skip naar content skip naar hoofdnavigatie spring naar service navigatie
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Vincent van de Griend
Vincent van de Griend Bhic
Menu
sluit
Hulp nodig?

Chat is online op maandag t/m vrijdag van 10.00 - 16.00 uur en van 19.00 - 22.00 uur.

Op dit moment zijn we offline. Je kunt je vraag stellen via e-mail of WhatsApp: 06-12887717 (alleen berichtjes)

Meer informatie over de chat-service? Klik hier

Online op dit moment

Stel je vraag

Vincent van de Griend
Vincent van de Griend Bhic

Een vondeling in de problemen

Een prangend probleem voor Maria van der Wall in 1765. Ze is hoogzwanger, wil graag trouwen met de vader van het kind maar daarvoor heeft zij haar eigen geboorteakte nodig. En die is er niet: Maria heeft geen idee wanneer ze precies is geboren...

Paulus Keuchenius is al enige tijd predikant te Hilvarenbeek Diessen en Riel in kwartier Oisterwijk. Op 3 mei 1765 meldt zich een zekere Maria van de Wall bij hem te kennen gevende dat zij heel graag in ondertrouw zou willen gaan. Na eerder gewoond te hebben in Moergestel had ze zich inmiddels gevestigd te Hilvarenbeek. Maar wat wil het geval….Maria treedt over haar voornemen tot ondertrouw in overleg met de predikant maar gaandeweg het introductiegesprek komt de dienaar van het Goddelijk Woord tot een wat vreemde ontdekking. Maria weet namelijk helemaal niet wanneer ze geboren is, noch wanneer ze ten doop is gehouden en ook kan ze niet zeggen uit welke ouders ze geboren is. Elk schriftelijk bewijs ontbreekt.

Grote verlegenheid

In 1740 is ze te vondeling gelegd in Udenhout, waar de regenten en de provisoren van de armentafel zich over haar hebben ontfermd en ze vanuit de armenkas is onderhouden. Die vorm van alimentatie duurt normaliter tot aan het moment dat iemand zelfstandig de kost kan verdienen. Vermoedelijk is ze in Udenhout dus toch wel gedoopt. De predikant voelt zich niet helemaal op zijn gemak. Hij realiseert zich en weet uit betrouwbare bron dat de roomse priesters in de overwegend rooms katholieke Meierij de gewoonte hadden om de doop van bastaardkinderen of vondelingen niet officieel in hun doopboeken te registreren, maar op een zogeheten ‘memorietje’ wat aantekeningen te maken en dat los in het doopregister te leggen of het er in vast te spelden, waardoor dit soort notities maar al te vaak verloren zijn gegaan. Het risico is levensgroot dat dit met het briefje van Maria van de Wall ook gebeurd is, waardoor, zoals de akte meldt, deze ‘ongelukkige’ in grote verlegenheid is gebracht!

Maria heeft overigens diverse pogingen ondernomen tot zelfs een ‘praktisijn’ in Den Haag toe met een uitdrukkelijk verzoek om haar, gezien haar armoedige status, ‘pro deo’ een geldige ontlastbrief te verstrekken, maar al haar inspanningen bleken tot op heden tevergeefs. Ze gaat het na haar onderhoud met Keuchenius opnieuw proberen in de hoop dat ze vóór de tweede proclamatie van haar voorgenomen huwelijk een geldig bewijs kan overleggen aan de predikant. Wederom een vergeefse poging! Keuchenius bedenkt een alternatief en heeft zich vervolgens, op basis van art.93 van het echtreglement van 18 maart 1656, vervoegd bij de magistraat van Hilvarenbeek en het probleem voorgelegd.

Schade voor hun armen

Hem wordt in dat gesprek ernstig aangeraden de hoogzwangere Maria niet in ondertrouw op te nemen en hun overweging was dit pertinent af te raden ‘uit notoire vrees voor schade voor hun armen’. Ze stellen hem voor contact op te nemen met de Staten Generaal en de Hoog Mogenden te bewegen om de regenten van Udenhout te gelasten ‘illico’ [op staande voet of terstond] een borgbrief te redigeren. Het verzoek van de predikant wordt gedeponeerd bij de Haagse heren belast met de inhoud en uitvoering van reglementen en plakkaten. Op 27 januari 1766 krijgt Keuchenius antwoord dat ze inderdaad de Udenhoutse regenten zullen opdragen die ontlastbrief in orde te maken, maar volgens hen hoeft de predikant hier niet op te wachten en kan hij aan het verzoek van Maria van de Wall voldoen en haar een ondertrouwakte aanbieden.

Uit de Hilvarenbeekse bronnen blijkt dat de predikant haar inderdaad al op de 3e mei gewoon in zijn protocol heeft opgenomen en hij heeft dus verder niets afgewacht. De bruidegom is volgens die notitie een zekere Jan Hendrik Aart Huijpen weduwnaar van Maria van Gelove en wonende te Hilvarenbeek.

bron:
BHIC toegang 178 Resoluties van de Staten Generaal inv.nr.103 folio 689 – dinsdag 19 november 1765 en inv.nr.104 folio 49 dd. 27 januari 1766; predikants echtprotokol van Hilvarenbeek Diessen en Riel folio 101 dd. 3 mei 1765 [BHIC studiezaal nr.9]

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op:

Lees ook deze verhalen

Doe mee en vertel jouw verhaal!