i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Uden
Periode: 1930 - 1960
Tags:

Oliekar Pijpje Drop komt eraan!

vertelde op 8 januari 2019 om 13:24 uur

De blaker (met kaars) en het olielampje waren de voorlopers in verlichting tot de katoenpit voortaan gevoed werd met petroleum. Voor deze brandstof kon je in Uden terecht op de Hoevenseweg bij de Essopomp ‘De Automaat’, beheerd door H. de Wit.

Hein en later Jan bezochten de afgelegen onverharde buurtschappen op hun met paard bespannen oliekar. Vader maakte naast grote karrenwielen ook kleinere raai voor de winkel- en hondenkar. In het kasboek vond ik voor H. de Wit de volgende aantekeningen: “November 1930 t.n.v. Rotterdamse Oliemaatschappij ‘De Automaat,’ buurtschap Oude Kerk een paar wielen fl. 48,00. Mei 1933 een paar raai 1,34 hoog 7½ cm breed fl. 40,00. November 1937 Automaat Depôt Hoevenseweg twee eiken burries 2,40 meter lang.”

Ik sprak Jans zoon, Peter. Hij bezat foto’s van zijn vader in uniform en stripverhalen. De tankwagen van depot Arnhem vulde de ondergrondse tanks. Vandaaruit werd de petroleum tot de zestiger jaren handmatig opgepompt voor het vullen van jerrycans.

Jan de Wit in het uniform van De Automaat. Foto: © Peter de Wit.

 

Hein de Wit rijdt de petroleumkar vol olieblikken binnen (foto genomen vanuit de dakkapel). © Peter de Wit.

Het aan de man brengen van brandstof gebeurde vooral in het ongeëlektrificeerde buitengebied en tijdens de oorlog, toen de stroom op rantsoen was gesteld. Mevrouw Jo Geurts legde in 1947 op onderstaande foto een moment vast bij de juist verharde Maasstraat. De wagen was inmiddels voorzien van rubberen luchtbanden en werd getrokken door een schimmel met oogkleppen.

Foto: Jo Geurts, 1947.

Jan de Wit leverde in plaats van de 4-liter blikken na de oorlog afsluitbare 20-liter jerrycans, die in groten getale in 1944 door de Engelsen en de Amerikanen waren achtergelaten.

Peter vertelde over vader zaliger. Het verhaaltje voor het slapen gaan werd niet besloten met “de olifant met de lange snuit”, maar met het rijmpje: “hoe ’t verder Pijpje Drop vergaat, staat in de volgende Automaat.” Pijpje Drop was een zwart mannetje en een van de eerste reclame-stripfiguren van P. Koenen.

“De Automaat” stond op pet en kar te lezen. Ieder die een maatje olie kocht, kreeg een gratis krantje dat naast reclame ook een stripverhaaltje bevatte. Om het vervolgverhaal bij te houden was het zaak wekelijks het vierkante olieblik te laten vullen voor lamp en petroleumstelletje. Dat laatste was in veel gezinnen aanwezig voor het sudderen van de geslachte kip of het stoofvlees op zaterdag voor de heerlijke bouillonsoep van zondag.

Bij ons thuis ontbrak zo’n kooktoestel: vader zag liever het houtfornuis gebruikt, gestookt met afvalhout uit het werkhuis. Zelfs na aanschaf van het gaskomfoor op flessen butaan, met het voordeel van geen beroete pannen meer. Maar daardoor misten we op het schoolplein naast Flipje Tiel wél het populaire stripverhaal...

Het verkooppunt aan de andere kant van het dorp kan ik me nog levendig herinneren. Lopend passeerden we de locatie voor schoenreparatie naar Kees Schouwenaars 100 meter verderop. De oliekar was in een gele kleur, die van Caltex in een rode tint.

De benaming bromòllie is waarschijnlijk afgeleid van het brommend geluid van de brandende vlam, of anders een onjuiste uitleg van “bronolie”. Mandos Brabants Spreekwoordenboek bevat de tekening van een oliekarretje en het gezegde: ‘zo doortrokken als de Boekelse oliekar,’ zo vol luchtjes.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (3)

Rini de Groot zei op 9 januari 2019 om 17:11 uur

Lees op Google het verhaal van: Werkgroep Historisch Alphen Aan de Maas, ‘Ontmoetingen’ van Mevrouw Geertruida Verhoeven- van Dinther.
Zij vertelt het Harde leven als, Trui de Automaat, Olieman- vrouw het bezorgen van de brandstof in Alphen en Maasbommel van de twintiger jaren.

Hilde Jansma
Hilde Jansma bhic zei op 10 januari 2019 om 10:35 uur

Bedankt Rini, voor het noemen van dat verhaal. Hier is nog de directe link (om het nóg makkelijker te maken om het verhaal terug te vinden): http://www.alphenaandemaas.com/WHAM/WHAM_Ontmoetingen/Geertruida_Verhoeven-van_Dinther.html

Rini de Groot zei op 10 januari 2019 om 19:45 uur

Hilde bedankt voor de link.
Wanneer wij als kind in de namiddag uit school kwamen was het fornuis stoken voor het theewater en aten gezamenlijk boterhammen. De kachel gestookt met het afvalhout. Bij IVN wandelingen in het bosgebied hoor ik van vele, ‘wij moesten wekelijks krotsen, dennenappels gaan rapen.’
Een schimmel voor de oliekar van Uden en Alphen, het paard in Uden draagt oogkleppen dat in het verhaal van Alphen kreeg in de winter oorkleppen,
dat heb ik nog nooit van gehoord.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 11 november 2008 om 14:17 uur

De Boortorenstraat

vertelde op 7 april 2009 om 16:27 uur

Kolenhandel Van Dijk

vertelde op 17 april 2017 om 22:48 uur

Sanering van ondergrondse brandstoftanks