skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Astrid de Beer
Astrid de Beer RA Tilburg
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Astrid de Beer
Astrid de Beer RA Tilburg

Lulletjespap, Stokvisstamppot en Schoenlapperstaart: Etenstijd op het internaat

Een van de best bijgebleven herinneringen van mensen die op kostschool hebben gezeten, hebben betrekking op het eten dat ze daar voorgeschoteld kregen. Dit blijkt wel uit de talrijke reacties van oud-kostschoolleerlingen op onze internatenkaart. De beschrijvingen spreken van een, met de ogen van nu, soms wel erg apart dieet met de meest creatieve namen voor gerechten.


"Voor de warme maaltijd werden er regelmatig inmiddels vergeten gerechten voorgeschoteld."

Broodmaaltijden op internaten waren vaak niet zo veel anders als vandaag de dag. Vaak was er gewoon brood met margarine of boter en beleg zoals jam en pindakaas. Veel vrouwen die bij de Fransicanessen in Etten verbleven ('t Withof / Sint Jozef en San Francesco) blijken zich nog 'kroet' (ook wel geschreven als 'crout' of 'croutte') te herinneren. Een naam die ze gaven aan korsten van brood besmeerd met boter, vaak met een snee brood ertegenaan. Deze korsten werden vaak in de middag na school gegeten, bij de thee. Ondanks dat het een simpele hap was, kijken verschillende leerlingen van toen toch positief terug op deze middagsnack.

Een ander standaard onderdeel van het dieet op internaten waren verschillende soorten pappen. Standaard pappen zoals griesmeel- en rijstepap worden vaak genoemd door oud-kostschoolleerlingen. Op het Sint Theresia Missiehuis, later bekend geworden als Internaat Stapelen, kregen de leerlingen echter ook een pap voorgeschoteld die al gauw de naam ‘lulletjespap’ kreeg. Het is niet bekend wat er precies in zat. Wel zagen de jongens er zo nu en dan een stukje macaroni in drijven, wat de aparte benaming van het gerecht verklaart.

Voor de warme maaltijd werden er regelmatig inmiddels vergeten gerechten voorgeschoteld. Zo weet een oud-leerling van het meisjesinternaat Mariënburg in Den Bosch zich nog ‘stokvisstamppot’ te herinneren. Een simpele stamppot gemaakt met aardappelen en uitgedroogde vis. En als dit gekookt werd dan stonk de hele verdieping van de eetzaal ernaar. Met als gevolg dat eigenlijk niemand nog trek had in deze maaltijd.


Etenstijd op het internaat van de Broeders van De la Salle in Baarle-Nassau (foto met dank aan Bert Wijnen)

Bij verschillende internaten weten mensen zich nog een maaltijd te herinneren genaamd ‘filosoof’. Dit was een stoofpot, vaak gemaakt van vlees dat over was van de dagen ervoor. Het wordt door sommige oud-leerlingen vergeleken met de jachtschotel zoals we deze nu nog steeds kennen. Dit lijkt een van de populairdere maaltijden te zijn geweest op veel internaten.

Pudding is een toetje dat ook terugkomt bij verschillende internaten. Het betrof vaak een kookpudding, waar dan een dik vel op zat. Aan dit dikke vel hebben de meeste mensen die dit toetje benoemen geen goede herinneringen. Het toetje, wat eigenlijk een lekkernij hoort te zijn, was voor veel leerlingen daardoor eerder een straf. Leerlingen van het pensionaat 't Withof in Etten kregen soms een toetje in de vorm van een ‘schoenlapperstaart’ en dit dessert werd zeer gewaardeerd. Deze lekkernij was vooral in de zeventiende eeuw populair, maar ook tot ver in de twintigste eeuw werd er nog volop van gegeten.

Bron: gedenkboek "Denkend aan Stapelen zie ik…..”, met dank aan Kees Scheffers
Etenstijd op internaat St. Theresia / Stapelen in Boxtel (bron: publicatie "Denkend aan Stapelen zie ik...", p. 135, foto met dank aan Kees Scheffers)

Op internaten was het gewoon 'eten wat de pot schaft'. Lustte je het niet, dan had je pech. In veel gevallen werd het eten dat je niet opat, de volgende maaltijd weer voor je neus gezet. En als het de eerste keer warm al niet lekker was, dan was het de tweede keer (inmiddels afgekoeld en oud) natuurlijk al helemaal niet meer te eten. Er zijn dan ook veel verhalen bekend van leerlingen die het eten dat ze niet lustten probeerden weg te moffelen onder hun kleding om het na de maaltijd door de wc te spoelen. Deze noodgedwongen vindingrijkheid komen we ook tegen in de verhalen over Pensionaat Mariëngaarde in Aarle-Rixtel. De zusters daar hadden echter een slimme oplossing bedacht. Ze haalden alle klinken van de toiletdeuren en plaatsten deze pas een uur later, nadat etenstijd in de refter erop zat, weer terug.

Heb jij nog op kostschool gezeten en levendige herinneringen aan het eten daar, positief of negatief, laat het ons dan weten! Reageer hieronder en deel jouw ervaringen. En wil je deze ‘vergeten maaltijden' zelf eens proberen: op het internet zijn recepten van onder meer stokvisstamppot, filosoof en schoenlapperstaart nog altijd te vinden.

Reacties (4)

Robbert zei op 23 juli 2020 om 11:09
Het eten was in de regel slecht op de kostscholen c.q internaten. Het mocht vaak geen geld kosten. Op de koningshoeve in Edam kreeg je 's middags oud brood met suiker als vier uurtje. En dan die vieze koninginne soep. Ook een stukej vlees was schaars. Vlees was duur dus je kreeg een bal gehakt of worst. In oud-Gastel lag er een kwak jam op een bord als broodbeleg. In Ossendrecht had de kok de opdracht om per dag niet meer dan 0,75 cent uit te geven aan de drie maaltijden. En hij was trots als hij eronder bleef. Erbarmelijk. Er waren maar weinig internaten waar het eten lekker en smakelijk was. Voeding was in de ogen van religieuzen duur en daar moest je spaarzaam mee omgaan. Vaak werd het voedsel in grote stoomketels bereid waardoor er al weinig smaak aan zat. In Ossendrecht kreeg je op zondag maar twee maaltijden.
Herinneringen zijn:
Vieze pudding met een dik vel;
Soep was poeder met water
Een sinasappel was uitzondering. meestal een vieze appel als fruit;
Vlees was meestal: gehakt, worst, vieze hachee of een gekookt ei.
Kortom het eten was op de meeste internaten erbarmelijk en goedkoop.
Mick van Gerwen
Mick van Gerwen bhic zei op 23 juli 2020 om 12:11
@Robbert, Dat klinkt inderdaad wel heel erg karig allemaal. Kreeg je behalve de zeldzame sinaasappel soms nog meer dingen die wel lekker waren?
Robbert zei op 23 juli 2020 om 12:46
In Edam hield ik het dubbeltje achter wat we voor de kerk kregen en kocht hiervoor chips en snoep.
Nee, kan het mij absoluut niet herinneren. Het was erbarmelijk en slecht op alle internaten. De honger stilde ik met naar de frituur te gaan in Oud-Gastel. In Ossendrecht kon je eenmaal per week bij een snoepwinkeltje( beschamend dat de winst naar het internaat ging ) chips en worstjes kopen. Daar vulde ik mijn maag mee. En op school was een bakkerijafdeling die vaak koekjes en andere lekkernijen verkochten. Kortom het eten op de internaten was slecht, karig en van slechte kwaliteit.
Mathilde de Vries zei op 13 augustus 2020 om 14:11
Het eten was over het algemeen erbarmelijk, het rook ook vies, onder meer omdat alles gestoomd werd. Je zat met 8 meisjes aan een tafel (ik zat op de Catharinenberg in Oisterwijk, bij de Franciscanessen) en iedere dag stonden er meerdere schalen gekookte aardappels op tafel. Eens per week werden de overgebleven aardappels opgebakken, dan kregen we een of twee schalen per tafel. Dat was het enige dat een beetje smaakte maar het was altijd te weinig.
Het vlees was vies: grijs gehakt, smerige verse worst en het ergste van alles: spek. Niet uitgebakken maar een grote plak glibberig vet met een laagje van paneermeel eromheen. Walgelijk. Zoals ik op een andere plek al beschreef, verdween veel van dat smerige vlees eerst in onze verplichte halve schortjes. Na het eten mochten we naar de tuin waar een riviertje doorheen liep, alles werd in het riviertje gekieperd, uiteraard als de nonnen niet keken.
Ook wij kregen om 16.00 uur iets te eten: dubbele boterhammen, volgens mij zat er alleen margarine of reuzel tussen. En dan die thee: grote kannen gekookte thee die naar niets smaakte.
Fruit kregen we niet, dat moest je van huis meebrengen.
Bij het ontbijt kreeg je allerlei soorten vruchtenhagel en kokosbrood als beleg, ik hield helemaal niet van zoet beleg maar veel anders was er niet.
Bij de kerstviering waren er witte broodjes en een sinaasappel. Tja.
Wat ik ook elders beschrijf is dat we in de derde klas van mulo een middag per week naar de huishoudschool gingen, we kregen r onder andere kookles en moesten dan een maaltijd bereiden die we zelf op mochten eten. De interne leerlingen aten bijna altijd ook het grootste deel van de maaltijd van de externe leerlingen op. Zoveel honger hadden we!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:
Doe mee en vertel jouw verhaal!