i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Schaijk
Tags:

Op de kerktoren

vertelde op 6 december 2009 om 11:26 uur

Ik ben de derde zoon van A.J.M. van Erp. Toon van Erp was “de mister”, hoofd van de lagere school in Schaijk, daarna hoofd van de lagere Land- en Tuinbouwschool te Schaijk. We woonden aanvankelijk in Runstraat K66. De lagere Land- en Tuinbouwschool was tegen ons woonhuis aangeplakt. Later toen er een nieuwe Land- en Tuinbouwschool gebouwd was, was daar ook een ambtswoning bij, Schutsboomstraat 83.

Vanuit bijna het gehele dorp was de kerktoren te zien, en natuurlijk ook vanuit ons huis, met recht daartegenover de boerderij van Cees van Casteren. Pal naast ons de “wettering” , die een belangrijk deel van onze jeugd uitmaakte. Maar dit verhaal gaat over de kerktoren.

Je kon daar in, aanvankelijk nog gemakkelijk, maar naarmate je hoger kwam, werd het moeilijker. Het laatste stuk tot aan de voet van de spits moest overbrugd worden via een wankele ladder. Die stond op de houten vloer met rondom heel veel uileballen. Alleen al zo’n uilebal was prachtig, vaak vol van kleine botjes. Dus een geliefd object voor ons.

Helemaal bovenin kon je door een luik of deur naar buiten, op de trans. Daar beproefden we regelmatig hoelang het duurde voor een klodder spuug helemaal beneden was. Het waren er niet veel in het dorp die daarboven durfden te komen. Maar mijn broer Tinus en ik, wij durfden nogal wat.

Hij zat in de vijfde, bij meester Bode en ik in de zesde bij meester Van Moorsel. Het moet geweest zijn in de jaren 1949 en 1950. Vaak werden we betrapt en op school werd dan al vlug recht gesproken. En vooral meester Bode had grote handen. Bijna net zo’n grote als die van mijn vader. En die kon er wat van. Het was najaar en mooi weer. Wij de toren in, zoals we vaker deden. We gingen weer de wankele ladder op, tot we buiten op de trans kwamen. Het was aangenaam verpozen daar boven op de balustrade, met de benen bengelend over de rand, ongeveer op 50 meter hoogte.

We vermaakten ons, tot we plots boer Van Casteren naar boven zagen kijken. En nog eens kijken. Toen liet hij zijn werk in de steek en stiefelde snel over de straat naar ons huis. Kennelijk wilde hij ons niet aan het schrikken maken, anders had hij gehold. Maar desondanks wisten we wel wat er ging komen. Dus wij naar beneden. De wankele ladder af, de wenteltrap af en net toen we de kerkdeur uitkwamen, kwam ons vader het kerkplein op.

Als we gedacht zouden hebben dat hij opgelucht was, dan hadden we het mis. Hij hoefde maar te kikken en we vlogen naar huis, en naar boven. Daar wachtten we op onze straf. Dat wisten we. En die kwam dan ook. Maar dat wil ik jullie besparen. Ik woon nu in het zuiden van het land, maar moet nog vaak in Nijmegen en Wijchen zijn. Dan rij ik over de A50 en dan zie ik de toren van Schaijk. En nu op mijn 68e, geniet ik er nog van.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (14)

Ton van Erp en 6 e zoon van Toon zei op 18 maart 2008 om 16:43 uur

Aan die kerktoren heb ik slechts de meest gruwelijke herinneringen
Dat gat daarboven.......en dan breek ik maar af.
Opblazen dat ding.

Theo van Erp zei op 18 juli 2008 om 02:51 uur

De op zich lelijke kerktoren van Schaijk heeft een grote rol gespeeld in mijn vroege jeugd.Ik vond het heel spannend om de toren in te gaan.Zolang als ik op de stenen trap ging was er niks aan de hand. Als je boven de galmgaten wilde moest je over het kieppeveeke naar boven . Dat was een houten trap die langs de klokken en de galmgaten ging.Je voelde dan de wind van buiten en dan was het hoog.De eerste keer dat ik ging vond ik het heel spannend.Het was boven wel vuil met veel duiven en uilen stronden er zaten echt grote kerkuilen zoals wij die toen noemden. Boven daar was een soort ballustrade daar kon ik net niet overheen kijken maar wel door de ballustrade kijken. De eerste keer, keek ik recht naar beneden." The dan ziede hoe hog ut is" Ik ben heel misselik geworden en duizelig het kiepeveeke weer afgedaald. Later ben ik nog wel ens mee naar boven geweest om geen bange scheiterd te zijn.Ik ging niet meer mee naar de ballustrade en bij de galmgaten gingen plotseling de klokken luiden. Daarna ben ik niet meer meegegaan.Groet Theo

Christian van der Ven bhic zei op 18 juli 2008 om 15:57 uur

Leuk hoor, Theo! Zo zie je ook maar weer hoezeer verschillende herinneringen mensen aan dezelfde plek kunnen hebben.

Ik kan me wel voorstellen dat het beklimmen van die toren spannend is geweest. In mijn jeugd woonde ik nog in Waalwijk en daar ging ik vaak met een stel vriendjes een leegstaand huis in, met een grote kelder, vol met troep.

Als je jong bent, zijn dat soort dingen allemaal erg spannend blijkbaar.. haha!

ton van erp zei op 8 januari 2010 om 16:26 uur

Ik was pas weer in Schayk.Ik moet mezelf dwingen om erdoorheen te rijden..laat ik maar rennend die hindernis nemen maar dat kostte me ongelooflijk veel energie ..maar zag dat dat lugubere gat weg was.Het dorp was in de ban van de Question/Query Koorts.
Ik heb ook de Q-koorts, maar niet besmettelijk.

Piet Manders zei op 15 november 2010 om 16:39 uur

Hallo Hans, Als rasechte Schaijkenaar weet ik nog goed dat wij jouw vader aanduidden als "mester" van Erp en niet als "mister", ofschoon ik niet uitsluit dat in andere delen van het dorp dat laatste woord meer werd gebruikt. Wat betreft de reactie van jouw broer Theo, ik kan me niet herinneren, dat we een ladder in de kerktoren "kiepeveeke" noemden en ik ben toen ook toch wel eens (stiekem) boven geweest. Doorgaans werden de heel lage bankjes links en rechts voor in de kerk "kiepeveekes" genoemd. Ze waren bedoeld voor de allerkleinsten die al naar de kerk moesten, dus de zeven- en achtjarigen. In 1974 is het bovenste gedeelte van de toren verbouwd, nu nog enigszins te zien aan de lichtere kleur van de stenen. Het is nu ook niet of nauwelijks meer mogelijk om om de trans te gaan zitten met de benen buitenboord. Mocht je nog eens naar boven willen klimmen, dat kan ik wel voor je regelen. Met de hartelijke groeten, Piet Manders

Ton van Erp zei op 26 juni 2015 om 15:07 uur

Nu, na 5 jaar en van de Q-koorts genezen - en dat mag 'n wonder heten- kan ik door Schaik kuieren zonder de pijn van de herinnering. Alle horden voorbij en kan ik in alle rust en vrede naar mijn leven in Schaik in 'n verzoenend perspectief terugkijken. Mester of mister, ik heb 'n zoon die die naam echt waardig is.
En ik hoop dat die traditie zal mogen worden voorgezet, in waardigheid. Mester , mister of gewoon meester; mijn part mijnheer van Erp , ik heb daar vrede mee. In mijn professionele leven, begon ik elke les met de volgende mantra: respect, waardigheid en hoffelijkheid. Zo moge het zijn voor generaties die komen.
Ton 6e zoon.

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 26 juni 2015 om 22:57 uur

Wat een mooie woorden, Ton en goed ook om te lezen dat de traditie wordt voortgezet! En wat je mantra betreft, die zou bovenaan mogen staan in ieder schoolstatuut (vind ik dan ;-)

ton van erp zei op 29 juni 2016 om 17:46 uur

Dearest Marilou,
I do not know you, but you touched all of who I am , I love you for the words you spoke about me.!!!
ton van erp

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 30 juni 2016 om 08:54 uur

:-)

Marij van Diggelen-Verstegen zei op 16 november 2016 om 21:43 uur

Kan het zijn dat jullie familie in de jaren 40 in de Reek heeft gewoond. Ik kom jullie tegen in de Heijtmorgen 19 , het huis wordt de Hartjesberg genoemd. Volgens de gegevens was jullie vader hoofdonderwijzer, maar in Reek heb ik geen hoofdonderwijzer met de naam van Erp gevonden.

Wim van Erp , 2de zoon zei op 25 maart 2018 om 20:12 uur

Inderdaad, in 1943 werd mijn vader Hoofd van de Jongensschool in Schaijk. Het gezin bestond toen uit 6 jongens. Mijn vader huurde Hartjesberg van de familie Smits, de bejaarde orgelbouwer , die toen naast de kerk woonde in een prachtig oud huis. Op het grote terrein achter Hartjesberg stonden toen nog vele houten rekken voor het bleken van de lege honingraten voor de productie van bijenwas voor kaarsen. Er was ook een gebouwtje bij dat we het wasfabriekske noemden.
Wij kinderen dachten toen nog dat het een wasserij was geweest en dat de rekken dienden om de was te drogen. In 1944 tijdens Marketgarden, de opmars van de geallieerden ,werd in de aanbouw van het huis de keukenwagen voor de Engelsen en later de Amerikanen gevestigd. Boven op de zolder van de bijbouw was veel hout voor de orgelbouw opgeslagen, aan het plafond hing tabak te drogen, de z.g. "eigenteult" van de buurt . Door onvoorzichtigheid bij de aanmaak van de benzinebrander door de kok in de strenge winter van "44-"45 begon de tabak te branden en de bijbouw brandde af. Het huis kon gespaard worden door de inzet van meerdere militaire brandweerkorpsen. Het verhaal ging dat de overslag van het vuur allereerst werd geblust door de koffie van de kok.

Annemarie van Geloven
Annemarie van Geloven bhic zei op 26 maart 2018 om 12:07 uur

Mooie herinneringen, Wim. Hebt u nog herinneringen aan de 'vordering' van de aanbouw door de geallieerden voor hun keukenwagen en hun verblijf bij jullie?

Marij Verstegen zei op 28 maart 2018 om 18:52 uur

Bedankt Wim voor de reactie. Ik ben er erg blij mee. Weet je toevallig ook waar de naam Hartjesberg vandaan komt? Of hen je nog meer herinnering aan de fam Smits. Altijd welkom.

Anneliese Vonk-van der Zanden zei op 12 januari 2019 om 07:47 uur

Beste Wim, Ton en Theo. Mijn moeder, Berry van der Zanden - van der Heijden, kwam in de oorlog bij jullie als naaister aan huis. Zij heeft voor jullie broekjes en hemden genaaid. Hebben jullie nog herinneringen aan haar? Zo ja, wat? Ze is nu 92 jaar! Ik ben héél benieuwd naar jullie verhalen!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

vertelde op 20 november 2009 om 14:01 uur

Toren in een toren

vertelde op 2 februari 2015 om 08:51 uur

De H. Antonius Abtkerk in Schaijk