skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic

Mijn vader als visser

Toen mijn vader als boer ophield, omdat hij werd uitgekocht om ruimte te maken voor nieuwbouw op het gehucht De Raam in Uden, werd hij een fervent amateurvisser. Binnen de kortste keren had ie een veelvoud aan hengels, een viskoffer, laarzen, regenpak en nog veel meer.

Met zijn Dafje toerde hij in het holst van de nacht op hoge snelheid naar de Maas om tegen de middag op z’n dooie gemak terug te tuffen naar huis. Soms bracht hij grote brasems mee, die echt niemand at behalve hij. Ik zie hem nog in de schuur de schubben van de vissen afschrapen. Soms waren de vissen nog maar half dood! Als hij ze “geslacht” had ging hij zijn buit bakken in de keuken. Het hele huis rook - zeg maar gerust stonk - naar zijn vangst.

Er kwam wel wat bij kijken voordat je zulke beestjes aan de haak kon slaan. De dag ervoor ving hij een jampotje vol pieren door twee ijzeren pennen, via kabels aangesloten op 220 volt, in het gras te prikken. De wormen wurmden zich schielijk uit de grond. Dat deze techniek gevaarlijk was, kwam niet in hem op.

Bij de slager haalde hij slachtafval dat hij achter moeders kippenhok legde voor de vliegen. Binnen de kortste keren had ie een hele hoop maaien. Om die te bewaren deed ie die in een potje dat ie in de koelkast bewaarde. Mijn moeder vond dat niet echt smakelijk. Tot overmaat van ramp is het bakje met maaien in de koelkast een keer omgevallen: de maaien deden zich tegoed aan alles wat eetbaar was. Mijn moeder was niet echt blij, toen ze nietsvermoedend de koelkast opende en al die vreetgrage beestjes zag rondkruipen in haar koelkast. Pa mocht zijn maaien voortaan niet meer in de koelkast bewaren. Gek, hè?

Ik ben een paar keer met hem mee geweest. Ik viste dan met een gewone uitschuifhengel met een dobber. Zelden heb ik iets gevangen. Ik zag nauwelijks wanneer ik beet had, want er is aardig wat stroming en er zijn altijd wat golfjes. Als ik al eens iets ving, dan had ik een schele pos aan de lijn die niet alleen het aas maar ook de haak had ingeslikt. Ik had dan niet eens gemerkt dat ik beet had. Dan moest mijn vader er aan te pas komen en die wist wel raad: eerst probeerde hij het met een metalen gevorkte pen, maar als dat niet vlug genoeg werkte, pakte hij beide bekhelften tussen duim en wijsvinger van linker- en rechterhand  en ritste het arme schepsel overlangs open, zodat hij zijn tuig kon redden. Daarna wierp hij achteloos het opengewerkte visje als aas terug in de Maas. Vader had een grote minachting voor de schele pos. Ik kan me dat wel voorstellen als dat je soortnaam is. Ik meen me te herinneren dat ie dat onderkruipsel ook wel puiloog noemde, ook geen complimenteuze benaming.

Ik ging ook wel eens mee met vader naar de Klotbeek bij Heeswijk-Dinther. Een prachtige visvijver waar het heerlijk toeven is, al vang je helemaal niks. Toen we eenmaal geïnstalleerd waren, gooide mijn vader met de werphengel zijn aas met een machtige zwaai bijna naar de overkant van de vijver. De plons in het water werd onmiddellijk gevolgd door mijn vaders woorden: ”Ik gleuf dè’k al beet hè!” En als een pro draaide hij aan zijn molen om de buit binnen te harken. Hij had zijn visnet al klaarliggen om zijn vangst op het droge te krijgen. “Verdomme! ’t Is ’n zwaluw!” Verzopen. Hartstikke dood. De vogel was op het aas gedoken toen dat door de lucht zoefde.

De Klotbeek bij Dinther (foto: BHIC / Henk Buijks, 2012)
De Klotbeek bij Dinther (foto: BHIC / Henk Buijks, 2012)

Dat was een mooi moment, maar we werden nog een keer verrast. Als je gaat vissen, neem je voldoende proviand mee:”Een jand vol provimand”, zong Henk Elsink in zijn grote hit “Kleine Johanna”. Onze boterhammen haaden we achter onze stoelen neergelegd. We hadden wel wat geritsel achter ons gehoord, maar hoe konden wij vermoeden dat ratten onze lunch zouden jatten?

Reacties (2)

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 7 juli 2021 om 13:45
Wat een prachtig portret, Cor. Al die mooie anekdotes lezen bij elkaar als een klein eerbetoon (en de foto maakt dat helemaal af!)
Cor Dekkers zei op 20 juli 2021 om 23:07
Dank je wel! Als de lezer er net zo veel plezier aan beleeft als ik tijdens het schrijven dan is mijn missie geslaagd. Ik probeer vanuit mijn gevoel te schrijven, maar wil absoluut geen vals sentiment: de mensen moeten wel echt zijn.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:
Doe mee en vertel jouw verhaal!