skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Luud de brouwer
Luud de brouwer RA Tilburg
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Luud de brouwer
Luud de brouwer RA Tilburg

Juvenaat Heilig Hart in Bergen op Zoom

Op 6 december 1900, aan de Wouwsestraat in Bergen op Zoom, stichtten de Priesters van het Heilig Hart van Jezus hun Juvenaat Heilig Hart. Het was een gymnasium, bedoeld voor jongens die tot deze religieuze gemeenschap wilden toetreden. De internen doorliepen zeven klassen, waaronder een voorbereidende. Toen de paters in 1903 een nieuw klooster betrokken aan de Antwerpsestraatweg 125, verhuisden het juvenaat en 33 leerlingen mee.

De jongelingen werden door hun ouders afgezet bij het imposante Heilig Hartklooster, waarvan de lange zijvleugels op sommige plekken tot aan de dakrand begroeid waren met klimop. Leerlingen van toen zullen zich misschien nog de buitenschoolse activiteiten herinneren, zoals de muziekavonden, fancy fairs en de Vastenactie, maar ook de bibliotheek, de toneeltraditie en de enorme tuin met daarin de bijenkorven van de paters.

Eind jaren vijftig zaten er pakweg 240 leerlingen op dit internaat. ‘Externen’, leerlingen die niet bij de paters overnachtten, zaten er niet. Dat ging lang niet bij alle internaten zo. Het juvenaat van de Priesters van het Heilig Hart was een wereld op zich. Het was een opvoedingsinstituut waar alle aandacht uitgang naar het rekruteren en vormen van een toekomstige kerkelijke elite.

Het juvenaat stond ook wel bekend als de 'apostolische school'. De leerlingen gingen er een flink aantal jaren tegemoet van strikte dagelijkse routine. De kloostergeloften van kuisheid, soberheid en gehoorzaamheid stonden daarbij hoog in het vaandel. Dat betekende onder andere het verlies van je privacy. Een goed voorbeeld is de slaapplek van de leerlingen. Sommige internaten hadden een slaapzaal. Weer andere hadden chambrettes, afgesloten door een doek, of een deur die niet op slot kon. De eerste- en tweedejaars van het juvenaat in Bergen op Zoom sliepen in chambrettes van halve hoogte, zogenaamde 'paardeboxen'. Als je daarin lag, had een minimale vorm van privacy. Maar zodra de leerlingen zich uitkleedden, 'staken die kopjes en bovenlijfjes er allemaal bovenuit', zo lezen we in het bekende boek van Jos Perry over katholieke jongenskostscholen, waarin een voormalige juvenist van de priesters van het Heilig Hart aan het woord komt.

De katholieke kostschoolopvoeding was onder andere bedoeld om de kinderen te leren omgaan met anderen. Je leerde je aan te passen aan wat het beste was voor de groep, met het oog op een zo Godsvruchtig mogelijk leven. Aan sociale contacten had je geen gebrek, wat zowel positieve als negatieve kanten had. Van internaten is bekend, dat er veel vriendschappen voor het leven werden gesloten, maar ook dat bijzondere vrienschappen voortdurend in de gaten werden gehouden.

Pas eind jaren zestig kregen ook meisjes toegang tot de school en dat was gezien de geschiedenis, waarin de seksen ook buiten katholieke kring strikt gescheiden waren en dan vooral in de opvoeding, een flinke omslag. Het internaat was op dat moment al in verval. Steeds minder jongens ontvingen kennelijk de Goddelijke roeping tot het priester- en kloosterleven. In 1969 ging het internaat dicht. De school bleef open.

Bronnen

Jos Perry, Jongens op kostschool. Het dagelijks leven op katholieke jongensinternaten (A.W. Bruna Uitgevers BV: Utrecht 1991).

P. de Vries s.c.j., 'Uit de geschiedenis van het juvenaat H. Hart', De Waterschans. Mededelingenblad van de Geschiedkundige Kring van Stad en Land van Bergen op Zoom jrg. 24, nr. 1 (april 1994) 19-31.

Foto's

De eerste leerlingen met onderwijzers van het juvenaat, 1900. Bron: West-Brabants Archief

Jongerenkoor van het juvenaat, 1910. Bron: West-Brabants Archief

Speelplaats van het juvenaat gezien in noordwestelijke richting, 1914. Foto: Brinio Rotterdam. Bron: West-Brabants Archief

 

Deel verhalen en foto's!

Reageer hieronder, deel je herinneringen aan het internaat en vul deze pagina aan! Foto's kunnen worden verzonden aan internaten@bhic.nl. Wij voegen ze dan hier toe.

Klik hier voor de herinneringen van René Bastiaanse (intern jaren '60)

Reacties (13)

René Bastiaanse zei op 20 maart 2019 om 12:12
Het spijt me maar als ex - intern zie ik toch een aantal beweringen die volgens mij niet echt bestudeerd zijn.
Kees Stoffels zei op 21 maart 2019 om 03:58
Als misdienaar van het verzorgingshuis st.Elisabeth in Halsteren werd je ongemerkt toch gescout om ook de religieuze kant te kiezen. Met de Tomdagen op het Juvenaat probeerde men de interesse te wekken voor de opleiding.
Thijs de Leeuw
Thijs de Leeuw bhic zei op 21 maart 2019 om 10:26
@René: bedankt voor je reactie. Als ex-intern nodigen wij je natuurlijk graag uit om het verhaal aan te vullen en te corrigeren. Ook de andere internatenpagina's zijn eigenlijk continu in ontwikkeling, alleen al omdat we zoveel mooie foto's binnenkrijgen bijvoorbeeld. Die voegen we dan toe aan het verhaal. Maar ook met alle ingezonden informatie over internaten gaan we zeker aan de slag. Wanneer heeft u op deze kostschool gezeten?
Thijs de Leeuw
Thijs de Leeuw bhic zei op 21 maart 2019 om 10:30
@Kees: leuk dat je hier hebt willen reageren. Ik ben wel benieuwd hoe ze dan op die 'Tomdagen' nieuwe leerlingen probeerden te werven. Hoe ging dat? En heb je er trouwens zelf nog over gedacht om die 'religieuze kant' te kiezen? Of wist je al snel dat je dat niet wilde?
Ad Mouwen zei op 26 maart 2019 om 11:51
ik heb omstreeks 1963 op Juvenaat gezeten: Rene Bastiaanse van Heerle toen? we pikten jou wel eens op dan naar het Juvenaat?
rene bastiaanse zei op 26 maart 2019 om 12:38
Misschien is mijn vorige reactie verdwenen maar ik verwees naar een artikel in geschiedkundig tijdschrift "De Waterschans" van april 1994. Dit is vast nog in het bezit van of verkrijgbaar door mijn naamgenoot.
René Bastiaanse zei op 26 maart 2019 om 12:40
Dat is lang geleden, Ad, alles goed?
Thijs de Leeuw
Thijs de Leeuw bhic zei op 26 maart 2019 om 12:45
@René: dank voor de tip! De jaargangen van het tijdschrift De Waterschans bewaren we in onze bibliotheek, dus komt helemaal goed : )
Jan van den Dungen zei op 16 juli 2020 om 16:39
Pater Frans Borrenbergs (*Luyksgestel 1910) was van 1941 tot 1973 leraar Frans aan het gymnasium van het H. Hart in Bergen op Zoom. De laatste 9 jaren vervulde hij naast zijn leraarschap tevens de functie van rector van het gymnasium Juvenaat. Hij was sinds 1932 ingetreden in de Congregatie van de priesters van het H. Hart (SCJ) en in april 1936 tot priestergewijd in het Studiehuis St Jozef in Hees-Nijmegen. Een jaar later droeg hij als Neomist zijn eerste H. Mis op in de St. Martinuskerk in Luyksgestel. Op 19 januari 1973 overleed hij in ziekenhuis De Lievensberg in Bergen op Zoom en was pas 62 jaar oud. Frans Borrenbergs was een aimabel leraar en mens. Hij was een begaafd persoon en een vriend en leidsman voor velen, niet enkel binnen de congregatie en het juvenaat, maar ook buiten de ‘muren’. Ook maakte hij in zijn geboortedorp verschillende jongens enthousiast voor een studie aan ‘zijn ’ juvenaat, waarvan heus niet allen intraden. Een der bekendste was Pater Harrie Peels, die in latere jaren werd benoemd tot Provinciaal Overste van de Nederlandse en Belgische provincie der priesters van het Heilig Hart. Borrenbergs’ kerkelijk afscheid vond in januari 1973 plaats in de kerk van O.L. Vrouwe van Lourdes in Bergen op Zoom in welke plaats hij ook werd begraven. Later kreeg hij als dank een straatnaambordje op het complex van het Juvenaat aan de Antwerpsestraatweg.



Foto: Pater Frans Borrenbergs
Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman bhic zei op 17 juli 2020 om 14:03
Bedankt voor je aanvulling bij dit bericht Jan. Zo te lezen was hij een zeer prettige man om bij in de buurt te zijn. Hij zal zeker van invloed zijn geweest op vele levens. Ook mooi om te lezen dat hij een straat naar zich vernoemd heeft gekregen op het complex.
Jan Lelijveld zei op 20 augustus 2020 om 20:10
Die zogeheten Tom dagen waar in een eerdere reactie sprake van was zijn nog voor het eind van jaren '50 afgeschaft. De directeur en de rector waren van oordeel samen met de twee paters die ouders van toekomstige leerlingen bezochten, dat er andere methoden waren om leerlingen te werven. De TOM dagen werden in de zomervakantie gehouden en bestonden uit kennismaking met andere jongens van de leeftijd van 11/12 jaar door middel van sport en spelen, films kijken en natuurlijk het leven in het internaat met uiteindelijke doel om toe te treden na zes jaar tot de priesters van het H.Hart.
Als je eenmaal als leerling was aangenomen, kreeg je alvorens voor het eerst naar Bergen op Zoom af te reizen bezoek van een oudere leerling van het Juvenaat. Hij was aangewezen als een soort van begeleider (buddy zouden we nu zeggen) om je wegwijs te maken gedurende de eerste week. Vooraf gaand aan je vertrek diende je te zorgen dat het opgegeven nummer, in mijn geval 38, in al je kledingstukken was genaaid en indien je spullen via een hutkoffer naar het Juvenaat werden gestuurd dat zelfde nummer goed zichtbaar op de koffer aan te brengen. Aangekomen zocht je met behulp van je buddy de koffer op en droeg die naar de slaapzaal, maakte je bed op en zette de koffer achter het hoofdeinde. Ieder kreeg de helft van een stalen kast voor de kleding. In mijn jaar waren er slaapzalen waarin in vier lange rijen de bedden waren opgesteld. Pas als je ouder was verhuisde je naar een verdieping hoger met chambrettes. Enkele jaren later werden de slaapzalen vernieuwd en had je meer privacy.
Er zijn vele verhalen te vertellen, maar in aansluiting op dat over pater Borrenbergs het volgende. Hij was leraar Frans en in latere leerjaren werden er ook boeken gelezen soms in een ietwat aangepaste of gekuiste versie. Zo lazen we La Peste van Albert Camus in een verkorte aangepaste versie. Aangestoken door enkele meer francofiele leerlingen waren er medestudenten die de Nederlandse vertaling (compleet) die toen was uitgegeven door de Bezige Bij. Om te voorkomen dat het boek werd ingenomen op basis van rubricering in de IDIL lijst voor katholieken, vertelde je de goede pater Borrenbergs dat je dat boek had aangeschaft (via je ouders) om het verhaal beter te begrijpen en te doorgronden. Verheugd om zoveel aandacht voor zijn vak stemde hij in en je kon dan bij pater prefect melden dat je toestemming had het boek te lezen, ondanks het feit dat de auteur fel van leer trok tegen de toenmalige katholieke kerk en de clerus. Soms lukte eenzelfde poging bij een vak als Nederlands bij auteurs als Hugo Claus of Jan Wolkers ook, maar de leraren in dat vak waren niet altijd zo positief in hun reacties. Als je het toch had en het werd opgemerkt, werd het ingenomen door de prefect en door hem bewaard.
Mick van Gerwen
Mick van Gerwen bhic zei op 24 augustus 2020 om 10:07
Hallo Jan,

Dank voor je bericht. Leuk om te zien hoe jullie het toch voor elkaar konden krijgen om gecensureerde literatuur te lezen. Die TOM dagen klinken wel als een goede manier om jongens van 11/12 geïnteresseerd te maken in het internaat. Weet je hoe ze na het afschaffen hiervan kinderen probeerden te werven?
Thijs de Leeuw
Thijs de Leeuw bhic zei op 13 januari 2021 om 07:25
TOMDAGEN

Via de mail kregen wij de vraag waar de naam "Tomdagen" toch vandaan komt. Omdat er allicht meer vragen over bestaan plaats ik de gevonden informatie ook hier.

Het begon met pater Adrie van der Lee s.c.j. (1914-2010). Hij werd geboren te Rotterdam, legde zijn kloostergeloften af op 8 september 1935 te Asten, was van 1935 tot 1937 werkzaam op het bureau van het Juvenaat te Bergen op Zoom; ontving na zijn studie filosofie en theologie de priesterwijding op 19 juli 1942 in de kapel van Sancta Maria, te Heesch-Neerbosch, en keerde in september 1943 weer terug naar het Juvenaat in Bergen op Zoom. Daar kreeg hij de leiding van het bureau, dat de contacten onderhield met de weldoeners en
mede de uitgave verzorgde van het tijdschrift “Het Rijk van het H. Hart”, ook wel het “Rode Boekje” genoemd. Tegelijk gaf hij conferenties en had de zorg voor het toneel.

In 1948 richtte hij het “Tom-blad” op, een bijlage van het “Rode Boekje”, bedoeld als contactblad voor de jongeren en hun families. Hieruit ontstonden in 1951 de “Tomdagen”, kennismakingsdagen voor jongeren, die gehouden
werden in het Juvenaat. Deze wervingsmethode voor roepingen werd spoedig overgenomen door het Missiehuis “Christus Koning” in Helmond.

Op 12 augustus 1961 vertrok Van der Lee naar Engels Canada, waarheen vlak na de oorlog zoveel Nederlanders zijn geëmigreerd. Daar werkte hij de eerste jaren met veel energie op het bureau en startte er de Canadese “Tomdagen”, die daar “Dondagen” werden genoemd, een andere jongensnaam.

Bron: https://scj.nl/wp-content/necrologium/html/files/assets/basic-html/page314.html

Tom verwijst dus naar een jongensnaam. Niet heel verrassend. Maar waarom dan precies Tom... Dat Van der Lee in Canada een andere naam koos, lijkt erop te wijzen dat er geen heel diepe betekenis achter "Tom" zat en dat simpelweg gekozen werd voor een doorsnee jongensnaam. (Of het toen ook een vaak voorkomende naam was, is mij niet bekend.)

Om meer te weten te komen zou eigenlijk het eerste exemplaar van het Tom-blad bekeken moeten worden. Gelukkig is het eerder genoemde blad Het Rijk van het H. Hart online te bekijken tegenwoordig, (website "Delpher") en dus ook het Tom-blad, dat eerst als bijlage is verschenen.

Op pagina 1 van het eerste exemplaar: https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMKDC07:006428013:00001 vinden we gelukkig inderdaad een korte uitleg. Er wordt al meteen toegegeven dat het toch een 'vreemde naam' is voor het krantje. Jongens kunnen een brief schrijven aan Tom, maar hem bijvoorbeeld ook proberen na te tekenen - hij is immers op dezelfde pagina afgebeeld.

Het Tom-blad is dus online te bekijken, allicht leuk voor oud-leerlingen van dit Juvenaat en bijvoorbeeld Christus Koning in Helmond, dat andere juvenaat van de paters SCJ, waarvoor ook Tomdagen werden georganiseerd.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!