i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Vlijmen
Tags:

en maakt ook deel uit van:

Atlas: Brabant door de ogen van de Commissaris van de Koningin

De Commissaris van de Koningin over Vlijmen

vertelde op 2 april 2009 om 14:04 uur

Tussen 1894 en 1928 was Mr. A.E.J. baron Van Voorst tot Voorst Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant. Een van zijn taken was het regelmatig bezoeken van alle gemeenten in de provincie. Van die werkbezoeken hield hij nauwkeurig verslag bij. Dit had hij in al die jaren over Vlijmen te melden:

Nieuwsgietig naar zijn handgeschreven tekst? Lees die dan hier.

Vlijmen

Den 20sten Augustus 1898 bezocht ik deze gemeente; ik reed van ’s Bosch naar Oud-Heusden (Elshout) vandaar naar Nieuwkuyk, vervolgens naar Vlijmen en vandaar weer terug naar ’s Bosch. Op de grens van Nieuwkuyk en Vlijmen vond ik eene eerewacht van vier ruiters, die mij naar het Vlijmensche raadhuis brachten.

Daar was de uitstekende Vlijmensche harmonie opgesteld (bij gelegenheid van de Bossche tentoonstelling behaalde zij den eersten prijs). De harmonie wordt, naar men mij zegt, geheel betaald door het zeer gefortuneerde lid der Staten Mommersteeg, wethouder van Vlijmen; hij zou er jaarlijks f. 400,- aan besteden. Zij wordt geoefend door den onderkapelmeester der Bossche schutterij Brohm.

Op mijne audientie verscheen de pastoor, een “witheer” van de abdij te Berne (thans te Heeswijk). De predikant Reede, een oude dominee, die nog een paar jaren voor zijn pensioen moet dienen, en op deze wijze een gemakkelijke taak heeft (zijn kudde bestaat uit 55 zieltjes). Hij was sinds 4 maanden in Vlijmen geplaatst. Notaris Taks, die blijkbaar in Vlijmen zeer tevreden is; hij heeft geen last van zaakwaarnemerij; omgekeerd schrijft ook hij nooit een adres, voor wien ook, maar zendt hen, die hem zulks vragen, naar den secretaris van Vlijmen.

Verlinden, sinds ± 40 jaar geneesheer, van welke de laatste 25 jaar te Vlijmen. Smit, directeur van het post- en telegraafkantoor, is reeds sinds 14 jaar te Vlijmen en wil daar maar blijven. Goossens, schoolhoofd in de kom van Vlijmen sinds negen jaren; hij heeft f. 1.200,- tractement. Gerritse, schoolhoofd aan de Haarsteeg-Vlijmen, f. 1.000,- tractement.

Corman, oud-burgemeester van Vlijmen, heeft het als burgemeester niet kunnen volhouden, omdat hij Mommersteeg tegen zich had. Na negen jaren vechten legde hij er het bijltje bij neer. Het was tijdens zijn bestuur, dat Nieuwenhuijzen als secretaris werd ontslagen, omdat hij met Corman aan het licht had gebracht, dat de gemeente eene belangrijke geldelijke administratie had (f. 60.000), welke niet in begrooting of rekening voorkwamen en dus aan het toezicht van Gedep. Staten onttrokken werden.

Hij had eindelooze klachten tegen het tegenwoordige gemeentebestuur, bij hetwelk de wil van Mommersteeg volgens zijn zeggen, wet zou zijn. Hij beklaagde zich vooral zeer, dat hem geweigerd werd, wat aan het tegenover zijne woning staande liefdehuis vergund werd, nl. het afgewerkte en vuile water (uit zijne brouwerij) af te voeren in eene – naar zijne meening openbare waterleiding. Ik heb hem den raad gegeven, om zich deswege nogmaals tot den raad te wenden, en zich, zoo noodig, later bij Gedep. Staten te beklagen.

Goossens, een jonge arts, afkomstig uit Oirschot, heeft zich sinds 2 maanden te Vlijmen gevestigd, in de hoop later Dr. Verlinden te kunnen opvolgen. De bierhuishouder Nicolls vroeg “vergunning”; zijne omstandigheden zullen het toestaan van zijn verzoek wel niet wettigen.

Van B. en W. hoorde ik, dat Vlijmen hard achteruit gaat; de hop, eertijds de bron van groote inkomsten, werd bijna niet meer gevraagd. Door de hopcultuur was de prijs van den grond tot buitensporige hoogte opgedreven; in den goeden tijd werd tot f. 8.000 per H.A. besteed. In 1881 werd vanuit Vlijmen, Nieuwkuyk, Drunen, Hedikhuizen en Elshout voor 3 ton hop uitgevoerd, vooral naar Engeland. Thans door Amerika van de Engelsche markt verdrongen; hopcultuur is totaal teniet.

Vlijmen, Beeld uit de optocht te Nieuwkuijk tijdens het bezoek van H.M. Koningin Wilhelmina in verband met de opening van de nieuwe Maasmond, 1904 (Salha, vlm00082)Beeld uit de optocht te Nieuwkuijk tijdens het bezoek van H.M. Koningin Wilhelmina in verband met de opening van de nieuwe Maasmond, 1904 (foto: collectie Salha)

Nu is de beste grond niet meer dan f. 3.000,- geldig; na het openen van den Maasmond berekent men, dat de waarde van den grond nog f. 500,- per H.A. zal terugloopen, omdat men ’s winters geen water meer zal krijgen en de waterstand ’s zomers 1,16 zal verminderen; men houdt zelfs geen water in slooten. Wel is een inlaatsluis te Bokhoven door de Regeering toegezegd; maar de toeleidingskanalen moeten de belanghebbenden zelve maken, en dat zal zooveel kosten, Mommersteeg meent een ton, dat ze nooit gegraven zullen worden.

Het Dagelijksch Bestuur van Vlijmen riep mijne medewerking in, om te verkrijgen, dat er nog subsidie zou worden gegeven voor den landbouwwintercursus; het onderwijs in den landbouw werd door de bewoners van Vlijmen helaas nog niet voldoende gewaardeerd; men hoopte op den duur de menschen tot beter inzicht te brengen; maar daartoe was volharden noodig.

Vlijmen heeft zeer uitgestrekte bezittingen, welke zeer beduidend geld afwerpen; in 1897 ± f. 17.000. Den eigendom dier gronden kreeg Vlijmen in 1826 na een proces met de gemeente Helvoirt, krachtens een arrest van den Hoogen Raad.

Den 19 Juni 1902 kwam ik weer in Vlijmen; dienzelfden dag bezocht ik Nieuwkuyk en St. Michielsgestel, en ontbeet bij mij tehuis te ’s Bosch. Het moreel van de Vlijmensche bevolking gaat zeer achteruit; vroeger was de geringe klasse vooral polderwerker; thans heelemaal niet meer; allen zijn mandenmaker geworden. De mandenmakerijen hebben in de laatste 5 jaren eene enorme vlucht genomen; werken voor export, vooral voor Engeland, en voor Venlo (vruchten- en groentenverzendingen naar Duitschland).

De mandenmakers houden Maandag, en werken Zaterdag tot 4 uur; in 4½ dag verdienen ze van f. 10 tot f. 12. Ze drinken veel, en zijn onderworpen aan gedwongen winkelnering. Hun moreel gaat achteruit: 20% gedwongen huwelijken; gemiddeld 4 onwettige geboorten op 120 geboorten ’s jaars. Het volk loopt ’s Zondags onder preek de kerk uit, en komt er na de preek niet meer in. Velen gaan zelfs heelemaal niet meer naar de kerk. De pastoor kan er niet veel aan doen.

Harde strijd bij laatste raadsverkiezing; aftredende leden werden ten slotte herkozen. Er werd veel in de kroegen gewerkt met drank. Bij de laatste Statenverkiezing ging het er ook schouw naar toe; aan drank en sigaren kostte iedere stem zeker f. 0,40. Zijn de menschen eens lid van den Raad dan worden ze mak, ze voeren dan geene oppositie bijv. tegen het Dagelijksch Bestuur. De leden van den raad wonen goed over de heele gemeente verdeeld: 1 te Haarsteeg, 2 aan de Walput (zijde Nieuwkuyk); 4 in het dorp; 2 langs den provincialen weg; 2 aan de Melie.

Weinig schoolverzuim; ook niet bij de zusters; slecht één proces-verbaal was er noodig. Tot 1818 hadden Vlijmen en Engelen steeds denzelfden burgemeester; deze woonde in Engelen. Dit verklaart de oorzaak, dat zich in het gemeentearchief van Engelen enkele belangrijke stukken moeten bevinden, welke in Vlijmen tehuis hooren. In Vlijmen zelf is niets; in 1746 is daar het raadhuis verbrand, en daarmede het oud archief vernietigd.

Vlijmen, Panorama van Vlijmen. Hierop de korenmolens in de Julianastraat en op de AkkerPanorama van Vlijmen met de korenmolens in de Julianastraat en op de Akker (foto: collectie Salha)

De meeste gemeentebezittingen liggen tusschen Vlijmen en Cromvoirt; het land daar kan slechts éénmaal gehooid worden: voor de hooipers in Juli, voor strooisel in Augustus of September. Zou men de toemaat ook willen hooien, dan zou, nà enkele jaren, het land weer heide worden. Hooiland van gemeente kan niet beweid worden; als sluis te Crevecoeur gesloten wordt, dan gaat het water met de Dieze op en af. De Ley zet dan zooveel water af, dat de gronden onder water gaan. Er is ook geen vee, om de toemaat te laten beweiden.

In den Vlijmensche buitenpolder worden nog al eens perceelen verpacht om te hooien; de pachter kan dan de toemaat hooien of weiden, al naar verkiezing; van hen, die de toemaat weiden zijn 7/10 menschen van buiten Vlijmen. Als men het land verhuurt, om het met paarden te laten beweiden, dan bederft het heelemaal; paarden trappen de zool stuk, en bijten het gras te kort op den grond af.

De familie De Muralt te Utrecht was vroeger heer van Vlijmen; ze heeft daar nog vele tienden in eigendom, met name een hooitiende in het huisbroek, verpacht jaarlijks voor f. 500 à f. 600; een korentiend, welke ze, sinds het verzet van vóór zes jaren, zelve moet innen en inrijden; een krijtende tiend, welke tegen eene jaarlijksche recognitie van f. 30,- door den polder is afgekocht. Sinds de strubbelingen van voor 6 jaren, wordt een akkertiend, behoorende aan een zestal eigenaren, niet meer geheven.

Geneeskundige armenpraktijk wordt nog steeds voor f. 1.200 waargenomen door Dr. Verlinden. Op eigen kosten heeft hij eene vroedvrouw aangesteld, die f. 240 van hem krijgt. Dr. Goossens werd inwonend geneesheer op Voorburg. In diens plaats vestigde zich Dr. Wyers uit Heeze zich te Vlijmen. Men is zeer tevreden over een jongen veldwachter, een gewezen schoenmaker uit Kaatsheuvel; men vreest, dat men hem zal verliezen, omdat zijn vrouw meent, dat haar man in zijne betrekking een ongeluk zal krijgen. Over den anderen veldwachter, een gepensioneerd marechaussee, is men niet zoo tevreden.

Den 14 Mei 1906 kwam ik weer in Vlijmen; ik had tevoren Empel bezocht en vervolgens Engelen. Van Vlijmen keerde ik naar Den Bosch terug. Er komt hoe langer hoe meer wrijving in de gemeente; bij de laatste raadsverkiezing werd een zeer verdienstelijk raadslid, Mommersteeg genaamd (een andere Mommersteeg dan het bekende oud-Statenlid) uitgeworpen en vervangen door een zekeren Van Stokkum, een halven architect;

Van Stokkum schijnt veel oppositie te voeren in den Raad; hij kwam bij mij op audientie, om te vragen, of, wanneer hij in den raad voorstelde om eene bouwcommissie te benoemen, de Raad daartoe kon besluiten. Ik liet hem zoo wijs als hij was, en zeide hem, dat B. en W. de aangewezen personen waren – vooral in kleine gemeenten als Vlijmen – om den Raad voor te lichten; bouwcommissies had men niet van noode.

Vlijmen, Patronaat met school aan de Wilhelminastraat (Achterstraat) te Vlijmen, 1910 Patronaat met school aan de Wilhelminastraat (Achterstraat) te Vlijmen, 1910 (foto: collectie Salha)

Er is in Vlijmen eene nieuwe bijzondere jongensschool gekomen van de fraters uit Tilburg. De gebouwen staan een eind weegs van de openbare straat, recht tegenover het Gemeentehuis; het ziet er zeer groot en ruim uit. Naar men vermoedde, was alles door de familie Mommersteeg betaald. Aan de gemeente had men eene subsidie gevraagd, maar deze was geweigerd. De fraters begonnen met ééne klasse, nl. de jongens, die van de bewaarschool kwamen; thans zijn er twee klassen; over vier jaren zal de openbare school dus leeggepompt zijn, en niet meer dan 15 à 20 kinderen hebben.

Aan de Haarsteeg (aan den kant van Vlijmen) komt ook weer eene bijzondere lagere school, in een liefdehuis, dat gesticht wordt door de zusters van Schijndel; ten behoeve van hare bewaarschool zal de gemeente vermoedelijk een subsidie geven, in den vorm van eene jaarlijksche bijdrage. In den bouw van het liefdehuis te Vlijmen gaf de gemeente in der tijd eene subsidie van f. 10.000 onder voorwaarde, dat daar zes armen zouden verpleegd worden tegen f. 60,- per jaar.

De gemeente stichtte bovendien een gebouw tot verpleging van besmettelijke zieken; naast het liefdehuis; het gebouw – dat aan de gemeente behoort – is in gebruik bij de zusters van het liefdehuis, onder voorwaarde, dat, als er besmettelijke zieken zijn, deze door de zusters zullen verpleegd worden; in 1905 waren er 3 typhus lijders opgenomen en verzorgd. De oude Dr. Verlinden is in 1905 overleden; de armenpraktijk wordt thans waargenomen door dr. Weyers, en door dr. Van Gilse (een zoon van den doctor uit Waalwijk); de gemeente is in wijken verdeeld; iedere doctor heeft zijn eigen wijk. Ze krijgen ieder f. 600.

Ten gevolge van den nieuwen Maasmond gaan de gronden in Vlijmen in waarde achteruit; men zal nu geen inlaatsluis te Bokhoven maken, zooals aanvankelijk het plan was, maar een dubbele inlaatsluis te Engelen, in den rechteroever van de Dieze, waarvan het eene gedeelte zal moeten dienen tot bevloeiing van het Bossche veld, en het andere stuk, voor bevloeiing van den polder van Engelen, den Vlijmenschen buitenpolder enz. Voor een te graven toeleidingskanaal, voor het afgraven van enkele Hectaren grond zal nogal veel geld moeten worden uitgegeven; naar het schijnt, wil het Rijk die kosten niet dragen.

Om de afwatering van de Ham en Rijskampen te verbeteren wil men een sluis maken in den rechteroever van het kanaal ’s Bosch-Drongelen; het water van de Ley (de Bossche sloot) zal dan niet te Engelen op de Dieze gebracht worden, maar op het kanaal ’s Bosch-Drongelen moeten loozen; het spreekt vanzelf, dat dan de Ley zeer moet worden verdiept, en dat de slagdrempel van de te bouwen sluis zeer diep zal moeten komen te liggen.

Het drinkwater laat veel te wenschen over; de onderzoekingen van de gezondheidscommissie te Heusden, en van de apothekers Lamers en Indeman te ’s Bosch geven echter niet dezelfde resultaten; vandaar dat de gemeente zich niet erg haast, om in de behoefte aan goed drinkwater te voorzien. Niettegenstaande Duitschland minder groenten neemt dan vroeger, is er nog steeds zeer groote vraag naar mandjes voor Venlo; de mandenmakerijen werken dientengevolge drukker dan ooit.

http://salha.nl/archieven-en-collecties/beeld/beeldbank/detail/57f93286-f59d-0b82-abf3-e4276777a80d/media/5c0f0bb6-5e77-5b77-f84b-440f8583726eLeden van de familie Mommersteeg bij hun Fiat automobiel (foto: collectie Salha)

Den 21 April 1910 kwam ik weer in Vlijmen; dienzelfden dag bezocht ik ook nog Hedikhuizen en Herpt. Ik kreeg eindelooze klachten te hooren over de familie Mommersteeg. Alles wat deze familie doet, is eigenbaat en nog eens eigenbaat. Burgemeester stelde in den Raad voor om geld beschikbaar te stellen ten behoeve van verbeteringen van gemeentelijke bezittingen. Mommersteeg trachtte dat tegen te houden; wanneer gemeente goed weiland of hooiland te huur aanbiedt, zal het dito wei- en hooiland van Mommersteeg minder opbrengen, doordat er meer aanbod van goed land komt; daarom mocht gemeente nu niet werken; daarom mocht gemeente de laatste 25 jaren niets doen, terwijl Mommersteeg schatten besteedde, om zijn eigendommen te verbeteren.

Toen de Raad Mommersteeg in het ongelijk stelde en aan den burgemeester het door hem gevraagde crediet verleende, nam Mommersteeg ontslag als lid van den Raad. In de Algemeene omkading is Mommersteeg baas, vooral doordat hij knoeit met de lijst van stemgerechtigde ingelanden; daarop zouden nog de erven De Zeeuw voorkomen, die al meer dan twintig jaren dood zijn; en nog anderen, voor wie Mommersteeg stemt, tengevolge waarvan hij meer stemmen uit zou brengen, dan waarop hij recht heeft.

Laatste vergadering van de algemeene omkading was wellicht de belangrijkste, welke ooit gehouden werd; het ging over de irrigatiesluis te Engelen; Mommersteeg meende, dat bestuur van Vlijmen daartegen was; om hen van de vergadering te weren, werd er in Vlijmen niet gepubliceerd, niet afgelezen, dat er eene vergadering zijn zou; convocatiebiljet werd aan den burgemeester niet bezorgd; uit de courant moest burgemeester vernemen, dat er eene vergadering zijn zou; van dergelijke minne middelen bedient Mommersteeg zich.

Bij raadsverkiezingen is er veel wrijving; krachtens politieverordening zijn dien dag de kroegen tot 6 uur ’s avonds gesloten. En toch zijn er dan ’s avonds dikwijls veel dronken menschen! Er is geen staat van exploitatie der gemeentelijke bezittingen; de burgemeester zal er een aanleggen, met een kaart. Er wordt een cursus gegeven in landbouw en veeteelt, en tuinbouw; duur van den cursus twee jaren; er is veel animo voor. Hop wordt bijna niet meer geteeld; wil niet meer groeien, en bracht ook geen loonende prijzen meer op.

Vele arbeiders waren vroeger polderwerker; doordat de polder ’s winters onder water staat, hadden ze ’s winters meestal geen werk. Toen voor een jr of vijftien het mandenmakersbedrijf zich in het groot ontwikkelde, werden die polderwerkers mandenmaker, omdat ze zoo doende ook ’s winters werk hadden. Vroegere jaren hadden ze veel van de gedwongen winkelnering te lijden; thans moet dat veel beter gaan; alleen Van Halderen en Van Beurden te Haarsteeg zouden nog gedwongen winkelnering houden.

Oud archief werd door burgemeester geordend; oudste stukken dateeren van 1780; er is niet veel bijzonders. Om goed drinkwater te krijgen heeft men geboord, tot op 60 M. diepte; men is niet geslaagd. Sinds deed men niets meer. Als de fratersschool in 1911 zes klassen zal hebben, zullen er op de openbare school hoogstens 15 kinderen over blijven.

Vlijmen, Bouw van de Venkantbrug te Vlijmen, 1885 (Salha, vlm09305)Bouw van de Venkantbrug te Vlijmen, 1885 (foto: collectie Salha)

Op verzoek van het gemeentebestuur kwam ik den 22 Juli 1910 naar Vlijmen, teneinde de werken tot verbetering der landerijen in oogenschouw te nemen. Bij de brug over de Bossche sloot in den weg ’s Bosch-Vlijmen wachtten B. en W. mij op. Met hen en met den gemeente-opzichter wandelde ik twee uur lang door het natte weiland. Men wees mij, dat op sommige plaatsen de klei twee meter dik zit, terwijl op andere plaatsen hooge zandige grond is. Men graaft het zand uit, vult daarmede kuilen en gaten, en brengt daar dan een halven meter klei over heen. Het werk, dat men nu onder handen heeft, zou ± f. 600 per H.A. kosten; grond, op die manier behandeld, vermeerderde van f. 800 waarde per H.A. tot f. 2.500 per H.A.

Jammer dat de Raad het groote nut van het werk niet schijnt te beseffen; slechts met 1 stem meerderheid hadden B. en W. het geld gekregen, dat voor het thans onder handen zijnde werk benoodigd was. Twee raadsleden, leden van de landerijencommissie vond ik later nog op het terrein; één van die twee boeren was geen voorstander van de verbetering, en had zelfs in den Raad gestemd tegen de leening, die daarvoor moest gesloten worden. De burgemeester stelde mij eene nota ter hand omtrent de opbrengsten van het land, vroeger en thans; de cijfers zijn zeer welsprekend.

Den 19 Juli 1915 kwam ik weer in Vlijmen; tevoren was ik in Nieuwkuyk geweest. De rust schijnt in de gemeente teruggekeerd; van de twee wethouders is er één aanhanger van den burgemeester, en één van Mommersteeg. De verhouding in het College van B. en W. scheen mij vrij wel. De beide laatste Raadsverkiezingen verliepen, zonder dat er stemming noodig was. In September aanst. moeten de beide wethouders aftreden; worden zij allebei herkozen, dan zal de vrede wel hersteld zijn.

De ontginningen en verbeteringen der landerijen worden met kracht voortgezet; daaraan werden in 1914 nog duizenden guldens besteed. Een extra crediet van f. 2.000,- in Augustus 1914 door den Raad beschikbaar gesteld tot bestrijding der werkeloosheid, werd besteed om slecht afwaterende gronden aan eene voldoende waterlossing te helpen. Daardoor werd een complex van 40 H.A. aanzienlijk verbeterd.

Burgemeester is begonnen aan ene omschrijving der exploitatie der gemeentelijke bezittingen; dat wordt een werk in drie lijvige deelen. Is die beschrijving klaar dan kan wat jaarlijks geschiedt in één dag bijgeschreven worden. Eene kaart is er nog niet; die zal f. 300 kosten. B. en W. willen die dit jaar bestellen: de opbrengst der gronden valt dit jaar zooveel mede, dat die f. 300 er best af kunnen.

Vlijmen, Van Wagenberg-Festen te Vlijmen, (mandenfabriek) alle soorten fruit- en groentemanden enz, 1916 (Salha, vlm00130)Mandenfabriek Van Wagenberg-Festen te Vlijmen, 1916 (foto: collectie Salha)

Het gaat den menschen goed in Vlijmen; vooral den mandenmakers. Er worden dit jaar reuzenprijzen besteed; vooral gaat er veel naar Engeland. De vracht- en assurantieprijzen zijn wel veel hooger dan gewoonlijk; maar door de hooge prijzen wordt er toch een meer dan gewone winst gemaakt, terwijl alles wat in voorraad was opgeruimd is.

Burgemeester heeft driemaal schipbreuk geleden met plannen voor eene centrale groentenveiling; een vierde poging schijnt kans van slagen te hebben; vermoedelijk komt voorjaar 1916 de zaak tot stand, in een groot gebouw van Wagenberg aan het station te Vlijmen; Wagenberg zou administrateur worden en eene percentsgewijze belooning ontvangen van het bedrag, dat verkocht wordt. Alle naburige gemeenten zouden meedoen.

Den 22 Augustus 1919 bezocht ik per auto vanuit Den Bosch de gemeenten Vlijmen, Nieuwkuyk en Herpt. Ook hier vielen bij de laatste Raadsverkiezing drie leden uit; de Raad bestaat thans uit 6 landbouwers, 3 industrieelen en 2 arbeiders afgevaardigden. Ook hier is de woningnood groot; daar komen wel 100 woningen te kort. Eindelijk zal er thans eene bouwvereeniging opgericht worden; inspecteur Schüngel werd tot 2 maal toe verzocht van voorlichting te komen dienen; zonder succes; er kwam geen antwoord. Thans zal men zonder Schungel trachten de zaak in het rechte spoor te brengen.

De beschrijving van de exploitatie van het gemeentelijk bezit bleef halverwege steken; er is ook nog geen kaart; deze werd wel aan het kadaster te vervaardigen opgedragen; maar de betrokken ambtenaar kwam niet met zijn werk gereed. Bedoeld was eene kaart van de heele gemeente, met afzonderlijk ingekleurd de bezittingen van de gemeente. Wel kwam gereed een kaart van de gronden in “het Ven”; daarvan kreeg ik een afdruk.

De gemeente maakt op het moment reuzeninkomsten van haar bezit; in 1918 f. 40.000 uit landerijen en f. 5.000 van bandhout; in 1919 bracht het bandhout zelfs f. 8.000 op. Sinds de uitkomsten zoo schitterend zijn, laat de gemeenteraad aan burgemeester v.d. Ven vrijwel de vrije hand. B. en W. vreezen, dat door de plannen Bongaerts, tot het opzetten van het water in het kanaal Bosch-Drongelen veel waterbezwaar in “het Ven” zal ondervonden worden. Daarover zijn zij met Bongaerts in overleg getreden.

De ondervinding heeft geleerd, dat de tegenwoordige afwatering van “het Ven” onvoldoende is; al het water moet van de Bossche sloot op het kanaal ’s Bosch-Drongelen gebracht worden; de Bossche sloot heeft geen voldoende capaciteit; die moet verbreed en verdiept; een werk, dat f. 30.000 zal kosten. Een werk dat, in verband met de Maasmondwerken moest worden uitgevoerd, en door B. en W. van Vlijmen werd tegengehouden; sinds het in cultuur brengen van “het Ven” bleek aan B. en W. hunne vergissing, en trachten ze alsnog dat kostbare werk uitgevoerd te krijgen.

Vlijmen, Mandenmakerij bij Jan Pulles, De Akker 17a, tijdens de 1ste wereldoorlog, 1918 (Salha, vlm00136)Mandenmakerij bij Jan Pulles tijdens de Eerste Wereldoorlog (foto: collectie Salha)

Er zijn 150 Protestanten in Vlijmen. Ook de vroedvrouw is Protestant; ze trouwde met een R.K. muziekonderwijzer; nu doen ze geen van beiden meer iets aan hun godsdienst. De geestelijkheid zag haar gaarne vervangen door eene Roomsche vroedvrouw. De mandenmakers verdienen thans f. 18 – f. 25 met eene werkweek van 55 uur. Er werden tijdens den oorlog schatten verdiend, en veel O.W. gemaakt. Het teenhout was goedkoop; de manden duur; alles ging weg, zoowel naar Engeland als naar Duitschland. De stoomteendrogerij is het nieuwste op het gebied van teenhoutschillen; het hout wordt opgekookt, en wordt wanneer het droog en dor is, weer zacht en lenig; men kan op die manier het heele jaar teenhout schillen.

De tuinbouwvereeniging (550 leden) richtte eene groentenveiling op voor Vlijmen en omstreken. Wordt geëxploiteerd door de Bossche veiling; is daarvan eene onderafdeeling. Voor onkosten wordt 5% in rekening gebracht; aan de kas der tuinbouwvereeniging wordt 1/2 % gerestitueerd. In 1918 werd voor f. 550.000 geveild. In het drukke seizoen wordt er dagelijks geveild. B. en W. zouden er in beginsel geen bezwaar tegen hebben, dat Vlijmen en Nieuwkuik vereenigd werden tot ééne gemeente.

Den 31 Juli 1922 bezocht ik Vlijmen en Herpen. De bezuinigingswoede bracht drie nieuwe Raadsleden. Er is veel kans, dat daardoor de twee wethouders in September aanst. uitgeworpen worden. Vooral de ongehuwde zeer rijke v. Heesbeen strijdt voor alle mogelijke en vooral ook onmogelijke bezuinigingen.

De finantiën van Vlijmen zijn wel wat in de war: in 1922 moest aan steun voor werkeloozen f. 35.000 worden uitgegeven; de opcenten op de Rijksinkomstenbelasting brachten slechts f. 9.000 op, terwijl f. 33.600 geraamd was; de inkomsten uit landerijen loopen sterk terug. De belastingen zijn nog laag; maar vroeger betaalde men heel geen belasting.

Eene bouwvereeniging bouwde 28 woningen; met Rijkspremie werden 5 woningen gebouwd. Geen woningnood: vele menschen verlaten Vlijmen. Er is veel werkeloosheid in Vlijmen; om de menschen bezig te houden, moet voortdurend werk gezocht; verbetering van weiland – de Meerheuvel – kost f. 5.000,- de H.A.! Men weet haast niets meer te vinden. Van den winter wil men een perceel heide van een 20 H.A. liggende aan de andere zijde van het kanaal Bosch-Drongelen, onder Helvoirt, aankoopen en laten bewerken en opplanten met mast. Men verwacht nog veel grooter werkeloosheid, dan er tot nu toe geweest is.

De afwatering van de Bossche sloot laat nog steeds veel te wenschen over. Vlijmen betaalt ruim f. 500 waterschapslasten, maar wordt toch niet voldoende geholpen. De laatste 1½ K.M. vóór het kanaal Bosch-Drongelen ligt het terrein langs de Bossche sloot 3½ Meter boven den waterspiegel van de Bossche sloot. Nu wordt daar wel eens een steek grond uitgegraven, maar het zakt dadelijk weer dicht; de leiding moest niet alleen verdiept, maar vooral ook verbreed worden. Wanneer de plannen Bongaerts uitgevoerd worden, en de waterstand in het kanaal Bosch-Drongelen 40 c.M. wordt verhoogd, dan wordt de waterlossing van “het Ven” nog veel moeielijker, en zal men wel moeten overgaan tot electrische bemaling.

Van B. en W. vernam ik het verrassende nieuws, dat, nu de Beersche Maas tot 10,80 opgehoogd werd, de waterstand op de Maas hooger bleef, daardoor kwam het Maaswater de Dieze binnen, en drong het Diezewater terug naar het kanaal Bosch-Drongelen. Vóór de inlaatsluizen aan de Aardappeldijk te Engelen stond Maaswater, waarmede in den afgeloopen winter de betrokken polders twee keer geïnundeerd werden! Mommersteeg zou thans heelemaal niet meer verlangen naar een inlaatsluis te Bokhoven.

Op de secretarie liet men mij een zeer nieuwerwetsch ingericht registratuurstelsel – kosten f. 3.000 – zien. Het is geheel ingericht naar de inzichten van den secretaris; zoo lang deze als zoodanig in functie blijft, zal het wel voldoen. De Chef-veldwachter Hollander overleed en werd niet vervangen. In zijn plaats kwam de Rijksveldwachter feitelijk als Chef van alle politie; hij krijgt daarvoor eene dotatie van f. 150 uit de gemeentekas.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: