i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Berghem
Periode: 1955 - 1956
Tags:

Een hospik uit Berghem

vertelde op 28 april 2016 om 20:51 uur

In 1955 was de militaire dienst nog verplicht. De belevenissen van een hospik uit 1955/1956.

Een militair uit Berghem in 1956 op wacht bij de Juliana van Stolbergkazerne in AmersfoortVeel jongelui uit Berghem werden in 1955 opgeroepen om in militaire dienst te treden. Het was in die tijd mogelijk om 12 maanden, 18 maanden of 24 maanden verplicht in dienst te zijn. De meesten hadden geen bezwaar om in militaire dienst te moeten. Je kwam toen nog nergens, maar als militair zag je het een en ander van Nederland, of je kon uitgezonden worden naar Suriname. Je reisde in die tijd altijd in militaire kleding, dit was verplicht. Je ging met de trein. Een enkeling had een eigen auto.

24 november 1955 was het dan zover. Ik werd ingedeeld bij de Geneeskundige Troepen. De eerste vier maanden bracht ik door op de Juliana van Stolbergkazerne in Amersfoort. Deze kazerne heeft nu plaats gemaakt voor woningbouw. Het was een fijne tijd. De opleiding had niet veel om het lijf. Twee maanden rekrutenopleiding en twee maanden geneeskunde, een vorm van EHBO.

In februari 1956 was het een korte maar heftige winter. Overdag vroor het 10 graden, in de nacht meer dan 20 graden We stonden op wacht bij meer dan 20 graden vorst. Vier uur op en vier uur af. Dit werd na enkele dagen twee uur op en twee uur af, door de strenge vorst.

Voor het eten moest je goed je ogen de kost geven. Soms waren de gehaktballen al uit de pan eer ze op tafel kwamen. Je moest het eten in de keuken ophalen en dan waren er van die eigenheimers die de ballen meenamen.

Ik mocht ook nog 24 uur in de cel door brengen, omdat ik een officier van piket zou hebben uitgelachen. Hij pikte me er uit toen we naar de kantine gingen. 's Avonds ervoor was ik kamerwacht en moest ik toezien op de dagafsluiting van onze kamer. Een heel ritueel: soldaten in bed, aan bed en op bed. Ik vond het een komische bedoening en moest er om lachen. Dat was niet goed. Iedereen het bed uit. Nog komischer, onderbroeken, pyjama's, militairen in kleding; nou ja, geen houden meer aan. De volgende dag moest ik op rapport bij de commandant van dienst. Rondjes lopen, bukken, in sporttenue, militaire kleding.

Na deze vier maanden werd ik voor zes maanden naar het oefenterrein in Harskamp gestuurd. Hier was ik hospik op de oefenterreinen. Heel boeiend. Als hospik werd je uitgenodigd om mee te doen door de diverse onderdelen die uit het hele land daar kwamen schieten. Ik heb zowat met alle schietmateriaal geschoten. Eén keer heb ik het meegemaakt als hospik dat de ene militair de ander in het lichaam schoot. Dan ben je aangewezen op eerste indruk. De kogel zat in het been, maar je onderzoekt het hele lichaam verder op eventueel meer raakvlakken. Het was een militair van de Koninklijke Marechaussee. Gelukkig kwam er snel hulp van het hoofdbureau met een ambulance.

Je kreeg een verklaring van aanbeveling voor het verkrijgen van een burgelijke betrekking en ook nog eens 300 gulden kleedgeld. Dat is nu wel anders! Geen dienstplicht meer maar beroepsmilitairen en een goed inkomen. Wij hadden eerst 75 cent per dag en later een gulden. Maar wel vrij reizen in militaire kleding. Nu zie je geen militair meer op straat. Zijn ze er nog wel?

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: