i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Vierlingsbeek
Tags:

De schat van de watermolen

vertelde op 7 mei 2009 om 09:30 uur

Er bestaat een legende dat er in een van de muren van de oude Vierlingsbeekse watermolen een schat verstopt zou zijn. Of dat verhaal ooit op waarheid heeft berust, is niet duidelijk. In ieder geval is-ie niet tevoorschijn gekomen toen terugtrekkende Duitse troepen de molen aan het eind van de Tweede Wereldoorlog in brand staken en de restanten opbliezen.

Maar misschien wilde de legende alleen maar zeggen dat de molen zélf de schat was. En dat hebben de mensen die voor de wederopbouw hebben geijverd goed begrepen.

De oorsprong van de Vierlingsbeekse watermolen ligt al in de 15e eeuw. De watermolen wordt voor het eerst in 1430 in akten genoemd, maar het kan heel goed zijn dat hij al ouder was. In 1672 sneed timmerman Heijligers de volgende tekst in de molen: “De molen moet malen, de zon moet dwalen, de vink moet slaan, de wereld zal vergaan”. Ook deze tekst heeft de verwoesting door de Duitsers niet overleefd.

De molen maalde het graan van de lokale boeren, totdat nieuwe, snellere en betere technieken hun intrede deden. In de 19e eeuw kwam er concurrentie van een windmolen op de grens met Groeningen.

In de 20e eeuw werd de waterkracht vervangen door een diesel- en later een electromotor. Daarmee was het belang van de watermolen voor het malen van graan verdwenen. De Duitse actie deed de rest.

Na de oorlog werd er dan ook jarenlang niet meer naar de oude watermolen omgekeken. Maar rond 1970 kreeg men weer oog voor verleden, erfgoed en de cultuurhistorische schat die deze watermolen vertegenwoordigde. En zo begon het project tot wederopbouw van de watermolen.

De huidige molen is een aanwinst voor Vierlingsbeek en omgeving . Hij geeft een goed beeld hoe het er in vroeger eeuwen uit moet hebben gezien. Een bezoekje aan deze gerestaureerde Vierlingsbeekse watermolen is dan ook zeker de moeite waard.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (6)

Kurt Sliepenbeek zei op 18 juli 2015 om 13:49 uur

Het zou wel eens kunnen dat er in de moeilijke tijden rond 1540 er een schat (scat) zich verstopt heeft in de watermolen. Arnt Scat en later zijn dochter Anna hadden deze watermolen toendertijd immers in leen

Annemarie van Geloven
Annemarie van Geloven bhic zei op 20 juli 2015 om 11:31 uur

Nu is het sprookje ontmaskerd.. Dank voor uw reactie! Hebt u ook nog een bronvermelding?

Kurt Sliepenbeek zei op 20 juli 2015 om 19:03 uur

Bron : Cuijk leenboekinv. 5 1512-1607 folio 146-150

1551 april 11

"Noch tot Virlinxbeeck"

Arnt Scat heeft overgebracht uit zijn leengoed "de watermolen met de kelelgang" enz.
gaat over op:
dochter Anna Schat, 11 april 1551
gaat over op:
zoon Jan van Slypenbeeck, 24 april ...
gaat over op:
Arnt van Slypenbeeck, de zoon van Jaspar van Slypenbeeck, 15 mei ...
Artnt is een neef van Jan van Slypenbeeck die de eed voor hem aflegt want hij is zijn momber
gaat over op:
na het overlijden van Arnt van Slypenbeeck wederom op Jan van Slypenbeeck, 16 maart 1578
gaat over op:
Jaspar van Slypenbeeck, 20 november 1596
wordt verkocht aan:
Arnt van Boicholt, 20 november 1601, zie akte

Annemarie van Geloven
Annemarie van Geloven bhic zei op 21 juli 2015 om 11:57 uur

Heel hartelijk dank en meteen de overgangen van de watermolen als leengoed in beeld gebracht! Wel mooi om te zien dat zo'n verhaal een eigen leven gaat leiden..

Kurt Sliepenbeek zei op 21 juli 2015 om 19:38 uur

Een verdere aanvulling uit een vroeger tijdstip toen het Land van Cuijk in leen was bij de hertog van Gelre:

Een leen, dat is te weten 4 leenmannen, die daerto horen, met namen Rutger van
der Voirt, Arnt van Rijswyck, Derck Kaltijss ende Jan Oelreman, met alsulcken
goederen als an datselve leen van alts horende sijn, daerto die overste
watermölen, dat veerstat, den ketelganck ende den thins, tsamen tot
Zutphenschen rechten ontfinck
Arnt van der Voirt, anno 1430.
Bars van der Voirt crigt uutstel, a°. 1442.
Idem, erve sijnes broders Arnts, ontfengt een leen, met namen 4 leenmannen etc., so dat al
tsamen van alts gelegen is in den kerspel van Beke, a°. 1442.
Idem, anno 1465.
Idem vernijt eedt, 7 Octobris 1473. In den kerspel van Vierlinxbeke.
Arnt van der Voirt, erve sijnes vaders Baers, brengt bij, dat hij van den voirs. leengoederen
nyet meer besit dan 27 IC sjaers uut den gemael tot Vierlinxbeke, 24 alde Vlemsche, 2
alde groot ende daerto eenen leenman geheiten Jan Orlman 1).

1) Hier staat in het register geen jaar, vermoedelijk 1481.

bron: Uitheemse lenen (lenen buiten gelderland) Baron Sloet 1912 blz 167

Voor de mensen die dit lezen:
Ik ben op zoek naar een bewijs dat de vader van Hendrick vander Voert (Voirt) een zoon was van de laatstgenoemde Arnt van der Voirt. Verder ben ik op zoek naar een link tussen dit leengoed en de grote thiende van Vierlingsbeek. Misschien via de familie van Merwijck?

Annemarie van Geloven
Annemarie van Geloven bhic zei op 22 juli 2015 om 10:56 uur

Nu heeft de lezer een concreet beeld van de eerste vermelding van de oude Vierlingbeekse watermolen in 1430 en de leen overgangen in de loop van de 15e, 16e en begin 17e eeuw.

Ik hoop dat u nog reacties krijgt op de ontbrekende puzzelstukjes!

Dank voor uw bijdragen!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 16 december 2010 om 18:19 uur

Moorddadig Morenbos?

vertelde op 12 september 2013 om 13:00 uur

Het spook van Tongelaar

vertelde op 22 juli 2009 om 11:34 uur

De Beekse Molen