i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Heesch
Tags:

Heesch in vogelvlucht

vertelde op 17 oktober 2009 om 15:21 uur

Tot 1 januari 1994 was Heesch een zelfstandige gemeente in het noordoosten van Noord-Brabant, tussen Geffen en Oss in het noorden, Heeswijk en Dinther in het zuiden, en Nistelrode in het oosten. Deze gemeente besloeg een oppervlakte van 2.637 ha en telde één kerkdorp: Heesch. Dat op zijn beurt bestond uit elf gehuchten, wijken of rotten: Kerkeind, Hoogstraat, Wijst, Schutsboom, Heelwijk, Beemd, Broekhoek, Groes, Zoggel, Vinkel en Loosbroek.

De naam

De naam Heesch gaat terug op het Oudhoogduitse "haisjo", dat "kreupelhout" betekent. Deze verklaring spoort goed met de oorspronkelijke kleinschaligheid van het landschap in deze omgeving. ‘Heesch’ mag overigens niet worden verward met "Hese", de middeleeuwse naam van het grondgebied van Rosmalen en Nuland. Tussen beide dorpen ligt nu nog het gehucht Heeseind.

Oudste bewoning

Uit archeologisch onderzoek blijkt dat al sinds circa 2000 vóór Christus sprake is van menselijke activiteiten in deze regio. Het oudste geschreven document met een vermelding van Heesch dateert uit 1191. Daarin worden de tienden van ‘Heze’ genoemd. Vóór 1298 is al sprake van een gement (gemeenschappelijke grond) van de inwoners van Heesch. Op 18 oktober 1329 gaf de hertog een complex gemeenschappelijke gronden uit. Uit 1364 stamt de eerste vermelding van schepenen, dus van een eigen dorpsbestuur.

Gemeentewapen

Op 16 juli 1817 stelde de Hoge Raad van Adel het gemeentewapen vast: "Van lazuur, beladen met St. Petrus staande op een terras, alles van goud." Sint-Petrus is de patroonheilige van het dorp. Het wapen is direct afgeleid van de schependomszegels, waarbij de ongemijterde heilige was vergezeld van twee bomen of heesters.

Middelen van bestaan

Vanouds was Heesch een agrarische gemeente met overwegend schrale zandgronden. Maar een beperkt gedeelte was geschikt voor het verbouwen van rogge, haver en boekweit. Naast de landbouw was zeer bepalend voor de geschiedenis van Heesch dat het dorp halverwege ’s-Hertogenbosch en Grave ligt. Voetgangers, ruiters en rijtuigen gebruikten het dorp als pleisterplaats. Ook de paardenposterij had er een station. En de aanleg van de straatweg ’s-Hertogenbosch-Grave in de periode 1818-1836 maakte van Heesch, tot dan toe een verzameling gehuchten, een straatdorp met lintbebouwing.

Bevolkingsontwikkeling

Aan het eind van de 18e eeuw telde Heesch nog net geen 1.300 inwoners. Halverwege de 19e eeuw was dat aantal al gestegen tot 1.919 en in 1900 waren het er 2.173. Weer vijftig jaar later was het bevolkingsaantal verdubbeld tot 4.052. Na 1950 sloeg de verstedelijking toe: het inwonertal steeg van ruim 4.000 tot bijna 12.000 (11.929) in 2000. Inmiddels is Heesch op weg naar de 13.000.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (10)

Wilhelm Ploegmakers zei op 4 december 2012 om 11:37 uur

Waar was de paardenposterij in Heesch? Ik heb vroeger eens gehoord dat het was aan de Rijksweg. Dat zou bij de boerderij van voorheen Has Langens zijn geweest. Dit huis met hoge spitse ramen aan de kopsekant staat er nog maar is wel verbouwd.
Dat huis staat vanuit Heesch gezien de Achterste Groes voorbij en is het laatste huis aan de linkerkant. Vroeger stond net daarvoor het café van Frans den Berg.(Frans Peer Joane)

Henk Buijks bhic zei op 5 december 2012 om 10:01 uur

@Wilhelm, het door jou bedoelde huis is ons bekend en met name die spitse ramen zijn bijzonder in de gevel van een Brabantse boerderij. Maar hoewel de paardenposterij in Heesch (die in elk geval van 1810 tot 1816 heeft bestaan) inderdaad was ondergebracht aan de Rijksweg, ging het om een plek in het dorpscentrum: het pand De Drie Leliën, waarin ook de gelijknamige brouwerij was gevestigd. Het bewuste pand stond op de hoek van de Schoonstraat en de Rijksweg, op de plaats waar nu het appartementencomplex De Drie Leliën staat en daarvóór het Postkantoor en de Boerenbond. Brouwer Rut van Erp was tevens postmeester, totdat hij in 1816 overleed. Na zijn dood is deze functie door niemand anders in Heesch meer overgenomen. Deze en andere gegevens over de geschiedenis van het postwezen in Heesch zijn te vinden in het boekje "Van bodediensten tot PTT post in Heesch", Heesch 1988. Dit boekje is uitverkocht, maar wel aanwezig in het Stadsarchief te Oss en vrijwel zeker ook in de bibliotheek van de Heemkundekring in Heesch.

Pieter zei op 16 augustus 2013 om 19:32 uur

Ik heb gevonden dat in 1795 het begrip "Gemeente" in Nederland kwam. In dit verhaal staat dat in 1817 het gemeentewapen vastgesteld werd. Ergens heb ik ooit een vermelding van 1811 gevonden. Wanneer ontstond de gemeente Heesch, die in 1994 ophield te bestaan?

Hanneke van der Eerden bhic zei op 19 augustus 2013 om 11:09 uur

@Pieter, de term 'gemeente' is inderdaad in 1795 ingevoerd, als vervanging voor stadsbestuur en schepencollege. We stonden toen als Bataafse Republiek onder Frans gezag.
Daarna krijgen we als Koninkrijk Holland van 1806-1810 een koning in de persoon van de broer van Napoleon, om vervolgens tot 1814 ingelijfd te worden bij het Keizerijk Frankrijk. We kregen gemeenten naar Frans voorbeeld, met een maire en adjuncten.
Het duurde tot 1814 voordat alle Fransen uit Brabant verdreven waren en we een eigen koning kregen. Voor veel gemeenten betekende dat een herziening of herstel van de gemeentegrenzen naar de toestand van vóór 1793. Bestuurlijk duurde het vervolgens nog een een aantal jaren voordat de stads- (KB 1815) en dorpsbesturen (1819) bij wet geregeld waren. Om aan de verplichting om een gemeentewapen te voeren te voldoen hadden veel gemeenten ook nog enkele jaren nodig.
In de tijd dat Brabant onder Frans bestuur stond veranderde er bestuurlijk en administratief veel, zoals de invoering van de burgerlijke stand in 1811. Vandaar dat 1811 veel genoemd wordt, maar pas in 1814 waren we bevrijd van de Fransen.

Pieter zei op 21 september 2013 om 09:30 uur

Bedankt Hanneke voor de uitleg!

G.J. van der Laan zei op 1 februari 2016 om 12:57 uur

Op 6 mei 1861 vestigde mijn voorvader Gijsbert Johannes van der Laan zich in Heesch aan het Kerkeind Wijk A No.3 n.k. (naast kerk????)
Hij was tolgaarder en zijn vrouw Petronella Tanna Scheffelaar was tapster.
Weet iemand waar zich bovenstaand adres heeft bevonden en waar Petronella tapster zou kunnen zijn geweest.
In 1870 vertrokken zij naar Assen.

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 4 februari 2016 om 15:53 uur

Goedemiddag, mijn collega Mariët heeft zich over je vraag gebogen. Via het minuutplan heeft zij gekeken naar de omringende gebouwen rond de kerk, maar dat zijn er vrij veel en bij een steekproef daarin de naam Van der Laan niet gevonden. Ook in de alfabetische naamlijsten (ook via kadasterviewer in te zien) staat deze naam niet. Ook het straatnaamregister biedt in dit geval geen uitkomst.

Daarom in het wijkregister gekeken; hierin staan op Kerkeind huisnummer 3 in vrij korte tijd een heleboel opvolgende bewoners, waarvan de meeste tapper en zelfs tolgaarder zijn. Mariët vermoedt dus dat het om een huurhuis gaat.

Via het huisnummerregister (inv.nr. 1663) is wel een verwijzing gevonden van wijk A, huisnr. 3 maar dat lijkt weer niet te kloppen bij het kadastrale perceel. Om een lang verhaal niet nóg langer te maken: het is ons nog niet geheel duidelijk waar het adres zich precies bevindt.

Maar op de website van de heemkundekring http://www.de-elf-rotten.nl/ zien we wel beschrijvingen van foto’s met dat adres. Dus mogelijk kan de heemkundekring je wel meer duidelijkheid bieden hierover. Veel succes ermee!

G.J. van der Laan zei op 18 februari 2016 om 14:37 uur

Bedankt Marilou, omdat mijn voorvader tolgaarder was, dacht ik eerst dat hij een tol bemande aan de Graafschebaan. Deze liggen echter buiten het centrum van Heesch. Ik ga er nu vanuit dat hij het tol bemande dat lag op de cruising met de Graafschebaan en de weg Nisterode - Oss.

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 19 februari 2016 om 11:29 uur

Ah, dat is natuurlijk ook een optie. Als u er eens dieper in deze materie wil duiken, bent u altijd welkom op onze studiezaal!

Laurens van den Broek zei op 27 maart 2017 om 18:59 uur

Een ander verhaal.
Een van mijn voorouders was WIllem van den Broek, waarschijnlijk geboren rond 1625. Zijn zoon, Govert Willemsz van den Broek, waarschijnlijk geboren rond 1650, trouwde in 1671 in Kethel , met ene Jannetje Pietersdr uit Gelderland. "Toevallig" kwam ik in 1973 in Schiedam Kethel wonen.... Een neef van mij speurde veel na, maar verder terug dan het huwelijk in 1671 is hem niet gelukt. Is er iemand die suggesties heeft?

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: