i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Hoeven en Sint-Maartenspolder
Tags:

en maakt ook deel uit van:

Atlas: RK kerken

vertelde op 22 januari 2015 om 14:07 uur

Tijdens de middeleeuwen werden de woeste gronden rondom Hoeven ontgonnen door cisterciënzers. Zij waren ook de pastoors van de eerste kerk in Hoeven, die al vóór 1310 werd gebouwd. In dat jaar werd Hoeven een zelfstandige parochie, maar er was al langere tijd een kapel.

De huidige kerk, die in 1929 gereedkwam en de laatmiddeleeuwse voorganger verving, is een hoogtepunt uit het werk van architect Berben. Dit ondanks het feit dat de grote toren die hij ontwierp, vanwege geldgebrek niet is gebouwd. Het fraaie metselwerk en de mooie lichtinval maken op elke bezoeker indruk. Maar een andere bijzonderheid valt misschien wat minder op: het portaal van de kerk is erg ruim. Dat komt omdat hier jaarlijks auto’s worden gezegend.

Toen de kerk gebouwd werd, zag de pastoor met schrik hoe steeds meer automobielen door het dorp scheurden. De automobilisten hadden mascottes in hun auto’s die hen voor ongelukken zouden behoeden. Tegen dit bijgeloof ging de pastoor in: hij zegende de auto’s met echt wijwater en drukte de bestuurders op het hart dat ze voorzichtig zouden rijden.

Zo zijn er in ieder geval in Hoeven en omgeving automobilisten die gezegend op weg gaan en rekening houden met hun medeweggebruikers. Helaas zijn het er niet genoeg: de weg waarlangs in 1929 de auto’s raasden die de pastoor zo’n schrik aanjoegen, is nu bezaaid met drempels en andere obstakels om de (nog) niet gezegende auto’s af te remmen.

Foto: BHIC / Frans van de Pol, 2014

Foto: BHIC / Frans van de Pol, 2014

Pastoor De Hoog

Tot zover “de stenen”. De bezieling van een parochie moet natuurlijk komen van de pastoor en zijn kapelaans. Je zou het tegenwoordig niet meer zeggen, maar vroeger had mijnheer pastoor veel te vertellen in zijn parochie. Daarover weet je vast nog wel wat verhalen.

Wat weet je nog van de pastoors en kapelaans van de Sint Jan? Denk aan pastoor Jos de Hoog en kapelaan C.A. Luyckx, die in de jaren vijftig de scepter zwaaiden in de kerkgemeenschap. Om een indruk te krijgen van hun werkveld: volgens de Piusalmanak waren toen ongeveer 2.700 van de 3.300 inwoners katholiek. Of denk aan pastoor A. van de Pol uit de jaren zestig. Je kunt al je verhalen over deze en andere zielzorgers van de kerk hieronder met ons delen.

 

Links: Pastoor Jos de Hoog bij een jubileumviering. Rechts van hem een neef, de eerwaarde Hr. de Bruijn. (West-Brabants Archief, RAW014019061)

Pastoor Van de Pol Hoeven, 1971. V.l.n.r. zittend, Pastoor van de Pol, burgemeester F. Twaalfhoven, A. Vergouwen en J. Bouwens. (West-Brabants Archief, RAW014019221, foto: Ben Speekenbrink, Breda)

 

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (2)

Frans de Rooij zei op 10 oktober 2018 om 14:15 uur

Ik Frans de Rooij 09-06-1937 zat van 1944/45 tot 1950/51 op de Sint Bernardus school. Even na de oorlog kwam pastoor de Hoog in de klassen en vroeg aan de kinderen wie er thuis nog koperen granaathulzen had. Ik wilde zeker de grote jongen uithangen en zei Meneer Pastoor, mijn Vader heeft er nog twee. De andere dag toen ik uit school kwam stond Meneer Pastoor bij ons in de keuken en mijn Vader zei dat hij geen hulzen had en die snotneus weet er niets van. Het standje na vertrek van de Pastoor kwam later. De Pastoor ging heen met de gedachten,die komt nog wel eens te biechten. Dan krijgt hij van mij de absolutie voor zijn menutie. Hij had de hulzen schijnbaar nodig voor zijn afgebrande pastorie terug op te bouwen die door een granaat was getroffen op 29 Oktober 1944. Dan hadden wij nog Kapelaan Peeters. Die was nog al fijn aangelegd. Als die godsdienstles gaf in de klas was er nooit veel interesse. Van ons Moeder moesten wij Zondags morgens naar de mis. Wanneer wij dan thuis kwamen uit de mis moesten wij weer terug naar de Heilige Familie. Maar daar was ik niet heilig genoeg voor. Na afloop stond Kapelaan Peeters achter in de kerk en zei ,nu krijg ik van ieder 1 cent. Dan zei ik dat ik die niet had maar aanstaande Zondag krijgt U er twee. Maar die Zondag is niet gekomen. Dan was er ook nog Kapelaan Baars. Dat was de lolligste van de Heilige Familie. Als die in de klas kwam ging hij vertellen over de bok van Koke Kuiten van Achter ,t Hof. Dan reed hij op de bok en wij met z'n allen in de kar achter de bok en zo reden wij door Hoeven. Dan was er ook nog Kapelaan Luijks, de techneut. Die repareerde de klokkentoren en ook andere dingen bij de mensen die dat niet konden zoals een slot en dergelijke. Hij was later Kapelaan op de St Cornelius parochie te Roosendaal. Daar organiseerde Hij de papier inzameling op de Sint Cornelius school tegenover mijn rijwielwinkel. Later was Hij pastoor op Schijf.
In 1959 ben ik vertrokken vanuit Hoeven naar Roosendaal en later werd dat Oudenbosch.

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 11 oktober 2018 om 09:48 uur

Bedankt Frans, voor het delen van al deze herinneringen. Het is duidelijk dat deze pastoor en kapelaans je goed zijn bijgebleven! Jouw bijdrage maakt heel goed duidelijk welke invloed de geestelijkheid had op je persoonlijke leven. De mindere, maar ook de mooie momenten - zoals met z'n allen in de kar en dan door Hoeven rijden.

Mooi verwoord, Frans, veel dank voor je reactie!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: