i

"Het is goed in Stevensbeek"

vertelde op 29 mei 2011 om 19:34 uur

Je kent de uitdrukking: “Als Pasen en Pinksteren op één dag vallen” Dan bedoelen we te zeggen dat iets onmogelijk is. “Er moet wel een wonder gebeuren…” In deze spiegeling van Stevensbeek het wonder.

Jezus komt in de hemel de oprichter van Stevensbeek tegen; Piet Stevens. “Goh Petrus, beste Piet,” zegt Jezus tegen de oud burgemeester van Sambeek, “als jij vandaag nou eens eventjes terug gaat naar Stevensbeek. Dan kan je na 55 jaar nog eens even kijken wat er van geworden is. Je hebt 3 uur de tijd.” Stevens laat het zich geen twee keer zeggen en hij belandt in de kerk van Stevensbeek. Een wonder is geschied: Pasen en Pinksteren vallen op één dag. “De kerk is verbouwd maar de sfeer is nog dezelfde als 55 jaar geleden”. Piet Stevens bedenkt wat hij zoal wil bekijken. “Mijn belangrijkste doel was het stichten van een nieuw dorp met kansen voor boeren. Ik denk dat ik maar eens ga kijken hoe het hier met de landbouwontwikkeling is gegaan.”

In 1936 had Stevensbeek al 127 melkkoeien, 300 varkens en een paar honderd kippen. Het waren allemaal gemengde bedrijven. Met paardenkracht werd het land bewerkt. De koeien stonden in de weiden en er was twee keer zoveel bouwland als weidegrond. “Vlak voor mijn dood in 1954 heb ik nog de eerste tractoren in Stevensbeek zien komen en ik heb de eerste veranderingen gezien van potstallen naar loopstallen.” Lopend over de Mullemsedijk aanschouwt hij het rechtlijnige, kleinschalige landschap met een rastervormig wegenpatroon, dat nog steeds met laanbeplantingen is voorzien. Het bedachte landschap van toen is behouden.

Maar hij constateert ook de schaalvergrotingen van de bedrijven en hij mist de gemengde bedrijven. Hij ziet de grote sectorale bedrijven van melkveehouders, varkensbedrijven, kippenbedrijven, akkerbouwers en zelfs konijnen. Het aantal bedrijven is gegroeid van 22 naar meer dan 40! Bij Van der Cruijsen aangekomen kijkt Stevens eventjes in de kippenstal. “Wauw, hoeveel kippen lopen hier wel niet rond?”, terwijl Stevens zich verbaast over de enorme aantallen kippen hoort hij achter zich: “Hé jij daar, wat moet dat?, je mag hier niet komen dat is ten strengste verboden!”

Even later komt Stevens weer bij de Hemelpoort. Petrus doet open en vraagt: “En, hoe was het?” Stevens antwoordt: “Ooit heb ik het college van wethouders van Sambeek gezegd: Wanneer wij, Heren Wethouders en Burgemeester per fiets een rondtocht maakten om alles in onze gemeente in ogenschouw te nemen en bij die gelegenheid langs en door het landgoed Lactaria trokken en dan onze gedachten de vrije loop lieten, dan slaakten wij dikwijls de verzuchting: wat is het toch jammer dat onze Gemeente Sambeek indertijd dat complex gemeentegrond heeft verkocht!"

"En zou het niet mogelijk zijn dit weer voor de Gemeente in handen te krijgen? Wat zouden we hier toch iets moois tot stand kunnen brengen, door bijvoorbeeld het stichten van een Kerkdorp en hoeveel jonge boeren zouden hier een bestaan kunnen vinden! We hebben het destijds goed gedaan, beste Petrus. Ik heb gezien hoe het Kerkdorp de kerk koestert en hoe de landbouw tot ontwikkeling is gekomen. Al snap ik het allemaal niet meer, maar het is goed in Stevenbeek.”

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 6 mei 2009 om 11:20 uur

Sloop raadhuis voorkomen

vertelde op 20 maart 2014 om 15:21 uur

C.F.J.H. Hengst (1865-1921)