i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Cuijk en Sint Agatha
Tags:

Toren met geschiedenis

vertelde op 16 september 2009 om 12:15 uur

De kerktoren achter de huidige Sint Martinuskerk heeft veel meegemaakt. De functie van kerktoren raakte hij kwijt toen de oude Sint Martinuskerk rond 1910 werd afgebroken. De toren bleef als eigendom van de burgerlijke gemeente staan: hij deed dienst als uitkijkpost en bij nood werden de klokken geluid, zoals bij brand.

Ondoordachte sloopplannen heeft hij overleefd en nog steeds staat hij fier overeind, als symbool van de Cuijkse geschiedenis (onderdak van het museum Ceuclum). De eerste Cuijkse kerk lag binnen een oude Romeinse versterking en was gewijd aan een Frankische heilige, Sint -Martinus. Het zou kunnen dat de kerk zelfs nog door een Frankische koning van Merovingische of Karolingische afkomst is gesticht.

Eind 15e eeuw werd de voorganger van de huidige kerk gebouwd. In de tijd van de Republiek (1648-1795) werd het gebouw voor de Rooms-katholieke eredienst gesloten. Pas in 1799 konden de katholieken er weer gebruik van maken. In 1901 werd het kerkgebouw nog eens gerenoveerd, al noemde De Echo het toen “grijs en wanstaltig”.

Eigenlijk was het gebouw op dat moment al te klein voor de groeiende parochie, vooral omdat de kerk ook onderdak moest bieden aan gelovigen uit Sint Agatha en Vianen. Nieuwbouw was noodzakelijk en die kwam er dan ook in 1912, al duurde het tot 1916 voordat de nieuwe kerk werd gewijd.

De bouw van de nieuwe kerk ging gepaard met sloop van de oude. Dat laatste verliep niet zonder strubbelingen. Er kwam weerstand uit de Cuijkse bevolking, ook al omdat er voor de nieuwbouw enkele huizen gesloopt moesten worden. Ook een bouwkundig tijdschrift mengde zich in de discussie, met argumenten die wezen op de cultuurhistorische waarde van dit oudste gebouw van Cuijk.

Pastoor Sengers had aan dat soort argumenten echter geen boodschap. Het gebouw ging, met uitzondering van de toren, tegen de vlakte. De Echo werd er dit keer nostalgisch van: ”uw hoge ouderdom, de vredige, kalme stilte, de schilderachtige ligging, (…), dit en meer nog gaf aan u eene eigenaardige bekoorlijkheid.” Niks “grijs en wanstaltig” meer, dus.

De toren bleef zoals gezegd staan, omdat de gemeente eigenaar was en de klokken en het uurwerk een duidelijke maatschappelijke functie vervulden. Maar het onderhoud was kostbaar. Net zo min als de pastoor hadden de Cuijkse raadsleden veel oog voor cultuurhistorische waarden, slopen dus!

Gelukkig waren er nog hogere overheden: in 1910, in 1922 en in 1932 weigerden Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant de afbraakplannen van de gemeenteraad goed te keuren. En de laatste poging van de gemeenteraad tot sloop van de toren werd uiteindelijk in 1933 door de Kroon vernietigd.

Daarmee waren de bedreigingen voor de toren nog niet voorbij. Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft de toren veel te lijden gehad, en daarna raakte hij ernstig in verval. Pas eind jaren vijftig werd de toren gerestaureerd. Een tijdlang is de parterreruimte van de toren gebruikt als doopkapel. Sinds 1991 is het museum Ceuclum in de toren gevestigd.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: