i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Oirschot
Tags:

Herinneringen aan mijn diensttijd tijdens de Koude Oorlog

vertelde op 29 januari 2015 om 16:52 uur

Tijdens mijn parate dienstplichtperiode in een kazerne bij Oirschot moest ik onder meer wacht lopen. Aangezien bij Oirschot veel voertuigen, wapens en munitie waren opslagen, werden er altijd extra instructies gegeven inzake de beveiliging en preventie tegen USSR-spionnen, roofovervallen en aanverwante calamiteiten.

Lichting 75-1, foto: Adri EkstijnDat je dan met een UZI-machinepistool én scherpe munitie de wacht moest draaien, versterkte het bewustzijn dat hier de nationale veiligheid in het geding was. Dit bewustzijn werd nog eens te meer versterkt door de activiteiten van de Baader Meinhoffgroep in die periode, die het tevens op militaire wapendepots had voorzien.

Ik herinner me veel indrukwekkende inspectieronden over het immense Oirschotse complex. Menig geritsel (spionnen? de wind? een konijn?) en menige verdachte schaduw (insluiper? hert? wild zwijn?) werd zo benaderd met “Halt, wie daar!”. Na drie herhalingen mocht je dan roepen “Halt, of ik schiet!”. Gelukkig werd van dat laatste nooit gebruik gemaakt, ondanks de spanning, angst en vrees.

Maar een saillant detail over de munitie van de wachtlopers is hier zeker op zijn plaats. Het doosje 9mm-patronen, dat de wachtcommandant altijd heel gewichtig uit een kluis haalde, draaide ook al jaren mee. Vooraf aan iedere ronde kreeg elke wachtloper vijf stuks mee uit het verfrommelde doosje. Die gingen dan los in de broekzak, níet in het magazijn en al zéker niet in het wapen.

Eenmaal op ronde speel je wat met die patronen in de broekzak. Uit het zicht van de wachtcommandant deed je ze toch maar eens in het magazijn en weer d'ruit en weer d'rin, enz. enz. En dat jarenlang, elke nacht maar weer en weer, tijdens ál die wachtrondes met steeds diezelfde patroontjes. De hulzen waren al zo uitgelubberd, dat de kogel er steeds weer uitviel (kruit uiteraard allang foetsie) en die propte je dan maar een beetje terug in de huls. Soms beet je de huls dan maar een beetje ovaal, want oei-oei, als de wachtcommandant hier achter kwam.

Zo krijgt de koude oorlog, ondanks onze angsten, ook iets aandoenlijks en bleef dit gelukkig óns staatsgeheim!

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (4)

Rini de Groot. zei op 29 januari 2015 om 21:07 uur

Adri, ik kan er over mee praten.
Moeke zei altijd tegen ons: go mee, go mee, dan kan je er over mee praten.
maar ik moest destijds in Militaire dienst.
Ik was van 56-4 in die tijd heerste de kinderverlamming,
ondanks we geen kind waren ging men voorzichtig met ons om, zonder nacht oefeningen.
Maar ook geen AP (Avond permissie) en was het iedere avond om 10 uur gekleed
vóór het bed of naakt onder de dekens.
Ook ik heb wacht gelopen, jammer genoeg niets genoteerd.
De exercitie vond ik prachtig vooral het geluid,
wij hadden nog hoefijzers onder de hak van de schoen zitten.
Toch ga ik er een verhaal over schrijven, met de herinneringen
die ik nog heb de rest komt automatisch.
Ken jij dat stuk: Onder de wapenen, door Jos Ghysen uit Hasselt, beluister maar eens.

Henri Boon zei op 30 januari 2015 om 17:22 uur

Hay Adri, ik heb natuurlijk ook met een uzi mogen spelen. Ik had een vriendinnetje wiens vader beroeps was en die thuis de 9mm patronen voor het opscheppen had. Die hulzen hadden 'oxo' op de rand ingedrukt en dat was de gebruikelijke patroon in de tijd bij de landmacht. Op de schietbaan in Den Bosch (lunetten kazerne) werden de kogels op een grote tafel zorgvuldig geteld en per 42stuks in een magezijn geklikt. Iedere bolle moest tekenen voor ontvangst van 42 kogels in een houder, daarna kreeg je een baan aangewezen en daar moest je dan eerst 10 kogels schot na schot in een roos (25m?) proberen te schieten. D'r was daar een alwetende korporaal die schreeuwde hoe le moest liggen enz. Na de eerste ronde was het even stil en in die tijd klikte ik een extra kogel in m'n magazijn en bij ronde 2 schoot ik die in de roos van m'n buurman.
Na ronde 3 (in korte series automatisch mitrailleren) waren alle uzi's leeg en werden de lege hulzen verzameld én geteld. O, wat een plezier om die stumpers met één huls teveel te zien zitten! Dit kon niet! Te weinig kwam vaak voor en werd dan door een foulieer rondje gevolgd, (en dàt vonden ze leuk) maar te véél! Wat nu!! M'n buurman (goede schutter) kon niet verklaren waarom er 43 gaten in z'n roos zaten en werd afgevoerd! Wij kregen de rest van de dag vrij!
Leuk hé, effe zieken?

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 2 februari 2015 om 20:44 uur

Prachtig verhaal, Adri, en wat een mooie afsluiting. Een bijzondere (en eerlijke) manier om naar de Koude Oorlog te kijken ;-)

Rini. zei op 30 januari 2017 om 20:53 uur

Adri, ook ik was gelegerd in Oirschot,
wij stonden met de voertuigen paraat opgesteld tussen onze barakken
(‘56- ’57) om te vertrekken naar Hongarije, tijdens die opstand.
En moest wachtlopen, doch nu kregen we extra rust om te slapen,
in tegenstelling bij het normale, Wachtlopen.
Wat een kapsel draag jij toch, dat dat mocht !
Na afloop van een oefening naar ontbrekende patronen, uren zoeken,
misschien had hem de wachtmeester hem wel in zijn zakken.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: