i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Erp
Tags:

Erp in vogelvlucht

vertelde op 9 augustus 2007 om 15:56 uur

Erp ligt tussen Uden in het noorden, Veghel in het westen, Beek en Donk in het zuiden en Boekel in het oosten. De voormalige gemeente Erp was 3.560 ha groot. Behalve het dorp Erp zelf behoorden ook de kernen Keldonk en Boerdonk tot de gemeente. Daarnaast zijn er nog twaalf kleinere gehuchten: Bolst, Dijk, Heuvelberg, Hoek, Hurkske, Kraanmeer, De Laren, Looieind, Morse Hoef, Rijkerbeek, Stinkhoek en Veluwe. In 1994 ging de gemeente Erp op in de gemeente Veghel.

Erp in 1867: J. Kuiper, Gemeente-atlas van Noord-BrabantDe naam

De oudste vermelding van Erp stamt uit 1134. De plaatsnaam wordt dan geschreven als Erthepe. Naamkundigen zien daar twee elementen in: erth en epe. Dat laatste element stamt af van een oud Keltisch woord, ap, dat rivier betekent. Het eerste stuk hangt waarschijnlijk samen met het woord ert of aert, dat bouwland, veld betekent. Erp betekent dus oorspronkelijk zoiets als bouwland langs de rivier, wat ook wel bevestigd wordt door de ligging van het dorp aan de Aa.

Het gemeentewapen

Op 16 juli 1817 verleende de Hoge raad van Adel aan de gemeente Erp een gemeentewapen met de volgende omschrijving: “van lazuur, beladen met Sint Servatius van goud ”. De H. Servatius was al sinds het allereerste begin de patroonheilige van de Erpse parochiekerk. Ook de schepenbank gebruikte de heilige op het officiële schependomszegel. Van dit zegel is het gemeentewapen dan ook afgeleid. De kleuren blauw (lazuur) en goud zijn afkomstig van het Rijk. De Hoge Raad van Adel kende bijna altijd die kleuren toe, als de burgemeester bij zijn aanvraag voor een gemeentewapen geen kleuren opgaf (wat meestal het geval was).

Oudste vermelding en ontwikkeling

Zoals we gezien hebben wordt Erp voor het eerst in 1134 genoemd, en wel in de stichtingsoorkonde van de Abdij van Berne. Erthepe behoort tot de goederen die Fulco van Berne aan de abdij schenkt. Op 13 september 1300 weten we zeker dat er al een echte Erpse gemeenschap bestond. Op die datum namelijk gaf hertog Jan van Brabant aan de inwoners van Erp de ‘gement’ uit tegen een jaarlijkse cijns van 6 Leuvense ponden.

kasteel Frisselstein in 1750

De heren van Erp, die op kasteel Frisselstein te Veghel woonden, hadden het vruchtgebruik van de heerlijkheid. De heerlijkheden Erp en Veghel hadden van 1566 tot 1639 dezelfde heer. In 1639 hield de heerlijkheid Erp op te bestaan [zie het commentaar van Martien van Asseldonk hieronder].

In 1810 werd Erp een zelfstandige gemeente en bleef dat tot 1994, toen het bij Veghel werd gevoegd. Tijdens de discussies over gemeentelijke herindeling vanaf midden jaren ’80 leek het aanvankelijk te komen tot een fusie tussen Erp en Boekel. Deze plannen waren zelfs al in een vergevorderd stadium toen de politiek toch anders besloot en Erp in 1994 bij Veghel werd gevoegd. Een plan om de gemeenten Boekel, Uden en Veghel samen te laten gaan, is uiteindelijk niet uitgevoerd. In 2017 is er toch nog een schaalvergroting doorgevoerd, zij het weer op een andere manier: de gemeenten Veghel (inclusief Erp), Schijndel en Sint-Oedenrode vormen vanaf 1 januari 2017 de nieuwe gemeente Meierijstad.

aangifte van de 6000ste inwoner van ErpBevolking

In 1809 telde Erp 1.871 inwoners. Tien jaar later was dat aantal gestegen tot 2.053. Tegen 1900 waren dat er ruim 2.400. Daarna liep de bevolkingsgroei weer iets terug, maar in 1932 werd de 3.000 grens overschreden (door Grada van de Braak). In 1957 verwelkomde de gemeente de 4.000ste inwoner en in 1973 de 5.000ste. In 1986 steeg het bevolkingsaantal tot boven de 6.000. In 1993, het laatste jaar van zelfstandigheid, telde Erp 6.464 inwoners.

Middelen van bestaan

Eeuwenlang was de landbouw het hoofdmiddel van bestaan. Men teelde haver, zandhaver, boekweit en vooral rogge. Daarnaast werd er veel vlas gewonnen en nam de productie van boter een belangrijke plaats in. Dat laatste kwam doordat in Erp relatief veel goede wei- en broeklanden waren.

Ook de bijenteelt was tot 1850 een bloeiende agrarische activiteit. Op de vele heidegronden rond Erp konden grote aantallen bijenkorven uitgezet worden. Maar na de hei-ontginningen die vanaf het midden van de 19e eeuw een grote vlucht namen, was het grotendeels met de bijenteelt gedaan.

de veevoederfabriek van FranssenEr werd vanaf het midden van de achttiende eeuw ook bier gebrouwen in Erp, vooral voor de lokale consumptie. Brouwerij “De Zwaan” van de familie Van den Biggelaar was in ieder geval al in 1750 actief. In 1898 bouwde de familie Steenbakkers de tweede Erpse bierbrouwerij, De Meibloem. In 1902 kwam er een derde brouwerij bij, “De Duif”. Al deze brouwactiviteiten zijn na 1945 verdwenen.

Tegenwoordig beschikt Erp over enige industrie, waarvan de veevoederbedrijven Sondag en Franssen wel de belangrijkste zijn. Daarnaast is er in Erp een groot bulktransportbedrijf gevestigd.

Verkeer en vervoer

Tot in de eerste helft van de 19e eeuw lag Erp tamelijk geïsoleerd. De Zuid-Willemsvaart uit 1825 hielp daar een beetje, maar nog niet echt veel aan. Het was immers ook een barrière, waardoor bijvoorbeeld bij Keldonk een pontveer moest worden ingesteld.

De echte verlossing uit het isolement begon in 1845, met de verharding van de provinciale weg Veghel-Gemert. In 1872 kwam er een klinkerweg naar Keldonk. In 1876 volgde de verharding van de weg naar Boekel en in 1927 van de weg naar Boerdonk naar het veerhuis. De onverharde wegen werden zoveel mogelijk “tonrond” en onder een regelmatige lijn waterpas gehouden; dit alles om een regelmatige afwatering te bevorderen, zodat ze in het natte seizoen niet in modderbanen veranderden.

In 1883 begon de stoomtram op de lijn Helmond-Den Bosch te rijden. In Erp ging dat niet zonder slag of stoot. Onder protest van enkele inwoners werd voor het tramtracé een aantal eikenbomen gerooid of gesnoeid. Het protest kon niet voorkomen dat ook de moderne middelen van vervoer in Erp werden geïntroduceerd. Eind jaren ’30 is de stoomtram vervangen door de autobus.

Monumenten

In het oog vallen natuurlijk de Servatiuskerk en het voormalige raadhuis. Minder opvallend misschien, maar niet minder waardevol zijn een paar mooie dorpshuizen, waaronder het voormalige burgemeestershuis, dat in de geschiedenis beter bekend is geraakt als het Pyjamahouse.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (5)

h.schellens zei op 23 februari 2013 om 17:21 uur

is het mogelijk dat de heer j.a. schellens heeft gewerkt bij de stoomtram, zijn gegevens zijn
Johannus Adrianus Schellens geboren te Nuenen 05-07-1886.

Marilou Nillesen bhic zei op 26 februari 2013 om 13:34 uur

@H. Schellens: Ik heb er twe publicaties op nageslagen, te weten "De Stoomtramlijn, Berlicum-Heeswijk-Dinther-Veghel-Erp" en het artikel "De stoomtram in Berlicum en Mideelrode" van Kees Loeve en Albert Pennings. In beide verhalen ben ik J.A. Schellens niet tegengekomen. In het laatste verhaal staat wel een opsomming van mensen uit Berlicum en Middelrode die werkten bij de tramlijn maar niet uit Nuenen. Mogelijk weten ze bij het Regionaal Historisch Centrum Eindhoven of de heemkundekring Nuenen De Drijehornick meer?

Verder ben ik nog bezig met je mailtje over de vraag over het verblijf van je grootvader in Erp dus hopelijk komt daar nog meer informatie uit...

Martien van Asseldonk zei op 23 september 2014 om 16:53 uur

In 1300 werden de grenzen van de gemeint beschreven (die waarschijnijk al langer bestonden, niet die van de heerlijkheid.

Erp en Veghel hadden dezelfde heer tussen 1566 en 1639. In 1639 werd de heerlijkjheid afgelost en hield die op te bestaan.

Rien Wols
Rien Wols bhic zei op 25 september 2014 om 08:07 uur

Fijn dat de échte experts teksten als deze ook nog eens goed doorlezen, Martien. Dank daarvoor. Ik heb de tekst aangepast aan de hand van jouw aanvullingen en verbeteringen. Kun je me trouwens uitleggen hoe dat dan zit met het verhef van de heerlijkheid door Johan van Broekhoven in 1642?
Vriendelijke groet.

Martien van Asseldonk zei op 7 augustus 2017 om 18:51 uur

Een wat late reactie, maar vooruit:

De hoge, middelbare en lage justitie van Erp en die van Veghel werden in 1559 voor 2.704 pond verpand aan jonker Walraven van Erp, gehuwd met Catharina van Brecht. De verpanding van Veghel en Erp werd pas in 1566 geëffectueerd mogelijk wegens verlate betaling van de pandsom. De heer woonde op kasteel Frisselstein. Na de dood van Walraven werd zijn zoon Walraven, gehuwd met Johanna van Holtmeulen, in 1612 als heer gehuldigd. Deze Walraven stierf in 1627. De heerlijkheid was inmiddels al afgelost en in 1621 voor 18 jaar opnieuw verpand aan Walravens zoon Jan van Erp, gehuwd met Maria van Vladeracken. Jan van Erp sneuvelde in 1636 bij het beleg van Leuven. In 1639 verliep de verpanding van de heerlijkheid Veghel en werd zij afgelost aan de weduwe van Jan van Erp. Daarna werd de heerlijkheid Veghel door de koning van Spanje in 1642 verpand aan Christiaan van Broekhoven. Zijn rechten gingen over op Rogier van Broekhoven. In de zomer van 1648 liet Rogier weten dat hij bezit kwam nemen van de heerlijkheid Veghel, maar de regenten van Veghel en de Staten-Generaal, die vanaf de Vrede van Munster in 1648 het gezag in de Meierij had, erkenden zijn aanspraken niet, omdat de heerlijkheid was verpand door de Spaanse partij. Ondanks deze afwijzing schonk Rogier in 1653 een groot bedrag aan de Veghelse armen en hij werd volgens zijn wens enkele jaren later in het hoogkoor van de Veghelse kerk begraven. Veghel bleef na deze verwikkelingen tot 1795 een statendorp zonder plaatselijke heer.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: