Archieven

 1867 Armbestuur Beers, 1706-1941
 
 
Zoek in deze inventaris
 
 
 
 
 
Inleiding
ALgemeen

Het K.B. nr. 20, van 31 december 1814 stelde de algemene armbesturen in m.i.v. 1 februari 1815.
Genoemd K.B. gaf tevens inrichting en taak van het armbestuur aan. In gemeenten ten platte lande diende het bestuur te bestaan uit drie armmeesters, te kiezen uit de "geschiktste en braafste ingezetenen", en uit de verschillende gezindheden, daar aanwezig. Benoeming diende te geschieden door het plaatselijk bestuur "binnen acht dagen na ontvangst van dit besluit". De armmeesters bleven drie jaar in functie. Jaarlijks trad er één af, die na verloop van twee jaar weer herkiesbaar werd.

Taken

Het algemeen armbestuur had tot taak de aan haar zorgen toevertrouwde armen, ouden van dagen, zieken en gebrekkigen te bedelen. Verder diende het te zorgen voor een goed beheer van de gelden en goederen, toebehorende aan het armenfonds. Echter met de zorg voor de verpleging van behoeftige krankzinnigen werd het gemeentebestuur zelf belast.

Wet- en regelgeving

De plaatselijke reglementen werden gewijzigd naargelang de wetgeving betreffende de armenzorg veranderde. Deze brachten overigens voor de inrichting en de werkwijze van het armbestuur geen veranderingen. De armenwet van 1912 zorgde er wel voor dat de naam algemeen armbestuur m.i.v. 1913 in burgerlijk armbestuur wijzigde.

Bronnen:

-Wet van 28 november 1813, staatsblad 40, houdende bepalingen tot aanwijzing der plaats, waar de behoeftigen in de algemene onderstand kunnen delen;
-armenwet van 28 juni 1854, staatsblad 100;
-wet van 1 juni 1870, staatsblad 85, houdende wijziging van de wet van 28 juni 1854 tot regeling van het armbestuur.
-Armenwet van 27 april 1912, staatsblad 165.
Inventaris
Algemene zaken
Eigendommen
Financiën
Kenmerken
Vindplaats origineel:
Locatie Den Bosch
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS