i

Een kwade dronk

vertelde op 29 oktober 2019 om 15:05 uur

Op maandagavond 29 februari 1892 om zeven uur kwam de 53-jarige schoenmaker Jan Brands met zijn zwager, de venter Theo van Engel, met hondenkar terug van familiebezoek in Den Bosch. Bij herberg 'De Lekpot' aan de Steenweg onder Enschot wilden zij hun dorst lessen. Daar zat ook rietdekker Piet Totenberg.

Die vroeg - kennelijk uit geldnood - aan de nieuwkomers of zij hem wilden trakteren op een borrel. Daar hadden die eigenlijk geen zin in, maar na lang aandringen gaf Brands hem toch een borrel. Toen ze vervolgens het etablissement wilden verlaten, probeerde Totenberg dat te verhinderen. Uit angst dat de man hen onderweg lastig zou vallen, vroegen zij twee andere cafébezoekers hen te vergezellen.

Van Engel liep met zijn hondenkar voorop, terwijl Totenberg telkens Brands vast greep. Versteijnen probeerde beiden uit elkaar te houden. Alles ging gepaard met veel rumoer, wat ook een passerend groepje familieleden opviel. Zij hoorden de boze man zelfs uitroepen 'ik zal jou met mijn zestienduimer aan een boom vaststeken'.

Hotel De Lekpot aan de Bosscheweg in Berkel-Enschot. Bron: BHIC, fotonr. 1220-000784.

Eén van hen liep snel weg om de marechaussee te waarschuwen. Bij de woning van boer Cornelis van Roessel klopte Theo van Engel aan en vroeg dringend om hulp om zijn zwager te ontzetten. Daar voelden de bewoners weinig voor, omdat zij dachten dat het om een ordinaire dronkenmansruzie ging. Maar toen even later ook iemand van het groepje aankwam met hetzelfde verzoek, vertrokken zeven mannen, gewapend met knuppels en riek.

Toen zij de plek des onheils naderden, hoorden zij iemand om hulp roepen en zagen Totenberg op Brands zitten. Eén van de hulpverleners deelde met zijn riek een klap uit, waarop de aanvaller op sokken het hazenpad koos. Zij legden het slachtoffer op de hondenkar en gingen huiswaarts. Niemand had in de gaten dat Brands op dat moment al dodelijk gewond was. Inmiddels waren ook de marechaussees gearriveerd, die op het kermen van Brands dat hij ondraaglijke pijn in de borst had, constateerden dat het ernst was.

Ze brachten hem bij meubelmaker Backx naar binnen, waar zij zagen dat zijn gezicht er bont en blauw uitzag en zijn borst een bloedende wond vertoonde. Hulp van de plaatselijke dokter bleef uit, omdat deze aan een feestmaal aanzat ter ere van het vijftigjarig praktijkjubileum van zijn collega Van Erven. Ze moesten Brands maar naar het gasthuis brengen. Iemand verstrekte een ladder met stro en zes man vervoerden de ongelukkige daarheen. Hij stierf de volgende dag, op 1 maart 1892.

De dader stond in het dorp bekend als vals en gevaarlijk. Hij was al eens weggejaagd uit de fabriek waar hij werkte. De inwoners van Enschot konden hem wel schieten, velen waren bang voor hem. De officier van justitie hoopte dat het slachtoffer en diens weduwe en kinderen de dader levenslang voor ogen zouden staan. Hij eiste tien jaar gevangenisstraf. De advocaat adviseerde zijn cliënt: toon berouw en gedraag u goed in de gevangenis, zo kunt u uw schuld bij God en de mensen uitwissen. Duidelijke taal.

De rechtbank nam de eis van het Openbaar Ministerie over. Totenberg vertrok op 29 mei 1892 naar de gevangenis te Groningen. Hij overleed in Esch op 28 december 1938, op 74-jarige leeftijd.

Deel dit verhaal op:
  • Pinterest
  • Tumblr
  • Toevoegen als favoriet
  • Afdrukken

Reacties (1)

Marilou Nillesen
Marilou Nillesen bhic zei op 4 november 2019 om 08:45 uur

Hoe een eenvoudige stop bij een herberg zulke vergaande en dramatische gevolgen kan hebben. Indrukwekkend verhaal, Klaas!

Reageer op dit verhaal

Heb je al een account? Log in met je gegevens.

Heb je nog geen account? Plaats zonder inloggen, of Registreer een account

Help spam voorkomen en los de volgende som op: