i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Haps
Tags:

Haps in vogelvlucht

vertelde op 24 oktober 2009 om 10:40 uur

Haps ligt midden in het Land van Cuijk. Ten noorden van Haps liggen Cuijk en Sint Agatha, ten oosten Oeffelt en Boxmeer, ten zuiden Wanroij, en ten westen van Haps liggen Mill en Sint Hubert en Beers. De oppervlakte van de gemeente Haps bedraagt 1.525 ha.

Haps in 1865 (J.Kuiper, Gemeente-atlas van Noordbrabant)

De naam

Er is eigenlijk nooit een goede verklaring voor de naam Haps gevonden. Het is duidelijk dat de familienaam Hops (ook wel Hoeps) de oudste vorm is, maar over de betekenis zegt dat nog niet veel. Er is wel eens een relatie gelegd met het Keltische woord “appa” (water), maar even zo goed met de plant hop die hier vroeger veel in het wild groeide. Maar echt overtuigend is dat allemaal niet.

Gemeentewapen

In 1810 voerden de Fransen het fenomeen van de moderne gemeente in. Ook Haps werd een zelfstandige gemeente. Aan de nieuwe gemeentebesturen werd gevraagd een voorstel te doen voor een gemeentewapen. Veel gemeenten grepen daarvoor terug op het zegel van hun voormalige schepenbank. Haps had echter nooit een eigen schepenbank gehad. Het dorp leverde één van de zeven schepenen van de schepenbank van Cuijk.

De heilige Nicolaas in het timpaan van de kerkOp verzoek van de burgemeester van Haps stelde de Hoge Raad van Adel in 1817 een gemeentewapen vast dat gebaseerd was op het parochiezegel: de heilige Nicolaas met naast zich drie kinderen in een kuip, alles beschenen door een zonnetje in de hoek. Omdat de burgemeester geen kleuren had opgegeven, kende de Raad de kleuren blauw en goud (zijnde de rijkskleuren) toe.

Oudste vermelding

We treffen de naam Haps voor het eerst in de boeken aan als de familienaam Hops. In 1201 wordt een zekere Wilhelmus van Hops genoemd als kanunnik van het Sint-Lambertuskapittel in Luik. Deze Wilhelmus moet - gezien zijn functie - in de directe omgeving van de adellijke familie Van Cuijk hebben verkeerd. In 1302 wordt een zekere Jacobus van Hoeps genoemd als neef van Jan van Cuijk. Dat is ook degene die de heerlijkheid Haps rond 1308 afsplitst van de grote heerlijkheid Cuijk.

Tekening van een IJzertijdboerderijOudste bewoning

Maar lang voordat er sprake was van een gebied met de naam Haps werd er al gewoond. Archeologen hebben urnenvelden, gebruiksvoorwerpen en plattegronden aangetroffen, die er op duiden dat het gebied al rond 8000 voor Christus bewoond was. Met name het Kampse veld is een rijke bron gebleken van sporen uit de Bronstijd en IJzertijd. Maquette van een IJzertijdboerderij

Ook uit de Romeinse tijd (tot circa 150 na Chr.), de Frankische en Karolingische tijd (700-900) zijn bewoningssporen en scherven gevonden. Er zijn uit die tijd in totaal 23 huizen aangetroffen, al waren die niet allemaal tegelijkertijd bewoond. Vermoedelijk bestond de nederzetting uit drie of vier woningen en zijn er in de loop der tijd nieuwe huizen gebouwd op een plek waar eerder al iets had gestaan. Dergelijke huizen waren groot: 11 bij 18 meter lang en 4,5 tot 6,5 meter breed, met middenvoor en -achter een deur. De huizen herbergden ook de dieren.

Het LiefdegestichtBevolking

Rond 1600 woonden er ongeveer 250 mensen in Haps. In 1672 telde Haps vijftig gezinnen, wat neerkomt op zo’n 300 mensen. Rond 1715 wordt het aantal inwoners geschat op 325. Ruim een eeuw later wordt er wat preciezer geteld: in 1833 zijn er 668 inwoners (en 459 stuks hoornvee). Rond 1900 wordt de 1.000ste inwoner verwelkomd. De Eerste Wereldoorlog leidt tot een eenmalige bevolkingsexplosie met ruim 10%: in 1914 komen er 117 Belgische vluchtelingen naar Haps. Het Boxmeers Weekblad van 24 oktober 1914 maakt de balans op: “van de 117 Belgische vluchtelingen die onze gemeente in het begin huisvestte, zijn er twintig vertrokken. Nu zijn er nog 21 in het Liefdesgesticht en 76 bij particulieren. De nog hier zijnden hebben weinig lust te repatriëren, het bevalt hun hier blijkbaar heel goed”. Het zal nog tot 1957 duren voordat de 2.000ste inwoner geboren wordt. In 1969 wordt de mijlpaal van 2.500 bereikt. Bij de opheffing van de gemeente in 1993 wonen er ruim 2.700 mensen.

Brouwerij De Prins/Mooren en Van CalkerMiddelen van bestaan

Traditioneel is het merendeel van de Hapse bevolking boer. Aan het eind van de 18e eeuw waren er daarnaast nog vier schaapherders, twee brouwers, drie timmerlieden, vier kleermakers, twee schoenmakers, twee smeden, een wieldraaier, een boswachter en een schoolmeester. Zeker tot aan de Tweede Wereldoorlog is de agrarische sector overheersend gebleven.

Opmerkelijk was wel de hoeveelheid cafés aan het eind van de negentiende eeuw. HAPS, ELF HERBERGEN IN HET DORP, kopt het Boxmeers Weekblad van 1893. “De kasteleins zitten in zak en asch, omdat er een nieuw café onder het motto De Laatste Stuiver zal worden opgericht. Zij beweren, en terecht, dat elf herbergen in de kom der gemeente (die nog geen tweehonderd zielen telt), meer dan voldoende is om de dorstigen te laven. Wij zijn van hetzelfde gevoelen en menen, dat wanneer de helft der cafés, waaronder enkele die het vergunningsrecht niet waard zijn, werden opgeruimd, de gemeente er niet slechter bij zou varen”, zo oordeelt de krant.

Infrastructuur

Tot het midden van de negentiende eeuw was Haps slechts bereikbaar via zandwegen, met een gezamenlijk lengte van “omstreeks acht uur gaans.” De bereikbaarheid van Haps wordt in 1866 aanzienlijk verbeterd door de aanleg van de weg Uden-Oeffelt, de eerste verharde weg in Haps.

Het station van Haps aan het Duits lijntjeIn 1873 wordt de spoorlijn Boxtel-Wezel aangelegd en Haps krijgt een eigen station daaraan. Tot de Eerste Wereldoorlog is het Duitse Lijntje van internationale betekenis. Aan het reizigersvervoer komt in 1951 een einde, maar tot in de zestiger jaren passeert er tweemaal per dag een goederentrein. Het einde van de lijn wordt in 1972 gemarkeerd door de “2de Leutexpres” die de definitief laatste rit over het traject maakt. Het was de bedoeling van deze carnavalstrein om de spoorlijn nieuw leven in te blazen, maar dat doel is dus niet bereikt.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (8)

Nick Laarakkers zei op 16 januari 2009 om 19:34 uur

Geachte meneer/mevrouw,

Mijn naam is Nicolaas Laarakkers, wonende te Den Haag. Mijn voorouders stammen van de Laarakker te Haps. Zijn er ook foto's/prenten bekend van de Laarakker en de hoeven die zich aldaar bevinden/bevonden? Zou iemand ze kunnen inscannen of willen opsturen (uiteraard kopiën van de afbeeldingen).

Met vriendelijke groet,

Nick Laarakkers

Marilou Nillesen bhic zei op 20 januari 2009 om 10:43 uur

Hallo Nick,

De vraag die je stelt, líjkt niet zo moeilijk. Maar... de zoektocht levert tot nu toe weinig op. Ons foto-archief geeft geen resultaat en ook de boeken Oud Haps op de foto (deel 1 en 2) laten geen oude kiekjes zien van deze straat of de hoeven.
Zijn er inwoners van Haps die foto's van de Laarakker hebben liggen en die met het BHIC en Nick willen delen?

dr a de man zei op 10 december 2010 om 22:36 uur

ik zou zo graag een foto van het oude gemeenterhuis van haps naschilderen, weet iemand er een te vinden op het internet ? ik bedoel het gemeentehuis zoals het was tot Haps bij Cuijk werd gevoegd

Jan Lange. Nw.Vennep zei op 11 december 2010 om 00:06 uur

In het voorlaatste nr. van MERLET staan diverse foto's van het oude gem. huis van Haps (met trapgevel).

dr a de man zei op 11 december 2010 om 00:44 uur

Aan Jan Lange, hartelijk dank voor uw reactie, maar wat is Merlet ? kan ik dat op internet vinden ? vr gr Anton de Man

Jan Lange. Nw.Vennep zei op 11 december 2010 om 19:25 uur

Tijdschrift Hist. Kring Land van Cuijk 2010, nr. 3.
inl.:
www.historischekringlandvancuijk.nl

Dr. J.B. (Hans) Opschoor zei op 8 mei 2018 om 20:22 uur

Interessant. Graag zou ik horen welke precieze bronnen U had voor het noemen in 1302 van Jacobus van Hoeps als neef van Jan van Cuijk. En van de afsplitsing van Haps rond 1308. Bij voorbaat mijn dank.

Rien Wols
Rien Wols bhic zei op 14 mei 2018 om 10:12 uur

Geachte heer Opschoor,
Het is al weer meer dan tien jaar geleden dat we dit verhaal hebben samengesteld, dus waar de exacte details vandaan komen, weet ik niet meer zo. De gebruikte bronnen zijn in ieder geval: H. van Hulten, Brokstukken uit de geschiedenis van het Land van Cuijk, deel II; Agnes Lewe, Henk Buijks, Gerjan Hulsegge, Cuijk door de eeuwen heen; G. Graat, 400 Jaar parochie en 100 jaar kerk van Haps; Boxmeers Weekblad 1893; Boxmeers Weekblad 1907; Echo 1954; Gelderlander 1980. Ik hoop u hiermee enigszins te hebben geïnformeerd.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: