i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Etten-Leur
Tags:

Met de stoomtram naar Etten

vertelde op 15 december 2014 om 09:23 uur

Op 9 augustus 1878 werd de Locaalspoor- en tramwegwet van kracht die het mogelijk maakte om tramwegen langs de openbare weg aan te leggen. De eerste stoomtramlijn werd in 1879 tussen Den Haag en Scheveningen in gebruik genomen. Pas op 3 november 1889 richtten in Breda enige rijke Belgen de Zuid-Nederlandsche Stoomtramweg Maatschappij , ZNSM, op.

Tram 4 naar HoevenDoelstelling was: “het aanleggen, exploiteren, huren en verhuren van tramwegen in de Nederlanden en in het buitenland”. De aanleg heeft zich echter alleen maar tot West-Brabant beperkt. Een van die lijntjes kwam langs Etten-Leur.

Op 24 juli 1890 werd de tramlijn Breda (Haagpoort)–Princenhage–Rijsbergen–Zundert–Wuustwezel in gebruik genomen. Vanaf Princenhage werd op 10 augustus 1890 het traject naar het Liesbosch en Etten geopend en een week later kon men doorreizen naar Oudenbosch.

Omdat de spoorwegovergang in Etten (Markt/Hoevenseweg) nog niet gereed was, werd tot 30 november 1890 het vervoer uitgevoerd door een paardentram. Vanaf december 1890 kon men tweemaal per dag met de stoomtram van Breda naar Oudenbosch. Later werd dit lijntje doorgetrokken naar Oud-Gastel dat weer aansloot op de lijn Roosendaal-Willemstad.

Het tramstation van Etten was gevestigd op de Markt in het Neerlandsch Koffyhuis. Hier lag ook een dubbelspoor. Niet zozeer opdat de trams hier elkaar konden passeren (wat niet zo vaak voorkwam, gezien het beperkte aantal ritten per dag), maar vooral om goederenwagons te kunnen laden en lossen. Ook was er een halte bij het Witte Paard aan de Bredaseweg. Bij de halte op de Vaartkant kon overgestapt worden op de paardentram naar Leur.

Het personenvervoer werd meestal uitgevoerd in de volgende samenstelling: een locomotief met een 4-assig rijtuig 2e klasse, een 2-assig rijtuig 1e klasse en een bagagewagen. Verder had men enige open rijtuigen die ’s zomers werden ingezet. De maatschappij had zestien locomotieven van het Belgische merk Tubize. De locomotieven met de nummers 4 en 5 reden op het traject naar Etten. De maximum toegestane snelheid was 35 km.

Daarnaast had men nog een locomotief van de merk Backer & Rueb en een van Thiriau. Er waren 1e klas rijtuigen waarvan de banken bekleed waren met rood trijp, in de 2e klas rijtuigen zat men op houten banken. Naast het personenvervoer vond er veel goederenvervoer plaats. Vooral in de winter werden veel suikerbieten vervoerd. Hiervoor kon over meer dan 200 goederenwagens worden beschikt.

De opkomst van het autobusvervoer was de doodsteek voor de stoomtram. Op 7 oktober 1934 werd het personenvervoer gestaakt en vond alleen nog goederenvervoer plaats. Het goederenvervoer werd op 11 januari 1937 gestaakt. De laatste tram die Etten aandeed, was een goederentram die de afgebroken rails kwam ophalen.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (5)

Cor Kerstens
Cor Kerstens zei op 15 december 2014 om 17:52 uur

Van Peter van de Korput ontving ik een verslagje van een tramongeluk bij het Liesbos:
De onderjurken bij Raming waren twee dubbeltjes afgeprijsd. Daarom zat de tram van Etten naar Princenhage die zondag 5 oktober 1930 behoorlijk vol. Enkele honderden meters voorbij de gloednieuwe Pastoor van Arskerk in Liesbosch liep de tram uit de rails, de hoogmis was in volle gang. Machinist Piet Roks uit Princenhage kwam hierbij om het leven.

Cor van der Meijde zei op 19 augustus 2016 om 14:11 uur

Toch weer iets bijgeleerd. Dat er een Thiriau lok geweest is. Helaas verder ook niets van terug te vinden.

Cor Kerstens zei op 27 oktober 2016 om 21:43 uur

De ZNSM had 1 Thiriau, Locomotief 11, Fabr. nr. 18 Bouwjaar 1901. Fabriant was de S.A. de Ateliers du Thiriau, la Croyere, Belgie. De locomotief woog ca. 20 ton. Hij leek als twee druppels water op de Tubize. Het was een robuuste locomotief, het dak werd gedragen door sierlijk smeedwerk. De voor- en achterzijde hadden twee of drie uitgebouwde schuiframen. De zijkanten waren open maar werden 's winters met houten schotten dichtgemaakt. Het drijfwerk was in zijn geheel ingebouwd. Bijzonder aan deze locomotief was dat hij schuin geplaatste voorruiten had, een noviteit voor die tijd. De locomotief was aangekocht voor het traject Oud-Gastel - Willemstad. Hij werd vooral gebruikt voor goederenvervoer o.a. suikerbieten.

Jean-Paul Hoppenbrouwers zei op 5 mei 2018 om 13:30 uur

Ik ben op zoek naar een oude foto van het pand Markt 35 in Etten. Heeft iemand misschien een oude ansichtkaart of foto?

Cor Kerstens zei op 6 mei 2018 om 21:57 uur

Op de website van het Bredaas archief (collectie Lohmann) en het West-Brabants archief staan veel foto's van de Markt in Etten-Leur.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: