i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Sint-Oedenrode
Jaar: 1600
Tags:

Het Kofferen

vertelde op 16 november 2014 om 19:48 uur

Het Kofferen is een naam, afkomstig van een kleine boerderij, gelegen tussen de hoeve Stroetbolle en de dreef van Henkenshage. Wiro Heesters geeft als verklaring dat de naam afgeleid zou zijn van het oude woord 'kove', later 'kof', dat hutje betekent. Hieruit is de naam Koffer ontstaan, met achtervoegsel -en.

Met het verdwijnen van het boerderijtje is men deze naam voor het hele gebied gaan gebruiken.

Op de hoek Kasteellaan-Kofferen woonde in 1804 Petronella van Heumen van de Mosselaer. In dat jaar krijgt ze een kind, ze is dan al een geruime tijd weduwe, dus het kind moet van een onbekende vader zijn. Onder barensweeën moet ze aan de vroedvrouw vertellen wie de vader van het kind was, maar ze vertikt het om de naam van de vader te noemen. Omdat ze dat weigert besluit de gemeente van Sint Oedenrode haar voor vier weken op water en brood te zetten.

In 1866 is er al sprake van een gasfabriek in het Kofferen. De gemeente overweegt dan om vijf gaslantaarns te plaatsen, drie te Eerschot, een op het Kofferen en een bij het gemeentehuis op de Markt. Er waren al eerder lantaarns geplaatst in de gemeente, maar die brandden niet op gas, maar op olie.

Op de grens Boskantseweg-Kofferen staat het grote kantoorgebouw van “Ahrend Productiebedrijf Sint-Oedenrode”. Ongeveer op de plek waar nu de parkeerplaats is van “Ahrend Productiebedrijf”, stond eens het adellijk kasteel Logtenburch.

Rond 1900 begon Harrie van de Kamp in het Kofferen een smederij, waar nu het smederijmuseum is. Een paar jaar later startte hij aan de overkant een bedrijf en produceerde er diverse producten Tijdens de Eerste Wereldoorlog besloeg hij de paarden van het aldaar gelegerde regiment der Blauwe Huzaren. Na 1930 ging het bedrijf samen verder met Ahrend.

Op de huisnummers 9, 11 en 13 met het jaartal 1750 stond in die tijd het huis genaamd de Zwaan. Rond 1818 werd het huis verkocht aan Gerardus Klompers, van beroep hoedenfabrikant. Een inventaris is opgemaakt wanneer zijn vrouw is overleden. In het huis is dan aanwezig o.a. een kan met hazenhaar, acht verschillende soorten van hoedenstoffen, een marktkraam, 251 stuks gefabriceerde en half gefabriceerde hoeden.

Rond 1880 waren er twee herbergen en een winkel waar drank werd verkocht. Gepatenteerde was Johannes Vervoort, verkoper Jan Baptist Smit. De andere herberg behoorde rond die tijd toe aan gepatenteerde Johannes van Dincten, hoefsmid. Gepatenteerde Nathan Zwanenberg, de verkoper is Jacob Isaias van Saxen, de verkoop is in de winkel.

In 1925 werd dit door brand beschadigde huis met erf en tuin door Elias Groenenwoud, borstelfabrikant vroeger te Sint Oedenrode nu te Rijswijk, verkocht aan Hubertus Steenbakkers, metselaar en wonende te Schijndel.

Bronnen:
Pater Wiro Heesters ss.cc. in Heemschild 2 (1968), afl. 1, p. 11.
Foto’s
Collectie Jo van der Kaaij. 

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: