skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Lisette Kuijper
Lisette Kuijper Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Lisette Kuijper
Lisette Kuijper Bhic

Hardleerse inbreker van beroep

Toen hij stief op 1 augustus 1899 in Rotterdam was hij tachtig jaar. Huibert van den Assem, in 1818 in Vrijhoeve Capelle geboren, maar het grootste deel van zijn leven in Rotterdam woonachtig geweest. Hij stond vermeld als metselaar, maar of hij dat beroep ooit heeft uitgeoefend is de vraag...

In 1840 trouwde hij in Waspik met de vijftien jaar oudere Huberdina Rekkers die uit die plaats afkomstig was. Uit dat huwelijk werd op 29 april 1842 Hendrika geboren. Moeder Huberdina overleed op bijna vijftigjarige leeftijd op 26 maart 1853 in haar geboorteplaats. Kort daarop trouwde Huibert voor de tweede keer met Hendrina Daams bij wie hij het kind Hendrika Johanna kreeg. Maar ook deze echtgenote overleed na enkele jaren. Zijn derde vrouw werd Anna Stamkot, een dochter van Hendrina Daams uit haar vorig huwelijk, dus Huiberts stiefdochter. Deze vrouw bleef hem tot aan haar dood in 1890 trouw. 

Uit de lijst van zijn veroordelingen blijkt dat hij een keer zes jaar, een keer tien jaar, twee keer zes maanden en een maal voor een jaar achter de tralies heeft verbleven. Telkens wegens inbraken of gelijkwaardige vermogensdelicten.

Inbraak bij de dominee

De zwaarste straf kreeg hij van het gerechtshof in Den Bosch op 12 februari 1867 wegens meerdere inbraken in Vrijhoeve-Capelle, een plaats die hem niet onbekend was. Op 8 november 1866 ontdekte Pieter van der Schans dat er bij hem was ingebroken, waarna bleek dat er een groot aantal vellen leer waren verdwenen. Ook een jas, schoenen en gereedschappen waren weg. Hij had zijn buit in een kruiwagen aan een weduwe in Oosterhout verkocht. Enkele weken later volgde een tweede brutale inbraak in Kaatsheuvel, nota bene in het huis van dominee Wentink waar veel kledingstukken en zilveren voorwerpen buit waren. 

Bij elkaar waren het negen diefstallen die hem ten laste werden gelegd. Het Hof nam de eis van de Procureur Generaal om hem tien jaar gevangenisstraf op te leggen dan ook klakkeloos over. Tijdens deze straf trachtte zijn vrouw gratie voor hem te bewerkstelligen, maar de vorst was genadeloos. Had hij van deze straf geleerd? Nee, want in 1887, hij was dus al bijna 69 moest hij voor een vermogensdelict een jaar opknappen.

Illustratie: Een onnoozele inbreker, Abbey, 1905 - 1924 via Rijksstudio

Reacties (1)

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 16 augustus 2020 om 13:08
Wat een tragiek gaat er schuil achter zo'n leven, Klaas, wat mooi dat je zijn verhaal zo hebt opgetekend. Dank je wel!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!