i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Budel
Tags:

en maakt ook deel uit van:

Atlas: Neergestorte vliegtuigen 1940-1945

Neergestorte vliegtuigen in Budel 1940-1945

vertelde op 12 april 2012 om 15:43 uur

Tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn er boven Nederland zo’n 6.000 militaire vliegtuigen neergestort. Ruim 1.000 daarvan zijn er in Noord-Brabant terecht gekomen. Dan gaat het zowel om geallieerde (Britse, Amerikaanse en Canadese vliegtuigen met bemanningen die uit nog veel meer nationaliteiten bestonden, zoals in dit verhaal al snel blijkt) als Duitse vliegtuigen.

De geallieerde vliegtuigen waren heel vaak bommenwerpers die bij bombardementsmissies op doelen in Duitsland geraakt werden door Duits afweergeschut (de zogenaamde Flak) of onderschept werden door Duitse jachtvliegtuigen (vooral ’s nachts, tijdens de zogenaamde Nachtjagd).

Wij gaan proberen de verhalen achter al deze crashes te achterhalen met behulp van iedereen die ofwel zélf nog herinneringen heeft of de verhalen gehoord heeft van eerdere generaties. Soms is er al veel bekend, soms wat minder.

Op 3 mei 1941 werd rond 4.30 uur een Vickers Wellington (R1214) van het 305 (Poolse) squadron door Duitse nachtjagers neergeschoten. De bommenwerper was op de terugweg van een geslaagde missie op Emden toen hij boven Weert werd aangevallen door Lt. Reinhold Knacke van 2./NJG 1. Vier bemanningsleden wisten het toestel op tijd te verlaten en bereikten ongedeerd de grond, waar ze korte tijd later gevangen werden genomen door Duitse militairen.

De in totaal zeskoppige bemanning bestond uit piloot F/O Joseph Nogal, 2e piloot Sgt. Tomasz Kasprzyk, waarnemer F/O Aleksander Jastrzebski, navigator P/O Waclaw Józef Malak, boordschutter P/O Mieczyslaw Józef Ryszkiewicz en radiotelegrafist/boordschutter Sgt. Tadeusz Zuk.

Waclaw Malak (31)  kwam bij de crash om. Hij werd begraven op het oorlogskerkhof "Oude Toren" te Eindhoven (Woensel).Hij ligt in een gezamenlijk graf met boordschutter S/L Mieczyslaw Ryszkiewicz (33), FF 2-3. Het lijk van Ryszkiewicz werd pas een week na de crash in Dorplein gevonden, in het water. Het officiële Marechausseerapport van 13 mei 1941 vermeldt nog dat de geopende parachute op het water lag.

Van de vier krijgsgevangenen kwamen Nogal en Jastrzebski terecht in Stalag Luft III te Sagan, terwijl Kasprzyk en Zuk naar Stalag IV-B in Mühlberg (Brandenburg) werden overgebracht. Het waren de eerste Poolse luchtmachtmilitairen die, komend vanuit Groot-Brittannië, krijgsgevangen werden gemaakt.

Op 10 mei 1941 stortte rond 03.05 een Whitley V bommenwerper (P5106) van het 51 Squadron neer op de Weerterheide nabij de gemeentegrens met Weert. Het vliegtuig keerde terug van een missie op Ludwigshafen en werd, net als de Poolse Wellington een week eerder, uit de lucht geschoten door een Duitse nachtjager, gevlogen door Lt. Reinhold Knacke van 2./NJG 1.

De piloot P/O Peter Myers (27) en zijn bemanningsleden 2e piloot Sgt. Henry Gallaugher Browne (22), radiotelegrafist/boordschutter F/Sgt. Arthur Jackson (20), waarnemer/bommenrichter Sgt. Bernard Kipling (23) en radiotelegrafist Sgt. George Arthur Selby (21) kwamen hierbij allemaal om het leven. Zij liggen begraven op het oorlogskerkhof "Oude Toren" te Eindhoven (Woensel), graf FF 5-9. 

Op 31 augustus 1943 stortte achter de zinkfabriek in Dorplein rond 04.00 uur ’s nachts een Stirling III (BK650) van het 218 Squadron neer. Piloot was F/Sgt. W.H. Clague. In het boek van René Vos, Gebroken vleugels : Luchtoorlog boven Cranendonck en Hamont-Achel 1940-1945 (Budel, 2011) wordt op p. 171-181 uitgebreid beschreven wat er rondom deze crash allemaal is gebeurd.

De Stirling maakte deel uit van een bombardementsmissie op Mönchengladbach. Op de terugweg werd het toestel aangeschoten door Duitse nachtjagers en moest het sein gegeven worden om het toestel te verlaten. Volgens de verklaring van P/O G.F. Lorne explodeerde het toestel kort nadat hij eruit was gesprongen. De brokstukken raakten over een lengte van meer dan vier kilometer verspreid.

Vier van de zeven bemanningsleden overleefden deze crash niet. Dat waren boordschutter Sgt. Cecil Charles Holden (25); piloot F/O William Henry Clague (26); boordwerktuigkundige Sgt. Jack Adam Whetton (21) en radiotelegrafist/boordschutter Sgt. Harold Butler (20). Zij liggen begraven op het oorlogskerkhof “Oude Toren” in Woensel, de graven EE 98-101.

De drie anderen kwamen veilig aan de grond en wisten zelfs (tijdelijk) uit handen van de Duitsers te blijven. Waarnemer/bommenrichter P/O Gerald F. Lorne was bij zijn sprong geraakt door rondvliegende wrakstukken en had zijn voet gebroken. Hij landde in de bossen ten noordwesten van Weert. Hij vond onderdak bij een boerderij en werd van daaruit verder geholpen via een pilotenlijn. Begin februari 1944 was hij in Gibraltar en op 6 februari was hij weer terug in Engeland.

De Canadese staartschutter Sgt. A.A. Frederickson was minder gelukkig: hij werd al snel krijgsgevangen gemaakt en belandde in het krijgsgevangenenkamp Kopernikus. Voor de derde overlevende, navigator Sgt. Ian Alexander Robb, duurde het een stuk langer voordat hij in krijgsgevangenschap raakte. Hij heeft daar na de oorlog een boek over geschreven, Ian Robb’s Own Story. Met behulp van het verzet (de Possumlijn) kwam hij via Luik, Brussel, Parijs en Reims uiteindelijk in Fismes terecht. Daar werd de pilotenhulporganisatie verraden, en op 31 december werd hij gearresteerd door de Gestapo.

Robb werd aanvankelijk niet als krijgsgevangene behandeld en kwam zelfs in het concentratiekamp Buchenwald terecht. Maar in oktober 1944 veranderde dat. Dankzij het Rode Kruis werd hij overgebracht naar Stalag Luft III in Sagan.

Op 14 oktober 1943 speelt zich rond 14.00 uur boven Budel een luchtgevecht af tussen een Duitse Focke Wulf 190 en een Amerikaanse Republic P-47D Thunderbolt (42-8513) van 353FG/350FS. Dit laatste vliegtuig, LH-Y, bijgenaamd de Eager Beaver, wordt gevlogen door 1st Lt. Dwight Allen Fry die een eskader B-17 bommenwerpers escorteert op weg naar Schweinfurt.

In het rapport dat Fry na terugkeer indient, geeft hij een indringend verslag van de loop van het luchtgevecht, dat eindigt met een salvo van de Focke Wulf dwars door het instrumentenpaneel van de P-47. De motor vliegt in brand. Fry moet zijn vliegtuig verlaten, maar raakt bij het springen de staart van het toestel, waardoor hij zijn voet breekt. Zijn parachute gaat pas op het allerlaatste moment open, maar hij blijft gelukkig in een dennenboom hangen. Zijn Thunderbolt komt net achter de Heiloop neer op de Schoordijk.

Fry begint te lopen en ontmoet na een tijdje vier mannen die op het land aan het werk waren en zijn vliegtuig hadden zien crashen. Zij brengen hem naar een boerderij in de buurt, waar hij medische verzorging krijgt. Na allerlei omzwervingen slaagt hij erin met behulp van het verzet via Spanje terug te keren naar Engeland, waar hij op 1 februari 1944 veilig aankomt.

Op 28 mei 1944 stortte in Budel een Halifax III (LK811) van het 432 Squadron van de RCAF neer. De kist werd gevlogen door F/Sgt Howard John Menzies. De piloot sneuvelde en drie andere bemanningsleden, boordwerktuigkundige Sgt. John Clarke (23), de Ierse staartschutter Sgt. Thomas McClay en de Canadese boordschutter P/O Herbert Henry Rodgers zijn vermist. De namen van Clarke, McClay en Rodgers staan vermeld op het Runnymede Memorial, respectievelijk op paneel 227, 233 en 252. Menzies ligt begraven op het Canadese oorlogskerkhof in Groesbeek, graf XVI B 11.

Radiotelegrafist F/Sgt. W.S. Rowan en co-piloot P/O R.S. Hall werden gevangen genomen door de Duitsers, terwijl bommenrichter F/O D.E. Rutherford wist te ontsnappen. Ook navigator F/O John Gouinlock ontsnapte. Deze laatste twee kwamen onafhankelijk van elkaar uiteindelijk in Luik terecht, waar ze de bevrijding door Amerikaanse troepen meemaakten. Ook over deze crash geeft René Vos, Gebroken vleugels, veel informatie.

Op 23 december 1944 ten slotte, stortte rond 20.00 uur bij Dorplein een Duitse Junkers Ju 88S-3 (werknummer 330933) van het 4./LG 1 (Lehrgeschwader) neer. Het vliegtuig kwam uit de buurt van Bremen ter ondersteuning van de Duitse grondtroepen tijdens het Ardennenoffensief. Vanwege de overmacht in de lucht van de geallieerden, vloog men vooral ’s avonds en ’s nachts. Dat mocht niet verhinderen dat ook deze hogesnelheidsbommenwerper het slachtoffer werd van een geallieerde jager.

De vier bemanningsleden zijn allemaal op tijd uit het vliegtuig gesprongen: piloot Fw. Albert Johänntges, waarnemer Uffz. Joachim Flaskämper, radiotelegrafist Ogfr. Willy Conrad en boordschutter Uffz. Wilhelm Rüdow. De eerste twee raakten daarbij gewond, maar bij Wilhelm Rüdow (25) ging de parachute niet open. Hij overleed aan zijn val en ligt begraven op de Duitse militaire begraafplaats in Ysselsteijn (Venray), graf TDD-2-22.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (5)

Rene Vos zei op 20 september 2013 om 10:59 uur

Goedendag,

Goed dat jullie het rapport van Dwight Allen Fry hebben gevonden. Hier was ik al enige tijd naar op zoek. In mijn boek geef ik wel de bil verwonding aan maar dat hij zijn voet had gebroken was bij mij onbekend. Zeker omdat hij daags erop al in Belgie zat en een boer hem heeft zien lopen?.

Groet,
Rene Vos
Gebroken Vleugels

Mariët Bruggeman bhic zei op 24 september 2013 om 11:58 uur

Beste René,
bedankt voor je reactie. Het zal hem zeker niet meegevallen zijn om met een gebroken voet tóch door te lopen!
We gaan trouwens het rapport zélf op onze website zetten, omdat de link naar het rapport op de website van National Archives niet schijnt te werken.
Met vriendelijke groeten,

BEIJK THM zei op 16 juli 2018 om 14:22 uur

Ach wat veel nog niet weten, Er ligt nog steeds tussen Ringselven - Zwempeel - tegen landgoed de hoort water plaats de drie hoe plassen zeg maar.
Dikke Vliegtuig motor. uit onze fam verhaal. goede detector vind hem wel.
De vleugel ligt 1 km verder op de Echte Hoort (Niet de fake hoort) die plas die gegraven is van de zink. (zie google map waar de echte hoort ligt) prive deel landgoed de hoort. de grote plas(prive terrein) ligt ergens de vleugel.

Hilde Jansma
Hilde Jansma bhic zei op 18 juli 2018 om 10:41 uur

THM BEIJK bedankt voor de reactie. Is er al ooit eens gezocht naar deze vliegtuigonderdelen? En weet je misschien van welk neergestort vliegtuig deze onderdelen zijn?

BEIJK THM zei op 18 juli 2018 om 13:54 uur

Hilde
Nee never Gezien moeras is en na 77 jaar diep zal liggen.
teven geel deel is of was van Budelco zinkmij met zijn 100 namen.
Daar moet uit de verhalen de motor liggen ergens met afwijling 900 meters.

rood deel is prive art 461, daar waar 4 generatie jachtopzieners woonde incl ik.
De eigenaar is overleden de baron, de gekke zoon heeft dat, met fake boswachter uit Kaulille belgie, zonder papieren, Flikken cra laten alles toe zelfs dat.

Zo als ik van me ouders en oom de jachtopziener begreep kwam toestel vanuit Hamont / Lozen richting weert , over landgoed de hoort(hoortweg 2) richting weert. Van zelf over de zinkfabriek uit zou komen, een deel ligt hier de ander daar. Ik denk zelf toestel achter de zink ligt of lag. Ik kan ze niet meer vragen zijn heen gegaan 2011 2010, 2011 , Ps nooit mijn naam noemen bij die gekken op dat prive terrein, ask me privaat.

Screenshot https://imgur.com/a/43Ke2vC

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: