i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Eindhoven
Tags:

Kijkje in het heilige der heiligen: de werkkamer van Meneer Frits

vertelde op 22 augustus 2019 om 14:16 uur

Het Philipscomplex in Eindhoven is eind jaren zestig groot en uitgebreid. Wie er voor moet zorgen dat in àl die gebouwen de lampen branden, die komt nog eens ergens. Niet alleen in de kantoren en kantines, maar ook in het ‘heilige der heiligen’; de kamer van Meneer Frits, de populaire directeur van Philips. Bert van Herk vertelt over die bijzondere periode.


Van 1967 tot 1969 werkte Bert van Herk bij de Technische Dienst van Philips. Samen met twee collega’s pleegde hij – als ‘lampenist’ - onderhoud aan de verlichting, van álle gebouwen. Een gigantisch complex, bestaande honderden panden, vol kantoren. Dit betekende in de praktijk - uitgaande van een brandtijd van een lamp en TL-buis van ongeveer vijfduizend uur - dat zodra alle fittingen waren gecheckt en voorzien van nieuwe lampen, Bert en zijn collega’s weer van voor af aan konden beginnen.

De geheime afdeling

Hun werk bracht hen op uiteenlopende plaatsen, zo blijkt al snel uit de herinneringen van Bert. Niet alleen in de gewone kantoortjes maar ook op de vierde etage. En dat was wezenlijk anders: dat was de geheime afdeling en daar kwam je niet zo maar op. Naam, adres, salarisnummer, en een handtekening: alles werd genoteerd door de bewaking zodra je daar moest zijn. Maar was je eenmaal binnen, dan kon het zomaar zijn dat kluizen openstonden of technische tekeningen open en bloot op bureaus lagen. Een schril contrast met alle beveiliging die daaraan vooraf was gegaan.

Frits Philips aan het werk

Het heilige der heiligen om te komen was onbetwist de werkkamer van Meneer Frits. Bert weet nog goed hoe die kamer eruitzag. Blauwe vloerbedekking, ronde tafel met twee fauteuils en een halfrond bureau, met daarin minstens vijf monitoren erin verwerkt, naast nog enkele telefoons. Nog wat kantoorspulletjes maar voor de rest niets. Niet iets om steil van achterover te vallen, en niet te vergelijken met die éne kamer die verderop zat.

Cadeaukamer

Dat was een kamer vol zilver en goud. Schalen, kommen, dolken met ingelegde edelstenen, beeldjes, lijsten met Chinese karakters in bloedkoraal. Alles stond prachtig uitgestald. “Als je alles zou willen bekijken, zou je wel een halve dag bezig zijn”, aldus Bert. Het bleek de cadeaukamer; geschenken van buitenlandse gasten die bij Philips op bezoek kwamen en een cadeautje meenamen voor de gastheer. Maar ook in deze kostbare kamer moesten gewoon de lampen worden vervangen.

Niet alleen veel pracht en praal, soms troffen Bert en zijn collega’s juist heel andere situaties aan. Zoals die ene keer, dat een nette kantine in één avond (nacht?) was veranderd in een slagveld. Met kapot geslagen wijnflessen in de stoelen en bami in het tapijt. “De wijn sopte onder onze schoenen in de vloerbedekking”, weet Bert nog goed. Wat er precies is gebeurd, daarnaar blijft het gissen want een boze cheffin stuurde Bert weg en knoopte hem goed in de oren dat wanneer hierover één woord naar buiten zou komen hij wel kon fluiten naar zijn baan.

Dan keert Bert in gedachten liever terug naar de kantoortjes aan de kant van de Pieter Zeemanstraat. Naar dat vertrek, dat meer leek op een teletijdmachine. “Als ik voor me keek, zat ik in de zeventiende eeuw, als ik me omdraaide, was ik weer terug in de twintigste." Dat vertrek was ingericht als een oud-Hollandse kamer, met een open schouw, inclusief ketel aan een ketting, en Delfts blauwe tegels. Prachtige schilderijen, onder meer van een Spaans soldaat met koperen punthelm. Twee antieke wereldbollen. Midden in de kamer stond een lessenaar met daarop een boek uit de Middeleeuwen, elke hoofdletter getekend en ingekleurd. “In deze kamer zocht Meneer Frits rust. In de zeventiende eeuw bestond Philips niet, dat was pas rust voor hem.”

Maar de meest warme herinnering bewaart Bert aan de vrolijke en hartelijke dames in de grote kantine op de begane grond. Als daar de lampen moesten worden vervangen, was je verzekerd van verse koffie (zonder koffiebonnetje van 15 cent), en van veel gezelligheid. In ruil daarvoor lieten Bert en zijn collega’s de boel keurig achter. En op vrijdag, als er bami of nasi over was, dan werd Berts’ broodtrommel daarmee gevuld, samen met de satésaus. “Dames, nog bedankt daarvoor, ook al is het 52 jaar geleden.”

Benieuwd naar meer herinneringen van Bert van Herk en wil je zijn hele verhaal lezen? Klik dan hier.

 

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 4 oktober 2012 om 16:42 uur

Zestig jaar Philips in Uden

vertelde op 22 augustus 2017 om 09:41 uur

Eindhovense Philipsingenieur Sergej Kaplan overleefde concentratiekampen

vertelde op 12 juni 2019 om 11:24 uur

Gered door een kast voor Philips