i

Dit verhaal gaat over:

Locatie: Alem, Maren en Kessel
Tags:

Pastoors van Maren, 16e eeuw-1952, en van Maren-Kessel, 1952-nu

vertelde op 15 mei 2009 om 13:41 uur

Aegidius van Erp/

Gielis van Erpe

1518-1545

lees uitgebreide beschrijving over pastoor Van Erpe in de reactie van Theo Spanjers onder dit overzicht (18-05-2016)

Rutger Eeverts voor 11-04-1596  vader van twee "natuurlijke" kinderen bij Lijsken Cornelis Aerts

Joannes Gijsbers

1606

 

Reinerus van Hee

1622/1624

was ook pastoor van Kessel

pastoors van Teeffelen

16..

 

Antonius van Meerwijk

1698

 

Gerardus van Hurwen

1752-1763

bediende ook de parochie van Kessel

Hyacinthus van de Ven

1763-1789

bediende ook de parochie van Kessel

Arnoldus Wauters

1789-1804

bediende ook de parochie van Kessel

Joannes van den Eynde

1804-1809

 

Petrus van Iperen

1809-1831

 

Theodorus Schoenmakers

1831-1846

 

Jacobus Aarts

1846-1861

 

Joseph Martinus Sanders

1861-1903

 

Andreas Kluitmans

1903-1915

 

Fransiscus André van den Heuvel

1915-1937

 

Gerardus M.J. Cox 1937-1968 in 1952 parochie Maren-Kessel
Theodorus Pirenne 1968-1987 parochie Maren-Kessel
Diaken Theo Scheers 1987-1990 parochie Maren-Kessel
Diaken Alouis Thijssen 1990-2002 parochie Maren-Kessel
Luc Buyens 2002-nu

parochie Maren-Kessel waarnemend pastoor

 

* Vanaf 1952 vormen Maren en Kessel samen één parochie

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (9)

Mechtilde Meijer zei op 27 juni 2011 om 16:58 uur

Luc Buyens is volgens mij inmiddels pastoor te Reusel?
De parochie van Maren-Kessel wordt intussen bediend door kapelaan Sipko van der Vinne.

Rien Wols bhic zei op 29 juni 2011 om 09:50 uur

Dag Mechtilde,
Dank voor je aanvulling. Weet je misschien ook sinds wanneer Buyens de parochie verlaten heeft? Dan kunnen we "nu" vervangen door een jaartal. :-)
We gaan op zoek naar wie het pastoorschap dan nu bekleedt. Wellicht komt daar ook dat jaartal al uit.

Jan Lange. Nw.Vennep zei op 2 februari 2012 om 00:08 uur

In ORA Veghel wordt genoemd dd. 8.10.1541 Gielis van Erpe, priester en persoen/pastoor tot Maren.

Marilou Nillesen bhic zei op 2 februari 2012 om 11:43 uur

Bedankt Jan, ik zet het jaartal erbij in het lijstje.

Jan Lange. Nw.Vennep zei op 9 februari 2013 om 23:52 uur

Ik zie, dat ik de opmerking over pastoor Rutger Everts bij de verkeerde parochie geplaatst heb en het was dus reeds bekend.
Wel vind ik in ORA Veghel Hr. Gielis(se) van Erp als pastoor van Maren in de periode 1530-1545.

theo spanjers zei op 18 mei 2016 om 20:35 uur

Gielis van Erpe, pastoor van Maren 1518-1545

Gielis van Erpe, priester, pastoor tot Maren, is de natuurlijke zoon van heer Robbrechts van Erpe, priester, kanunnik van Sint Lambert in Luik en pastoor in Veghel, en van Katherijn, dochter van Danelt Goertsoen uit Veghel. Hij wordt in 1516 genoemd als priester en heilige geestmeester in Veghel en in 1518 wordt hij vermeld als pastoor van Maren (investitus ecclesie parochialis in Maren) en heilige geestmeester in Veghel. Dat Gielis pastoor van Maren wordt genoemd, en zijn vader Robbrecht pastoor van Veghel, wil niet zeggen dat zij ook zelf die parochies bedienen. Wel dat zij de inkomsten die daarbij hoorden incasseren. De zorg voor de parochianen werd in die tijd meestal uitbesteed aan een vicarius, een plaatsvervanger; pastoor Gielis woonde waarschijnlijk in Veghel.
In 1532 schenkt heer Gielis van Erpe, priester, pastoor te Maren, aan zijn neef Jan Danelss zoon wijlen Danelt Goerts ter gelegenheid van diens huwelijk enen hooicamp, groot twee bunders, gelegen in Veghel in die Gemeyn Buenres; in 1533 schenkt hij een erfpacht van 4 mud rogge, Erpse maat, aan de Armentafel van Veghel; in 1535 koopt hij een erfcijns van 4 Bossche ponden payment ten behoeve van de Armentafel, de heilige geestmeesters moeten met dat bedrag de armen bedelen, ‘anders sullen die erfgen(amen) Danelt Goerts die renthe dat jair boeren’; in 1539 schenkt hij aan de Armentafel van Veghel een erfpacht van 5 vaten rogge, Veghelse maat, en bevestigt hij de eerder geschonken erfpacht van 4 mud rogge, Erpse maat. In datzelfde jaar 1539 krijgt heer Gielis van Erpe, priester, van zijn moeder Katheryn dochter wylen Danelt Goertssoen een camer mit haren gront en toebehoren gelegen in die stadt van Shertogenbosch opten Cleynen Begynhoff in dat huys geheyten dat Nederhuys, een erfcijns van 5 Bossche ponden payment en een erfpacht van 1 mud rogge, Veghelse maat.
In 1545 verkoopt heer Gielis van Erpe, pastoer inder kercken tot Maren, 'syn auw ende nyew huyzen mitten boemgaert, hoevinge ende erffenissen d(air) toebehoirende, gelegen in Veghel aent Dorhout, waar h(eer) Gielis gewoond heeft'. De schepenen certificeren dat h(eer) Gielis voor de duur van zijn leven buiten de verkoop gehouden heeft 'dat woenhuys mitten kelder ende hoechcamere vanden cleynen woenhuyze, off die groete camer vanden auwen woenhuyze mit enen moeshoeffken in dyen hem gelieffden te wonen in tyde van pestilencie off andere noetsaecken. Noch vyff sack appelen alle jair vuyten boemgaert vanden voirs(eyt) erffenissen te ontfangen als die appelen scudbaer ende ryp syn’.

[Bron: BHIC 7697 Dorpsbestuur Veghel inv nr 882, 1085 en 1101; BHIC 7700 Schepenprotocol Veghel inv nr 23 fol 107v; 115r; 143v-144r; 199r; 277rv; inv nr 24 fol 64-66; 192-195; inv nr 25 fol 51-55; 61-62].
.

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 19 mei 2016 om 10:48 uur

Hartelijk dank voor deze inhoudelijke toevoeging, Theo. In het overzicht is hiernaar een verwijzing gemaakt.

theo spanjers zei op 21 mei 2016 om 17:03 uur

Ik vond nog een lezenswaardige aanvulling op heer Gielissen van Erpe. Op 13 juli 1539 treedt hij in een zoenzaak in Veghel op als bemiddelaar voor de misdadigers Marten en Aert, zonen van Jan Marten Jan Delisse, die Goert Gerit Janssen hadden gedood. In deze zaak wordt overeengekomen dat de twee misdadige broers om te beginnen een ootmoedige voetval moeten doen zoals door de bemiddelaars nader bepaald zal worden. Daarna zullen zij ieder afzonderlijk te voet op bedevaart gaan naar Trier, een bedevaart maken naar het Heilige kruis van Cranenborch en blootvoets een bedevaart maken naar het ‘heilige bloet van mirakel’ te Boextel.
Zij moeten ieder 1 ½ Carolus gulden geven ‘voer die dortichsten’, een kaars met een gewicht van 1 pond zetten voor het Heilige Sacrament in de Veghelse kerk, 1 ½ gulden ‘voer die tortysen’ en 2 ½ gulden voor het houten kruis.
Zij zullen een half jaar uit Veghel verbannen worden en een jaar blijven aan de zijde van de Aa waar hun vader woont. Zij mogen twee jaar lang niet in Erpe en Uden komen. Na die periode mogen de misdadigers in geen herberg komen, waar vrienden en verwanten van de dode als eerste vertoeven, maar als zij de eersten zijn mogen ze blijven zitten en mag de andere partij ‘by hon gaen’. Overigens zullen de misdadigers de andere partij zoveel mogelijk vermijden. Op de zoendag moeten zij 12 gulden geven aan de vrienden en verwanten van de overledene en zij moeten de kosten van de uitvaart betalen. Tenslotte moeten zij samen 26 gulden geven, zijnde 24 gulden voor als het jongste kind van de dode meerderjarig wordt en de andere 2 gulden voor zoenrecht.

De zonen van Jan Marten Jan Dielisse waren beslist geen lieverdjes. De genoemde zoon Aert Jan Martens had eerder, op 21 juli 1536 samen met zijn andere broer Peter, Jan Jacop Jan Delisse, een neef van hun vader, gedood. De daders moesten toen 48 gulden betalen aan de vrienden en familieleden als zoen.

[Bron: BHIC 7700 Schepenprotocol Veghel inv nr 024 fol 79-82 en fol 490-491]
.

Mariët Bruggeman
Mariët Bruggeman bhic zei op 23 mei 2016 om 14:35 uur

Bedankt ook voor deze toevoeging, Theo. Mooi om te lezen hoe Gielissen van Erpe optrad als bemiddelaar in deze zaak.

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: