i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Grave
Tags:

Diederik Paringet en zijn geschiedenis van Grave uit 1752

vertelde op 21 oktober 2013 om 15:39 uur

Diederik Paringet werd op 12 augustus 1657 in Ravenstein Nederduits gereformeerd gedoopt als het eerste kind en de eerste zoon van het echtpaar Robbert Paringet en Margareta Richters. Hij heeft zeker een goede scholing gehad, met name in het Latijn, maar geen universitaire opleiding.

Vanaf juli 1677 was hij notaris in ’s-Gravenhage en vanaf 8 september 1678 oefende hij dat ambt uit in Grave. Hij trad er ook op als advocaat en procureur.

Op 9 november 1681 trouwde hij in Leidschendam met Celastica (Scholastica) Heijmans uit Grave, dochter van Heijman Heijmans en Heiltje Hendrix; door zijn huwelijk werd hij burger van Grave. Het echtpaar kreeg elf kinderen van wie er enkele vroeg stierven. Op 23 december 1692 werd Paringet benoemd tot rentmeester van de stad, een functie die hij combineerde met zijn andere taken.

Zijn ouders en schoonouders stelden zich voor hem borg, maar na hun overlijden lukte het hem niet nieuwe borgen te vinden. Hij zette er zijn huis in Grave en zijn huis, hof en landerijen te Beers mee op het spel. Zijn zwagers sprongen daarop voor hem in de bres.

Hij overleed in functie; op 21 november 1707 werd hij in de Sint Elisabeth begraven. Zijn weduwe volgde hem op 11 januari 1709 in het graf. Ze was er niet in geslaagd zijn schulden af te wikkelen.

In de tijd van Paringet had welhaast elke streek een allegaar aan rechtsregels; er was geen algemeen geldend systeem van wetten en bovendien waren er ook op streekniveau geen handboeken of andere overzichtwerken. Een advocaat of notaris moest daarom eerst en vooral zelf thuis zien te raken in het recht dat voor zijn standplaats van toepassing was.

Paringet heeft deze plicht niet lichtvaardig opgevat. In zijn zoektocht naar rechtsbronnen keerde hij de Graafse archivalia binnenstebuiten en maakte hij afschriften van alles wat hij tegenkwam.

Tegelijk verzamelde hij bouwstoffen voor een geschiedenis van Grave en het Land van Cuijk als een soort raamvertelling voor de documenten die hij bijeenbracht. Het geheel ordende hij in een handgeschreven boek dat verschillende versies heeft gekend.

De oudst bewaard gebleven versie is van 1701. Het omvat een lopend geschiedverhaal, een grote serie afschriften van documenten en een poging om het recht binnen het Land van Cuijk te hervormen.

Een van deze manuscripten kwam rond het midden van de achttiende eeuw in handen van mr. Paul van Alen, advocaat in Grave. Hij wist de Utrechtse uitgevers Hermanus en Johannes Besseling er in 1752 toe te bewegen het in twee delen uit te geven. Van Alen nam zichzelf terecht op in de titel: hij heeft het werk van Paringet van uitgebreide en degelijke aanvullingen voorzien.

Paringet heeft zeer veel documenten voor het nageslacht vastgelegd; verschillende ervan, zoals het octrooi van de Graafse Cloveniers, zijn sindsdien spoorloos zoekgeraakt. Voor zijn tijd heeft hij degelijk en voor ons heeft hij uiterst nuttig werk geleverd. Beide delen zijn tegenwoordig te vinden op Google Books.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 6 mei 2009 om 15:15 uur

Jan de Beijer (1703-1780)

vertelde op 13 september 2013 om 12:43 uur

Horeca aan de Elft in Grave

vertelde op 5 maart 2010 om 15:45 uur

Memorandus