerstavond, terwijl de klokken van de Katrien donker gonzend beierden. 

Vanuit een tent roeptoeterden de Rode Jeugdigen hun opwekkende slogans uit over het verregende, in de donkerte glanzende plein. USA-soldaten, die zich aan bier en de kerstgedachte dachten te laven, kwamen de kroeg uit, trapten tegen de tent en een vechtpartij brak uit. Die nam een einde, toen de revolutionaire langharigen zich naar de verschillende parochiekerken haastten, waar de nachtmissen aanvingen. Om daar in portaal of op het kerkplein de Rode Boodschap van het Marxisme via spreekkoren en pamfletten aan de gelovigen te brengen. Soms werd daarbij een bijbel of kerkboek verscheurd, op de plaats waar het kerstgebeuren werd verhaald. Het Eindhovens Dagblad had er tevoren over bericht. Eindelijk gebeurde er wat in de Lichtstad.

Waarom zal altijd wel een raadsel blijven, maar De Beer had het in zijn hoofd gehaald om zijn parochianen in de dageraadsmis te doen vergasten door een vooraanstaand lid van die Rode Jeugd met een nieuw berijmd kerstevangelie, getoonzet op marxistisch-Leninistische grondslag. Hij had zich in verbinding gesteld met Luciën. Die had toegezegd. De Beer had dat ruchtbaar gemaakt via het parochieblad “Kontakt” en via het “Strijps Weekblad”. De parochieherder moet hebben gedacht aldus bij de tijd te zijn. Zo hoorden de glasblazers van Philips eens uit originele bron hoe het met hun werkgever stond. En dat ze volgevreten klootjesvolk waren. Die door het schransen de hongerigen verdrukten. Die kerstliederen uitbulkten om het kermen van de vertrapten niet te hoeven horen. De stampvolle kerk luisterde verbijsterd toe, niet ééns beledigd. Het was weer eens wat anders. In het kerstportaal werd nog wat kerkelijke berichtgeving over het kerststalletje – dat in de middaguren bezocht kon worden -- verscheurd, en een lied over de burgermaatschappij die zo rot was als de pest (“ze vreten zich te barsten en ze worden vetgemest”) rondde de plechtigheid gescandeerd af.

Strijp als wereldnieuws

De Beer besteeg daarna, in onberispelijk zwart clergy-man met de homburg-hoed op het witte haar gestrikt zijn fonkelend rijwiel en haastte in razende vaart zich naar de Markt om de jongeren te feliciteren met hun akties, waar hij volledig achter stond. Het werd op de televisie uitgezonden op het Journaal. Strijp was even wereldnieuws. Dat deed deugd.

Even werd de Rode Jeugd sacrosant, tot de eer der altaren verheven, zogezegd. Bij recherche-onderzoek bleek, dat Luciën, wijselijk, een plaatsvervanger had gezonden, die, minder wijselijk, wel had opgezet tot gewelddadigheden tegen het openbaar gezag en de grondwettelijke regeringsvorm. Het kan zijn, dat de Rode Jeugd, de immuniteit die kerken sedert de middeleeuwen genieten indachtig, heeft gedacht ook voor strafvervolging onvatbaar te zijn. Want daarna betrad zij het pad der geweldsescalatie. Dat liep duchtig uit de hand.

De preek geschiedde, terwijl Christus in de grote absis van de Theresiakerk vermanend het Boek van het Laatste Oordeel toont, omringd door de Evangelisten, wijzend op de Alpha en de Omega van de voleinding der tijden. En op het onschuldig Lam dat de zonden van de wereld wegneemt. In de fantastische muurschilderingen van Charles Eyck. Terwijl daaronder die jongeman de grote Kladderadatsch predikte, de opstand der horden. Ja, het waren eigenaardige tijden, aan het eind van de zeventiger jaren. Daar in Strijp. Milde weemoed spint een mens in.

Meer hierover lezen? Klik dan hier.

Reacties (1)

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 9 oktober 2020 om 14:14
Bijzonder om hier die revolutionaire periode terug te lezen, Gerard. De Rode Jeugd in Strijp, dat is een opmerkelijk hoofdstuk uit de Eindhovense geschiedenis.

Dank voor je uiteenzetting!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!