skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman Bhic

Sebastianus en Rochus, bescherm ons tegen de pest!

De Herpse kerkmeesters Albertus van Rooij en Klaas Loskens laten begin oktober 1786 op drie plekken lindenboompjes planten. In de Wooij komen er vier bij het heilig huisje dat toegewijd is aan Sint-Rochus. De andere twee huisjes krijgen er elk drie. Het ene huisje is dat van Sint-Sebastiaan en staat langs “de weg naar de molen”, die we in 2017 kennen als de Rogstraat. Het andere, toegewijd aan Sint-Anna, vinden we “op den weg van Herpen naar Ravenstein” (in 2017: Wilgendaal).

Lindenbomen staan overal waar mensen samenleven en lief en leed delen. Ze sieren marktpleinen, waar ze ook het plaatselijk bestuur symboliseren, beschermen woonhuizen tegen te felle zon en bieden, als lindenlaan aangeplant, ook intimiteit aan verliefde stellen. Ongetwijfeld laat het Herpse kerkbestuur van 1786 hiermee weten dat de huisjes deel uitmaken van de dorpsgemeenschap. En ze doen dat dan vermoedelijk al sinds 1636.

Ganzenveer in de inktpot

In 1636 of ‘37 zit Jan Ludolfs, de pastoor van Herpen, aan zijn schrijftafel. Voor hem ligt een nog onbeschreven boek met een perkamenten kaft. Het oude doop-, trouw- en begraafregister is vol, vandaar dus. Hij doopt zijn ganzenveer in de inktpot en besluit op de eerste bladzijde iets extra’s te noteren. Twee woorden verschijnen op het papier: “Tempore pestis”, wat Latijn is voor “In de tijd dat de pest heerst”. Niet alleen Herpen, maar de hele regio is getroffen door die vreselijke ziekte. Vele tientallen mensen zijn overleden. De pest werd waarschijnlijk overgebracht door soldaten – het was oorlog in 1636.

Volgens de overlevering zou het heilig huisje van Sint-Antonius in Deursen  dateren van vlak na de pestepidemie van 1636. Antonius is een beschermheilige tegen de pest en andere epidemieën. Hetzelfde geldt voor Rochus en Sebastianus, beiden naamgevers van heilige huisjes in Herpen. Sint-Anna daarentegen – van het derde huisje - wordt vereerd als beschermvrouwe van het gezin, ook niet onbelangrijk in een dorpsgemeenschap. En dankzij de Stichting Herpen in Woord en Beeld, die de huisjes grondig restaureerde, kan Herpen ook in de 21e eeuw nog profiteren van de voorspraak van de drie heiligen. Al lieten Rochus en Sebastianus onlangs bij de Q-koorts misschien steken vallen.

Dit verhaal verscheen eerder in Brabants Dagblad

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!