skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic

Het graafschap Megen

Het graafschap Megen was gelegen in het uiterste noorden van het hertogdom Brabant en werd aan drie kanten omspoeld door de Maas. Het stadje Megen, vermoedelijk al in 721 of 722 voor het eerst genoemd (‘Meginum’), was de naamgever van het graafschap, dat ook de dorpen Haren, Macharen en Teeffelen omvatte.

Het beeld van Charles (Karel) de Brimeu in MegenOver het ontstaan van het graafschap bestaat geen zekerheid. De eerste geschreven bron waarin het graafschap wordt vermeld, dateert van 1145. Het betreft een giftbrief van keizer Koenraad II waarin graaf Alardus van Megen wordt genoemd als getuige. Eén van Alardus’ nakomelingen, graaf Willem III, schonk Megen op 8 januari 1357 stadsrechten.

In 1420 kocht de Bossche handelaar Hendrik Dicbier het graafschap. Jan Dicbier (1438-1469) verkocht het graafschap in 1469 op zijn beurt aan de bekendste gravenfamilie van Megen: De Brimeu. Charles de Brimeu (1548-1572) zou zich, evenals de Megenaren, tijdens de Opstand aan de Spaanse, katholieke, zijde scharen.

Na de Vrede van Münster in 1648 ontstond een langdurig juridisch conflict tussen de toenmalige graaf van Megen, Frans Albert van Croy, en de Staten-Generaal. De graaf verzette zich tegen inlijving van zijn graafschap bij de Republiek, die er naar zijn mening niet het hoogste gezag bezat. De Republiek verloor de strijd en moest op 30 november 1671 erkennen dat het graafschap voor haar buitenland was.

De ‘status aparte’ van het graafschap, waarvan de heren katholiek waren, bracht met zich mee dat de katholieken er ook na 1629 in alle vrijheid hun godsdienst konden beleven. In het aangrenzende Kwartier Maasland van de Brabantse Meierij en het Gelderse Land van Maas en Waal daarentegen was dat recht alleen vergund aan het handjevol protestanten dat er woonde. Met name het stadje Megen trok op zon- en feestdagen honderden kerkgangers van elders. Ook de Franciscanen, die vanaf 1629 in ’s-Hertogenbosch niet meer welkom waren, konden zich hier vestigen (1645), later gevolgd door de Clarissen (1721).

Het belangrijkste middel van bestaan in het graafschap was de landbouw. Het stadje Megen kende daarnaast enige textielnijverheid en handel op de Maas. Vanaf de zeventiende eeuw haalden veel Megenaren ook inkomsten uit de huisvesting van leerlingen van de Latijnse school van de Franciscanen. De jongens genoten dus kost en inwoning bij gezinnen in het stadje, niet in een internaat. Deze situatie bleef voortbestaan tot ver in de twintigste eeuw.

In 1794 maakte de inval van de Fransen een einde aan het bewind van de laatste graaf, Karl Schall von Bell. Enige tijd later, in 1800, kwam het voormalige graafschap voor een miljoen frank in handen van de Bataafse Republiek, zodat ook de ‘status aparte’ tot het verleden behoorde. In 1810 tenslotte volgde de samenvoeging van het stadje Megen met de dorpen Haren en Macharen tot de gemeente Megen. Teeffelen werd samen met het nabijgelegen Oijen de gemeente Oijen en Teeffelen.

Reacties (8)

Mr. F. Breure, Zwolle zei op 20 maart 2009 om 15:30
Wie kan mij de (letterlijke) inhoud van de genoemde resolutie van 30 november 1671 van de Staten-Generaal geven? Uit latere documenten maak ik in ieder geval op, dat met deze resolutie niet de soevereiniteit van het graafschap Megen is erkend!Uit deze latere documenten blijkt namelijk, dat de strijd om de soevereiniteit nog diverse malen heeft gespeeld.
Annemarie van Geloven, namens BHIC bhic zei op 20 maart 2009 om 16:03
Mocht er in het weekend geen reactie op uw verzoek komen, zal het BHIC in de nieuwe werkweek de inhoud van deze resolutie voor u opsporen.

Prettig weekend!
Annemarie van Geloven, namens BHIC bhic zei op 27 maart 2009 om 16:30
Beste heer Breure, ik ben u niet vergeten. Volgende week hoort u meer van mij. Voordat ik u naar het nationaal archief verwijs, wil ik toch proberen de bewuste resolutie uit collecties van BHIC boven tafel te krijgen. De eerste pogingen waren tevergeefs...
Annemarie van Geloven, namens BHIC bhic zei op 31 maart 2009 om 15:25
Beste heer Breure, ook een vervolgonderzoek in de collecties van BHIC leverde geen resultaat op.
Rest mij u door te verwijzen naar het Nationaal Archief in Den Haag. Succes!
Mr. F. Breure zei op 13 augustus 2009 om 15:55
Geachte mevrouw Van Geloven,
Dank voor uw inspanningen! Ik ga het inderdaad maar weer eens in het Nationaal Archief proberen! Een eerder onderzoek een paar jaar geleden in de resoluties van de Staten-Generaal, inclusief de geheome resoluties, heeft toen echter niets opgeleverd,
Het zal dus niet eenvoudig zijn om nu wel de document te produceren....
Mr. F. Breure zei op 22 augustus 2010 om 17:50
Geachte mevrouw van Gelooven: ik meen, dat de bedoelde resolutie van 30 november 1671 door Wilbert Ulijn wordt behandeld in zijn werk± De Megense soevereiniteitskwestie,Oss, 1996. Kunt u mij zijn bronvermelding wat betreft deze resolutie geven= Dan kan ik hopelijk weer verder met enige kans op succes!
Annemarie van Geloven namens BHIC bhic zei op 23 augustus 2010 om 10:44
Opmerkelijk genoeg wordt de resolutie van 30 november 1671 niet expliciet genoemd in de afstudeerscriptie van Wilbert Ulijn (BHIC, toegang 1142, inv.nr. SK99).
Al op 11 december 1671 biedt Rogier van Leefdael zijn eerste verslag aan aan de Staten-Generaal, van wie hij de opdracht had gekregen om de status van het graafschap Megen en het Land van Ravenstein te onderzoeken. Misschien zit de tekst van deze resolutie bij zijn stukken.
Als bronvermeldingen kan ik u in eerste instantie aanbevelen:
Nationaal Archief, Archief Staten-Generaal, inv.nr. 12548.453 en 12555.63. Naar uw e-mailadres zal ik scans van de geraadpleegde archivalia door W. Ulijn toesturen.
Mr. F. Breure zei op 11 juli 2013 om 17:24
Nog steeds wacht ik met spanning op een opgave van de inhoud of van de vindplaats van genoemde resolutie van 1671! Ik geloof steeds meer, dat de vermelding van Megen als buitenland als een de facto constatering, en niet als een juridische erkenning moet worden gezien. De juridische strijd duurde namelijk voort!
Ook voor iedere andere suggestie in dit verband ben ik dankbaar!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:
Doe mee en vertel jouw verhaal!