skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Rens van Ballegooij
Rens van Ballegooij Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Rens van Ballegooij
Rens van Ballegooij Bhic

Archieven

Index Notarieel protocol Sint-Michielsgestel (5116.12)
 
 
Zoek in deze nadere toegang
 
 
 
beacon
 
 
Schepenakte
157 Jan Jasper Spierincx, Claes Peters van Grinsven schout, Willem Janssen Rovers, Corstiaen Anthonis Smidts, Jacob Jan Laurenssen en Arien Janssen Wolphaerts van de Sande inwoners van het dorp Schijndel die een verklaring afleggen ten behoeve van de schepenen, borgemeesters en ingezetenen van Schijndel namelijk dat op 16 maart van dit te Schijndel is komen logeren de luitenant van de Graaf van Solms met ruim 100 paarden komende uit het garnizoen van Maastricht, komende van Gestel. Men is naar de luitenant gegaan en hebben het volgende gezegd: “ Mijn heere want u gelieft verbeijt een ogenblick dat wij den officier roepen, wij hebben alhier speciale sauvegarde van den Grave van Solms die sullen wij u verhonen “, waarop de luitenant antwoordde: “ Gij foetter sulde gij mij vorbij wijssen ick soude u met een degen u over u kop houwen “ en met deze woorden grijpende naar zijn degen waarop Jan de 1e deponent naar achteren is gestapt en torn heeft gezegd: “Mijn heere waerom wilde gij mij slaen, ick waerschouwe u maer, ghij meucht bij avontueren soo goede ordre hebben dat ghij vrij meucht logeren “ en hem met zoete woorden verantwoordende is vertrokken om niet gelagen te worden. Dan komt de inmiddels opgeroepen schout aanlopen en meldt zich bij de ruiters en heeft de luitenant de sauvegarde laten zien van de Graaf van Solms als gouverneur van de garnizoensstad Maastricht en bidt en smeekt hem uit respect voor deze sauvegarde en voor zijn eigen gouverneur om Schijndel voorbij te rijden en ergens anders te gaan logeren, waarop de luitenant antwoordde dat hij niet van plan was zulks te doen maar zou hier logeren “oft hem lieff oft leedt waer“ en intussen was hij van zijn paard gestapt samen met zijn knecht en de trompetter en had de paarden al in de stal van de schout en de andere ruiters het commando gegeven ergens hun intrek te nemen en te zorgen voor foerage. De schout trad naar voren en zei nogmaals tegen de luitenant:
Vervolg:
“Mijn heere begeerde ghij de saugaerde van uwen gouverneur dan te respecteren of niet of toont ons u verloof van den gouverneur dat ghij hier mocht begeren, soo sullen wij u met volck terstond onderwijsen ende soo ghij dat niet doen wilt soo moeten wij weten wat wij te doen hebben“ waartoe genoemde luitenant ook niet heeft willen gegrijpen of verstaan zeggende: “u sauvegaerde is goet ende ick houdse voor goet maer ick sal effenwel peijsteren ende sijn de ruijters ondertussen tmeestendeel ondergetrocken“. Voorts verklaren Willen Janssen Rovers en Corstiaen Anthonissen Smidts terwijl de schout en de luitenant overlegden, zij waren geweest in de stal van de schout en daar hadden gezien dat de knecht van de luitenant bezig was de kippen van de schout te vangen en dood te slaan. Willen en Corstiaen joegen de kippen weg waarna de luitenantsknecht zijn degen trok en hen naliep en ze moeste 3 tot 4 keer toe de beesten ontlopen en weg te kruipen. Afgaande op het geschreeuw en het gerucht van de kippen is de schout zelf in de stal gekomen en zag dat de knecht al een kip aan de zadelboom had gebonden en de schout riep hem toe: “ wa doedde ghij onder mijn hoenderen ende waer hebdij die henne gehaeldt vattende dei henne metter handt; de knecht antwoordde hierop richting de schout “ daer en hebdij gheen gebreck bij “ De schout antwoordde daarop: “Dat soude ick u oock wel eens thoonen ende ick soude u die henne wel affnemen “. De knecht zei: “Ten is van de uwe niet“. Er volgt nog woordenwisseling en dan trekt de knecht zijn degen en is met die blote degen de schout aangevallen om hem het hoofd af te houwen. De zoon van de schout dat ziende heeft een riek die daar toevallig stond in zijn hand genomen om daarmee zijn vader te beschermen, zonder overigens iemand te raken, ook de knecht niet en dit alles vanwege het doodslaan van de hoenders.
Vervolg 2:
Op een bepaald moment, afgaande op het gerucht, is ook de luitenant zelf de stal binnengekomen zich het krakeel van zijn knecht aantrekkende. Hij nam deze gelegenheid te baat om de nodige dreigementen te uiten en zei dat hij binnenkort nog een keer te Schijndel zou komen foerageren maar dan met 300 paarden en dan 3 of 4 dagen zijn kampement zou opslaan. Hiertoe zou hij in ’s Gravenhage speciaal verlof daartoe zien te krijgen, al zou het hem 1000 gulden kosten en bovendien driegde hij als hij de zoon van de schout zou tegenkomen hem alsnog het hoofd af te houwen of dood te schieten. De laatste deponenten voegen geen nieuw feitenmateriaal toe. Getuigen: Henrick Geerlinghs van der Schoot en Anthonis Janssen van de Sande.
Persoon in schepenakte:
Claes Peters van Grinsven
Janssen van de Sande
Henrick van der Schoot
Anthonis Janssen van de Sande
Jan Jasper Spierincx
Willem Janssen Rovers
Corstiaen Anthonis Smidts
Jacob Jan Laurenssen
Willen Janssen Rovers
Corstiaen Anthonissen Smidts
Datering:
18-03-1648
Pagina:
152v
Soort akte:
Verklaring
Plaats:
Sint-Michielsgestel
Toegangsnummer:
5116
Inventarisnummer:
12
Bron:
Notarissen
Geografische namen:

Ga
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS