skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Astrid de Beer
Astrid de Beer RA Tilburg
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Astrid de Beer
Astrid de Beer RA Tilburg

Jarenlange politieke discussie leidt tot particulier badhuis

De Romeinen stonden bekend om hun badhuizen, deels met verwarming door een speciaal buizenstelsel. Veel volkeren kennen een vorm van badhuizen, onder verschillende benamingen: sauna in Finland en de onsen in Japan. In Nederland was in de Middeleeuwen centraal baden nou niet echt een sociale gebeurtenis. Het was wel algemener in de ‘badstoof-huizen’.


Tekening door Fiona Paasotini   

 


 uit Waterschans 1985 - 1


Binnen deze huizen kon men officieel apart gaan baden en verzorgd worden. Op papier was er een duidelijke scheiding tussen het baden van mannen en vrouwen. Het was echter bekend bij autoriteit en bevolking dat deze huizen opereerden in een schimmig zedelijk gebied.     

Halverwege de vijftiende eeuw waren er twee badstoven in Bergen op Zoom. Een aan de Scholiersberg en een in het Morganstraatje. Deze gelegenheden waren niet echt een lang leven gegund.

Centraal badhuis

Er was ook sprake van badhuizen tijdens de Eerste Wereldoorlog. Op plein 13 was op het terrein van de woonwagens van de Belgische vluchtelingen een houten barak als zodanig ingericht. Ook was er een centraal badhuis op het tentenkamp op Plein XIII.

Desondanks werd pas in de jaren vanaf 1930 vanuit het oogpunt van de volkshygiëne voorzichtig gedacht aan centraal gelegen badgelegenheden, waarin de bevolking zich kon ontdoen van hun arbeidszweet en aanverwante artikelen.

(het verhaal gaat verder onder de afbeelding)


paragraaf uit het Bergse gemeenteraadsverslag van 23 januari 1933

Reeds in 1933 werd voorzichtig in de gemeenteraad opgemerkt dat het mogelijk verstandig zou zijn een badhuis op te richten. Het gemeentebestuur was daar echter nog niet van overtuigd. Tenslotte was er het bijzonder unieke zoutwaterzwembad, dat onder auspiciën van de gemeente al draaide vanaf 1884. Er werd dus niets gedaan. Het gemeentebestuur wilde eigenlijk de particulier de voorrang geven bij de aanpak van deze materie.


Siemens geiser

Er was natuurlijk wel wat voor te zeggen. Er waren veel arbeidersgezinnen, die voor de Tweede Wereldoorlog massaal met grote gezinnen bij- en op elkaar woonde. Na de oorlog was de woonsituatie nog niet van dien aard dat dat probleem was opgelost en ook waren de geiser en centrale verwarming nog geen normaal onderdeel van veel huishoudens. Het was natuurlijk ook een kwestie van centen. Dus voor velen bleef het de wastobbe.

Omdat aan de hygiëne steeds hogere eisen werden gesteld ging ook het Juvenaat College achter het hoofdgebouw een badhuis bouwen en inrichten.

In 1947 wordt in de gemeenteraad vastgesteld dat het college van B en W besloten hebben toch een gemeentelijk badhuis te gaan bouwen…alleen wanneer? Er wordt uitgekeken naar geschikte locaties, maar de gemeente laat het vaak zelf liggen. De vrijgekomen ijsfabriek van Boschman aan de Minderbroederstraat had een prima optie voor een vaste plek geweest. Er wordt in 1951 geopperd om niet één centraal badhuis op te richten, maar meer kleinere wijkgebonden huizen te ontplooien. Dit omdat zelfs het grote terrein, dat door de 2e V-1 is vrijgekomen op de hoek van de Wassenaarstraat met de van Hasseltstraat, door de gemeente in overleg met de Inspecteur voor Volksgezondheid wordt afgekeurd.

Snelle aanpak door particulier

Het wachten op de politiek beu start in 1951 de heer W. Klaassen uit de Balsebaan een aanvraag om de woning van nummer 48 te mogen ombouwen tot een badhuis. Dat wordt vlot in orde bevonden en de vergunning verleend. Doordat de heer Klaassen al in 1953 vraagt om een uitbreidingsvergunning tekent dat het succes van het badhuis. De heropening van de uitbreiding is op 14 januari 1954.


Interieur van het badhuis ( uit het BN 14 januari 1954)

Zoals vaker in de politiek blijft de gemeenteraad het onderwerp regelmatig terugvoeren. Dit leidt tot een haalbaarheidsonderzoek naar een badhuis in het Markiezenhof. In de besluitenlijst gemeenteraad van 26 juli 1960 wordt gedacht aan een ingang naar dit badhuis vanaf het St. Catharinaplein. Door de heer Klaassen wordt tegen dit plan geprotesteerd met een schrijven (19-7-1960) aan het gemeenteraad. Overigens doet hij wel enkele voorstellen indien er toch een badhuis Markiezenhof komt.

Met de nota II a nummer 60/40 c door B en W aan de gemeenteraad gezonden wordt in de gemeenteraad van 28 oktober 1960 besloten het badhuis in het Markiezenhof niet door te zetten. Mede doordat van lieverlee in de huizen een eigen douche kon worden aangeschaft is het badhuis van de heer Klaassen van lieverlee uit het straatbeeld verdwenen.

Bekijk ook

Watersport en -recreatie in Brabant

Water in Brabant

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!