Archieven

 1576 Parochie H. Willibrordus te Heeswijk met castrale kapel, 1330-2006
 
 
Zoek in deze inventaris
 
 
 
 
 
Inleiding
Zie: Taxandria 1898, artikel : Heeswijk en Dinther, door WJF Juten
Schutjes, deel 4
Brabants Heem, 1987
Wojstap. 1994, no 3
Het verborgen leven van de Abdij van Berne in haar parochies 1797-1857,
door dr WJCC vd Hurk o.pream. (st zuid hist contact, Tilburg 1977 deel 39)
Lijst van pastoors van Heeswijk

De witheren van de abdij Berne hebben sedert de 13e eeuw zorg gedragen voor de geestelijke bediening van parochiekerk van Heeswijk.



Hermannus van Hambroek c. 1284
Joannes de Lumel uit Lommel c. 1330
Joannes Pauli c. 1350
Gijsbertus van Andel, c 1370
 * 
Henricus van Loon c. 1378
Ricoldus van Strijen c. 1422
Arnoldus van de Wiel c. 1428
Arnoldus van Wijck c. 1457-1473
Petrus van Hemert 1473-1482 plaatsvervangend
Arnoldus van Malsen uit Asperen 1482-1492
Jacobus van Delft 1492-1517 plv.
Conrardus van Malsen uit Asperen 1516-1517
Thomas G. van Zantvoirt uit Den Bosch 1517-1545
Adrianus van Zauwen uit Den Bosch 1545-1587 plv.
Hermanus de Hambroeck c. 1551-1552
Adrianus van Loon c. 1552-1559?
Arnoldus van Vessem uit Tilburg 1587-1607 plv.
Stephanus Guens uit Baelen 1607-1618
Petrus J. van de Muelenhoff uit Deurne 1618-1639
 * 
Joachim Keijsers uit Den Bosch 1639-1640
Balthazar Jansen (Janssonius) van Lierop, 1641-1649
Bartholomeus Somers uit Den Bosch 1650-1658
Cornelius de Jode uit Antwerpen 1658-1663
Wilhelmus Bosch uit Heeswijk 1663-1668
Lucas Siongers uit Heeswijk 1668-1673
Antonius Voncke 1673
Antonius van Lendt uit Megen 1673-1675
Syardus Joris uit Thienen 1675-1676
Jacobus de Jode uit Gent 1676-1694
Godefridus Hugo Loef uit Oudheusden 1696-1704
Guilielmus Hachtiens uit Den Bosch 1704-1712
Folcoldus Smidts uit Den Bosch 1712-1723
Franciscus van Heck uit Den Bosch 1723-1750
Henricus van Dijck uit Tilburg 1750-1784
Wilhelmus Ign. de Bruijn uit Asten 1784-1789
Dominicus P.J. Appelboom uit Den Bosch 1789-1800
Abraham van Herck uit Den Bosch 1800-1803
Barholomeus Ooms uit Dreumel 1804-1825
Joannes Klijn uit Drunen 1825-1834
Petrus Mutsaers uit Tilburg 1834-1847
Petrus van den Brand uit Nieuwkuik 1847-1851
Joannes F.A. van der Meulen van Reek 1851-1857
Henricus van den Brand uit Heeswijk 1857-1860
Joannes van den Broek uit Gemert 1860-1867
Petrus F. van der Meulen uit Den Bosch 1867-1871
Arnoldus Goossens uit Gemert 1871-1878
Joannes Bazelmans 1878-1885
Johannes S. Maas 1885-1917
Petrus L. J. van den Heuvel 1917-1926
Marinus J. Giezen 1926-1933
Gerardus C. J. Scheepers 1933-1946
Augustinus Joannes J. Wouters 1946-1952
Theodorus A. Gloudemans 1953-1970
A.A. Tiedink 1970-1987
St.J.M.C. Kuypers o.praem 1987-2004
J.H.G.M. Jansen o.praem 2004 - …
Inventaris
INVENTARIS VAN HET ARCHIEF BETREFFENDE DE BUITENKAPEL VAN DE HH. JACOBUS DE MEERDERE EN ANTHONIUS-ABT VAN HET KASTEEL HEESWIJK
1576 Parochie H. Willibrordus te Heeswijk met castrale kapel, 1330-2006
Inventaris
INVENTARIS VAN HET ARCHIEF BETREFFENDE DE BUITENKAPEL VAN DE HH. JACOBUS DE MEERDERE EN ANTHONIUS-ABT VAN HET KASTEEL HEESWIJK
DE STICHTING VAN DE KAPEL
De heerlijkheid en het kasteel van Heeswijk zijn vaak van eigenaar veranderd. Kort voor 1395 verkocht Willlem van der Aa de heerlijkheid Heeswijk aan ridder Hendrik van der Leck, oudste zoon uit het in 1353 gesloten tweede huwelijk van Jan II van Polanen met Machteld van Rotselaar, natuurlijke dochter van hertog Jan III van Brabant.
Deze Hendrik (was dus verwant aan de hertogen van Brabant) is de bouwer en begiftiger van de kapel bij zijn kasteel, gelegen binnen de parochie Heeswijk, die toen viel onder het uitgestrekte bisdom Luik.
De bouw moet geschied zijn in 1417 of kort daarvoor.
Als patroonheiligen van de kapel had hij zijn keus laten vallen op de H.H. Jacobus de meerdere, apostel en Antonius abt. Deze tweede is er mogelijk aan toegevoegd, omdat men aanneemt, dat op dezelfde plaats al eerder een Antoniuskapel heeft gestaan.
Het jaartal 1417 is gebaseerd op het schrijven van 22 augustus 1417, waarin de abt van Berne, Godscalcus van Veen, en de pastoor van Heeswijk, Ricoldus van Strijen, hun goedkeuring geven aan de reeds gereed gekomen kapel en bovendien het patronaatsrecht overdragen aan de kasteelheer
(regest 486). De abt van de Abdij van Berne bezat namelijk sinds 17 september 1284 het patronaatsrecht met betrekking tot de parochiekerk van Heeswijk.
De abt van Berne en de pastoor van Heeswijk verlangden, dat de rechten van de parochiekerk gehandhaafd zouden blijven. Daarom werd de regeling getroffen, dat slechts de giften, die de gelovigen tijdens het opdragen van de mis tot aan het einde van het epistel op het altaar legden, aan de rector zouden toekomen, terwijl dat, wat daarna tot het einde van de mis werd geofferd, voor de pastoor van Heeswijk zou zijn. Al wat buiten de duur van de eucharistieviering
werd aangeboden en alles wat in de offerblok werd gestort, moest aan de kerkmeesters
van de kapel worden toevertrouwd.
Bij die gelegenheid schonk de abt van Berne aan Henricus en zijn erfgenamen en opvolgers als heren van Heeswijk en het kasteel het patronaatsrecht over de kapel. Dus telkens als het rectoraat vacant zou zijn, konden zij een nieuwe rector naar hun keus aan de bisschop ter benoeming voordragen.

De inkomsten van de kapel, cijnzen, hoenen, rogge etc. moesten op Sint Lambertusdag (17 september) worden afgedragen aan de rector.
Ook de vrouwe van Heeswijk stelde de inkomsten van de kapel zeker door de aankoop in 1467
van het Loefshoefke (inv.nr. 104) als beneficie castraal.
(deze hoeve kreeg in 1832 het kadasternummer B 735)

De inname van Den Bosch in 1629 door Frederik Hendrik, de daarop volgende betwisting van de rechten op de Meierij en de protestantisering van Noord-Brabant brachten een eind aan de regelmatige bediening van de parochiekerken en van de daarbij gelegen kapellen. Dit luidde het einde in van de kapel van de H.H. Jacobus en Antonius bij het kasteel van Heeswijk.
Een merkwaardige, grote collectie stukken in het abdijarchief onder de afdeling Parochie Heeswijk (VIII. K.), betrekking hebbend op de buitenkapel van het kasteel van Heeswijk, toegewijd aan de HH. Jacobus de Meerdere en Anthonius-abt, omvat vele tientallen charters en oude kopieën vanaf 1330 tot 1633. Een groot gedeelte ervan dateert uit de 15de eeuw en is in regest gebracht.
Langs welke weg en wanneer precies deze collectie in het abdijarchief is beland, is niet na te gaan. In de oude "Catalogus archivi Bernensis" van de hand van archivaris W. Hoevenaars (1881) staan onder classis II, fasc.6 en 7 al enige stukken vermeld. Mogelijk zijn mét de middeleeuwse archivalia van het parochiearchief die diens opvolger H. Heijman ca. 1925 uit de Heeswijkse pastorie naar het abdijdepot overbracht, de andere charters en afschriften van de castrale kapel meegekomen.
Hoe en wanneer deze laatste stukken daarvoor in het parochiearchief zouden zijn beland, is niet te gissen. Wel weten we, dat de Abdij van Berne ter fundatie van de buitenkapel kleine tienden geschonken heeft in 1408, zoals we lezen in een aantekening in de oude archiefinventaris, en dat de abt van Berne en de pastoor van Heeswijk in 1417 aan de kasteelheer van Heeswijk het patronaatsrecht over de kapel hebben overgedragen (reg. nr.586). Er waren dus wel relaties tussen abdij en kapel.
Deze buitenkapel, gesticht in 1417 (inv.no. 81), mag overigens niet worden verward met de slechts eenmaal vermelde binnenkapel, die in 1457 (reg. nr.768) wordt genoemd bij het oprichten en funderen van een (het?) altaar erin, toegewijd aan St. Jan Evangelist, de apostel Jacobus de Meerdere, Catharina en Barbara. (inv.no. 104)

[bron: Regestenboek van het archief van de abdij van Berne 1400-1500, door H. van Bavel o.praem. e.a. Heeswijk 1990, blz VIII]
Rectoren van de kapel

1428  Theodoricus de Erpe
1461  Henricus Scouwermans
1470  Arnoldus de Gruyter Mathijssen
1494  Wilhelmus de Dommelen
1523  Leonardus Heessel
1539  Ghuert Willem Jan Mathijssen
15..  Joannes Guillielmi (Willems) van Nistelrode, + 1561
1562  Ludovicus Cantelier of Tamtelier
1588  Antonius Gualteri of Walteri van Heeswijk (inv no 123)
1605  Joannes Moors van Heeswijk
1635  Cornelius Moors van Heeswijk

De castrale kapel is later bekend geworden als "het slotje", gelegen aan de weg van Heeswijk naar Berlicum, nabij de oprijlaan naar het kasteel Heeswijk. De benaming slotje dateert overigens van de periode nadat de kapel in onbruik is geraakt. Na c. 1640 werd het bewoond door verschillende heren. Het werd ook wel "Capellen huijsken" genoemd naar de vroegere bestemming. In 1832 kreeg het slotje kadasternummer B 1623.

bronnen:
zie artikel van G. vd Velden o.pream. in: Brabants Heem 1987, p. 23-32
Heemkundige parels uit Heeswijk-Dinther-Loosbroek, HKV De Wojstap en Jan vd Leest,2005, pag. 183-185
Zie ook: blok 2609 dorpsbestuur Heeswijk, 1600-1810, archief van den rector van de kapel van het slot te Heeswijk, inv.no. 167 Cijnsboek van de Lofshoeve, gelegen in de Veltstraat te Heeswijk, 1642-1698
Charters, 1330 - 1400
Charters, 1400 - 1450
Charters, 1450 - 1500
Charters, 1500 - 1626
Regesten van akten vóór 1500
Registers
Overige
Kenmerken
Vindplaats origineel:
Locatie Den Bosch
Openbaarheid:
Deze toegang bevat een of meer stukken die tot 1 januari 2074 niet zonder meer openbaar zijn.
Het precieze jaar van openbaarheid kun je per inventarisnummer vinden.

Bij vragen kun je contact opnemen met het BHIC.
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS