skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Luud de brouwer
Luud de brouwer RA Tilburg
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Luud de brouwer
Luud de brouwer RA Tilburg

De Sint Antonius van Padua op de rand van Strijp en Eindhoven

De kerk werd bepaald een blikvanger, daar vlak achter de overweg van het Eindhovens Bels Lijntje dat in 1866 werd geopend. Een Romeinse basilicale kerk met capanile, waarachter - om zo te zeggen - door het processiepark dat pastoor Pulskens had laten aanleggen, de zware en lange goederentreinen schommelden op weg naar de Centrale Mogendheden om daar hun contrabande af te leveren ten behoeve van hun oorlogsinspanningen.



 Bij het naderen van de spoorovergang stiet de locomotief een hese gil uit, terwijl de stoomveiligheid een guts dampend water krachtig uitspoot waarna de zware barelen rammelend daalden. De consecratie aan het hoogaltaar kreeg er een zonderlinge en melancholieke dimensie door.

Het verbond met Philips

Pulskens had een zonderling gentlemens-agreement gesloten met de protestantse lampenfirma . Hij zorgde dat de beminde gelovigen ingeprent kregen dat de overheid het zwaard niet te vergeefs draagt en verder dat ieder gezag gebaseerd is op een soevereiniteit in eigen kring dat deel uitmaakt van Gods ordinnantiën. Vooral met Othon Mathieu Loupart, die later over personeelszaken ging als directeur, kon Pulskens het goed vinden. Loupart trad ook in 1916 in dienst bij Philips en kwam in 1928 in het topmanagement terecht.

Pulksens en hij zagen in dat een religieuze ideologie van belang was bij de bundeling van het bedrijfspersoneel, het sociale beleid en de afvloeiingsregelingen, want Loupart zag al heel snel in, in 1920, dat Europa bezig was van de rente van de oorloggschuld te leven. In 1929 startte de depressie die ook bij Philips tot massa-ontslagen leidde. Pulskens vermanend woord, vanaf de kansel gesproken, bekleef en sloeg vrucht. Tot ernstige arbeidsongeregeldheden kwam het niet en evenmin tot revoltes, ook al werd de steun keer op keer drastisch verlaagd. De steentjeskerk kon gelden als voorportaal voor het loonoverleg en de secundaire arbeidsvoorwaarden. Pulksens kon dan ook bij zijn talloze jubilea rekenen op hartelijke sympathie van de zijde van het electronicaconcern. Ook stoffelijk toonde dat zich niet kinderachtig. De kerk werd dan ook duchtig en rijk bemeubileerd.

De onttrekking aan de eredienst

Augustinus beleed reeds dat de tijden veranderen en wij met de tijden, want wij zijn die tijden. In 1969 moest de opvolger van Pulskens, die had gedacht met deze kruisbestuiving van godsdienstvrucht en financieel winstbejag nog jaren gods akker te kunnen bewerken geconfronteerd met een drastisch KASKI-rapport dat concludeerde tot samenvoeging van alle Strijpse parochies tot één mega-parochie en vijf kerksluitingen.

Ook het paradepaardje, de steentjeskerk, zou haar portiek moeten sluiten. Bij het KASKI zaten nogal wat linkse sociologen die weinig waardering hadden voor het monsterverbond met Philips. De trouwe parochianen die vervuld waren van dankbaarheid aan en trots op het concern dat hen daadwerkelijk van de wieg tot het graf verzorgd had en dat tot in lengte van dagen scheen te kunnen prolongeren namen het niet. Er kwamen oproerige parochievergaderingen, woedende ingezonden stukken in het Eindhovens Dagblad en het nieuwe parochiebestuur werd van crypto-communisme beschuldigd. Dat laatste begreep niemand. Dus dat sloeg in en werd een slagwoord. Maar de molens van het bisdom maalden langzaam doch onverbiddelijk. De kerk ging dicht. De pastorie stond leeg en de ruiten van de kapelaanskamers werden gaandeweg ingegooid. Soms zat er tijdelijk een snel kantoor in de pastoorsbehuizing, maar meestal gierde de wind door de verlaten gangen.

Museum Kempenland

De redding leek nabij toen het Museum Kempenland in de kerk werd ondergebracht. De locatie was fraai, de gebouwelijkheid aantrekkelijk en Kempenland kent veel museale dimensies. Maar wie het portaal betrad kon toch een milde deernis al ras niet onderdrukken, wanneer hij de museumcollectie trachtte te doorwaden. Brabantse poffers werden afgewisseld met weefgetouwen en toebehoren, maar ook prijkten onbegrijpelijke moderne sculpturen naast de Mechelse armoire waarvan de laden knelden.

Men stiet het hoofd aan de te laag hangende petroleumlamp als men de verschoten shirten van Voetbal Vereniging Eindhoven (“Eindhoven zal wezen, Eindhoven zal zijn!”) trachtte te bemonsteren op hun historische waarden. Was men soms terecht bij Malle Pietje uit de onsterfelijke kinderserie gewijd aan de immer goedgehumeurde landloper en kon men Swiebertje ieder moment verwachten in de vale doopkapel? Alles was mogelijk. Dat was in de laatste jaren van de vorige eeuw met veel godshuizen het geval. Zelfs de knikkende engel van het missiebusje deed het niet, ook al stopte men er gulden na gulden in.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:
Doe mee en vertel jouw verhaal!