i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Cuijk en Sint Agatha
Tags:

Een irritante lastpak, en nog fout ook...

vertelde op 2 oktober 2009 om 12:04 uur

De Cuijkse kweker Jan Ebben jr. was al in de jaren dertig naar eigen zeggen propagandist geworden van de Nationaal Socialistische Beweging (NSB). Na de meidagen van 1940 richtte hij in Cuijk een plaatselijke afdeling van de NSB op, alsook een afdeling van de WA, ofwel Weerbaarheids Afdeling.

De kwekerij van Jan Ebben jrDit zwart geüniformeerde weerkorps was in 1935 opgeheven, maar werd direct na de Duitse inval weer heropgericht.

In de eerste oorlogsjaren profiteerde Jan Ebben economisch van zijn relaties met Duitse officieren en leidende figuren binnen de NSB. Het leverde hem contracten op voor de beplanting bij Duitse vliegvelden in Venlo, Eindhoven en andere plaatsen. Pogingen om ook in sociaal opzicht zijn status te verhogen, verliepen minder succesvol: Ebben solliciteerde een paar keer vergeefs naar het Cuijkse burgemeestersambt.

Intussen maakte hij zich bepaald impopulair bij de bevolking door zijn publieke acties. In mei 1941 werd bij een aantal bewoners NSB-reclame op de ruiten geplakt. Toen de volgende dag de WA ostentatief door de straten paradeerde, braken er rellen uit. Ruiten van het huis van Ebben werden ingegooid, en de dag erna stonden er leuzen gekalkt op de provinciale weg tussen Cuijk en Sint Agatha: “Weg met de N.S.B. / Landverraders / De Moord / op de Ermee”.

In september 1941 verstoorden NSB’ers de 25e Cuijkse fokveedag door met luidsprekers propaganda te maken. Wat een feestelijk jubileum had moeten worden, werd een trieste vertoning: uit protest vertrokken de meeste boeren met hun vee. De toch al grote ergernis bij de Cuijkse bevolking groeide nog meer, toen diezelfde dag de Oranjeboom bij het station werd afgezaagd en door het dorp gesleurd. Opnieuw braken vechtpartijen uit.

Het bedrijf van Ebben, gezien in de richting van CuijkJan Ebben verloor langzamerhand de steun van het hogere kader bij de NSB, zeker toen hij in oktober 1941 werd opgepakt op verdenking van malversaties. Hij zat tot februari 1942 vast in een politiecel te Venlo. De NSB begon een beetje met Ebben in de maag te zitten. Het WA-districtshoofd van Nijmegen noemde hem na zijn vrijlating “een kankerorganisme in het lichaam van de WA” en “niet geschikt om een functie te bekleden”.

Men vraagt Ebben uiteindelijk zelfs om Cuijk te verlaten. In januari 1943 zorgen zijn partijgenoten ervoor dat hij een baan in Tilburg krijgt als propagandist van de NSB voor Noord-Brabant. Erg lang blijft hij dat niet doen: in de zomer van 1943 vertrekt hij naar Duitsland om werkzaamheden te verrichten voor een instituut dat onderzoek doet naar (giftige) planten in Oost-Europa. Later werkt hij voor hetzelfde instituut in Kroatië. Dat onderzoek wordt verricht in opdracht van IG-Farben, het bekende Duitse chemieconcern.

Aan het einde van de oorlog wordt hij aan de Oostenrijkse grens door de geallieerden opgepakt, verhoord en enkele jaren vastgehouden, als mogelijke getuige in processen tegen IG-Farben. Pas in december 1950 keert hij terug naar Nederland, waar hij inmiddels bij verstek is veroordeeld.

In december 1951 keert hij tenslotte terug in Cuijk. Maar hij en zijn gezin zijn daar niet meer welkom, ook niet bij zijn familie. Ebben vertrekt naar Nijmegen, waar hij tot aan zijn dood een kleine tuinderij heeft gedreven.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (20)

Cees LeConte zei op 30 oktober 2008 om 13:46 uur

Geachte,

U heeft als foto het woonhuis van de (firma) Andre Ebben weergegeven dat is fout en zal de firma Andre Eben niet leuk vinden. Deze neef had namelijk niets met de praktijken van Jan Ebben te maken. Tweede foutje is het het verhaal van u dat Jan Ebben min of meer gedwongen was om na zijn vrijlating Cuijk te verlaten.Waar is het volgende: Toen jan Ebben na zijn vrijlating weer naar Cuijk kwam heeft hij zeker tot begin 70er jaren de kwekerij Roeland Ebben in Cuijk als directeur geleidt en woonde in het woonhuis naast het huis dat u op de foto weergeeft (twee onder een kap). Eerst de bestaande kwekerij aan de Provincialeweg, t.o. Nutricia. Deze kwekerij bestond uit twee afzonderlijke delen -was vroeger een geheel- een deel was Boomkwekerij Roeland Ebben (Jan Ebben)een deel was Boomkwekerij Andre Ebben welke nog steeds bestaat aan de Beerseweg te Cuijk. Omstreeks 1967 is de kwekerij verhuisd naar de E-Winkel in Cuijk i.v.m woonhuis bebouwing van de kwekerij, wat nu De Kouwberg is. Na mijn vertrek daar al tuinarchitect in 1969 is de firma failliet gegaan en heeft Jan Ebben een bestaand tuincentrumpje, de Vereeniging in Nijmegen op het terrein van De Vereeniging voortgezet. Van gedwongen weggaan uit Cuijk was geen sprake. Jan Ebben hield van ee stevige borrel en kwam regelmatig in de plaatselijke kroeg en werd ook geaccepteerd door een groot deel van de plaatselijke bevolking

Rien Wols bhic zei op 30 oktober 2008 om 14:54 uur

@ Cees LeConte,
Hartelijk dank voor uw waardevolle aanvullingen. Ik begrijp uw kritiek op de foto, maar die was bedoeld om de kwekerij in beeld te brengen (zoals de mouseovertekst ook aangeeft), niet het (verkeerde) woonhuis. De tekst over het vertrek van Jan Ebben naar Nijmegen is inderdaad wat vaag: hij berust op mededelingen van Th. Peters Sengers, auteur van de bedrijfsgeschiedenis van Ebben. Uw opmerkingen maken gelukkig veel van die vaagheid goed.
Vriendelijke groet,

Marnix Ebben zei op 3 november 2008 om 19:37 uur

Bij correcte geschiedschrijving dient er altijd sprake te zijn van hoor en wederhoor, maar genoemde Th.Peters Sengers heeft nooit bij mij, de oudste zoon van Jan Ebben, geinformeerd naar het verleden van mijn vader. Daarom is het ook niet verwonderlijk, dat een deel van de berichtgeving erg tendentieus, gekleurd door andere belangen en deels onjuist is. Als mijn vader, die inderdaad pas in 1970 is verhuisd naar Nijmegen, al niet welkom was in Cuijk, was dat, omdat hij teveel wist van anderen in Cuijk gedurende de oorlog. We hadden tot 1970 een groot internationaal rozen-exportbedrijf, waarbij velen in Cuijk graag (bij)verdienden. Ik dank Cees LeConte voor zijn solidariteit in deze. Ik verdedig niet de politieke keuzes van mijn vader, heb die altid bevochten, maar deze dubieuze vorm van geschiedschrijving is amateuristisch, in opdracht uitgevoerd, subjectief knutselwerk. Ik heb nooit de regio verlaten en ben dus steeds gemakkelijk te bereiken geweest voor informatie, ALS men dat had gewild!

Daan zei op 26 mei 2009 om 15:56 uur

Hallo,

Ik vond dit nuttig en informatief. EN kon het goed gebruiken voor school.

Ga zo door!

Groet.

Mariët Bruggeman bhic zei op 28 mei 2009 om 10:23 uur

Hoi Daan,
dank je wel voor je compliment en misschien kun(nen) jij of je mede-studenten onze andere verhalen ook nog eens gebruiken voor school. Succes !

Jeroen Arts zei op 28 mei 2009 om 19:44 uur

Naar mijn mening is het niet erg kies om dergelijke onderwerpen over personen, waarvan nog nazaten in leven zijn, breed uit te gaan meten. In oorlogssituaties wringen mensen zich al snel in allerlei bochten om maar niet in handen van de vijand te komen of om zo aan de dood te kunnen ontsnappen.

Wij zijn in Huisseling ook met een boek bezig en wij wagen ons niet aan onderwerpen over NSB en verraad. Natuurlijk zal de oorlog behandeld worden, maar dan heel summier met persoonlijke verhalen van (oud-)inwoners. We willen niemand kwetsen, ook al kan de waarheid soms hard zijn...

Ik denk niet dat het BHIC zich problemen op de hals moet gaan halen door mensen zo voor het blok te gaan zetten. WOII is nog net te kort geleden om zere wonden geheel te laten helen.

Christian van der Ven bhic zei op 29 mei 2009 om 11:49 uur

@Jeroen: Dank voor je reactie.

Voor wat betreft gevoelige bladzijden in het boek van onze geschiedenis is het altijd moeilijk om te bepalen vanaf wanneer je er op welke wijze over zou moeten kunnen schrijven.

Is het nog te kort geleden, dan zijn gebeurde zaken meestal nog niet in het juiste perspectief te plaatsen. Begin je te laat, dan mis je waardevolle informatie door het overlijden van mensen of minimaal het vertroebelende geheugen van betrokkenen. Ergens in dat grote, grijze middengebied ligt het juiste moment... en komen steeds nieuwe bronnen beschikbaar, of worden bekende bronnen anders geïnterpreteerd.

De Tweede Wereldoorlog is zeker een onderwerp waar deze discussie speelt. Inmiddels zijn we in den lande echter al zover, dat ook over onderwerpen als de NSB en verraad geschreven kan worden, mits natuurlijk gebaseerd op gedegen onderzoek.

Het BHIC beheert heel veel archieven met betrekking tot de Tweede Wereldoorlog en 'foute Nederlanders', en helpt onderzoekers - amateur-historici en professionals - bij hun onderzoek. Dat doen we altijd met inachtneming van de wettelijke regels, waaronder zeker die rond de bescherming van privacybelangen.

Door het publiceren van dit verhaal hebben al minimaal twee mensen, waaronder een van de nazaten, hún kant van het gebeurde kunnen vertellen. Zoals Marnix al zegt: hoor en wederhoor. Naar zijn mening is dat door de auteur van het bewuste boek nooit toegepast, maar op onze website krijgt hij daarvoor wél de ruimte. Maar dat vereist dus allereerst wel dat het verhaal verteld wordt.

Ook het BHIC wil natuurlijk niemand voor het blok zeten en dat is met de publicatie van dit verhaal ook zeker niet gebeurd. Een pijnlijke geschiedenis? Dat wel. Maar wij zijn er niet van om geschiedenis te ontkennen of onverteld te laten. Dát zou namelijk nog veel pijnlijker zijn, toch?

Marnix Ebben zei op 5 december 2009 om 01:03 uur

Mijn vader heeft inderdaad voor de IG-Farben gewerkt en wel op de Krim, niet op zoek naar giftige planten maar om planten te vinden waaruit een zgn. waarheidsserum ontwikkeld zou kunnen worden. Toen het op de Krim te gevaarlijk werd is het project overgeplaatst naar Slovenie. Toen de oorlog verloren was en het ook daar gevaarlijk werd, zijn mijn ouders gevlucht naar Oostenrijk. Ze hebben zich gemeld bij de Amerikaanse bezettingsmacht en mijn vader is lange tijd tolk/vertaler geweest bij het Amerikaanse militaire gerechtshof in Mauterndorf. Ik ben daar in 1945 geboren. Toen hij ontmaskerd werd, heeft hij een half jaar in een kamp in Glasenbach gezeten als straf. Daarna heeft hij nog gewoon gewerkt in de Wildbachverbauung. In 1950 zijn we naar Nederland gegaan en is mijn vader bij Venlo gearresteerd, trof daar oude politiemensen, nog steeds in functie! Hij is tot 1 jaar Veenhuizen veroordeeld. Ik heb tot 1976 gewoon in Cuijk gewoond, ben daar naar de lagere school geweest, heb op het Canisius College in Nijmegen mijn gymnasiumopleiding gedaan. Ben van 1966-1967 in militaire dienst geweest en heb die als sergeant majoor administrateur verlaten.
Toen de Nutricia onze kwekerij opkocht, kregen we een nieuwe kwekerij in de Heeswijkse straat. Toen die failliet ging, bleef er alleen nog een tuincentrum in Nijmegen over. Reden voor mijn vader om naar Nijmegen te verhuizen. Niet uit dwang, gewoon uit vrijgekozen praktische overwegingen.
Trouwens: De topgeleerden van de IG-Farben zijn in een geheime operatie-"paperclip" allen overgevlogen naar Amerika en kregen hoge posities bij de CIA! De baas van mijn vader staat nog op internet als mede-ontwikkelaar van LSD!Hij was toen professor in Amerika.

Marnix Ebben zei op 5 december 2009 om 08:18 uur

Omdat men na de oorlog mijn vader niet te pakken kon krijgen, zijn mijn opa en oma in Grave gevangen gezet. Tijdens de verhoren daar is mijn oma's rug gebroken. Ze heeft de rest van haar leven verlamd in bed gelegen.
Een oom van me is na de bevrijding op straat in Cuijk door het volk doodgeschopt.
Tot zover mij bekende feiten.

Marnix Ebben zei op 5 december 2009 om 11:09 uur

Foutje: ik heb tot 1967 in Cuijk gewoond en niet tot 1976. Typefout. Ik ben toen in verband met studie in Nijmegen op kamers gegaan. Uit vrije wil.

Gerrit van der Vorst zei op 28 maart 2010 om 11:06 uur

De discussie is best interessant.

Als je over de oorlog schrijft, ontkom je er inderdaad gewoonweg niet aan om man en paard te noemen. Dat zulks zorgvuldig moet gebeuren, staat natuurlijk buiten kijf. Ik kan me bijzonder goed voorstellen dat Marnix Ebben maximaal kritisch kijkt naar uitingen over wijlen zijn vader/familie.
Maar om nou maar de NSB, verraad e.d. maar geheel buiten beschouwing te laten, zoals hier ook wordt geopperd, is een bedenkelijk uitgangspunt dat geen recht doet aan de geschiedenis en de herdenking van slachtoffers. Het BHIC zij wat mij betreft geprezen, ook omdat de mogelijkheid van hoor en wederhoor nadrukkelijk geboden wordt (dat levert ook nog eens een boeiend beeld op van het leven van Jan Ebben, zoals Marnix Ebben dat beschrijft).

Uit hetgeen ik in archieven tegen ben gekomen, krijg ik ook niet de indruk dat Jan Ebben groot onrecht is aangedaan met de beschrijving.
De WA oefende tijdelijk verschrikkelijke terreur uit en daar blies hij kennelijk zijn partij danig in mee. WA-commandanten waren - bij mijn weten zonder uitzondering - irritante, foute lastpakken. Dat was inherent aan de terreur die ze geacht werden uit te oefenen.
Ik begrijp uit de voorbeelden dat dat in Cuijk ook het geval was en ontleen ook bevestiging daarvan aan het feit dat Jan Ebben veel moeite deed om zijn berechting te ontlopen.

Of Jan Ebben na de oorlog werkelijk weer geaccepteerd - en zelfs gerespecteerd? - werd door de goegemeente in Cuijk lijkt me stug, maar daar kan ik natuurlijk niet goed over oordelen. Wie eigenlijk wel?
Het aspect dat Marnix Ebben noemt (bepaalde wetenschap over anderen) lijkt me zowel reëel als geen gezonde basis voor normale omgang.
Maar dat terzijde.
Interessant is het aspect wat Marnix Ebben noemt, dat velen na de oorlog graag (bij)verdienden in het bedrijf van zijn vader. Ook dat zegt niet zo veel over respect, lijkt me.

Maar dat aspect (geld) brengt me wel bij een van mijn onderzoeken, waarin Jan Ebben zijdelings opduikt. Dat betreft de wekenlange periode van hechtenis op het Venlose politiebureau. Hij kreeg daar zodanige ongebruikelijke faciliteiten, dat veel politiepersoneel zich ergerde (mocht zijn verloofde of vriendin in betrekkelijke afzondering ontvangen, zat vaak gewoon in de agentenwacht, mocht een keer naar de bioscoop enz.).
Na de oorlog kreeg de verantwoordelijke politiefunctionaris hier nog fikse problemen door, ook omdat hij onder meer twee van zijn kinderen had laten logeren bij de ouders van Jan Ebben. De grote verdenking was dat hier geld een grote rol speelde, maar dat is tot nu toe niet keihard bewezen.

Ik zou graag vernemen of iemand weet of en waar ik meer informatie kan vinden over deze kwestie.
Ook zou ik graag in contact komen met Marnix Ebben, over de schokkende behandeling van zijn oma (die speelt dus ook een rol in mijn onderzoek).

Met vriendelijke groet,

Gerrit van der Vorst

Annemarie van Geloven bhic zei op 29 maart 2010 om 17:09 uur

Ik ga Marnix Ebben achter de schermen via zijn persoonlijke e-mailadres benaderen om te vragen of hij contact met u wil opnemen!

Marnix Ebben zei op 30 maart 2010 om 17:46 uur

Ik heb geschreven over de mij bekende feiten. Alle andere zaken heb ik dus niet bewust buiten beschouwing gelaten, maar daarover weet ik gewoon te weinig. Voor een deel was dat al vermeld en heb ik het niet tegengesproken. Ik heb alleen het verhaal gecorrigeerd en aangevuld met dat wat ik zeker wist.
Mijn kritiek - hoor en wederhoor - betrof het eerste artikel waarin duidelijk zaken historisch onjuist waren weergegeven.
Het verhaal van Venlo klopt met wat ik gezegd heb: er waren mensen die op grond van hun verleden kennelijk te chanteren waren en niet omwille van geld. Er waren meer mensen met laat ik zeggen dubbellevens. ook in Cuijk.
Wat mijn oma betreft: het was in de familie bekend, wie de dader was en men heeft zich met hem verzoend en beloofd nooit de naam te noemen! Ik weet er dus verder ook niets over.
Ik heb verder geen enkele intentie om het verhaal van mijn vader te verdedigen of mooier voor te stellen dan het is. Ik heb hem er al die jaren fel op aangevallen.

Gerrit van der Vorst zei op 31 maart 2010 om 07:30 uur

Geachte Marnix,

Nog even een correctie. Je schrijft hiervoor:

"Het verhaal van Venlo klopt met wat ik gezegd heb: er waren mensen die op grond van hun verleden kennelijk te chanteren waren en niet omwille van geld."

Die conclusie is niet juist. De verdenking was dat het om geld ging. De betrokken politieman kreeg daarom tijdens de oorlog problemen met de bezetter en na de oorlog met de zuiveringscommissie. Het ging in geen geval om belastende informatie, althans dat wordt in de dossiers niet genoemd.

Dat staat los van het feit dat er heel veel mensen meer waren, die boter op hun hoofd (of ergens anders) hadden, dan aangepakt zijn.

Groet,

Gerrit van der Vorst

Marnix Ebben zei op 31 maart 2010 om 15:37 uur

In de hele discussie op deze site ben ik de eerste geweest, die Venlo genoemd heeft. Ik herinner me nl. heel goed, dat mijn vader die situatie een treffend voorbeeld vond van hoe mensen hun bakens verzet bleken te hebben. Hij kende enige politiemensen nog vanuit de tijd dat hij in Nederland en het aangrenzende duitse gebied aktief was en lezingen hield.Mogelijk heeft geld ook een rol gespeeld. Daarover is mij nooit iets ter ore gekomen.

Hans Stegeman zei op 24 april 2012 om 12:57 uur

mijn vader noemt in zijn zondagboek ook de smadelijke behandeling van Ebben. Vele, vele jaren later heb ik van een van de Ebbens gehoord, dat mijn moeder erop af is gestapt om een eind te maken aan de wraak op Ebben. Mijn vader schreef:

24-09-1944 De blijde verwachting is in de voorbijgegane week wel schrikkelijk teleurgesteld. Maandag 18 september nog weer veel Amerikaanse parachutisten. Het was die maandagavond haast feest in Cuijk. Oranje werd gedragen, vlaggen werden uitgestoken, maar ook spoedig weer ingehaald. Ik had onze vlag op de vliering klaar gelegd, om uit te steken, maar de dingen zouden een akelige omkeer nemen. Wel waren alle Duitsers uit Cuijk verdwenen, maar zij begonnen Cuijk te beschieten. Aan de overkant van de Maas waren zij nog; al gauw werd een Cuijkse burger dood geschoten op de dijk. Men had te vroeg gejuicht, en N.S.B.ers gemolesteerd; Ebbens erg smadelijk behandeld maandagavond, door een grote volks-menigte; het café Tivoli (van v.Helvoort) `s nachts in brand gestoken. De Duitsers namen wraak; er kwam angstwekkend kanonvuur van over de Maas. enz.enz.

Camille A Janssen zei op 2 januari 2013 om 12:23 uur

Inmiddels is de lijst met reacties enorm gegroeid. Zo heeft een ieder zijn reden om er iets over te zeggen. Al langer loop ik met de gedachte rond dat geschiedschrijving op deze wijze een bedenkelijke kant heeft. Ebben zal zeker niet zuiver op de graad geweest zijn. Echter eenmaal een slechte naam altijd een slechte naam, en zeker in zo;n kleine gemeenschap als Cuijk toen was.
Het volgende gaat door mijn gedachten.
Ebben had 2 werknemers in dienst, waarvan een de zoon was van een belangrijk commercieel man die werkte voor Loius de Wijze (Homburg) en de ander de zoon was van een onderscheiden verzetsstrijder. Zowel de Wijze als de verzetsstrijder moeten op de hoogte zijn geweest van de sitauatie van Jan Ebben. Maar beide oorlogshelden lieten hun zonen werken bij Jan Ebben. Ook is het mij bekend dat er contact is geweest tussen de verzetsstrijder en Jan Ebben. Zij troffen elkaar in het veerhuis in Oeffelt. De bewijsbare feiten stellen Jan Ebben niet in een fraai daglicht. Maar was er ook een andere kant? Een kant die mogelijk onderbelicht is gebleven. Waarom zou een verzetsstrijder contact hebben met Jan Ebben na de oorlog? Gezien de houding van Ebben tijdens de oorlog zou je verwachten dat het verzet in Nederland zijn bloed wel konden drinken. Maar dat blijkt niet zo te zijn. Hiermee wil ik de daden van Ebben niet minder erg maken maar wel staat vast dat er ook mensen waren die er genuanceerder over dachten, en naar handelde, en dat waren niet de minste!

Marilou Nillesen bhic zei op 3 januari 2013 om 15:03 uur

@Camille: Bedankt voor het openen van deze nieuwe zienswijze. Door het aanstippen van deze facetten wordt weer een net iets ander licht geworpen op iets dat aanvankelijk een simpele kwestie van goed of fout leek.

Lizzy jongen zei op 31 januari 2017 om 17:35 uur

Hallo
Ik kom bij iemand die hier heel veel over vertelt en veel weet van jan ebben en in Cuijk allemaal gebeurd is hij is 88 jaar en vond dit best interessant om te lezen en hij zegt ook dat de andere kant van fam hier niets mee te maken wilde hebben !
Gr Lizzy

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 1 februari 2017 om 10:38 uur

Hallo Lizzy, dank voor je berichtje. Het is natuurlijk mogelijk om het verhaal van deze meneer hier achter te laten (als hij dat wil). Aanvullingen zijn altijd welkom.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: