skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Christian van der Ven
Christian van der Ven Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Christian van der Ven
Christian van der Ven Bhic

Een Duits graf kreeg geen bloemen

De kogels floten door de lucht op het Duhamelplein in de Muntel in Den Bosch. Gerda Vogelzang-van den Broek herinnert zich 9 augustus 1944 alsof het gisteren was. „Pfuuw, pfuuw. Zo’n hoog fluitgeluid.” Gerda Vogelzang (86) woonde aan ’t Duhamelplein. Ze zorgde voor bloemen op de tijdelijke graven. Een verhaal uit het 'Brabants Dagblad' van 17 oktober 2014.

Kapelaan Koopmans, beeldcollectie Willem KeerisToen het schieten voorbij was, ging ze buiten kijken. Daar lag kapelaan Koopmans. Op de vlucht voor de Duitsers doodgeschoten. Hij hielp vaak onderduikers en de Duitsers hadden daar lucht van gekregen.

In oktober 1944 werd tijdens de gevechten een aantal tijdelijke graven voor slachtoffers gemaakt in het plantsoen bij het Duhamelplein. „Die graven heb ik een tijd verzorgd.We hingen er een bakje bij, zodat buurtbewoners er wat geld in konden doen. Daar kocht ik dan bloemen voor. Er lagen een paar Duitsers, Engelsen en burgers in het perk hier op het plein, dat later het Kapelaan Koopmansplein is gaan heten. Bij de Engelse soldaten en burgers legde ik bloemen. Bij de Duitse slachtoffers kon ik dat niet. Dat gaf geen pas.”

Vogelzang woont tegenwoordig in Rosmalen. Maar, oh, ze weet nog zo veel van Den Bosch en de oorlog. „We kregen in december Schotten in huis. Dat was rond 14 december 1944. Mijn broer Herman kwam ermee thuis. Het waren David McArthur en Alexander Duncan. Het was stervenskoud buiten en de meeste Schotten hadden al onderdak. Alleen deze twee nog niet. En anders moesten ze in de koude vrachtwagen slapen. Dus haalde hij mijn ouders over. Met wat meiden in huis voelden onze ouders er eerst niet zoveel voor. Maar ze mochten uiteindelijk in de woonkamer slapen. Op veilige afstand.

Wij meisjes sliepen boven. Het was heel gezellig met die Schotten in huis. We deden in de avonduren het kaartspelletje zwartepieten en we hebben veel gelachen. Zij moesten ons nazeggen ‘honderdduizend gaskacheltjes’. Dat konden die Britten maar niet uit hun mond krijgen. Kijk, hier in mijn poëziealbum staan hun handtekeningen en namen. Een van hen kreeg in zijn kerstpakket van thuis een takje Schotse heide meegestuurd. Dat heeft hij in mijn album geplakt. Dat heb ik nog steeds. Plots moesten ze weer weg. Ik denk naar de Ardennen, waar die winter flink tegen de Duitsers werd gevochten.”

Eten zoeken in die oorlogsdagen was voor Gerda Vogelzang bijna een dagtaak. Ze was er heel gewiekst in met alle voedselbonnen. „Mijn moeder zei telkens ‘laat Gerda dat maar doen, want die komt met veel eten thuis’. Ik reed met een fiets op houten banden. Buiten de bonnen om kon je bij boeren in Nuland, Vinkel of rond Vlijmen van alles met echt geld kopen. Brood, spruitjes, of andere groente. Daar reed ik dan op de fiets naartoe. Ik pikte de best gebakken broden ertussenuit.”

Behalve eten moest er ook brandstof komen. „Tijdens de gevechten in Den Bosch ging ik met de fiets naar de Mayweg. Daar aan het spoor zat de kolenboer. Op de terugweg met een paar zakken vol eierkolen werd flink geschoten. Ik heb toen geschuild in een portiek bij een woning aan de Koningsweg.” 

De Duitsers hadden bruggen opgeblazen. Vanuit de Muntel moest je via ‘wiebelbalken’ naar de stad. „Ik weet nog dat er twee balken over het water lagen. Mijn zus en ik hielden elkaar vast om ons evenwicht te bewaren als we overstaken. Wie niet durfde, ging met het bootje naar de overkant.”

Brabants Dagblad vrijdag 17 oktober 2014 | 30-31

Reacties (1)

Gerard H.A.A. de Bie
Gerard H.A.A. de Bie zei op 24 december 2014 om 17:51
Leuk die persoonlijke herinneringen als kleine beeldfragmenten gevat in woorden. Bij mijn moeder's thuis op 't Molenwijk in Boekel, hebben Engelsen gelegen en een van hun heette ook Alexander deze had echter Mackenzie als achternaam.
Begrijp ik het goed dat de man op de foto kapelaan Koopmans is ?

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!